KruimelpadGeldend op 09-02-2010
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken van 2 september 2005, nr. WJZ 5055499;
Gelet op de artikelen 16.1, eerste, vierde en vijfde lid, van de Telecommunicatiewet;
De Raad van State gehoord (advies van 31 oktober 2005, nr. W10.05.0395/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Economische Zaken van 1 december 2005, nr. WJZ 5719309;
Hebben goedgevonden en verstaan:
1.Bij de toepassing van de in artikel 5a, eerste lid, genoemde verdeelsleutels voor de vaststelling van de hoogte van de vergoeding voor het jaar 2006 wordt voor factor B en voor factor n uitgegaan van een schatting.
2.Bij de toepassing van de in artikel 5a, eerste lid, genoemde verdeelsleutels voor de vaststelling van de hoogte van de vergoeding voor het jaar 2006 wordt de opgave van de omzet, bedoeld in artikel 5a, tweede lid, en artikel 5c, tweede lid, verstrekt binnen zes weken na de inwerkingtreding van dit besluit.
3.Indien op grond van opgaven van de omzet aannemelijk is dat ingevolge de in het eerste lid bedoelde schatting voor factor B de hoogte van de vergoeding, bedoeld in artikel 5a, eerste lid, onder a, ten minste 10% hoger is dan het promillage dat met toepassing van de in artikel 5a, eerste lid, onder a, genoemde verdeelsleutel aan de hand van de opgaven van de omzet kan worden berekend, wordt bij ministeriële regeling de hoogte van de vergoeding voor het jaar 2006 vastgesteld op dat promillage.