Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit instelling adviescommissie Benoeming raad van toezicht NOS

Geldend van 03-11-2005 t/m heden

Besluit instelling adviescommissie Benoeming raad van toezicht NOS

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Overwegende dat de benoeming van de leden van de per 1 september 2005 voorziene nieuwe raad van toezicht van de Nederlandse Omroep Stichting op een zorgvuldige wijze tot stand dient te komen;

Besluit:

Artikel 1

Er is een onafhankelijke adviescommissie Benoeming raad van toezicht NOS, hierna te noemen de commissie.

Artikel 2

De commissie bestaat uit de volgende leden:

de heer dr. Th.H.J. Stoelinga, tevens voorzitter;

mevrouw E. Prins; en

de heer A. van Hecke.

Artikel 3

De commissie adviseert de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M.C. van der Laan, volgens de in de bijlage beschreven taakomschrijving over de bij koninklijk besluit te benoemen leden van de raad van toezicht van de Nederlandse Omroep Stichting als bedoeld in artikel 18a van de Mediawet, zoals dat artikel komt te luiden na inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 7 februari 2005 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Mediawet.

Artikel 4

De commissie bepaalt haar eigen werkwijze. De commissie wordt bij haar werkzaamheden ondersteund door de Stichting Nationaal Register Commissarissen en Toezichthouders.

Artikel 5

De leden en de voorzitter van de commissie ontvangen voor het bijwonen van vergaderingen en overige bijeenkomsten in het kader van hun werkzaamheden vacatiegelden overeenkomstig het Vacatiegeldenbesluit 1988. Voorts ontvangen zij voor hun werkzaamheden vergoeding van reis- en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenland.

Artikel 6

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie Media, Letteren en Bibliotheken van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 7

De commissie wordt van rechtswege ontbonden met ingang van 1 januari 2006 of zoveel eerder als zij haar werkzaamheden beëindigt.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 19 augustus 2005.

Dit besluit zal met de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M.C. van der Laan

Bijlage

Taakomschrijving ten behoeve van de onafhankelijke adviescommissie Benoeming raad van toezicht NOS

Per 1 september 2005 treedt de wijziging van de Mediawet inzake de samenstelling van de raad van toezicht van de Nederlandse Omroep Stichting, in werking. Op grond van de nieuwe bepaling bestaat de raad van toezicht uit een voorzitter en zes andere leden1 die op voordracht van de minister (lees staatssecretaris) van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bij Koninklijk Besluit worden benoemd. Er is voor een andere samenstelling van de raad van toezicht gekozen om te zorgen dat los van specifieke belangen wordt gekeken naar de samenhang der dingen en de algemene gang van zaken van de landelijke publieke omroep als bedrijf. Daarom is gekozen voor onafhankelijkheid:

  • Onafhankelijk van de omroepen, onafhankelijk van maatschappelijke belangengroepen, en onafhankelijk van de politiek.

  • Selectie dient te geschieden op basis van deskundigheid en competentie om door deelbelangen heen naar het geheel van de publieke omroep als bedrijf te kijken. De raad van toezicht dient het functioneren van de raad van bestuur te kunnen beoordelen.

  • Benoeming door de Kroon. Dit waarborgt meer afstand tot de politiek dan rechtstreekse benoeming door de staatssecretaris.

Om te zorgen dat de voorbereiding van de voordracht en benoeming de voorgestane onafhankelijkheid voldoende recht doet is er voor gekozen het advies in te winnen van een onafhankelijke adviescommissie Benoeming raad van toezicht NOS. De adviescommissie wordt gevraagd om, met inachtneming van de opgestelde profielschets van de verschillende functies in de raad van toezicht en met inachtneming van de desbetreffende wettelijke bepalingen, op zo kort mogelijke termijn – met inachtneming van de bevoegdheden van de OR als bedoeld in artikel 18a, tweede lid, van de Mediawet – een benoemingsvoorstel te doen voor de volledige raad van toezicht en daarbij per functie maximaal twee geschikte kandidaten voor te stellen.

Om te waarborgen dat de adviescommissie haar werk in onafhankelijkheid kan verrichten is een wervingsbureau geselecteerd dat pro-actief geschikte kandidaten werft en de commissie bij haar werkzaamheden (secretarieel) ondersteunt. Tussen de adviescommissie en het wervingsbureau zullen onderling afspraken worden gemaakt over de te volgen werkwijze. Daar het hier gaat om een ‘gevoelige’ benoemingsprocedure zullen met de commissie over de integriteit, vertrouwelijkheid en aansprakelijkheid nadere afspraken worden gemaakt.

  • ^ [1]

    Ten aanzien van één van de andere leden kunnen de gezamenlijke ondernemingsraden van de NOS, de NPS en de omroepverenigingen personen voor benoeming tot lid van de raad van toezicht aanbevelen.