Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Vennootschapsbelasting, fiscale eenheid, meegeven van verliezen aan te ontvoegen dochtermaatschappij, vraag en antwoordbesluit[Regeling vervallen per 23-12-2010 met terugwerkende kracht tot en met 14-12-2010.]

Geldend van 22-09-2004 t/m 13-12-2010

Vennootschapsbelasting, fiscale eenheid, meegeven van verliezen aan te ontvoegen dochtermaatschappij, vraag en antwoordbesluit

De Directeur-Generaal Belastingdienst heeft namens de Staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.

Aan mij zijn vragen gesteld over de regeling van artikel 15af van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna: Wet Vpb). De vragen en antwoorden zijn hieronder opgenomen.

Vraag 1. Terugwerkende kracht ontvoegingstijdstip. Meegeven van verliezen aan te ontvoegen dochtermaatschappij [Vervallen per 23-12-2010]

X BV is de moedermaatschappij in een fiscale eenheid met Y BV. De fiscale eenheid hanteert als boekjaar het kalenderjaar. X BV heeft geen beroep gedaan op artikel IV, tweede lid, van het overgangsrecht. In de loop van 2003 vindt er een juridische fusie plaats, waarbij X BV als verdwijnende rechtspersoon opgaat in haar aandeelhouder, Z BV. De juridische fusie leidt tot een verbreking van de fiscale eenheid. Met een beroep op artikel 14, derde lid, van het Besluit fiscale eenheid 2003 verzoekt X BV het ontvoegingstijdstip op de aanvang van het boekjaar (i.c. 1 januari 2003) te stellen. X BV wil verliezen meegeven aan Y BV. Kunnen partijen hiervoor een rechtstreeks beroep doen op artikel 15af van de Wet Vpb of moet er in deze situatie een beroep worden gedaan op artikel V van het overgangsrecht?

Antwoord [Vervallen per 23-12-2010]

Artikel 15af van de Wet Vpb is rechtstreeks van toepassing. Ingevolge artikel VIII van het overgangsrecht is de Wet van 11 december 2002 tot wijziging van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 c.a. (herziening regime fiscale eenheid) met ingang van 1 januari 2003 in werking getreden en is deze wet – hierna ook aangeduid als het nieuwe regime – voor het eerst van toepassing op boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2003. Voor het onderhavige geval betekent dit dat de fiscale eenheid per 1 januari 2003 onder het nieuwe regime valt. De in 2003 plaatsvindende juridische fusie heeft door de toepassing van artikel 14, derde lid, Besluit fiscale eenheid 2003 weliswaar een verbreking tot het begin van het boekjaar tot gevolg, doch dat neemt niet weg dat de verbreking onder het nieuwe regime plaatsvindt.

In artikel V van het overgangsrecht is geregeld dat fiscale eenheden die niet voldoen aan de totstandkomingsvereisten van het nieuwe regime (hierbij moet met name worden gedacht aan fiscale eenheden met naar Nederlands recht opgerichte vennootschappen die enkel als gevolg van de fictie van artikel 2, vierde lid, van de Wet Vpb – zoals deze bepaling luidde tot 1 januari 2003 – in Nederland waren gevestigd) eindigen op het moment dat voormelde wet van 11 december 2002 op hen van toepassing wordt. De verbreking vindt in dat geval van rechtswege plaats; op de verbreking zijn in beginsel de oude standaardvoorwaarden van toepassing. Belastingplichtigen kunnen echter op de voet van artikel V, eerste lid, van het overgangsrecht verzoeken op de verbreking de nieuwe regels (waaronder de regeling van artikel 15af van de Wet Vpb) van toepassing te laten zijn.

In de voorgelegde situatie wordt op het moment dat het nieuwe regime op belastingplichtige van toepassing wordt, voldaan aan de vereisten van het nieuwe regime; er kan dan geen beroep worden gedaan op artikel V van het overgangsrecht.

Vraag 2. Meegeven van verliezen aan te ontvoegen dochtermaatschappij. Gedeeltelijk meegeven van verliezen ook mogelijk? [Vervallen per 23-12-2010]

Ingevolge artikel 15af, eerste lid, onderdeel b, en artikel 15af, tweede lid, van de Wet Vpb is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om aan een ontvoegde dochtermaatschappij verliezen van de fiscale eenheid mee te geven. Als eis is daarbij gesteld dat de moedermaatschappij en de te ontvoegen dochtermaatschappij hiertoe een gezamenlijk verzoek indienen, waarin aannemelijk wordt gemaakt in hoeverre de verliezen van de fiscale eenheid aan de te ontvoegen dochtermaatschappij zijn toe te rekenen. Stel nu dat aannemelijk wordt gemaakt dat de verliezen van de fiscale eenheid die aan de te ontvoegen dochtermaatschappij zijn toe te rekenen € 2.500.000 bedragen. Mag er op basis van de regeling dan ook voor worden gekozen om slechts een gedeelte van deze verliezen (bijvoorbeeld een bedrag van € 1.000.000) aan de te ontvoegen dochtermaatschappij mee te geven?

Antwoord [Vervallen per 23-12-2010]

Nee, uit de tekst van de regeling kan worden afgeleid dat de moeder- en de te ontvoegen dochtermaatschappij ervoor kunnen kiezen om óf geen verliezen dan wel het totaal van de verliezen dat aan de te ontvoegen dochtermaatschappij is toe te rekenen (in deze casus € 2.500.000) mee te geven. In deze systematiek past het niet dat de fiscale eenheid slechts een deel van het aan de te ontvoegen dochtermaatschappij toe te rekenen verlies meegeeft.

Vraag 3. Meegeven van verliezen aan te ontvoegen dochtermaatschappij. Verliezen koppelen aan activiteiten? [Vervallen per 23-12-2010]

X BV maakt als dochtermaatschappij deel uit van een fiscale eenheid. De fiscale eenheid heeft grote verliezen geleden, die aan X BV zijn toe te rekenen. X BV wil een zelfstandig onderdeel van haar onderneming verkopen aan een derde. Zij richt daartoe een nieuwe dochtermaatschappij Y BV op, welke met ingang van haar oprichtingsdatum wordt opgenomen in de fiscale eenheid. X BV draagt vervolgens binnen fiscale eenheid het zelfstandige onderdeel van haar onderneming over aan Y BV. Y BV wordt in het daarop volgende boekjaar verkocht aan een derde. Kunnen aan Y BV in het kader van de toepassing van artikel 15af, eerste lid, onderdeel b, van de Wet Vpb verliezen worden meegegeven die zijn geleden door X BV maar die betrekking hebben op de overgedragen activiteiten?

Antwoord [Vervallen per 23-12-2010]

Nee, aan Y BV kunnen geen verliezen worden meegegeven die zijn geleden door X BV; het feit dat deze verliezen zijn geleden met de aan Y BV overgedragen activiteiten doet daaraan niet af. In het wettelijk systeem zijn verliezen gebonden aan het lichaam waarbinnen zij zijn opgekomen. De in artikel 15af opgenomen regeling is daar een specifieke uitwerking van. Y BV bestaat nog maar korte tijd. Slechts de verliezen die gedurende deze korte periode bij Y BV zijn opgekomen, kunnen in beginsel aan haar worden meegegeven.

De overdracht van het zelfstandige onderdeel van de onderneming leidt overigens in beginsel tot toepassing van artikel 15ai van de Wet Vpb. Op basis van deze bepaling zal direct voorafgaande aan de ontvoeging van Y BV een herwaardering plaatsvinden van de overgedragen vermogensbestanddelen. Deze herwaardering zal leiden tot een vermindering van de nog te verrekenen verliezen van de fiscale eenheid.

Vraag 4. Verbreking fiscale eenheid gevolgd door aangaan nieuwe fiscale eenheid. Mee te geven verliezen zijn aan te merken als voorvoegingsverliezen in de zin van artikel 15ae, eerste lid, onderdeel a [Vervallen per 23-12-2010]

M BV vormt een fiscale eenheid met haar dochtermaatschappij A BV en een drietal kleindochter-maatschappijen. De fiscale eenheid beschikt over nog te verrekenen verliezen; deze verliezen zijn toe te rekenen aan A BV en één van de kleindochtermaatschappijen (D BV). M BV verkoopt de aandelen in A BV. Deze verkoop leidt op grond van het bepaalde in artikel 15, zesde lid juncto artikel 15, eerste lid, van de Wet Vpb tot een verbreking van de fiscale eenheid. A BV en de drie kleindochtermaat-schappijen vormen aansluitend een fiscale eenheid. Kunnen de verliezen met toepassing van artikel 15af van de Wet Vpb worden meegegeven aan deze nieuwe fiscale eenheid in plaats van aan de afzonderlijke vennootschappen?

Antwoord [Vervallen per 23-12-2010]

Nee, de verliezen kunnen niet met toepassing van artikel 15af van de Wet Vpb worden meegegeven aan de nieuwe fiscale eenheid. In artikel 15af van de Wet Vpb is een regeling opgenomen op basis waarvan het onder bepaalde voorwaarden mogelijk is aan de afzonderlijke dochtermaatschappijen verliezen van de fiscale eenheid mee te geven. Vormen deze dochtermaatschappijen vervolgens een nieuwe fiscale eenheid, dan zijn deze verliezen aan te merken als voorvoegingsverliezen in de zin van artikel 15ae, eerste lid, onderdeel a, van de Wet Vpb.