Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet[Regeling vervallen per 01-01-2006.]

Geldend van 01-01-2005 t/m 31-12-2005

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 2 april 2004, Z/VU-2471382, houdende nadere regeling van de aanspraak op ziekenvervoer op grond van de Ziekenfondswet en van de vergoeding van ziekenvervoer op grond van de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998, alsmede het beperken van de aanspraak op medisch-specialistische zorg dan wel vergoeding van de kosten daarvan (Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet)

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De verzekerde heeft aanspraak op ziekenvervoer per ambulance als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, voor zover dat omvat het vervoer van de verzekerde:

    • a. naar een instelling waar hij ten laste van de ziekenfondsverzekering wordt opgenomen;

    • b. naar een persoon bij wie of een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de ziekenfondsverzekering zorg verleend zal krijgen;

    • c. naar een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering als bedoeld in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten gaat verblijven;

    • d. vanuit een instelling, bedoeld in onderdeel c, naar:

      • 1°. een persoon bij wie of een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering een onderzoek of een behandeling zal ondergaan,

      • 2°. een persoon of instelling voor het aanmeten en passen van een prothese die geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering wordt verstrekt;

    • e. naar een instelling, psychiater, zenuwarts of psychotherapeut voor behandeling van een psychiatrische aandoening die geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering komt;

    • f. naar zijn woning of een andere woning, indien hij in zijn woning redelijkerwijs niet de nodige verzorging kan krijgen, indien hij komt van een van de personen of instellingen, bedoeld in de onderdelen a, b, c of e.

  • 2 In afwijking van het eerste lid omvat het vervoer van een verzekerde vanuit het buitenland naar een instelling dan wel naar zijn of een andere woning slechts het vervoer binnen Nederland van de gebruikelijke grensovergang of luchthaven af, behoudens ingeval het vervoer verband houdt met een in het buitenland verleende verstrekking, waarvoor het ziekenfonds de verzekerde nog tijdens diens verblijf in Nederland toestemming heeft gegeven.

  • 3 In afwijking van het eerste lid omvat het vervoer van een verzekerde naar zijn woning in het buitenland slechts het vervoer binnen Nederland tot aan de gebruikelijke grensovergang of luchthaven tenzij hij een in Nederland werkzame grensarbeider is.

  • 4 In afwijking van het eerste lid is het vervoer naar het buitenland en het vervoer vanuit het buitenland naar zijn woning in de in het eerste lid, onderdelen b tot en met f, genoemde gevallen beperkt tot een afstand van maximaal 200 kilometer gerekend vanaf de woonplaats van de verzekerde.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De verzekerde heeft aanspraak op ziekenvervoer per auto, anders dan per ambulance als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, dan wel op vergoeding voor vervoer in de laagste klasse van een openbaar middel van vervoer voor zover:

    • a. de verzekerde nierdialyses moet ondergaan;

    • b. de verzekerde oncologische behandelingen met chemotherapie of radiotherapie moet ondergaan;

    • c. de verzekerde zich uitsluitend met een rolstoel kan verplaatsen;

    • d. het gezichtsvermogen van de verzekerde zodanig is beperkt dat hij zich niet zonder begeleiding kan verplaatsen.

  • 3 In de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, heeft de verzekerde eveneens de in dat lid omschreven aanspraak ter zake van het vervoer terug naar zijn woning of een andere woning, indien hij in zijn woning redelijkerwijze niet de nodige verzorging kan krijgen.

  • 4 De verzekerde heeft slechts aanspraak op ziekenvervoer indien het ziekenfonds daarvoor vooraf toestemming heeft gegeven. De aanvraag om toestemming gaat vergezeld van een verklaring van de behandelende arts dat een van de in het eerste lid bedoelde situaties op de verzekerde van toepassing is.

  • 5 Bij zijn toestemming, bedoeld in het eerste lid, geeft het ziekenfonds aan voor welke vorm van vervoer deze toestemming geldt en voor welke duur.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2006]

In de gevallen waarin ziekenvervoer per auto dan wel openbaar middel van vervoer, als bedoeld in artikel 2, niet mogelijk is, kan het ziekenfonds toestaan dat het ziekenvervoer plaatsvindt met een ander door het ziekenfonds aan te geven vervoermiddel. Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2006]

Het ziekenvervoer per auto alsmede de vergoeding als bedoeld in artikel 2 omvat mede het vervoer van een begeleider, indien volgens een schriftelijke verklaring van de behandelende arts begeleiding noodzakelijk is, of indien het betreft begeleiding van kinderen beneden 16 jaar. In bijzondere gevallen kan het ziekenfonds vervoer van twee begeleiders toestaan.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2006]

De verzekerde aan wie het ziekenfonds met toepassing van artikel 2, derde lid, toestemming heeft gegeven gebruik te maken van een particuliere auto, krijgt met inachtneming van artikel 7 een vergoeding van € 0,22 per kilometer gereden volgens de kortste gebruikelijke weg.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 2 In afwijking van het eerste lid zijn verzekerden die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt, met elkaar gehuwd zijn en niet duurzaam van elkaar gescheiden leven, voor henzelf en hun medeverzekerden tezamen voor vervoer als bedoeld in deze regeling een bijdrage verschuldigd van € 82 per twaalf maanden. Voor de toepassing van de vorige volzin worden verzekerden die in een kalendermaand de leeftijd van 65 jaar zullen bereiken, geacht deze leeftijd reeds te hebben bereikt met ingang van die kalendermaand.

  • 3 In afwijking van het eerste lid zijn twee verzekerden die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt, van verschillend of gelijk geslacht zijn, tussen wie geen bloedverwantschap bestaat in de eerste of tweede graad en die zonder met elkaar gehuwd te zijn duurzaam met elkaar een gezamenlijke huishouding voeren en beiden een bijdrage leveren in de kosten van de huishouding dan wel op andere wijze in elkaars verzorging voorzien, voor henzelf en hun medeverzekerden tezamen voor vervoer als bedoeld in deze regeling een bijdrage verschuldigd van € 82 per twaalf maanden. Voor de toepassing van de vorige volzin worden verzekerden die in een kalendermaand de leeftijd van 65 jaar zullen bereiken, geacht deze leeftijd reeds te hebben bereikt met ingang van die kalendermaand.

  • 4 Het ziekenfonds vergoedt aan de verzekerde die gedurende het in het eerste lid genoemde tijdvak voor zichzelf en zijn medeverzekerden tezamen meer dan € 82 heeft bijgedragen, tegen overlegging van de bewijsstukken inzake de redenen, tijdstippen en kosten van het vervoer het meerdere en verstrekt de verzekerde een verklaring dat de bijdrage is voldaan.

  • 5 Een bijdrage is niet verschuldigd voor ziekenvervoer per auto van de verzekerde:

    • a. van een instelling waarin hij ten laste van de ziekenfondsverzekering of de bijzondere ziektekostenverzekering is opgenomen, naar een andere instelling waarin de verzekerde ten laste van de ziekenfondsverzekering of de bijzondere ziektekostenverzekering wordt opgenomen voor het ondergaan van een specialistisch onderzoek of een specialistische behandeling waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat;

    • b. van een instelling als bedoeld in onderdeel a, naar een persoon of instelling voor het ondergaan van een specialistisch onderzoek of een specialistische behandeling ten laste van de ziekenfondsverzekering waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat, alsmede het vervoer terug naar die instelling;

    • c. van een instelling waarin de verzekerde ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering is opgenomen, naar een persoon of instelling voor een tandheelkundige behandeling ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering, waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat, alsmede het vervoer terug naar die instelling.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2006]

Ziekenvervoer per auto en vergoeding van kosten als bedoeld in artikel 2 komen niet voor rekening van het ziekenfonds, indien het verband houdt met weekend- of vakantieverlof.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2006]

Indien in de loop van een tijdvak van twaalf maanden als bedoeld in artikel 7 een herziening plaatsvindt van het in dat artikel vermelde bedrag, geldt het laagste bedrag.

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2006]

[Red: Wijzigt het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden.]

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-2006]

[Red: Wijzigt de Regeling medisch-specialistische zorg Ziekenfondswet.]

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-2006]

Het Besluit ziekenvervoer ziekenfondsverzekering 1980 wordt ingetrokken.

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-2006]

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 2004.

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-2006]

Deze regeling wordt aangehaald als Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet

Deze regeling wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De

Minister

van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

J.F. Hoogervorst