Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instellingsbesluit IOFEZ 2004[Regeling vervalt per 01-01-2018.]

Geldend van 01-07-2014 t/m heden

Besluit van de Minister van Financiën van 15 maart 2004 houdende de instelling van een regulier functioneel overleg tussen de directeur-generaal van de Rijksbegroting en de directeuren Financieel-Economische Zaken van de ministeries (Instellingsbesluit IOFEZ 2004)

De Minister van Financiën,

Gelet op artikel 15, tweede lid, van het Besluit Taak FEZ;

Na overleg met de Algemene Rekenkamer (brief van 22 januari 2004, kenmerk 62R);

Besluit:

Artikel 1

  • 1 Er is een Interdepartementaal Overlegorgaan Financieel-Economische Zaken, hierna te noemen: het IOFEZ.

  • 2 Van het IOFEZ zijn lid:

    • a. de directeur-generaal van de Rijksbegroting, hierna te noemen: DGRbg, tevens voorzitter;

    • b. de plaatsvervangend directeur-generaal van de Rijksbegroting, tevens plaatsvervangend voorzitter;

    • c. de directeuren FEZ van de ministeries;

    • d. de directeur Begrotingszaken, het hoofd van de Auditdienst van het Rijk en de directeur Inspectie der Rijksfinanciën van het Ministerie van Financiën.

  • 3 Indien een lid verhinderd is een vergadering van het IOFEZ bij te wonen, dan kan hij zich slechts laten vervangen door zijn formele plaatsvervanger.

  • 4 Als secretaris is aan het IOFEZ toegevoegd een medewerker van de Directie Begrotingszaken van het Ministerie van Financiën.

  • 5 De voorzitter kan bij uitzondering aan een lid op diens verzoek toestaan dat deze zich tijdens een vergadering van het IOFEZ laat bijstaan door een van zijn medewerkers.

  • 6 De voorzitter kan deskundigen uitnodigen als adviseur aan een bespreking van het IOFEZ deel te nemen.

Artikel 2

Het IOFEZ heeft tot taak het voeren van overleg inzake:

  • a. budgettaire aangelegenheden;

  • b. financieel-administratieve aangelegenheden, waartoe te rekenen zaken van begrotingstechnische en -procedurele aard en financiële beheers- en verantwoordingsaangelegenheden;

  • c. onderwerpen op het terrein van het financieel management bij het rijk, waaronder de financiële informatievoorziening.

Artikel 3

Het in artikel 2 bedoelde overleg heeft ten doel:

  • a. het wederzijds uitwisselen van informatie tussen de DGRbg en de directeuren FEZ ter zake van budgettaire aangelegenheden;

  • b. het consulteren van de directeuren FEZ door de DGRbg en het adviseren van de DGRbg door de directeuren FEZ ter zake van specifieke budgettaire problemen en ter zake van de financieel-administratieve regelgeving;

  • c. het bevorderen van coördinatie met betrekking tot de interpretatie van de financieel-administratieve regelgeving;

  • d. het maken van afspraken over financieel-administratieve aangelegenheden;

  • e. het maken van afspraken op het terrein van het financieel management;

  • f. het uitbrengen van advies aan de Minister van Financiën.

Artikel 4

  • 1 In het overleg worden in elk geval aan de orde gesteld voorstellen tot financieel-administratieve regelgeving.

  • 2 De voorstellen, bedoeld in het eerste lid, worden aan de orde gesteld vóórdat deze ter behandeling aan de ministerraad worden gezonden, dan wel in geval van ministeriële regelingen (waaronder ministeriële circulaires) vóórdat deze in werking treden.

  • 3 Voorstellen van de Minister van Financiën aan de ministerraad met betrekking tot de in artikel 2, onder a, bedoelde aangelegenheden worden door de voorzitter in het overleg toegelicht.

Artikel 5

Het IOFEZ stelt, al dan niet uit zijn midden, zonodig werkgroepen in ter voorbereiding of ter uitwerking van het in artikel 2 bedoelde overleg en bepaalt daarvan de samenstelling.

Artikel 6

  • 1 Het IOFEZ vergadert gewoonlijk tenminste eenmaal per kwartaal.

  • 2 Ter beoordeling van de voorzitter kan in dringende situaties een bijzondere vergadering worden belegd. Indien tenminste twee leden de voorzitter daarom schriftelijk verzoeken, wordt binnen 3 weken een vergadering belegd. Dit verzoek bevat de te behandelen agendapunten, voorzien van een toelichting.

  • 3 Een lid kan de voorzitter verzoeken een bepaald onderwerp op de agenda van een volgende vergadering te plaatsen.

  • 4 De agenda van een vergadering en de bijbehorende stukken worden zo tijdig mogelijk, maar in elk geval 7 dagen voor de te houden vergadering aan de leden toegezonden.

  • 5 Binnen 14 dagen na afloop van een vergadering wordt de leden de concept-besluitenlijst van die vergadering toegezonden.

Artikel 7

Het beheer van het archief van het IOFEZ geschiedt met inachtneming van de bepalingen van het Besluit Algemene Secretarie-aangelegenheden (Stb. 1980, 182) op overeenkomstige wijze als voorgeschreven in de richtlijnen, door de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën vastgesteld op grond van artikel 21 van dat Besluit. Het archief wordt bij de opheffing van het IOFEZ overgedragen aan het hoofd van de algemene secretarie van dat ministerie.

Artikel 8

  • 1 Het Instellingsbesluit IOFEZ 1992 wordt ingetrokken.

  • 2 Dit besluit kan worden aangehaald als: Instellingsbesluit IOFEZ 2004.

  • 3 Dit besluit treedt in werking op 1 april 2004.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Financiën,

G. Zalm