Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2003[Regeling vervallen per 25-11-2007.]

Geldend van 01-01-2005 t/m 24-11-2007

Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2003

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 12 van verordening (EG) nr. 2792/1999 van de Raad van de Europese Unie van 17 december 1999 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen en voorwaarden voor de structurele acties van de Gemeenschap in de visserijsector (PbEG L 337);

Gelet op artikel 2 en artikel 4 van de Kaderwet LNV-subsidies;

Gezien de goedkeuring van de Commissie van de Europese Gemeenschappen bij beschikking C(2002) 1714 van 24 juni 2002;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 25-11-2007]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

  • b. vissersvaartuig: vaartuig dat gebruikt wordt voor de uitoefening van de bedrijfsmatige visserij en dat overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Uitvoeringswet Visserijverdrag 1967 als Nederlands geldt en dat overeenkomstig het bij of krachtens het Besluit registratie vissersvaartuigen 1998 staat geregistreerd;

  • c. visser: natuurlijke persoon die zijn hoofdberoep uitoefent aan boord van een in bedrijf zijnd vissersvaartuig;

  • d. Dienst Regelingen: Dienst Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Artikel 2 [Vervallen per 25-11-2007]

De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een visser voor de beëindiging van zijn beroepsactiviteit ten gevolge van zijn vervroegde uittreding uit de zeevisserij.

Artikel 3 [Vervallen per 25-11-2007]

Een subsidie als bedoeld in artikel 2 wordt slechts verstrekt aan de aanvrager:

  • a. die zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst beëindigt met het oog op zijn vervroegde uittreding uit de zeevisserij;

  • b. die op de ontvangstdatum van de volledige aanvraag of binnen drie maanden na die datum, de leeftijd van ten minste 55 jaar heeft bereikt, maar nog niet de leeftijd van 65 jaar;

  • c. die zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst heeft beëindigd na het bereiken van de 55-jarige leeftijd;

  • d. die ten minste tien jaar zijn beroepsactiviteit als visser heeft uitgeoefend;

  • e. die zonder onderbreking ten minste 12 maanden voorafgaand aan de periode, bedoeld in artikel 4, eerste lid, werkzaam is geweest op een vissersvaartuig dat wordt gebruikt voor de zeevisserij;

  • f.  die met de in onderdeel e bedoelde werkzaamheden in de betrokken periode de helft van zijn in artikel 3.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 bedoelde inkomen uit werk en woning heeft verdiend, en

  • g.  in voorkomend geval:

    • 1°. ten aanzien van wie de maatschapsovereenkomst bepaalt dat de eigenaar van het vissersvaartuig niet gehouden is een bijdrage aan de visser te verstrekken wanneer hij het vissersvaartuig uit de maatschap terugtrekt, of

    • 2°. ten aanzien van wie uit de maatschapsovereenkomst voortvloeit dat de visser geen invloed heeft op de beslissing van de eigenaar van het vissersvaartuig dit uit de maatschap terug te trekken.

Artikel 4 [Vervallen per 25-11-2007]

  • 1 De minister maakt in de Staatscourant de periode bekend waarin een aanvraag voor subsidieverstrekking als bedoeld in artikel 2 kan worden ingediend.

  • 2 De minister stelt voor de aanvraagperiode, bedoeld in het eerste lid, een subsidieplafond vast voor de op grond van de regeling te verstrekken subsidies. Het besluit tot vaststelling van het subsidieplafond wordt in de Staatscourant bekend gemaakt.

  • 3 De minister verdeelt de beschikbare bedragen in volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag volledig is, als datum van ontvangst geldt.

  • 4 Indien door toewijzing van aanvragen met dezelfde datum van ontvangst het subsidieplafond zou worden overschreden, geschiedt toewijzing aan de hand van een rangschikking van de aanvragen, waarbij telkenmale de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor toewijzing in aanmerking komt. De rangschikking vindt plaats volgens loting die geschiedt door een door de minister aan te wijzen notaris.

  • 5 Voor de toepassing van het vierde lid komen uitsluitend aanvragen in aanmerking ten aanzien waarvan als datum van ontvangst geldt de dag waarop het subsidieplafond zou worden overschreden.

Artikel 5 [Vervallen per 25-11-2007]

De subsidie, bedoeld in artikel 2, bedraagt € 200,– voor iedere kalendermaand gedurende de periode die aanvangt op de eerste dag van de maand waarin de arbeids- of maatschapsovereenkomst wordt beëindigd en die eindigt op de eerste dag van de maand waarin de 65-jarige leeftijd wordt bereikt.

Artikel 6 [Vervallen per 25-11-2007]

  • 1 De aanvraag tot subsidieverstrekking als bedoeld in artikel 2 wordt ingediend bij de Dienst Regelingen op een daartoe bestemd formulier.

  • 2 De aanvraag gaat vergezeld van:

    • a. een kopie van de arbeids- of maatschapsovereenkomst, waaruit in elk geval blijkt de naam van de werkgever onderscheidenlijk de maat-eigenaar en het letterteken en nummer van het vissersvaartuig waarop de aanvrager werkzaam is;

    • b. een kopie van het paspoort of het identiteitsbewijs van de aanvrager;

    • c. bescheiden waaruit blijkt dat de aanvrager heeft voldaan aan de vereisten, bedoeld in artikel 3, onderdelen d, e en f.

  • 3 De minister beslist op de aanvraag en geeft binnen acht weken na ontvangst van alle ingevolge het vorig lid vereiste gegevens een beschikking tot subsidieverlening.

  • 4 De ontvanger van de subsidie, bedoeld in artikel 2, toont binnen een termijn van drie maanden na ontvangst van de beschikking tot subsidieverlening ten genoegen van de minister aan dat hij zijn werkzaamheden als visser definitief heeft beëindigd.

  • 5 Binnen acht weken na ontvangst van de gegevens, bedoeld in het vierde lid, stelt de minister de subsidie, bedoeld in artikel 2, vast.

Artikel 7 [Vervallen per 25-11-2007]

De ontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 2 is verplicht ten genoegen van de minister aan te tonen dat hij zijn werkzaamheden als visser niet heeft hervat. Daartoe verstrekt hij aan de Dienst Regelingen jaarlijks vóór 31 maart op een daartoe bestemd formulier een overzicht betreffende het voorafgaande kalenderjaar van zijn inkomsten uit werk en woning of sociale zekerheidsuitkeringen.

Artikel 8 [Vervallen per 25-11-2007]

Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht of aan artikel 6 van de Kaderwet LNV-subsidies kunnen terug te vorderen bedragen worden vermeerderd met de wettelijke rente over de periode vanaf de terugvordering tot aan het moment van algehele voldoening.

Artikel 9 [Vervallen per 25-11-2007]

De minister bepaalt bij een in de Staatscourant bekend te maken besluit per aanvraagperiode in hoeveel gedeelten het subsidiebedrag wordt betaald. Indien het subsidiebedrag in gedeelten wordt betaald, stelt de minister vast op welke wijze de gedeelten worden berekend en op welke tijdstippen zij worden betaald.

Artikel 10 [Vervallen per 25-11-2007]

Een aanvraag tot verstrekking van een subsidie op grond van deze regeling wordt afgewezen indien de aanvrager reeds eerder een bijdrage of subsidie op grond van deze regeling, de Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2002 of de Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij is verstrekt.

Artikel 11 [Vervallen per 25-11-2007]

Deze regeling wordt aangehaald als: Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2003.

Artikel 12 [Vervallen per 25-11-2007]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 12 december 2003

De

Minister

van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

C.P. Veerman