Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit vergunning levering elektriciteit aan kleinverbruikers

Geldend van 01-04-2013 t/m heden

Besluit van 8 mei 2003, houdende regels voor de vergunning voor levering van elektriciteit aan kleinverbruikers (Besluit vergunning levering elektriciteit aan kleinverbruikers)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 23 januari 2003, nr. WJZ 03001677;

Gelet op artikel 95c, tweede lid, en 95d van de Elektriciteitswet 1998;

De Raad van State gehoord (advies van 13 maart 2003, no. W10.03.0035/II);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 1 mei 2003, nr. WJZ 3003019;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. wet: de Elektriciteitswet 1998;

  • b. kleinverbruiker: de in artikel 95a, eerste lid, van de wet bedoelde afnemer;

  • c. vergunning: de vergunning als bedoeld in artikel 95a, eerste lid, van de wet;

  • d. aanvraag: de aanvraag om een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers;

  • e. aanvrager: degene die een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers aanvraagt;

  • f. erkenning als volledig programma-verantwoordelijke: de door de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet op basis van de voorwaarden, vastgesteld ingevolge artikel 36 of artikel 37 van de wet, afgegeven erkenning van een partij als volledig programma-verantwoordelijke.

Artikel 2

  • 1 Een aanvraag voor een vergunning wordt bij de Autoriteit Consument en Markt ingediend.

  • 2 De aanvraag voor een vergunning bevat in aanvulling op artikel 4:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht:

    • a. de overeenkomst van erkenning als volledig programma-verantwoordelijke van de aanvrager of een contract van de aanvrager met een andere partij voor het overdragen van de programma-verantwoordelijkheid en de erkenning als volledig programma-verantwoordelijke van deze partij,

    • b. een recente jaarrekening of een openingsbalans, welke is voorzien van een verklaring omtrent de getrouwheid, ondertekend door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek,

    • c. een recente verklaring van de rechtbank op basis van de registers, bedoeld in de artikelen 19 en 222a van de Faillissementswet, waaruit blijkt dat de aanvrager niet in staat van faillissement verkeert en dat de aanvrager geen surseance van betaling is verleend,

    • d. een beschrijving van de organisatie van de aanvrager, waarin in ieder geval is opgenomen de voorziene administratieve organisatie, met inbegrip van de financiële administratie, en de interne of externe controle hierop,

    • e. voorbeelden van alle door de aanvrager gehanteerde offertes en overeenkomsten voor kleinverbruikers met de hierbij behorende algemene voorwaarden en

    • f. de door de aanvrager gehanteerde klachten- en geschillenregeling voor kleinverbruikers.

Artikel 3

  • 1 De aanvrager beschikt over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten indien:

    • a. de aanvrager of, indien de aanvrager de programma-verantwoordelijkheid heeft overgedragen, degene aan wie de aanvrager de programma-verantwoordelijkheid heeft overgedragen, voor voldoende lange termijn een erkenning als volledig programma-verantwoordelijke is verleend,

    • b. de aanvrager over een goede administratieve organisatie, met inbegrip van de financiële administratie, en over een goede interne of externe controle hierop beschikt,

    • c. de aanvrager niet in staat van faillissement verkeert en

    • d. de aanvrager geen surseance van betaling is verleend.

  • 2 De aanvrager hanteert redelijke voorwaarden indien hij:

    • a. duidelijke offertes en overeenkomsten hanteert, waarin de hoogte van de tarieven en de opbouw hiervan is aangegeven,

    • b. een transparante en redelijke betalingsregeling hanteert,

    • c. een transparante en redelijke regeling voor het opzeggen of ontbinden van overeenkomsten hanteert en

    • d. in staat is klachten en geschillen op een adequate wijze te behandelen.

Artikel 4

[Red: Wijzigt dit besluit.]

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vergunning levering elektriciteit aan kleinverbruikers.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 8 mei 2003

Beatrix

De Staatssecretaris van Economische Zaken,

J. G. Wijn

Uitgegeven de tweeëntwintigste mei 2003

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner