Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling leen- en depositofaciliteit agentschappen 2003[Regeling vervallen per 28-02-2007 met terugwerkende kracht tot 01-01-2007.]

Geldend van 30-03-2003 t/m 01-01-2007

Regeling van 17 maart 2003 houdende vaststelling van de modaliteiten waaronder dienstonderdelen van het Rijk die een baten-lastenstelsel voeren intern geldmiddelen kunnen lenen dan wel rentedragend kunnen uitzetten

De minister van Financiën,

Overwegende dat het wenselijk is in verband met een meer resultaatgerichte bedrijfsvoering binnen het Rijk, aan dienstonderdelen die als begrotingsstelsel een baten-lastenstelsel voeren onder bepaalde voorwaarden de mogelijkheid te bieden intern geldmiddelen tegen een rentevergoeding te lenen dan wel liquide middelen die tijdelijk niet benodigd zijn intern rentedragend uit te zetten;

Gelet op artikel 18, derde lid van de Comptabiliteitswet 2001;

Na overleg met de Algemene Rekenkamer (brief van 13 februari 2003, kenmerk 111R);

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 28-02-2007]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a een agentschap: een dienstonderdeel als bedoeld in artikel 10, eerste lid van de Comptabiliteitswet 2001;

  • b een lening: een vast geldbedrag dat tegen een rentevergoeding gedurende een bepaalde periode beschikbaar wordt gesteld vanuit een centrale kas van 's Rijks schatkist;

  • c een rekening-courantkrediet: een door de Minister van Financiën geautoriseerde debetstand op de rekeningcourant die een agentschap aanhoudt bij het Ministerie van Financiën, hierna te noemen: een krediet;

  • d een termijndeposito: een vast geldbedrag dat tegen een rentevergoeding gedurende een bepaalde periode in een centrale kas van 's Rijks schatkist wordt aangehouden;

  • e een leenplafond: het maximale geldbedrag dat in de vorm van een of meer leningen met een bepaalde looptijd in een jaar aan een agentschap kan worden toegekend;

  • f een leningtranche: een deel van een lening.

Artikel 2 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 De Minister van Financiën kan aan een agentschap ter dekking van een financieringsbehoefte in het kader van een investering in vaste activa een lening verstrekken. De looptijd van de lening wordt gekoppeld aan de economische levensduur van de onderliggende vaste activa.

  • 2 Ter voorziening in een liquiditeitsbehoefte voor het doen van lopende uitgaven kan de Minister van Financiën een agentschap een krediet verstrekken.

  • 3 Tijdelijk door een agentschap niet benodigde gelden kunnen credit op een rekening-courant bij het Ministerie van Financiën worden aangehouden dan wel op een termijndeposito worden geplaatst.

Artikel 3 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 De Minister van Financiën bepaalt de van toepassing zijnde rentepercentages en overige tarieven voor leningen, termijndeposito's, kredieten en creditsaldi op de rekeningen-courant.

  • 2 De in het eerste lid bedoelde rentepercentages en tarieven worden zoveel mogelijk marktanaloog vastgesteld.

  • 3 De renteverrekening tussen het Ministerie van Financiën en het betrokken agentschap vindt plaats:

    • a. voor de saldi op een rekening-courant: eenmaal per jaar met als rentevervaldatum 31 december;

    • b. voor een lening: eenmaal per jaar op de voor de lening geldende rentevervaldatum;

    • c. voor een termijndeposito: op de voor de termijndeposito geldende rentevervaldatum.

  • 4 De Minister van Financiën kan grensbedragen vaststellen, waar beneden geen lening kan worden gesloten of geen termijndeposito kan worden geplaatst.

  • 5 Het grensbedrag voor een lening geldt tevens als maximum waarboven op jaareinde geen krediet verkregen kan worden.

Artikel 4 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 Jaarlijks kunnen ten behoeve van een agentschap een of meer leenplafonds voor leningen met bepaalde looptijden worden vastgesteld.

  • 2 Aanvragen voor het vaststellen van een leenplafond worden, door tussenkomst van de Centrale directie Financieel-Economische Zaken van het ministerie waaronder het agentschap ressorteert, door het betrokken agentschap ingediend bij de directeur van de Inspectie der Rijksfinanciën van het Ministerie van Financiën op een wijze die door de Minister van Financiën nader wordt vastgesteld.

  • 3 Aanvragen voor het vaststellen van een leenplafond worden ingediend voorafgaand aan het jaar waarin de geldmiddelen benodigd zijn en wel zodanig tijdig dat over de toekenning ervan op voorstel van de Minister van Financiën door de ministerraad kan worden beslist op het hoofdbesluitvormingsmoment met betrekking tot de eerstvolgende Rijksbegroting.

  • 4 In bijzondere situaties kunnen vastgestelde leenplafonds worden bijgesteld in het jaar waarin de leningen worden opgenomen. Aanvragen voor het bijstellen van de leenplafonds worden zodanig tijdig ingediend dat over de toekenning ervan op voorstel van de Minister van Financiën door de ministerraad kan worden beslist op het hoofdbesluitvormingsmoment met betrekking tot de Rijksbegroting in het lopende jaar.

  • 5 In een jaar waarvoor voor een agentschap een of meer leenplafonds zijn vastgesteld, kunnen aan het betrokken agentschap leningen met bepaalde looptijden worden toegekend. Bij de toekenning worden de vastgestelde leenplafonds niet overschreden.

  • 6 Aanvragen voor het opnemen van een lening worden door het agentschap schriftelijk of elektronisch ingediend bij de directie Begrotingszaken, afdeling Rijksbegrotingsinformatiecentrum van het Ministerie van Financiën, hierna te noemen: het RIC.

  • 7 Aanvragen voor het plaatsen van een termijndeposito worden door het agentschap schriftelijk of elektronisch ingediend bij het RIC.

  • 8 De toekenning van een aanvraag als bedoeld in het zesde of zevende lid wordt door het RIC schriftelijk bevestigd onder vermelding van de modaliteiten die met betrekking tot de lening of de termijndeposito gelden. Voor een lening, onderscheidenlijk een termijndeposito gelden de in artikel 6, respectievelijk artikel 7 beschreven algemene voorwaarden.

Artikel 5 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 Voor een lening en een termijndeposito wordt door het RIC op naam van het agentschap in de Centrale administratie van 's Rijks schatkist een leningrekening respectievelijk een depositorekening geopend.

  • 2 Over de gelden op een leningrekening kan door een agentschap slechts worden beschikt door middel van overboeking naar de rekening-courant van dat agentschap bij het Ministerie van Financiën. De overboeking vindt plaats op de overeen te komen opnamedatum.

  • 3 Het plaatsen van gelden op een termijndeposito geschiedt door middel van een overboeking van de rekeningcourant van het agentschap naar de depositorekening van dat agentschap bij het Ministerie van Financiën. De overboeking vindt plaats op de overeen te komen ingangsdatum.

Artikel 6 [Vervallen per 28-02-2007]

Aan een lening worden de volgende algemene voorwaarden verbonden:

  • a. over een lening kan door een agentschap gefaseerd worden beschikt, met dien verstande dat alle leningtranches in het jaar van toekenning dienen te worden opgenomen. Over het niet opgenomen deel van de lening wordt de overeengekomen rentevergoeding niet in rekening gebracht;

  • b. een in rekening te brengen afsluitprovisie wordt door middel van een automatische incasso per de opnamedatum van de betrokken lening(tranche) door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant van het agentschap;

  • c. indien de overeengekomen opnamedatum wordt vervroegd dan wel wordt uitgesteld, stelt het agentschap het RIC daarvan schriftelijk of elektronisch op de hoogte en wel uiterlijk drie werkdagen voor de nieuwe opnamedatum in geval van vervroeging en uiterlijk drie werkdagen voor de oorspronkelijke opnamedatum in geval van uitstel;

  • d. de jaarlijkse aflossing van de lening wordt door middel van een automatische incasso op de overeengekomen aflossingsdata door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant en afgeboekt van de leningrekening van het agentschap;

  • e. het vervroegd geheel of gedeeltelijk aflossen van de lening is toegestaan per de rentevervaldatum;

  • f. bij het vervroegd aflossen is het agentschap een boete verschuldigd van 2% over het vervroegd afgeloste bedrag. De boete wordt door middel van een automatische incasso per de rentevervaldatum door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant van het agentschap;

  • g. in afwijking van het bepaalde onder e en f is het vervroegd aflossen boetevrij en per nader overeen te komen valutadatum toegestaan bij verkoop of bij verlies door brand of vernietiging van de vaste activa waarvoor de lening was afgesloten, en bij het overeenkomstig de verslaggevingvoorschriften afwaarderen van de vaste activa waarvoor de lening was afgesloten;

  • h. het agentschap doet uiterlijk 14 dagen voor de datum van de vervroegde aflossing schriftelijk of elektronisch mededeling aan het RIC van het bedrag van de vervroegde aflossing. Daarbij wordt tevens aangegeven of de vervroegde aflossing moet leiden tot een verlaging van de resterende aflossingstermijnen dan wel tot een verkorting van de looptijd van de lening;

  • i. het bedrag van de vervroegde aflossing wordt door middel van een automatische incasso per de rentevervaldatum of, in de situatie als bedoeld onder g, per de nader overeengekomen valutadatum door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant en afgeboekt op de leningrekening van het agentschap;

  • j. de over een lening(tranche) verschuldigde rente wordt jaarlijks door middel van een automatische incasso per de rentevervaldatum door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant van het agentschap. De rente is verschuldigd vanaf de opnamedatum;

  • k. voor de renteberekening wordt het jaar op het juiste aantal dagen gesteld (actual/actual);

  • l. binnen 15 werkdagen na afloop van een jaar doet het Ministerie van Financiën het agentschap schriftelijk of elektronisch een overzicht toekomen van de mutaties met betrekking tot de lening(en) in het afgelopen jaar, het saldo van de lening(en) per 31 december van het afgelopen jaar, de in het afgelopen jaar betaalde rente alsmede de nog te betalen rente per 31 december van het afgelopen jaar.

Artikel 7 [Vervallen per 28-02-2007]

Aan een termijndeposito worden de volgende algemene voorwaarden verbonden:

  • a. een in rekening te brengen afsluitprovisie wordt door middel van een automatische incasso per de ingangsdatum van de termijndeposito door het Ministerie van Financiën geïnd ten laste van de rekening-courant van het agentschap;

  • b. het bedrag van de termijndeposito wordt per de einddatum door het Ministerie van Financiën van de depositorekening van het agentschap overgeboekt naar de rekening-courant van het agentschap;

  • c. het vervroegd opnemen van (een deel van) de termijndeposito is toegestaan en geschiedt door middel van een schriftelijk of elektronisch verzoek aan het RIC uiterlijk 14 dagen voor de vervroegde opname. In het verzoek worden het bedrag en de datum van opname vermeld;

  • d. in het geval van het vervroegd opnemen is het agentschap een boete verschuldigd van 2% over het vervroegd opgenomen bedrag. Het bedrag van de boete voor vervroegd opnemen wordt per de datum van opname door het Ministerie van Financiën door middel van een automatische incasso geïnd ten laste van de rekening-courant van het agentschap;

  • e. het bedrag van de vervroegde opname wordt per de datum van opname door het Ministerie van Financiën van de depositorekening van het agentschap overgeboekt naar de rekening-courant van het agentschap;

  • f. de over de termijndeposito te ontvangen rente wordt jaarlijks per de rentevervaldatum door het Ministerie van Financiën berekend en door middel van een automatische betaling bijgeschreven op de rekening-courant van het agentschap. De rente wordt berekend vanaf de ingangsdatum van de termijndeposito;

  • g. voor de renteberekening van termijndeposito's met een looptijd tot en met 1 jaar wordt de maand op het juiste aantal dagen en het jaar op 360 dagen gesteld (actual/360). Voor de renteberekening van termijndeposito's met een looptijd langer dan 1 jaar worden de maand en het jaar op het juiste aantal dagen gesteld (actual/actual);

  • h. binnen 15 werkdagen na afloop van een jaar doet het Ministerie van Financiën het agentschap schriftelijk of elektronisch een overzicht toekomen van de mutaties met betrekking tot de termijndeposito('s) in het afgelopen jaar, het saldo van de termijndeposito('s) per 31 december van het afgelopen jaar, de in het afgelopen jaar ontvangen rente alsmede de nog te ontvangen rente per 31 december van het afgelopen jaar.

Artikel 8 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 De Minister van Financiën kan nadere maatregelen treffen ter uitvoering van deze regeling, waaronder het voorschrijven van standaardformulieren voor de aanvraag voor het vaststellen van een leenplafond, voor de aanvraag voor het opnemen van een lening, voor de aanvraag van een krediet of een aanvraag voor het plaatsen van een termijndeposito en voor het beschikken over en het aflossen van geleende gelden.

  • 2 De Minister van Financiën kan nadere voorwaarden stellen aan een te verstrekken lening of krediet en aan een te plaatsen termijndeposito.

Artikel 9 [Vervallen per 28-02-2007]

De Minister van Financiën kan in bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de bepalingen van deze regeling.

Artikel 10 [Vervallen per 28-02-2007]

Deze regeling wordt om de vijf jaar geëvalueerd, voor het eerst uiterlijk in 2008.

Artikel 11 [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1 De Regeling leen- en depositofaciliteit baten-lastendiensten 2001 wordt ingetrokken.

  • 2 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2003.

  • 3 Deze regeling kan worden aangehaald met de titel: Regeling leen- en depositofaciliteit agentschappen 2003.

De

Minister

van Financiën,

J.F. Hoogervorst.

Bijlage : Vaststelling van rentes, tarieven en grensbedragen [Vervallen per 28-02-2007]

  • 1. In het kader van de Regeling leen- en depositofaciliteit agentschappen 2003 dienen rentepercentages, tarieven en grensbedragen te worden vastgesteld voor door agentschappen bij het Ministerie van Financiën te sluiten leningen, te plaatsen termijndeposito's en voor debet- en creditstanden in de rekening-courant tussen een agentschap en het Ministerie van Financiën.

  • 2. De rentepercentages, tarieven en grensbedragen worden vastgesteld als is aangegeven in onderstaand overzicht.

  • 3. De rentepercentages die zijn gekoppeld aan het effectieve rendement op staatsleningen (ERSL) worden twee maal per jaar voor een periode van zes maanden vastgesteld, te weten per 1 april en per 1 oktober van een jaar. De per 1 april1vast te stellen rentepercentages worden gehanteerd ten behoeve van de budgettaire verwerking in de in voorbereiding zijnde ontwerpbegroting, alsmede bij de op te nemen leningen in de periode april tot en met september. De per 1 oktober vast te stellen rentepercentages worden gehanteerd ten behoeve van de budgettaire verwerking in de in voorbereiding zijnde Najaarsnotasuppletore begroting, alsmede bij de op te nemen leningen in de periode oktober tot en met maart.

  • 4. In de aanloop naar het opnemen van een lening kan een rentevasteperiode van maximaal 3 maanden worden gehanteerd, waarbinnen het overeengekomen rentepercentage vastligt ook als de datum van 1 april of 1 oktober wordt overschreden.

  • 5. De rentepercentages die zijn gekoppeld aan EURIBOR fluctueren dagelijks met het EURIBOR-percentage.

  • 6. De rentepercentages van de debet- en creditstanden van de rekening-courant zijn gekoppeld aan EURIBOR plus of min een afslag.

  • 7. De rentepercentages van termijndeposito's tot en met 1 jaar zijn gekoppeld aan EURIBOR minus een afslag. De rentepercentages van termijndeposito's met een looptijd langer dan 1 jaar zijn gekoppeld aan ERSL minus een afslag.

  • 8. Bij de vaststelling van de rentepercentages wordt steeds gebruik gemaakt van de expertise van het Agentschap van Financiën.

  • 9. De tarieven en grensbedragen worden tweemaal per jaar, op 1 april en 1 oktober, vastgesteld door de Minister van Financiën.

  • 10. Indien op basis van de onderstaande rentes een inverse rentestructuur zou ontstaan (bijvoorbeeld indien de depositorentes hoger zijn dan de leningrentes met overeenkomstige looptijd), kan de Minister van Financiën besluiten tot tussentijdse aanpassing van de onderstaande rentes.

A. Rentes, tarieven en grensbedragen t.b.v. de leningsfaciliteit voor agentschappen
       

Grensbedrag: Onder € 0,5 miljoen wordt geen lening verstrekt.

Afsluitprovisie: Geen

Boete vervroegd aflossen: 2,0 % over de vervroegde aflossing

       
Looptijd lening Rente % = ERSL2 Looptijd lening Rente % = ERSL

< 1 jaar

wordt niet verstrekt

5 jaar

ERSL

1 jaar

ERSL

6 t/m 9 jaar

ERSL

2 jaar

ERSL

10 t/m 15 jaar

ERSL

3 jaar

ERSL

16 t/m 30 jaar

ERSL

4 jaar

ERSL

   
B. Rentes en grensbedragen t.b.v. rekening-courant voor agentschappen
     

Grensbedrag: Boven de € 0,5 miljoen wordt op jaareinde geen rekening-courantkrediet verstrekt (dit maximum is gekoppeld aan het grensbedrag onder A; zie artikel 3, vijfde lid, van de regeling).

     
  Rente % = Beschikbaarheidsprovisie

Debetsaldo (-saldo)

call EURIBOR + 1,00%

Geen

Creditsaldo (+saldo)

call EURIBOR - 1,00%

Nvt

C. Rentes, tarieven en grensbedragen t.b.v. termijndeposito's voor agentschappen
   

Grensbedrag: Onder € 0,250 miljoen worden geen termijndeposito's geplaatst.

Afsluitprovisie: Geen

Boete vervroegd opnemen: 2,0% over het te vroeg opgenomen deel van een termijndeposito

   
Looptijd deposito Rente % =

1 t/m 12 maands

EURIBOR - 0,25% 3

18 maands

ERSL overeenkomstige looptijd - 0,10%

2 jaar of langer (alleen hele jaren)

ERSL overeenkomstige looptijd - 0,10%

  • ^ [1]

    Bij een eerdere kaderbriefbesluitvorming dan medio april wordt de datum van 1 april overeenkomstig vervroegd.

  • ^ [2]

    ERSL = Effectief Rendement op StaatsLeningen.

  • ^ [3]

    EURIBOR minus afslag van 0,25% kan maximaal gelijk zijn aan het ERSL minus 0,10%.