Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instelling Tijdelijke commissie ongevallenonderzoek Defensie[Regeling vervallen per 01-02-2005.]

Geldend van 07-03-2003 t/m 31-01-2005

Instelling Tijdelijke commissie ongevallenonderzoek Defensie

De Staatssecretaris van Defensie,

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-02-2005]

Er is een Tijdelijke commissie ongevallenonderzoek Defensie, hierna te noemen: de commissie.

Artikel 2 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De commissie heeft, met het uitsluitende doel toekomstige ongevallen en incidenten te voorkomen, tot taak te onderzoeken en vast te stellen wat de oorzaken of vermoedelijke oorzaken zijn van individuele of categorieën ongevallen en incidenten waarbij betrokken is een zaak of een persoon, in gebruik bij onderscheidenlijk werkzaam in de uitoefening van een functie ten behoeve van:

    • a. de Minister van Defensie;

    • b. een buitenlandse krijgsmacht, indien het voorval plaatsvond op of boven het grondgebied van het Koninkrijk;

    • c. een organisatie waarvan het beheer is opgedragen aan de Minister van Defensie.

  • 2 De commissie is voorts bevoegd een onderzoek in te stellen naar de wijze waarop het Ministerie van Defensie is omgegaan met de gevolgen van ongevallen en incidenten als bedoeld in het eerste lid.

  • 3 Tot de taak van de commissie behoren niet onderzoeken naar de oorzaken van rampen en ongevallen als bedoeld in de Marinescheepsongevallenwet 1935, Stb. 531, overkomen aan Nederlandse oorlogsvaartuigen.

  • 4 De commissie kan aan haar bevindingen aanbevelingen verbinden.

Artikel 3 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 Als leden van de commissie worden benoemd:

    • a. de heer dr. ir. J.P. Visser (voorzitter);

    • b. de heer drs. J.S.J. Hillen;

    • c. de heer mr. G.C. Gillissen.

  • 2 In opvolging en tussentijdse vervanging van de leden wordt voorzien door de Minister van Defensie, de commissie gehoord.

  • 3 De leden ontvangen voor door hen in het kader van de taak van de commissie verrichte werkzaamheden een vergoeding ten laste van het Ministerie van Defensie. De reiskosten van de leden worden vergoed overeenkomstig de voor burgerambtenaren in dienst van het Ministerie van Defensie geldende voorzieningen.

  • 4 De voorzitter van de Raad voor de Transportveiligheid is bevoegd als adviseur van de commissie op te treden.

Artikel 4 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De commissie wordt ondersteund door een ambtelijk secretariaat en door twee onderzoekers. Secretariaat en onderzoekers worden ter beschikking gesteld door de Minister van Defensie.

  • 2 De Minister van Defensie stelt de commissie de benodigde middelen en ondersteuning ter beschikking voor de door haar te verrichten werkzaamheden. Ambtenaren van het Ministerie van Defensie die de commissie bij haar werkzaamheden ondersteunen, vallen tijdens het verrichten van het betrokken onderzoek voor wat betreft die werkzaamheden onder de verantwoordelijkheid van de commissie.

Artikel 5 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 Personen in dienst van het Ministerie van Defensie verlenen de commissie terstond alle medewerking, die zij redelijkerwijs voor haar taak behoeft.

  • 2 Zij die uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit.

  • 3 Van het verlenen van medewerking kunnen zich verschonen zij die daardoor zichzelf of een van hun bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de zijlijn in de tweede of derde graad of hun echtgenoot of vroegere echtgenoot dan wel geregistreerde partner of vroegere geregistreerde partner aan het gevaar van een strafrechtelijke veroordeling of een nadelige tuchtrechtelijke of civielrechtelijke uitspraak zouden blootstellen.

Artikel 6 [Vervallen per 01-02-2005]

Ongevallen en incidenten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden zo spoedig mogelijk door commandanten en diensthoofden binnen wier verantwoordelijkheidsgebied het voorval heeft plaatsgevonden, gemeld aan de commissie. Daarbij worden in ieder geval aangegeven de datum, het tijdstip en de plaats van het voorval, de betrokken eenheid, een korte zakelijke weergave van de toedracht van het voorval, gegevens met betrekking tot bij het voorval betrokken personen en materieel, de gevolgen voor wat betreft schade en letsel, door de eenheid getroffen en te treffen maatregelen, de in kennisgestelde autoriteiten, en een contactpersoon.

Artikel 7 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De commissie beslist of zij een onderzoek instelt naar de oorzaken of vermoedelijke oorzaken van een ongeval of incident, dan wel naar het omgaan met de gevolgen daarvan, als bedoeld in artikel 2, en deelt dit aan de Minister van Defensie mede.

  • 2 De commissie kan een ingesteld onderzoek staken indien zij van oordeel is dat het onderzoek geen conclusies of aanbevelingen zal opleveren die van belang zijn ter vergroting van de veiligheid. De commissie deelt een zodanige beslissing gemotiveerd aan de Minister van Defensie mede.

Artikel 8 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De leden van de commissie zijn gehouden omtrent alle gerubriceerde en vertrouwelijke gegevens waarvan zij bij de werkzaamheden van de commissie kennis hebben genomen, geheimhouding te betrachten.

  • 2 Verklaringen van en gegevens met betrekking tot bij het voorval betrokken personen worden door de commissie slechts gebruikt ten behoeve van haar onderzoek; zij worden slechts in het eindrapport van de commissie opgenomen voor zover zij wezenlijk zijn voor de analyse van de toedracht en de gevolgen van het voorval.

Artikel 9 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De commissie brengt omtrent een door haar onderzocht voorval een eindrapport uit aan de Minister van Defensie.

  • 2 Alvorens eindrapport uit te brengen, zendt de commissie het rapport, behoudens de gegevens die door de Minister van Defensie als gerubriceerd of vertrouwelijk zijn aangeduid, als vertrouwelijk concept aan diegenen wier handelen of nalaten blijkens het voorlopig oordeel van de commissie heeft bijgedragen aan het ontstaan van het voorval, dan wel de nabestaanden van een persoon als hiervoor bedoeld, alsmede aan diegenen wier verklaringen zijn opgenomen in het conceptrapport. De commissie zendt het conceptrapport tevens aan de Minister van Defensie. Betrokkenen kunnen schriftelijk commentaar leveren gedurende een termijn van twee weken, die aanvangt met ingang van de dag na die waarop het conceptrapport is verzonden. De commissie kan deze termijn ten hoogste een maal met twee weken verlengen.

  • 3 De commissie maakt het eindrapport openbaar, behoudens de gegevens die door de Minister van Defensie als gerubriceerd of vertrouwelijk zijn aangeduid. Indien bepaalde informatie die naar het oordeel van de commissie wezenlijk is voor de analyse van de toedracht van het voorval of de onderbouwing van de conclusies, vanwege de Minister van Defensie niet in het eindrapport kan worden opgenomen, kan de commissie beslissen de informatie en de daarop gebaseerde conclusies en aanbevelingen aan de Minister van Defensie te zenden en af te zien van het uitbrengen van een openbaar eindrapport. De commissie doet hiervan mededeling aan betrokkenen.

  • 4 Een conclusie of aanbeveling behelst niet het vaststellen van schuld of aansprakelijkheid van enige persoon wegens een voorval.

Artikel 10 [Vervallen per 01-02-2005]

Indien het onderwerp van onderzoek door de commissie een ongeval of incident betreft, naar de oorzaken of vermoedelijke oorzaken waarvan tevens door een andere instantie een veiligheidsonderzoek wordt ingesteld, draagt de commissie zorg voor afstemming van haar werkzaamheden met die van de andere onderzoeksinstantie.

Artikel 11 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 De regeling van de Minister van Defensie van 11 november 1987, nr CWO 87/031/87009786, houdende instelling van de Raad van Advies inzake Luchtvaartongevallen bij Defensie wordt ingetrokken.

  • 2 Ongevallen en incidenten, naar de oorzaken of vermoedelijke oorzaken waarvan door de Raad van Advies inzake Luchtvaartongevallen bij Defensie een onderzoek is gestart vóór het tijdstip waarop de in het eerste lid genoemde regeling wordt ingetrokken, worden door die raad afgehandeld. Voor de duur van die onderzoeken blijft de in het eerste lid genoemde regeling zoals die luidde op de dag voorafgaande aan haar intrekking, van kracht.

  • 3 Verplichtingen, anders dan onderzoeken naar ongevallen of incidenten, die door de Raad van Advies inzake Luchtvaartongevallen bij Defensie zijn aangegaan vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling, kunnen tot 15 maart 2003 door de raad worden afgehandeld. Voor de duur van die verplichtingen blijft de in het eerste lid genoemde regeling zoals die luidde op de dag voorafgaande aan haar intrekking, van kracht, met uitzondering van de bepalingen die betrekking hebben op het uitvoeren en afronden van een onderzoek van een ongeval of incident.

  • 4 De archiefbescheiden van de Raad van Advies inzake Luchtvaartongevallen bij Defensie worden na haar opheffing dan wel in het in het tweede lid bedoelde geval na afronding van het desbetreffende onderzoek, zo spoedig mogelijk overgebracht naar het archief van het Ministerie van Defensie, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.

Artikel 12 [Vervallen per 01-02-2005]

  • 1 Deze regeling vervalt met ingang van het tijdstip waarop het bij koninklijk boodschap van 16 oktober 2002 ingediende voorstel van rijkswet, houdende instelling van een Onderzoeksraad voor veiligheid (Rijkswet Onderzoeksraad voor veiligheid) (Kamerstukken II, 2002/2003, 28 634, R 1727, nrs 1-3) nadat het tot wet is verheven, in werking treedt.

  • 2 Ongevallen en incidenten, naar de oorzaken of vermoedelijke oorzaken waarvan door de commissie een onderzoek is gestart vóór het tijdstip waarop de in het eerste lid genoemde regeling vervalt, worden door de commissie afgehandeld, tenzij de Onderzoeksraad voor veiligheid bedoeld onderzoek voortzet. Voor de duur van die onderzoeken blijft de in het eerste lid genoemde regeling zoals die luidde op de dag voorafgaande aan haar intrekking, op het door de commissie af te handelen onderzoek van kracht.

  • 3 De archiefbescheiden van de commissie worden na haar opheffing dan wel in het in het tweede lid bedoelde geval na afronding van het desbetreffende onderzoek van de commissie, zo spoedig mogelijk overgebracht naar het archief van de Onderzoeksraad voor veiligheid, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.

Artikel 13 [Vervallen per 01-02-2005]

Deze regeling treedt in werking met ingang van 7 maart 2003. Indien bekendmaking van deze regeling plaatsvindt na 7 maart 2003, treedt deze regeling in werking met ingang van de dag van bekendmaking en werkt zij terug tot en met 7 maart 2003.

Artikel 14 [Vervallen per 01-02-2005]

Deze regeling wordt aangehaald als: Instellingsregeling tijdelijke commissie ongevallenonderzoek Defensie.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

`s-Gravenhage, 28 februari 2003

De

Staatssecretaris

van Defensie,

C. van der Knaap