Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen

Geldend van 13-12-2008 t/m heden

Verordening van het Productschap Zuivel van 13 november 2002, houdende administratieve bepalingen ter zake van de uitvoering van taken van het Productschap Zuivel (Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen)

Het bestuur van het Productschap Zuivel;

Gelet op de artikelen 93, tweede lid, onder a en derde lid, 95, 104 en 126 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en de artikelen 5 en 7 van de lnstellingsverordening Produktschap Zuivel;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

productschap

:

Produktschap Zuivel;

melk

:

melk van runderen en geiten;

melkveehouderbedrijf

:

bedrijf waarop bedrijfsmatig runderen en/of geiten worden gehouden;

ontvanger van melk

:

de natuurlijke of rechtspersoon die bedrijfsmatig melk ontvangt van één of meer melkveehouders en terzake betalingen aan de desbetreffende melkveehouders verricht;

zuivelfabriek

:

iedere inrichting of ieder geheel van inrichtingen, met uitzondering van boerderijzuivelbereiders, waarin bedrijfsmatig melk of daaruit verkregen producten worden be- of verwerkt tot producten welke, al dan niet na verdere bewerking, tot menselijk voedsel kunnen dienen, dan wel uit melk verkregen producten worden verwerkt tot caseïne;

boerderijzuivelbereider

:

exploitant van een melkveehouderijbedrijf waarop bedrijfsmatig boter, consumptiemelk, consumptiemelkproducten, kaas of andere zuivelproducten worden bereid en dat overeenkomstig artikel 3 bij het productschap is geregistreerd;

voorzitter

:

voorzitter van het productschap;

heffingen

:

door het productschap bij verordening vastgestelde heffingen als bedoeld in artikel 126 van de Wet op de bedrijfsorganisatie.

§ 2. Registratie van bedrijfsgenoten

Artikel 2

  • 1 Het productschap houdt een register van ontvangers van melk, zuivelfabrieken en boerderijzuivelbereiders.

  • 2 Ontvangers van melk, ondernemers van zuivelfabrieken en boerderijzuivelbereiders zijn verplicht aan het productschap terstond mededeling te doen van vestiging van hun bedrijf, van de naam, rechtsvorm en plaats van vestiging daarvan, zomede van wijzigingen daarin.

Artikel 3

  • 1 De exploitant van een melkveehouderijbedrijf wordt als boerderijzuivelbereider geregistreerd indien ten genoegen van het productschap wordt aangetoond dat gedurende het jaar voorafgaand aan de registratie slechts melk gewonnen op dat bedrijf, eventueel aangevuld met een ten hoogste gelijke hoeveelheid melk afkomstig van en gewonnen op ten hoogste twee andere melkveehouderijen, is verwerkt tot zuivelproducten.

  • 2 Indien een bedrijf niet overeenkomstig het eerste lid kan worden geregistreerd, wordt de exploitant van dat bedrijf als boerderijzuivelbereider geregistreerd indien deze zich tegenover het productschap verbindt slechts melk gewonnen op zijn bedrijf, eventueel aangevuld met een ten hoogste gelijke hoeveelheid melk afkomstig van en gewonnen op ten hoogste twee andere melkveehouderijen, te verwerken tot zuivelproducten.

Artikel 4

  • 1 De registratie als bedoeld in artikel 3 geldt voor de periode van een jaar, welke loopt van 1 april tot en met 31 maart, dan wel voor een kortere periode welke eindigt op 31 maart. De registratie wordt telkens voor een periode van een jaar verlengd mits is voldaan aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3.

  • 2 De boerderijzuivelbereider dient, zodra niet meer is voldaan aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3, hiervan het productschap terstond in kennis te stellen.

Indien zich naar het oordeel van de voorzitter bijzondere omstandigheden hebben voorgedaan kan de registratie worden verlengd.

§ 3. Verstrekken van gegevens (algemeen)

Artikel 5

Iedere natuurlijke of rechtspersoon, die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld, is verplicht:

  • a. de door of vanwege het productschap in verband met zijn werkzaamheden gestelde vragen te beantwoorden of gevraagde gegevens te verstrekken;

  • b. toe te laten dat leden van het personeel van het productschap, daartoe schriftelijk gemachtigd door de voorzitter, inzage krijgen van de boeken en bescheiden van de onderneming, de voorraden van de onderneming opnemen en de bedrijfsmiddelen bezichtigen. De volmacht geeft aan de aard van de onderzoeken, waarmee de gemachtigde belast is;

  • c. een zodanige administratie te voeren als in verband met zijn werkzaamheden door het productschap wordt voorgeschreven en die administratie volledig en naar waarheid bij te houden en te bewaren.

Artikel 6

Indien de in artikel 5 bedoelde gegevens kennelijk van vertrouwelijke aard zijn, worden deze, tenzij bij of krachtens wet anders is bepaald, zonder toestemming van de belanghebbende

  • a. slechts gebruikt ter vervulling van de taak van het productschap;

  • b. niet onder aanduiding van de persoon of onderneming waarop zij betrekking hebben bekend gemaakt aan anderen dan de voorzitter, de secretaris of andere leden van het personeel van het productschap, en de met de financiële controle op het productschap belaste accountant en diens personeel, voor zover kennisneming van die gegevens voor die controle noodzakelijk is.

Artikel 7

Indien de in artikel 5, onder a, bedoelde verplichting niet wordt nagekomen, kan, ter dekking van de kosten verbonden aan het verzamelen door het personeel van het productschap, een vergoeding in rekening worden gebracht.

§ 4. Heffingen

Verstrekken van gegevens

Artikel 8

  • 1 Ontvangers van melk verstrekken jaarlijks voor 1 maart het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorafgaande kalenderjaar verschuldigde heffingen.

  • 2 Boerderijzuivelbereiders verstrekken jaarlijks voor 15 mei het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorafgaande tijdvak van 1 april tot en met 31 maart verschuldigde heffingen.

  • 3 Exploitanten van melkveehouderijbedrijven die de op hun bedrijf gewonnen melk leveren aan een ontvanger van melk die niet bij het productschap is geregistreerd, verstrekken jaarlijks voor 1 maart het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorgaande kalenderjaar verschuldigde heffingen.

Ambtshalve vaststelling gegevens

Artikel 9

  • 1 Indien de in artikel 8 bedoelde gegevens niet binnen de gestelde termijnen worden verstrekt, is de voorzitter bevoegd deze gegevens ambtshalve vast te stellen.

  • 2 De voorzitter kan ontheffing verlenen van het gestelde in artikel 8, vierde lid, eerste zin, indien de bedoelde gegevens op een andere, naar het oordeel van de voorzitter met voldoende waarborgen omtrent de juistheid van de gegevens omklede wijze, kunnen worden verstrekt.

Betaling voorschotten

Artikel 10

Ontvangers van melk maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota van het productschap een voorschot over aan het productschap op de verschuldigde heffingen. Het voorschot wordt berekend over een twaalfde deel van de hoeveelheid melk die de grondslag is voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen over het voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 11

Boerderijzuivelbereiders maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota van het productschap een voorschot over aan het productschap op de in het tijdvak van 1 april tot en met 31 maart verschuldigde heffingen. Het voorschot wordt berekend over de hoeveelheid melk die de grondslag is voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen in het voorafgaande jaar.

Artikel 12

Bij belangrijke wijzigingen in productie, levering of ontvangst van producten die relevant zijn voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen, kan de voorzitter de bedragen van de in de artikelen 10 en 11 bedoelde voorschotten aanpassen. Bij deze aanpassing wordt rekening gehouden met de aard en omvang van de hiervoor bedoelde wijzigingen.

Artikel 13

Het bepaalde in artikel 8, tweede lid en artikel 11 is van overeenkomstige toepassing op ondernemers van zuivelfabrieken die bedrijfsmatig melk op hun bedrijf winnen en verwerken tot zuivelproducten.

Definitieve betaling

Artikel 14

De op grond van de opgaven bedoeld in artikel 8 of de ambtshalve vaststelling bedoeld in artikel 9 opgelegde heffingen worden verrekend met de in de artikelen 10 en 11 bedoelde voorschotten. Ontvangers van melk en boerderijzuivelbereiders maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota de eventueel verschuldigde bedragen over aan het productschap.

§ 5. Slotbepalingen

Artikel 15

  • 2 De tuchtrechterlijke maatregel is een geldboete van ten hoogste € 4.500.

Artikel 16

De volgende verordeningen worden ingetrokken:

  • Zuivelverordening 1958, Algemene bepalingen;

  • Zuivelverordening 1958, Terminologie;

  • Zuivelverordening 1961, Registratie bedrijfsgenoten;

  • Zuivelverordening 1986, Registratie boerderijzuivelbereiders;

  • Zuivelverordening 1986, Vergoeding kosten;

  • Zuivelverordening 1995, Verschuldigde interest bij niet tijdige betaling van heffingen;

  • Zuivelverordening 1999, Inning heffingen.

Artikel 17

Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 18

Deze verordening wordt aangehaald als Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen.

Amersfoort, 13 november 2002

G.A. Koopstra

voorzitter

F. Beekman

secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 18 december 2002 en door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking van 3 juli 2003, nr. TRCJZ/2002/12324.