Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling bekostiging landelijke organen voor leer-werktrajecten vmbo, schooljaar 2002-2003[Regeling vervallen per 01-08-2003.]

Geldend van 02-11-2002 t/m 31-07-2003

Subsidieregeling bekostiging landelijke organen voor leer-werktrajecten vmbo, schooljaar 2002-2003

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

Handelende in overeenstemming met de minister van landbouw, natuurbeheer en visserij,

Gelet op: artikel 4, eerste lid, van de Wet overige OCenW-subsidies;

Besluit

Artikel 1. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-08-2003]

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. minister:

de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen en, wat betreft het landbouwonderwijs, de minister van landbouw, natuurbeheer en visserij;

b. wet:

de Wet overige OCenW-subsidies (12 maart 1998;Staatsblad 275);

c. school:

een school als bedoeld in de Wet op het voorgezet onderwijs;

d. landelijk orgaan:

een landelijk orgaan als bedoeld in artikel 1.5.1 van de Wet educatie en Beroepsonderwijs;

e. leer-werktraject:

een leer-werktraject als bedoeld in de regeling ’Leerwerktrajecten basisberoepsgerichte leerweg vmbo’ (OCenW-Regelingen; ’Gele katern’; nr. 7; 14 maart 2001).

Artikel 2. Doel [Vervallen per 01-08-2003]

Het doel van de regeling is bevordering van de totstandkoming van leer-werktrajecten en specifiek de bevordering van de kwaliteit van leer-werkplekken, nader uitgewerkt in de artikelen 6 en 7.

Artikel 3. Subsidie [Vervallen per 01-08-2003]

  • a. Aan een landelijk orgaan wordt voor de uitvoering van de taken als bedoeld in artikel 6 een subsidie verstrekt van Euro 340,90 per leer-werkovereenkomst.

  • b. Per leer-werkovereenkomst wordt éénmalig een subsidie verstrekt.

  • c. Per leerling per leer-werkplek kan één leer-werkovereenkomst worden gesloten.

  • d. De leer-werkovereenkomst is ondertekend door de school, de leerling, het leerbedrijf en het landelijk orgaan.

  • e. Het landelijk orgaan stuurt uiterlijk 1 mei 2003 een opgave van het aantal afgesloten leer-werkovereen-komsten aan Cfi bvh/bve, postbus 606, 2700 ML Zoetermeer. Het betreft de leer-werkovereenkomsten die vanaf 1 augustus 2002 tot 15 april 2003 worden afgesloten.

Artikel 4. Verlenen subsidie [Vervallen per 01-08-2003]

De subsidie wordt ambtshalve verleend.

Artikel 5. Betaling subsidie [Vervallen per 01-08-2003]

De minister betaalt de subsidie-ontvanger het gehele subsidie-bedrag in de maand juni 2003.

Artikel 6. Taken [Vervallen per 01-08-2003]

De landelijke organen dragen in het kader van leer-werk-trajecten zorg voor:

de erkenning van reeds voor de beroepspraktijkvorming in de bve-sector erkende leerbedrijven als geschikte leerbedrijven voor het praktijkgedeelte van leer-werktrajecten op basis van de kwaliteitscriteria, bedoeld in artikel 8;

het al dan niet op voordracht van scholen werven en erkennen van nieuwe leerbedrijven aan de hand van kwaliteitscriteria, bedoeld in artikel 8;

begeleiding en ondersteuning van de praktijkopleiders van de leerbedrijven met het oog op hun nieuwe taken voor de leer-werktrajecten, alsmede het scholen van praktijkopleiders om hen toe te rusten voor de praktijkbegeleiding van leerlingen;

het mede-ondertekenen en registreren van de tussen scholen, leerlingen en leerbedrijven af te sluiten leer-werkovereenkomsten.

Artikel 7. Kwaliteitscriteria [Vervallen per 01-08-2003]

  • 1 De leer-werkplekken worden aan de volgende kwaliteitscriteria getoetst;

    • a. op de leer-werkplek of combinatie van leer-werkplekken kunnen de door het bevoegd gezag vastgestelde praktijkopdrachten daadwerkelijk worden uitgevoerd;

    • b. elke praktijkopdracht als zodanig kan in één bedrijf of organisatie worden uitgevoerd;

    • c. in het bedrijf of de organisatie is een gekwalificeerde praktijkbegeleider of leermeester aanwezig, die in staat is om kennis, inzicht en vaardigheden van de leerling te beoordelen, alsmede vorderingen daarin, en de leerling zowel werkinhoudelijk als pedagogisch-didactisch te begeleiden;

    • d. het bedrijf of de organisatie is bereid met de mentor of docentbegeleider van de school regelmatig contact te onderhouden;

    • e. het bedrijf of de organisatie waarborgt dat een leerling is gekoppeld aan een gekwalificeerde praktijkbegeleider of leermeester en dat deze leermeester ervoor zorgt dat de leerling voldoende hulp en tijd krijgt om de praktijkopdrachten uit te voeren;

    • f. de mogelijkheid om binnen hetzelfde bedrijf of dezelfde organisatie of branche de leerdoelen van het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs én de eindtermen van de basisberoepsopleiding (of assistentenopleiding) als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs te behalen, zonder grote overgangsdrempels voor de leerling;

    • g. het productie- of dienstverleningsproces is technisch en organisatorisch voldoende gevarieerd en kan leerlingen goed praktijkmateriaal bieden en hen gedegen opleiden;

    • h. de leer-werkplek past binnen de dagelijkse bedrijfsvoering;

    • i. het bedrijf of de organisatie is bereid de leerling de vereiste praktijkopdrachten uit te laten voeren en het werk en het stageverslag te bespreken en te beoordelen;

    • j. het bedrijf of de organisatie is geschikt voor de betrokken leeftijdsgroep wat kenmerken betreft als ruimte om te leren of fouten te maken, erkenning van jong zijn;

    • k. het bedrijf of de organisatie respecteert, voor zover van toepassing, het multiculturele karakter van de leerlingenpopulatie.

  • 2 In de eigen regelingen van de landelijke organen zijn voorts bedrijfstakspecifieke criteria opgenomen, waarmee ondermeer wordt aangesloten bij bepalingen in de CAO’s van de bedrijfstakken.

Artikel 8. Verantwoording [Vervallen per 01-08-2003]

  • 1 De subsidie, bedoeld in artikel 3, wordt verstrekt als tegemoetkoming in de kosten die zijn verbonden aan het doel en de taken zoals in deze regeling omschreven. Verrekening van eventuele niet bestede middelen vindt niet plaats.

  • 2 De verklaring van de accountant bij de jaarrekening omvat tevens een oordeel over de rechtmatigheid van de subsidieverstrekking, bedoeld in artikel 3.

  • 3 Naast de financiële verantwoording moet verslag worden gedaan van de wijze waarop de met deze subsidie verkregen faciliteiten zijn ingezet en over het bereikte resultaat/effect. Om deze reden dient het landelijk orgaan na afloop van de activiteiten een inhoudelijke projectverantwoording op te stellen en in te dienen. Deze projectverantwoording bevat:

    • a. het aantal leer-werkovereenkomsten dat door het landelijk orgaan is mede-ondertekend,

    • b. het aantal leerbedrijven dat is erkend voor het uitvoeren van het praktijkgedeelte van leer-werktrajecten,

    • c. een toelichting op de activiteiten die zijn uitgevoerd voor het begeleiden, ondersteunen en scholen van praktijkopleiders van de leerbedrijven met het oog op de praktijkbegeleiding van leerlingen.

Deze projectverantwoording over het schooljaar 2002-2003 moet zo spoedig mogelijk na afloop van de activiteiten, doch uiterlijk 1 oktober 2003, ingediend worden bij Cfi bvh/bve, postbus 606, 2700 ML Zoetermeer.

Artikel 9. Monitoring [Vervallen per 01-08-2003]

De landelijke organen werken desgevraagd mee aan een onafhankelijke monitoring over de kwantiteit en kwaliteit van leer-werkplekken.

Artikel 10. Bekendmaking [Vervallen per 01-08-2003]

De regeling zal met toelichting in Uitleg van OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 11. Inwerkingtreding en geldigheidsduur [Vervallen per 01-08-2003]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na dagtekening van Uitleg OCenW-Regelingen waarin zij wordt geplaatst en geldt voor de duur van de beleidsregel ’Leer-werktrajecten basisberoepsgerichte leerweg vmbo’.

Artikel 12. Citeertitel [Vervallen per 01-08-2003]

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling bekostiging landelijke organen voor leer-werktrajecten vmbo, schooljaar 2002-2003.

De

minister

van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

M.J.A. van der Hoeven