Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Passingen aan medische hulpmiddelen[Regeling vervallen per 11-10-2007 met terugwerkende kracht tot en met 27-09-2007.]

Geldend van 25-02-2002 t/m 26-09-2007

Passingen aan medische hulpmiddelen

De Directeur-Generaal Belastingdienst heeft namens de Staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.

Dit besluit is een herziene versie van het besluit van 16 november 2001, nr. CPP2001/1860M. Het besluit is herzien in verband met de vraag, of voor de toepassing van het besluit onder de term ‘afnemer’ ook gemeenten zijn te begrijpen die in het kader van de Wet voorzieningen gehandicapten medische hulpmiddelen verstrekken. De aanvullingen in de tekst zijn cursief weergegeven.

Aan bepaalde categorieën medische hulpmiddelen worden zgn. ‘passingen’ verricht. Het gaat bijvoorbeeld om rolstoelen, driewielers, patiëntenliften, bad-, douche- en toilethulpmiddelen, trippel- en sta-opstoelen, loophulpmiddelen en aan het lichaam gedragen prothesen. Met de term ‘passing’ wordt gedoeld op het aanpassen van een medisch hulpmiddel aan de individuele handicaps van de gebruiker van het desbetreffende hulpmiddel, teneinde het hulpmiddel zo adequaat mogelijk te laten functioneren. In feite heeft de passing ten doel het medische hulpmiddel gebruiksklaar te maken of te houden. Het uitvoeren van passingen bestaat onder meer uit het instellen van het juiste gebruiksformaat (zithoogte en -diepte, stahoogte e.d.) van het hulpmiddel en het aanbrengen van speciale voorzieningen aan het hulpmiddel, zoals een speciale zitting, een nekkussen of een speciale steun. Bij elektronische rolstoelen gaat het bijvoorbeeld om het aanpassen van standaardmatige besturingssystemen aan de individuele handicaps van de rolstoelgebruiker.

Passingen worden veelal verricht in verband met de levering van een nieuw medisch hulpmiddel. Het komt ook voor dat passingen los van zo’n levering worden uitgevoerd. Dit is het geval bij passingen die worden verricht bij gebruikte medische hulpmiddelen die door een ziekenfonds of ziektekostenverzekeraar worden herverstrekt aan een volgende gebruiker en bij aanvullende passingen die noodzakelijk zijn als gevolg van veranderingen in de fysieke toestand van de gebruiker van het medische hulpmiddel.

De in het kader van passingen gemaakte kosten kunnen alleen uit arbeidskosten bestaan (bijvoorbeeld kosten in verband met het selecteren van het goedkoopste en meest adequate hulpmiddel), maar ook materiaalkosten (in verband met het aanbrengen van speciale voorzieningen aan het hulpmiddel) omvatten. In de paskosten (ook wel aangeduid als passingskosten) kunnen ook andere kostenposten zijn verdisconteerd, zoals depotverstrekkingskosten (kosten die verband houden met het in depot opslaan en schoonmaken van medische hulpmiddelen die worden herverstrekt). De paskosten worden in de praktijk onder verschillende benamingen en rubrieken gefactureerd.

Passingen worden als regel uitgevoerd door gespecialiseerde revalidatiebedrijven; andere ondernemers die passingen uitvoeren zijn bijvoorbeeld prothesemakers. De passingen worden meestal op medische indicatie verricht.

De kosten die verband houden met het uitvoeren van passingen aan medische hulpmiddelen worden in de praktijk op verschillende manieren doorberekend/gefactureerd.

Bij passingen die worden verricht in verband met de levering van een nieuw medisch hulpmiddel doen zich de volgende drie varianten voor:

  • 1. de leverancier/fabrikant van het medische hulpmiddel berekent aan de afnemer het ‘all-in’-bedrag (d.w.z. de leverings- en de paskosten) en betaalt de ondernemer die de passing heeft verricht voor de uitgevoerde passing.

  • 2. de ondernemer die de passing heeft uitgevoerd berekent aan de afnemer het ‘all-in’-bedrag (de leverings- en de paskosten) en betaalt de leverancier/fabrikant voor de levering van het hulpmiddel.

  • 3. de leverancier/fabrikant en de ondernemer die de passing heeft verricht factureren de vergoeding voor de levering van het hulpmiddel respectievelijk de passing aan dat hulpmiddel afzonderlijk aan de afnemer.

Bij passingen die niet in verband met de levering van een nieuw medisch hulpmiddel worden uitgevoerd (passingen aan herverstrekte hulpmiddelen en aanvullende passingen) worden uiteraard alleen de paskosten aan de afnemer gefactureerd.

Met ‘afnemer’ wordt in dit verband gedoeld op de juridische eigenaar van het medische hulpmiddel, zoals een ziekenfonds, een ziektekostenverzekeraar, een gemeente die in het kader van de Wet voorzieningen gehandicapten optreedt, of een particulier.

Voor de BTW-tarieftoepassing ten aanzien van paskosten geldt het volgende.

Indien de paskosten onderdeel uitmaken van de vergoeding voor de levering van een medisch hulpmiddel, volgen deze kosten het BTW-tarief dat geldt voor het desbetreffende medische hulpmiddel.

Goedgekeurd wordt dat de afzonderlijk gefactureerde paskosten eveneens het BTW-tarief volgen dat geldt voor het medische hulpmiddel waaraan de passing wordt verricht. Deze goedkeuring ziet zowel op de paskosten die worden gemaakt in verband met de levering van een nieuw medisch hulpmiddel, als op de paskosten die los staan van een dergelijke levering.

Met de hiervoor opgenomen goedkeuring kan vanaf heden rekening worden gehouden.

In de praktijk komt het voor dat voorzieningen aan medische hulpmiddelen worden aangebracht, die los staan van de functie van het desbetreffende hulpmiddel. In dit verband valt te denken aan voorzieningen die op een rolstoel worden aangebracht voor het op afstand bedienen van zaken in de omgeving van de rolstoelgebruiker, zoals het openen van de deur, het aanknippen van het licht, het bedienen van de telefoon, televisie, computer e.d. De kosten die verband houden met dergelijke voorzieningen kunnen niet worden aangemerkt als paskosten in de zin van dit besluit. De vergoeding voor deze voorzieningen is aan het algemene tarief onderworpen.