Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling accountantswerkzaamheden Meststoffenwet 2001[Regeling vervallen per 24-01-2004.]

Geldend van 30-12-2001 t/m 23-01-2004

Regeling accountantswerkzaamheden Meststoffenwet 2001

De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Gelet op artikel 53, onderdeel e, van de Meststoffenwet;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 24-01-2004]

In deze regeling wordt onder `wet' verstaan: Meststoffenwet.

Artikel 2 [Vervallen per 24-01-2004]

  • 1 De verklaring, bedoeld in artikel 42a, eerste lid, van de wet is een rapport van bevindingen dat wordt opgesteld op basis van de uitkomsten van een onderzoek van de desbetreffende aangifte.

  • 2 Het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, vindt met betrekking tot de aangifte over het jaar 2001 plaats overeenkomstig het Protocol voor de accountantswerkzaamheden in het kader van het mineralenaangiftesysteem 2001, dat is opgenomen in de bijlage bij deze regeling.

Artikel 3 [Vervallen per 24-01-2004]

Het rapport van bevindingen met betrekking tot de aangifte wordt gesteld op een daartoe bestemd, door het Bureau Heffingen op verzoek van de heffingsplichtige of een registeraccountant of accountant-administratieconsulent ter beschikking gesteld formulier, dat overeenkomstig de op het formulier aangegeven wijze volledig en naar waarheid is ingevuld en door een als openbaar accountant of overheidsaccountant optredende registeraccountant of accountant-administratieconsulent is ondertekend.

Artikel 4 [Vervallen per 24-01-2004]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 5 [Vervallen per 24-01-2004]

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling accountantswerkzaamheden Meststoffenwet 2001.

Deze regeling zal met de toelichting en de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

L.J. Brinkhorst

Bijlage [Vervallen per 24-01-2004]

Protocol voor de accountantswerkzaamheden in het kader van het mineralenaangiftesysteem 2001

Bijlage bij de Regeling vaststelling accountantswerkzaamheden mineralenaangiftesysteem Meststoffenwet 2001

1. Kader [Vervallen per 24-01-2004]

De controle van de in de Meststoffenwet bedoelde mineralenaangifte heeft ten doel vast te stellen of de aangegeven belastbare hoeveelheden juist zijn. Juistheid moet in dit verband als volgt worden geïnterpreteerd:

  • voor de aanvoerzijde: zijn binnen de systematiek van de wet alle aanvoertransacties daadwerkelijk in de aangifte opgenomen, de kilogrammen fosfaat en stikstof voor de juiste hoeveelheden verantwoord en in overeenstemming met de daarop van toepassing zijnde wettelijke regels bepaald (juist en volledig);

  • voor de afvoerzijde: zijn binnen de systematiek van de wet de vermelde hoeveelheden op de aangifte daadwerkelijk afgevoerd, de kilogrammen fosfaat en stikstof voor de juiste hoeveelheden verantwoord en in overeenstemming met de daarop van toepassing zijnde wettelijke regels bepaald (juistheid).

Meer specifiek komt dat neer op de vraag of de in de tabel opgenomen stromen en standen in kilogrammen fosfaat en stikstof aan de aanvoerzijde juist en volledig en aan de afvoerzijde juist in de aangifte zijn verantwoord.

Verfijnde aangifte Forfaitaire aangifte
 

• De productie van fosfaat en stikstof door eigen dieren

• de aan- en afvoer van dierlijke meststoffen

• de aan- en afvoer van dierlijke meststoffen

• de aanvoer van overige organische meststoffen

• de aanvoer van overige organische meststoffen

• de aanvoer van andere meststoffen

• de aanvoer van andere meststoffen

• de aanvoer van mengvoer

• de aan- en afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer

• de aan- en afvoer van dieren

• de afvoer van dierlijke producten

• de afvoer dan wel de voor afvoer bestemde akker- en tuinbouwproducten

• Opname door het gewas

• De aan- en afvoer in verband met het in- en uitscharen van vee

• De aan- en afvoer in verband met het in- en uitscharen van vee

• het toegestane fosfaat- en stikstofverlies naar de grond

• het toegestane fosfaat- en stikstofverlies naar de grond

• het stikstofverlies per dier

• het stikstofverlies per dier

• de begin- en eindvoorraden (facultatief en onder voorwaarden)

 

De in de aangifte verantwoorde aan- en afvoer van fosfaat en stikstof hoeft niet gelijk te zijn aan de werkelijke hoeveelheden fosfaat en stikstof op bedrijfsniveau. De wettelijke regels sluiten immers een dergelijke overeenstemming deels uit.

De aangifteplichtige is zelf verantwoordelijk voor de juistheid van zijn aangifte. Hij mag bij het invullen geen andere tolerantie hanteren dan die voortvloeit uit de systematiek van de wet.

De uitvoering van de controle op de aangifte en het invulling geven aan de controledoelen komt te liggen bij een drietal instanties namelijk Bureau Heffingen (BH), de Algemene Inspectiedienst (AID) en de openbare accountant.

De door de accountant te verrichten werkzaamheden, bedoeld in artikel 42a en 53 van de Meststoffenwet geeft mede invulling aan het bereiken van de totale controledoelen zoals door de overheid gesteld. De taken van de accountant zijn in dit protocol vastgelegd. Het protocol beschrijft per onderdeel van de aangifte de door de accountant specifiek uit te voeren werkzaamheden. De accountant geeft per overeengekomen werkzaamheid de resultaten weer in een rapport van bevindingen.

Dit rapport heeft als doel het voor belanghebbende instanties mogelijk maken zich een oordeel te vormen over de juistheid van de mineralenaangifte, in aanmerking genomen de door wet- en regelgeving gestelde eisen en de reikwijdte van het protocol van werkzaamheden.

De accountant doet geen uitspraak en verstrekt geen zekerheid over de juistheid en volledigheid van de afzonderlijk aan- en afvoerposten en daardoor ook niet over de aangifte als geheel. De accountant rapporteert slechts zijn bevindingen, waaraan geen zekerheid kan worden ontleend anders dan ter zake van de aspecten welke in overeenstemming met de in het protocol opgenomen werkzaamheden zijn onderzocht.

2. Speciek van toepassing zijnde regelgeving [Vervallen per 24-01-2004]

Hiervoor wordt verwezen naar naar het onderdeel regelgeving van de afzonderlijke modules en meer uitgebreid naar www.minlnv.nl.

3. De opzet van het protocol [Vervallen per 24-01-2004]

De totale in te zetten controle-inspanning is een zaak van de overheid en de uitvoerende instanties. De effectiviteit en de aard en omvang van de door Bureau Heffingen, AID en de accountants uit te voeren controlemaatregelen zijn uiteraard sterk afhankelijk van:

  • de beschikbaarheid van betrouwbare interne basisgegevens en adequate bedrijfsinformatie

    (o.a. toegankelijkheid en effectiviteit);

  • de beschikbaarheid van betrouwbare keteninformatie;

  • de inschatting van de kans op fouten op grond van:

    • -

      kennis van de bedrijfsactiviteiten en bijzondere gebeurtenissen

    • -

      de inventarisatie van de controleomgeving (onderneming en ondernemer);

    • -

      de inventarisatie van de administratieve omgeving;

    • -

      de resultaten van cijferbeoordelingen.

Het eerste onderdeel vereist een toereikende administratieve organisatie in de bedrijven en normatieve interne en externe kengetallen. Op het primaire bedrijf zijn de administratief organisatorische maatregelen beperkt (inherent aan het gemiddeld kleine agrarische bedrijf).

Om de controlemogelijkheden uit te breiden, zal voor bepaalde mineralenstromen aanvullende informatie uit de keten beschikbaar komen. In de Meststoffenwet is dat onder andere geregeld voor dierlijke mest en het veevoer. Hiertoe dient het tweede onderdeel. De uitbreiding van de controle naar de leveranciers en afnemers van het primaire bedrijf, wordt uitgevoerd door BH en de AID. Die controlemaatregelen zijn niet in het protocol opgenomen.

Het derde onderdeel is gericht op de (inherente) risico-inventarisatie van individuele bedrijven, waarvan de uitkomsten bepalend zullen zijn voor de aansturing en de te leggen accenten van de voor dat specifieke bedrijf te verrichten werkzaamheden. Voorbeelden van elementen die in de risico-inventarisatie aan de orde kunnen komen zijn onder andere, de aard van de ondernemingsactiviteiten, al dan niet in combinatie met meerdere mestnummers, van toepassing zijnde specifieke regelingen, de wijze van mestopslag, samenwerkingsverbanden, grondgebruik op basis van bijzondere titels of grond in het buitenland, import of export van goederen en speciale gebeurtenissen in het kalenderjaar. Dit alles in het licht van het van toepassing zijnde regime. De risico-inventarisatie is uitsluitend bedoeld om in kaart te brengen welke aan- en/of afvoerposten op grond van specifieke omstandigheden extra foutenkansen met zich mee kunnen brengen en daardoor extra aandacht behoeven bij de uitvoering van de werkzaamheden. De inventarisatie is niet bedoeld om op basis van de aard en omvang van de aan en/of afvoerpost een materialiteitsafweging te maken en op die gronden bepaalde werkzaamheden achterwege te laten.

Het protocol voor de specifieke werkzaamheden van de accountant is limitatief en met name gericht op elementen van het eerste en het derde onderdeel.

De controledoelstellingen zoals die in het protocol zijn opgenomen, zijn einddoelen die moeten worden bereikt door de controle-inspanningen van zowel Bureau Heffingen, AID als de openbare accountant. Alleen de werkzaamheden van de accountant zijn in het protocol nader uitgewerkt.

Bij het bepalen van die werkzaamheden zijn de volgende afwegingen gemaakt:

  • wat is het belang van de post in de aangifte;

  • wat zijn de controleaandachtspunten en controleknelpunten;

  • welke controlewerkzaamheden kunnen efficiënt en effectief worden verricht door Bureau Heffingen en de AID;

  • welke door de accountant te verrichten specifieke werkzaamheden kunnen de betrouwbaarheid van die post verhogen.

De door de accountant te verrichten werkzaamheden bestaan uit:

  • Onderzoek gericht op de naleving van wet- en regelgeving en daarin voorgeschreven procedures, formaliteiten en administraties binnen het kader van het mineralenaangiftesysteem;

  • Onderzoek gericht op de uitkomsten van de gevoerde administraties zoals die nader zijn aangeduid in toelichting van de module 7.01.

De aard van sommige in het protocol opgenomen werkzaamheden houden een zekere mate van tolerantie bij de uitvoering in. Werkzaamheden waarbij geen integraal onderzoek wordt verlangd, leiden tot een minder nauwkeurig oordeel over de uitkomsten van het onderzoek. In hoofdstuk 5 en de toelichting op de uit te voeren werkzaamheden is aangegeven op welke wijze daarover moet worden gerapporteerd.

Het hierna uitgewerkte protocol is opgedeeld naar te onderzoeken deelgebied en per deelgebied als volgt ingedeeld:

  • identificatie van het onderdeel waar de werkzaamheden zich op richten;

  • een verwijzing naar de regelgeving van dit onderdeel;

  • de algehele te bereiken controledoelstellingen (Bureau Heffingen, AID en accountant tezamen) met betrekking tot dit onderdeel;

  • de door de accountant uit te voeren werkzaamheden voor dit onderdeel;

  • een aanvullende toelichting gericht op de werkzaamheden van de accountant.

4. De betekenis van de financiële administratie voor de te verrichten werkzaamheden [Vervallen per 24-01-2004]

De in de Meststoffenwet genoemde aan- en afvoerposten dienen in de berekening van de belastbare hoeveelheid mineralen betrokken te worden op het moment van de feitelijke aan- en of afvoer. Voor zover relevant zullen uit bescheiden de hoeveelheden product en de gehalten moeten blijken. Voor het vaststellen van het feit of aan- en/of afvoer heeft plaatsgevonden en de daarmee verband houdende hoeveelheden, kunnen de bescheiden (facturen, ontvangsten en betalingen) uit de financiële administratie een belangrijk aanknopingspunt bieden. Ook kan de accountant bij het uitvoeren van zijn specifieke werkzaamheden voor de mineralenaangifte, mede steunen op uitkomsten van cijferbeoordelingen en andere controlemiddelen bij de controle, beoordeling of samenstelling van de jaarrekening. Volledige conformiteit tussen de mineralenaangifte en de financiële admini-stratie is echter niet vereist en is ook niet altijd aan de orde.

Geredeneerd vanuit de tendentie om de aanvoer zo laag mogelijk op te voeren, zal het betrekken van de financiële administratie in de werkzaamheden erop gericht zijn vast te stellen of er niet meer is aangevoerd dan in de aangifte is verantwoord. Aan de afvoerzijde richt zich dat op de vraag of er feitelijk minder is afgevoerd. Het komt echter voor dat aan- of afvoer niet tot een financiële afrekening leidt of dat de aangifteplichtige om hem moverende redenen één of meerdere transacties met een te verwachten financiële component niet of niet volledig in de financiële administratie opneemt. Deze transacties moeten door de aangifteplichtige wel als aan- of afvoer zijn opgenomen in de mineralenaangifte.

Maatgevend voor het oordeel van de accountant is dan niet de ontbrekende conformiteit, maar de vraag of de aangifteplichtige aan de afvoerzijde met voldoende bescheiden de daadwerkelijke afvoer heeft aangetoond en aan de aanvoerzijde het vermoeden van niet-verantwoorde aanvoer voldoende kan weerleggen.

Aan de afvoerzijde kan dit aspect zich met name manifesteren bij contante verkoop van dieren en dierlijke producten. Aan de aanvoerzijde ligt het accent meer op verborgen aanvoer, door bijvoorbeeld verrekening met andere prestaties of ruiltransacties.

5. Rapport van bevindingen [Vervallen per 24-01-2004]

5.1. Wijze van rapporteren van bevindingen

Het protocol voor de accountantswerkzaamheden in het kader van het mineralenaangiftesysteem is aan te merken als een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. De formulering van de bevindingen van uitgevoerde werkzaamheden per aan- en afvoerpost dient te zijn afgestemd op de doelstelling van het onderzoek van de betreffende post in relatie tot de uit te voeren werkzaamheden.

De beschrijving van de feitelijke bevindingen van de gevonden fouten en afwijkingen in het rapport van bevindingen is zodanig gedetailleerd dat de opdrachtgever en instanties zich een oordeel kunnen vormen over de juistheid van de mineralenaangifte, in aanmerking nemende de reikwijdte van het protocol van werkzaamheden en de eisen zoals die voortvloeien uit de wet en regelgeving.

Voor het vormen van een evenwichtig oordeel, is het derhalve van belang bij de formulering van de bevindingen aandacht te besteden aan de aard, de context en het belang van de aangetroffen fout.

Bevindingen dienen per afzonderlijke aan- en afvoerpost te worden weergegeven. Voor zover een bevinding bij een bepaalde aan- of afvoerpost gevolgen heeft voor een andere aan- of afvoerpost, dient dat in de bevinding van elke post tot uitdrukking te komen. Voor de beschrijving en achtergronden mag in dat geval worden verwezen naar de post waarbij de toelichting is gegeven

De accountant moet in concrete vorm, dat wil zeggen in, kilogrammen fosfaat en stikstof en soms in hoeveelheden product, hectaren (akker- en tuinbouwproducten), dierdagen (in- en uitscharen) en geldbedragen de aard en omvang van de geconstateerde fout of verschil kwantificeren.

De vermelding van geldbedragen komt met name aan de orde als uit documenten onvoldoende gehalten of hoeveelheden zijn af te leiden. Door de vermelding van geldbedragen al dan niet in combinatie met hoeveelheden product kan worden nagegaan of de door de aangifteplichtige afgeleide omrekeningen aanvaardbaar zijn.

Bevindingen naar aanleiding van onderzoekswerkzaamheden gericht op de naleving van wet- en regelgeving en daarin voorgeschreven procedures, formaliteiten en administraties binnen het kader van het mineralenaangiftesysteem, beschrijven de geconstateerde feitelijke tekortkomingen naar aard, omvang en voor zover relevant de omstandigheden en achtergronden. Als cijferbeoordelingen en verbandcontroles onwaarschijnlijke uitkomsten opleveren en op grond daarvan fouten worden vermoed en nadere verifieerbaarheid niet mogelijk is, worden de uitkomsten waarop het vermoeden is gebaseerd in de bevindingen weergegeven.

In de toelichting op de afzonderlijke modules zijn bij een aantal modules nadere aanwijzingen voor bevindingen opgenomen. Indien de uitgevoerde werkzaamheden van een specifieke module geen aanleiding geven tot het opnemen van een bevinding, dan blijft vermelding ervan in het rapport van bevinding beperkt tot het aankruisen van de “nee” indicatie op het voorgeschreven formulier.

Alle relevante tekortkomingen dienen te worden vermeld. Daarbij kunnen de volgende fouten worden onderscheiden:

  • onjuistheden als gevolg van vastleggingsfouten, rekenfouten, onjuiste toepassing van normen en dergelijke;

  • fouten als gevolg van onjuiste uitvoering van de Meststoffenwet, aanvullende regelingen en besluiten;

  • fraude.

De eerste categorie fouten kan de aangifteplichtige op grond van de uitkomsten van het onderzoek nog in zijn aangifte corrigeren. Deze onjuistheden komen alleen tot uitdrukking in het rapport van bevindingen van de accountant, als de aangifteplichtige weigert deze in zijn aangifte te herstellen.

De tweede categorie fouten kan niet tot herstel leiden. Het onjuist handelen is een feit en niet meer corrigeerbaar. De aard en omvang van deze fouten moet de accountant altijd in zijn rapport tot uitdrukking brengen.

Als de accountant bij de uitvoering van de in het protocol opgenomen onderzoekswerkzaamheden fraude constateert past de accountant de richtlijn 240 “Fraude en onjuistheden” van het NIVRA en bestuursaanbeveling 3.1.3 van de NOVAA toe. Gelet op het opdrachtkader van het protocol (overeengekomen specifieke werkzaamheden) is op grond van de richtlijn 240 de verordening op de fraudemelding, in het bijzonder artikel 3 van deze verordening, niet van toepassing. Voor zover de aangifteplichtige de fraude ongedaan maakt en de MINAS-aangifte conform de feiten invult, blijven bevindingen met betrekking tot de geconstateerde fouten in het rapport van bevindingen achterwege.

Voor zover bij het uitvoeren van de opgedragen werkzaamheden fouten aan het licht komen, die vallen buiten het kader van de opgedragen onderzoekswerkzaamheden, blijft vermelding daarvan in het rapport van bevindingen achterwege.

Afhankelijk van de wijze waarop aangifte wordt gedaan - forfaitair of verfijnd - maakt de accountant voor het opmaken van het rapport van bevindingen gebruik van het daarvoor bestemde formulier dat bij het Bureau Heffingen verkrijgbaar is.

5.2. Bevoegdheid tot het afgeven van het rapport van bevindingen

Het rapport van bevindingen mag uitsluitend worden afgegeven door een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent die optreedt als openbaar accountant of overheidsaccountant.

6. Opgenomen deelprotocollen (verfijnde en forfaitaire aangifte) [Vervallen per 24-01-2004]

  Algemeen

7.01

Administratieve systemen

7.02

Saldoregistratie dieren

7.03

Registratie grond

   
  Verfijnd

7.1.1

Dierlijke meststoffen

7.1.2

Overige organische meststoffen

7.1.3

Andere meststoffen

7.1.4

Mengvoer

7.1.5

Ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer

7.1.6

Dieren

7.1.7

Dierlijke producten

7.1.8

Akker- en tuinbouwproducten

7.1.9

In- en uitscharen van dieren

7.1.10

Facultatieve begin- en eindvoorraad dierlijke mest bij aangewezen bedrijfssystemen

   
  Forfaitair

7.2.1

Aanvoer van dierlijke mest

7.2.2

Afvoer van dierlijke mest

7.2.3

Overige organische meststoffen

7.2.4

Andere meststoffen

7.2.5

Productie van fosfaat en stikstof

7.2.6

Opname door het gewas (alleen uit te voeren als de veesaldoadministratie en grondkaart handmatig worden bijgehouden)

7.2.7

In- en uitscharen van dieren

   
  Algemene correcties

7.3.1

Toegestane fosfaat- en stikstofverliezen naar de grond (alleen uit te voeren als de veesaldo- administratie en grondkaart handmatig worden bijgehouden)

7.3.2

Stikstofcorrectie per dier (alleen uit te voeren als de veesaldoadministratie en grondkaart handmatig worden bijgehouden)

   

7.0.1. Administratieve systeem [Vervallen per 24-01-2004]

Algemeen

1. Regelgeving

- Artikel 41, tweede lid, van de Meststoffenwet jo. artikel 52, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;

 

- Artikelen 2-5 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;

 

- Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet.

   

2. Doel

(Bureau Heffingen AID, accountant)

- Vaststellen of het administratieve systeem rond de mineralenaangifte voldoet aan zodanige eisen dat de te verrichten werkzaamheden voor de aangifte mogelijk zijn.

   

3. Door accoutant uit te

Vaststellen:

voeren werkzaamheden

- dat er, gegeven het toegepaste regime, over het gehele aangiftejaar een administratief systeem is gevoerd dat aan de gestelde voorschriften voldoet, waaronder de aanwezigheid van voldoende bewijsstukken in de vorm van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers;

- dat deze administratie op zodanige wijze is ingericht en de brondocumenten zodanig zijn bewaard dat te allen tijde de voor de belastbare hoeveelheid mineralen van belang zijnde gegevens per mestnummer hieruit zijn af te leiden;

- of in relatie met specifieke werkzaamheden van aan- en afvoerposten is gebleken dat transacties onjuist aan de aangifteperiode en/of mestnummer zijn toegerekend.

4. Toelichting

- Het gaat om het gehele administratieve systeem dat ten grondslag ligt aan de mineralenaangifte van belang voor het onderzoek van de accountant. Niet alleen de vormvrije “MINAS-boekhouding” en de voorgeschreven registraties vallen hieronder, maar ook de financiÎle administratie. Andere dan financiÎle administraties (bij voorbeeld technische administraties, gevoerd op het bedrijf of bij derden), kunnen ook onderdeel uitmaken van het geheel van administratieve systemen, indien deze mede worden gebruikt voor het voeren van (delen van) de MINAS-boekhouding, of wanneer aan- of afvoerposten in de MINAS-aangifte daaruit zijn afgeleid.

- Als één financieel of technisch systeem betrekking heeft op meerdere aangiften, dan moet het gehele systeem zodanig zijn ingericht dat de audittrail van aan- en afvoertransacties per aangifte is gewaarborgd en deze transacties zodanig met bewijsstukken zijn onderbouwd dat de te verrichten werkzaamheden gericht op de toerekening aan de individuele aangifte voldoende uitvoerbaar zijn.

- Het toerekenen van de aan- en afvoerposten aan de juiste aangifteperioden en mestnummer, is een onderzoekselement bij elke aan- en afvoerpost van de aangifte. Om aanhaling van dit onderdeel bij elke specifieke post te vermijden, isdeze werkzaamheid opgenomen in deze module van het protocol. De onderzoekswerkzaamheden voor dit onderdeel van het protocol beperken zich in eerste instantie tot de documenten en de uitkomsten van uitgevoerde werkzaamheden voor zover die betrekking hebben op het overeengekomen protocol. Indien daaruit aanwijzingen naar voren komen van een onjuiste toerekening, dan dient verder onderzoek plaats te vinden.

7.0.2. Saldoregistratie dieren [Vervallen per 24-01-2004]

Algemeen

1. Regelgeving Artikelen 2-5 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;

Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet

2. Doel Vaststellen of de dieradministratie is gevoerd volgens de voorschriften en een oordeel

(Bureau Heffingen, te krijgen over de juistheid en de volledigheid van de verantwoording van de daarin

AID, accountant) opgenomen mutaties

3. Door accountant uit te voeren werkzaamheden

Vaststellen:

- dat er, gegeven het toegepaste regime, over het aangiftejaar de voorgeschreven saldoregistratie aanwezig is en in overeenstemming met de regelgeving is ingericht;

- dat de categorie-indelingen correct zijn (volgens de indeling van bijlage A van de Meststoffenwet en aansluitend op de aard van het bedrijf);

- Dat de categorieovergangen (doorgroeimomenten) geen onevenwichtigheden vertonen (in overeenstemming met bedrijfsactiviteiten en de normaal te achten bedrijfsvoering, via cijferbeoordeling en vergelijking met interne en externe normen te beoordelen)

- dat er in de saldo-registratie geen in- en uitschaarmutaties van vee zijn opgenomen;

- dat cijferbeoordelingen en verbandscontroles geen indicaties geven van onjuistheden in gegevensvastleggingen.

- De mutaties in totalen waar mogelijk aansluiten op gegevens in andere administraties bij voorbeeld de financiële administratie, managementsystemen, technische administraties of opgaven uit externe gegevensbronnen, naar gelangde relevantie en bruikbaarheid van deze bronnen.

- dat de individuele aan- en afvoermutaties door voldoende duidelijke bescheiden zijn onderbouwd (deelwaarnemingen: zie toelichting);

- de gemiddelde bezetting op correcte wijze is berekend en de aantallen aan het begin van het kalenderjaar aansluiten op de eindstand van het vorige kalenderjaar

4. Toelichting - De voorgeschreven saldoregistratie kan bestaan uit de veesaldokaart, de veesaldodiskette of een ander geautomatiseerd systeem dat minimaal dezelfde gegevens op dezelfde wijze vastlegt en berekent. Voor de extensieve veehouderijen en de natuurbeherende organisaties kan de saldoregistratie bestaan uit de diertelkaart. Voor natuurbeherende organisaties geldt een nog verdergaande mogelijkheid, namelijk maar een keer per jaar tellen.

- Een betrouwbare saldoregistratie dieren is een belangrijk controlehulpmiddel en vormt de grondslag voor een aantal aangifteposten. De accountant legt totaalverbanden tussen de mutaties op de veesaldoadministratie met andere bronnendie kunnen bestaan uit de financiële administratie, managementsystemen, de destructiebonnen en andere opgaven van derden, afhankelijk van de mutatiesoort, relevantie en bruikbaarheid van de bron. Het vaststellen van de relevante en bruikbare bronnen maakt onderdeel uit van de module administratieve systemen. Voorbeelden van verbandscontroles en cijferbeoordelingen zijn verbanden van het verloop van de veestapel, cijferbeoordelingen gericht op geboorte en sterfte, categorie-overgangen in relatie tot omvang, de productie en de kosten en opbrengsten en daaraan gerelateerde kengetallen

- Verschillen in totaalaansluitingen met andere administraties bepalen de mate waarin detailwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Indien verschillen in de totaalcontrole zijn geanalyseerd en verklaard en zo nodig correcties zijn doorgevoerd, is sprake van een sluitende totaalcontrole.

- Deelwaarnemingen bestaan uit detailcontroles van de aan- en afvoermutaties in de saldoregistratie dieren met de brondocumenten. Tot de aan- en afvoermutaties behoren de aan- en verkoop van dieren en de afvoer van dode dieren. De teonderzoeken elementen zijn:

- Behoren de dieren tot het betreffende mestnummer (met name relevant bij houders van meerdere mestnummers);

- Is de mutatiedatum in de saldoregistratie in overeenstemming met de aan- of afvoerdatum op het brondocument;

- Is de juiste diercategorie gebruikt;

- Indien gecombineerd met module 7.1.6 (aan- en afvoer van dieren) de juiste normen zijn gebruikt;

- De onderzoekswerkzaamheden van de veesaldoadministratie kunnen worden gecombineerd met die van de aan- en afvoer van dieren (zie de module7.1.6)

- De omvang van de uit te voeren deelwaarneming is als volgt:

- Bij een zo goed als sluitende totaalcontrole en geen foutenindicaties vanuit de cijferbeoordeling en verbandscontroles, 10% van het totale aantal mutaties met een minimum van 10 mutatieregels (of zoveel minder indien het totale aantal kleiner is) en een maximum van 20 mutatieregels. In andere gevallen 20% van de mutaties met een minimum van 15 mutatieregels (of zoveel minder indien het totale aantal kleiner is) en een maximum van 35 mutatieregels

- De deelwaarneming mag plaats vinden via de blokmethode (aaneengesloten deel van een jaarperiode) of via willekeurige trekking vanuit de saldoregistratie. Het totale aantal mutaties is het totaal van het aantal aan- en afgevoerde dieren. Voor zover jonggeborenen behoren tot de categorie van de ouderdieren, worden die bij de bepaling van het aantal te onderzoeken mutaties in de veesaldoadministratie buiten beschouwing gelaten (geen mutatie op de veesaldokaart). De deelwaarnemingen op de afvoer van het aantal jonggeborenen behorende tot de dezelfde categorie als de ouderdieren, is nader uitgewerkt bij de module 7.1.6.

- Het totale aantal mutatieregels is het aantal regels op de veesaldokaart exclusief de mutatieregels voor categorieovergang en geboorte.

- De controle op mutaties in verband met geboorte en categorieovergangen vindt plaats via de cijferbeoordelingen.

- Bij het uitvoeren van deelwaarnemingen zijn mutaties waarvan geen brondocumenten aanwezig zijn of waarbij op brondocumenten de te onderzoeken gegevens ontbreken of niet zijn af te leiden als fout aan te merken. Aard en omvang van dit type fouten dient in het rapport van bevindingen tot uitdrukking te komen, waarbij het tevens van belang is aan te geven of het incidentele gevallen betreft of systematisch voorkomt bij één of meerdere leveranciers en afnemers. Deze fouten kunnen ook van invloed zijn op de bewijslast voor de afvoer van dieren. Vermelding in het rapport van bevindingen van fouten die zijn aan te merken als accuratesse fouten zoals omrekenfouten, onjuiste toepassing van de normen, het abusievelijk aanhouden van een onjuiste mutatiedatum, kan achterwege blijven indien de fouten zijn hersteld en de invloed ervan op het gemiddelde aantal aanwezige dieren of daarmee verband houdende aan- en afvoerposten van dieren van te verwaarlozen betekenis is, voor het desbetreffende kalenderjaar. Als er evenwel wel sprake is van systematische accuratessefouten (bewust of onbewust), die na controle zijn gecorrigeerd, maar voordat tot correctie is overgegaan deze fouten een wezenlijke invloed hadden op het gemiddelde aantal aanwezige dieren en/of daarmee veband houdende aan- en afvoerposten van dieren, dan dient de aard van deze fouten eveneens in het rapport van bevindingen tot uiting te komen.

- Bij een niet juist ingerichte en bijgehouden saldoregistratie kan de accountant afzien van het verrichten van verdere werkzaamheden op de posten van de aangifte.

7.0.3. Registratie grond [Vervallen per 24-01-2004]

Algemeen

1. Regelgeving - Artikelen 2-5 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;

- Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet.

2. Doel - Vaststellen of grondadministratie is gevoerd volgens de voorschriften en een

(Bureau Heffingen, oordeel te krijgen over juistheid en volledigheid van de daarin opgenomen mutaties

AID, accountant)

3. Door accountant uit te voeren werkzaamheden

Vaststellen:

- dat er, gegeven het toegepaste regime, over het aangiftejaar de voorgeschreven grondadministratie aanwezig is en in overeenstemming met de regelgeving is ingericht;

- dat het in de aangifte opgegeven aantal ha's in gemeten maat overeenstemt met hetgeen in de grondadministratie is verantwoord;

- dat op grond van beschikbare documenten (bij voorbeeld MacSharry aanvragen, meitellingen, waterschapsnota`s en teeltplannen) niet is gebleken dat de hoeveelheid ha's in gemeten maat te hoog is opgegeven;

- dat de indeling naar juridische titel overeenstemt met de overeenkomsten, eigendomsbewijzen en andere in de regelgeving genoemde documenten ter zake en slechts die gronden in aanmerking zijn genomen zoals genoemd in de wet (integraal onderzoek);

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van aan- en afvoerposten is gebleken dat de in het kalenderjaar de op grond van de juridische titel tot het aangifteplichtige bedrijf behorende gronden, niet daadwerkelijk doordie aangifteplichtige zijn gebruikt (indeling naar gebruik is niet in overeenstemming met het feitelijke gebruik);

- de mutatiedatum in de grondadministratie in overeenstemming is met die op het brondocument en op het juiste mestnummer is gemuteerd (met name relevant bij meerdere mestnummers) (integraal onderzoek).

- Dat op grond van de bedrijfsgegevens de indeling naar grasland, bouwland, braakland en natuurterreinen met beheerregime juist is;

- het gemiddelde aantal ha's correct is berekend en het aantal ha's op de eerste teldatum van het kalenderjaar aansluit op de laatste telling van het vorige kalenderjaar aangevuld met de door bewijsstukken onderbouwde wijzigingen na de laatste telling in het vorige kalenderjaar.

4. Toelichting - Een betrouwbare registratie grond is een belangrijk controlehulpmiddel en vormt de grondslag voor een aantal aangifteposten

- De voorgeschreven grondregistratie kan bestaan uit de grondkaart, de veesaldodiskette of een ander geautomatiseerd systeem dat minimaal dezelfde gegevens op dezelfde wijze vastlegt en berekent.

- Het onderzoek met de brondocumenten is integraal omdat het aantal mutaties per kalenderjaar per mestnummer relatief gering is.

- Afwijkingen van registraties bij Bureau Heffingen behoeven niet gerapporteerd te worden.

- Bij een niet juist ingerichte en bijgehouden grondregistratie kan de accountant afzien van het verrichten van verdere werkzaamheden op de posten van de aangifte.

7.1.1. Dierlijke mest (aanvoer en afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Afleveringsbewijs en kwartaaloverzichten: paragraaf 3 van het Besluit administratieve verplichtingen;

- Bemonstering en analyse: Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke meststoffen en overige organische meststoffen;

- Erkenning monsternemers: Regeling erkenning monsternemers Meststoffenwet;

- Artikelen D3, D4, eerste lid, van bijlage D bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer en afvoer van de hoeveelheid mineralen in dierlijke mest

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte zijn opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden dierlijke

mest in kg fosfaat en stikstof juist en volledig;

- is de verantwoording in de aangifte van de afgevoerde hoeveelheden dierlijke mest in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de aan- en afgevoerde hoeveelheden dierlijke mest in kg fosfaat en stikstof

aansluiten op de opgaven volgens de afleveringsbewijzen en kwartaaloverzichten;

- aan elke aan- en afgevoerde hoeveelheid dierlijke mest een bemonsterings- en

analyserapport ten grondslag ligt en de analyses zijn uitgevoerd volgens de daarvoor geldende regelgeving.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aan- en afgevoerde kg fosfaat en stikstof uit

voeren werk- dierlijke mest aansluiten op de kwartaaloverzichten;

zaamheden - of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat er dierlijke mest is aangevoerd, maar die niet of onder een andere benaming (geheel of gesaldeerd) zijn verantwoord.

- Of bedrijven die daarvoor in aanmerking komen dierlijke mest hebben aan- of afgevoerd volgens het verlichte regime

4. Toelichting - De controle tussen afleveringsbewijzen, analyserapporten en beschikbare kwartaaloverzichten heeft tot doel vast te stellen dat de in de aangifte opgenomen transacties juist op de kwartaaloverzichten zijn gemeld (accuratessecontrole). De inhoudelijke controle en de controle op de volledigheid van de gemelde transacties verricht Bureau Heffingen.

- De controle is met name gericht op de geldigheidseisen. Deze eisen hebben betrekking op de aanwezigheid van een afleveringsbewijs, waar sprake is van bemonstering van mest door een erkende monsternemer, de aanwezigheid van een analyseverslag en het doen van een kwartaalopgave. De geldigheidseisen zijn niet geheel van toepassing op import- en export van dierlijke mest. Buitenlandse afnemers en leveranciers kunnen niet worden verplicht tot het invullen en ondertekenen van het afleveringsbewijs. Wel zal de aangifteplichtige moeten voldoen aan de eisen van bemonstering, analyse en het inleveren van een afleveringsbewijs en kwartaaloverzicht.

- De controle is met name gericht op de juiste verantwoording van de aan- of afgevoerde dierlijke mest volgens het verlichte regime. Stel op basis van de kwartaaloverzichten vast of er niet meer dierlijke mest volgens het verlichte regime is aan- of afgevoerd dan de hoeveelheden genoemd in de Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke en overige organische meststoffen. Ga tevens na of de daarvoor ingevulde afleveringsbewijzen geen fouten bevatten en het aannemelijk is dat de mest binnen de gestelde kilometergrens is afgevoerd.

7.1.2. Overige organische meststoffen (aanvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikel B1 van bijlage B bij de Meststoffenwet;

- Artikel D4, eerste lid, van bijlage D bij de Meststoffenwet;

- Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen;

- Paragraaf 4 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;

- Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke meststoffen en overige organische meststoffen.

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in overige organische mest-

(Bureau Heffingen, stoffen betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden overige

organische meststoffen in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de in de aangifte opgenomen aangevoerde hoeveelheden overige organische meststoffen in kilogrammen fosfaat en stikstof aansluiten bij de opgaven volgens de

afleveringsbewijzen en/of vastleggingen in de financiële administratie;

- aan elke aangevoerde hoeveelheid overige organische meststoffen een bemonsterings- en analyserapport per partij ten grondslag ligt en of die analyses zijn

uitgevoerd volgens de daarvoor geldende richtlijnen;

- er onder de afgevoerde kg fosfaat en stikstof in de aangifte geen afvoer van overige organische meststoffen is begrepen.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aangevoerde kg fosfaat en stikstof uit overige

voeren werk- organische meststoffen aansluiten op de afleveringsbewijzen en analyserapporten;

zaamheden - dat bij afwezigheid van afleveringsbewijzen het gaat om uitgezonderde vrachten

< 6000 kg compost;

- dat de aanvoertransacties van overige organische meststoffen in de mineralenaangifte alle aansluiten met transacties in de financiële administratie;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat organische meststoffen zijn afgevoerd en als zodanig gesaldeerd onder de aanvoer zijn opgenomen, dan wel onder een andere benaming onder de afvoer zijn begrepen;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat er organische meststoffen zijn aangevoerd, maar door vermelding van andere benamingen (geheel of gesaldeerd met andere leveringen of diensten) niet in de aangifte zijn verantwoord.

4. Toelichting - Overige organische meststoffen kunnen binnen de systematiek van de wet alleen worden aangevoerd. Een eventuele afvoer mag niet worden gesaldeerd met de aanvoer of op enigerlei wijze onder de afvoer zijn opgenomen;

- Alle aanvoer moet zijn voorzien van een afleveringsbewijs en een analyseverslag (per partij), tenzij het de aanvoer van partijen compost betreft die kleiner zijn dan 6000 kg product. Alle aanvoertransacties (ook < 6000 kg product) dienen in de aangifte worden verantwoord.

- Bij alle mutaties gaat het uitsluitend om aangewezen overige organische meststoffen zoals opgenomen in de regelgeving.

7.1.3. Andere meststoffen (aanvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikel B2 van bijlage B bij de Meststoffenwet;

- Artikel D4, tweede lid, van bijlage D bij de Meststoffenwet;

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in andere meststoffen

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden andere

meststoffen in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de aangevoerde hoeveelheden andere meststoffen in kilogrammen fosfaat en stikstof aansluiten bij de opgaven van leveranciers en/of de vastleggingen in de financiële administratie;

- er onder de afgevoerde kg fosfaat en stikstof in de aangifte geen afvoer van andere meststoffen is begrepen.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aangevoerde kilogrammen fosfaat en stikstof uit

voeren werk- andere meststoffen aansluiten op de opgaven van derden, facturen of andere

zaamheden bewijsstukken van leveranciers alsmede met de vastleggingen in de financiële

administratie;

- dat er bij elke in de aangifte opgenomen transactie met betrekking tot andere meststoffen een onderliggend document aanwezig is dat uitsluitsel geeft over de kilogrammen fosfaat en stikstof;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat andere meststoffen zijn afgevoerd en als zodanig gesaldeerd onder de aanvoer zijn opgenomen, dan wel onder een andere benaming onder de afvoer zijn begrepen;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat er andere meststoffen zijn aangevoerd, maar door vermelding van andere benamingen (geheel of gesaldeerd met andere leveringen ofdiensten) niet in de aangifte zijn verantwoord;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat andere meststoffen zijn aangevoerd, maar waarbij in tegenstelling met de feiten doelbewust een verschuiving van kilogram stikstof naar kilogram fosfaat heeft plaatsgevonden.

4. Toelichting - Andere meststoffen kunnen binnen de systematiek van de wet alleen worden aangevoerd. Een eventuele afvoer mag niet worden gesaldeerd met de aanvoer of op enigerlei wijze onder de afvoer zijn opgenomen.

- Voor andere meststoffen gelden binnen het kader van MINAS geen verplichte documenten, anders dan een factuur. In het kader van de onderzoekswerkzaamheden voor de mineralenaangifte is het echter van belang dat de facturen of aanvullende vrijwillig verstrekte overzichten informatie verschaffen over de relevante hoeveelheden mineralen. Indien dat niet aanwezig is, moet de omvang daarvan zijn gekwantificeerd.

- Aanvoer van andere meststoffen onder een andere benaming kan zich bijvoorbeeld voordoen, indien loonwerkers op de factuur een bewerking en bemesting in één

bedrag factureren.

7.1.4. Mengvoer (aanvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikelen D1, eerste lid, onderdeel b, en D5, eerste lid, en tabel II van bijlage D bij de Meststoffenwet;

- Regeling diervoeders Meststoffenwet;

- Productschap voor Veevoeder: Verordening VVR Erkenningsregeling MINAS leveranciers diervoeders 1997.

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in mengvoer betrouwbaar en

(Bureau Heffingen, geldig in de aangifte zijn opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van aangevoerd mengvoer in hoeveelheid kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de in de aangifte opgenomen aangevoerde kilogrammen fosfaat en stikstof in mengvoer aansluiten op de opgaven van erkende leveranciers;

- het aangevoerde mengvoer uitsluitend is betrokken van erkende leveranciers;

- er onder de afgevoerde kg fosfaat en stikstof in de aangifte geen mengvoer is

begrepen.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aangevoerde kg fosfaat en stikstof uit mengvoer

voeren werk- aansluiten op de door deze leveranciers verstrekte (cumulatieve) overzichten met

zaamheden de gehalten en overige uit de financiële administratie blijkende aanvoer van meng-

voer afkomstig van niet-erkende voerleveranciers of mengvoer van erkende voer-

leveranciers die op een of andere redenen niet op de voerjaaroverzichten zijn

opgenomen of alle mengvoer op het moment van levering is geleverd door

leveranciers zoals opgenomen op de lijst met erkende leveranciers van het PVVr;

- dat, indien aan dezelfde natuurlijke persoon, personenvennootschap of rechtspersoon meerdere mestnummers toebehoren voor alle mestnummers, met uitzondering van bedrijven waarvan de veebezetting op geen enkel moment in het kalenderjaar groter is dan drie grootvee-eenheden, het mengvoer is betrokken van erkende leveranciers

- of op grond van de beschikbare documenten of in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat mengvoer is afgevoerd en als zodanig gesaldeerd onder de aanvoer zijn opgenomen, dan wel onder eenandere benaming onder de afvoer zijn begrepen.

4. Toelichting - Alle mengvoer, (ook veevoeder voor de niet aangewezen diersoorten) moeten betrokken worden van erkende leveranciers, behalve als het bedrijven betreft waarvan de veebezetting op geen enkel moment in het kalenderjaar groter is dan drie grootvee-eenheden. De erkende voerleveranciers zijn verplicht de gehalten op de nota of aanvullende periodieke overzichten te vermelden. Dit betekent dat de aanvoer van mengvoer die aangegeven zijn naar gehalten overeen moet komen met de corres-ponderende jaaroverzichten van de transactiepartijen. Deze transactiepartijen moeten erkend zijn door PVVr.

- Het mengvoer voor de niet aangewezen diersoorten maakt geen onderdeel uit van de aangifte.

- Speciale aandacht verdienen leveringen op het einde van het kalenderjaar. Het komt voor dat deze geheel of gedeeltelijk op overzichten van leverancier van het volgende jaar staan. In dat geval is de datum van levering bepalend. De gehalten worden afgeleid uit het overzicht van de leverancier.

- Leveringen van niet-erkende leveranciers moeten wel onder de aanvoer worden opgenomen. De levering voldoet echter niet aan de formele eisen en leidt derhalve altijd tot een bevinding.

7.1.5. Ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer (aanvoer en afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikel D5, tweede lid, van bijlage D en tabel I bij de Meststoffenwet;

- Regeling diervoeders Meststoffenwet;

- Productschap voor Veevoeder: Verordening VVR Erkenningsregeling MINAS

leveranciers diervoeders 1997.

2. Doel Vaststellen of de hoeveelheid mineralen in ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte zijn opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van aangevoerde ruwvoer en/of enkelvoudig

diervoer in hoeveelheid in kg fosfaat en stikstof juist en volledig;

- is de verantwoording in de aangifte van de afgevoerde hoeveelheden ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de omrekening van aan- en afgevoerde hoeveelheden ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer naar kg fosfaat en stikstof tegen de juiste bij wet vastgestelde normen heeft plaatsgevonden;

- bij toepassing van werkelijke gehalten van het ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer genoemd in tabel I en II van bijlage D zijn betrokken of afgevoerd via erkende voerleveranciers onder de daarvoor geldende voorschriften;

- de afvoer zich heeft beperkt tot ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer van eigen teelt.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aan- en afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig

voeren werk- diervoer aansluiten op in de administratie(s) verantwoorde transacties;

zaamheden - of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat de vaststelling van de verantwoorde hoeveelheden aan- en afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer materiÎle fouten bevat;

- dat bij de omrekening van hoeveelheden ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer naar kilogrammen fosfaat en stikstof de juiste forfaitaire normen zijn toegepast en de omrekening overigens ook rekenkundig correct is;

- dat bij toepassing van de werkelijke gehalten de leveringen afkomstig zijn van of afgevoerd via erkende voerleveranciers, deze leveringen uitsluitend betrekking hebben op de limitatief genoemde veevoersoorten en de kilogrammen fosfaat en stikstof in de aangifte aansluiten op de overzichten van de erkende voerleveranciers;

- de afvoer uitsluitend betrekking heeft op de in tabel I bijlage D van de Meststoffenwet genoemde ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat de afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer geheel of gedeeltelijk niet afkomstig kan zijn van op het eigen bedrijf geteeldruwvoer en/of enkelvoudig diervoer;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat er ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer zijn aangevoerd, maar door vermelding van andere benamingen (geheel of gesaldeerd met andere leveringen of diensten, ruiltransacties of pacht) niet in de aangifte zijn verantwoord.

4. Toelichting - De hoeveelheid ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer worden in principe vastgesteld met behulp van forfaitaire normen. De aanvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer die aangegeven zijn naar de werkelijke gehalten moeten in ieder geval overeenkomen met de corresponderende jaaroverzichten van de transactiepartijen, die als erkend voerleverancier geregistreerd moeten zijn. Afvoer naar of via erkende leveranciers hoeven niet op het overzicht te staan.

- Voor ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer die niet van erkende voerleveranciers afkomstig zijn, gelden geen specifieke voorschriften voor weging of andere documenten anders dan voor de financiële administratie noodzakelijk is. Het is derhalve van belang dat de relevante aan- en afvoertransacties in elk geval aansluiten bij de transacties van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer volgens de financiële admini-stratie.

- Met betrekking tot de beoordeling van de hoeveelheden aan- en afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer, kan voor zover van toepassing en uitvoerbaar een correlatie worden gezocht met het teeltplan volgens de registratie grond,de hoeveelheid dieren en de productie. Een globale vergelijking met normen en ervaringscijfers volstaat.

- Afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer tegen de werkelijke gehalten is alleen mogelijk als ze zijn afgevoerd via een erkende voerleverancier.

- Afvoer van niet-ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer valt onder de afvoerpost akker- en tuinbouwproducten;

- Afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer is alleen toegestaan voor producten die op het eigen bedrijf zijn geteeld.

- Voor de producten wordt verwezen naar de tabellen I en II van bijlage D van de Meststoffenwet.

7.1.6. Dieren (aanvoer en afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikelen D1, eerste lid, onderdeel b, D2, eerste lid, onderdeel c, D6, en tabel IV en IVa van bijlage D bij de Meststoffenwet;

- Bijlage A bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aan- en afvoer van de hoeveelheid mineralen in dieren

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte zijn opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aantallen aangevoerde dieren al dan

niet in kg fosfaat en stikstof juist en volledig;

- is de verantwoording in de aangifte van de aantallen of kilogrammen afgevoerde dieren in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de aan- en afvoer van dieren overeenstemt met de mutaties in de saldoregistratie dieren;

- de omrekening van aan- en afgevoerde dieren naar kg fosfaat en stikstof tegen de juiste bij wet vastgestelde normen heeft plaatsgevonden.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de levend aan- en afgevoerde dieren, voor zover mogelijk, in totalen aansluit

voeren werk- op de onderzochte saldoregistratie dieren en de daarop betrekking hebbende aan-

zaamheden- en afvoer- documenten of vastleggingen bij derden die daarvoor in de plaats treden

alsmede de vastlegging in de financiële administratie

- bij diercategorieÎn waarbij jonggeborenen tot dezelfde categorie behoren als de ouderdieren, een aansluiting is te maken met brondocumenten waaruit aan- en afvoer blijkt en aansluiten op de vastlegging in de financiële administratie of vastlegging bij derden;

- bij dode dieren de afvoer blijkt uit bewijzen van het destructorbedrijf

- dat bij hantering van gewichten in plaats van aantal dieren, het aangehouden kilogram levend gewicht in relatie tot de veesoort en leeftijd van de dieren aanvaardbaar is;

- de omrekening van aan- en afgevoerde dieren naar kilogrammen fosfaat en stikstof tegen de juiste normen van tabel IV en IVa bijlage D van de Meststoffenwet heeft plaatsgevonden en de berekeningen overigens ook rekenkundig juist zijn.

4. Toelichting - De onderzoekswerkzaamheden van de aan- en afvoer van dieren kunnen worden gecombineerd met die van de veesaldoadministratie. Doordat bij bepaalde diercategorieën (onder andere 400 en 401) jonggeborenen tot dezelfde categorie worden gerekend als de ouderdieren, is geen één op één aansluiting mogelijk tussen de aan- en afvoer in de veesaldoadministratie en de aan- en afvoer van dieren in de MINAS-aangifte. Vandaar de tussenvoeging “voor zover mogelijk”, waarin het tweede gedachtestreepje van de werkzaamheden aandacht voor wordt gevraagd.

- Met vastleggingen bij derden worden onder andere I&R systemen bedoeld;

- De aansluitingen dient in eerste instantie in totalen plaats te vinden. Detailcontroles op gewichten en juiste toepassing van de nomen blijven beperkt tot deelwaarnemingen met documenten. Zie daarvoor de werkzaamheden bij de veesaldoadministratie.

- De aanvullende deelwaarneming op afvoer van de jonggeborenen die tot dezelfde categorie behoren als de ouderdieren is qua omvang gelijk aan die van de veesaldokaart zoals opgenomen bij module 7.02 (10% en 20% met de aldaar genoemdefoutrapportage)

- Significante verschillen in afvoer van dode dieren tussen de opgaven van de destructorbedrijven en de afvoer in de aangifte en/of veesaldokaart, dienen zoveel mogelijk naar oorzaak als bevinding te worden gerapporteerd;

- De omrekening van aan- en afvoer van dieren naar kilogram fosfaat en stikstof, kan plaats vinden op basis van een forfait per dier of per kilogram levend gewicht. In Tabel IV en IVa bijlage D van de Meststoffenwet is aangegeven welke forfaitaire gehalten in beide situaties gehanteerd moeten worden.

- Bij afvoer van dieren moet er rekening mee worden gehouden dat de afvoer niet altijd hoeft te leiden tot een financiële transactie (bijvoorbeeld de afvoer van dode dieren) of dat transacties geheel of gedeeltelijk buiten de financiële administratie zijn gehouden. Indien de aangifteplichtige meer afvoer heeft verantwoord dan uit de financiële administratie blijkt, dan is deze afvoer alleen als afvoer in de zin van de Meststoffenwet aan te merken, als uit documenten onomstotelijk de daadwerkelijk afvoer is aangetoond.

7.1.7. Dierlijke producten (afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikelen D2, eerste lid, onderdeel d, D7, en tabel V, van bijlage D bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de afvoer van de hoeveelheid mineralen in dierlijke producten betrouw-

(Bureau Heffingen, baar en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:.

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de afgevoerde hoeveelheden dierlijke

producten in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de verantwoorde hoeveelheden afgevoerd producten ook daadwerkelijk zijn

afgevoerd;

- de omrekening hoeveelheid dierlijke producten naar kg fosfaat en stikstof tegen de juiste bij wet vastgestelde normen heeft plaatsgevonden of, voor zover de wet dat toestaat, zijn gebaseerd op werkelijke gehalten, bepaald volgens de daarvoor geldende voorschriften.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat bij de omrekening van de hoeveelheid afgevoerde dierlijke producten naar

voeren werk- kilogrammen stikstof en fosfaat de juiste wettelijke normen zijn toegepast en de

zaamheden berekening overigens ook rekenkundig juist is uitgevoerd;

- of de werkelijke gehalten alleen zijn toegepast bij de daarvoor in Tabel V bijlage D van de Meststoffenwet aangewezen dierlijke producten en de aldaar opgenomen berekeningswijze juist is uitgevoerd;

- dat de afvoer van dierlijke producten in hoeveelheden product en/of aantal transacties aansluit bij de financiële administratie of voor zover die niet zijn opgenomen in de financiële administratie, die afvoer voldoende uit documenten blijkt;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten en cijferbeoordelingen is gebleken dat de hoeveelheid afgevoerde dierlijke producten fouten bevat.

4. Toelichting - Bij afvoer van dierlijke producten moet er rekening mee worden gehouden dat de afvoer niet altijd tot een financiële transactie hoeft te leiden (bijvoorbeeld bedorven en/of afgekeurde producten) of dat transacties geheel of gedeeltelijk buiten de financiële administratie zijn gehouden. Indien de aangifteplichtige meer afvoer heeft verantwoord dan uit de financiële administratie blijkt, dan is deze afvoer alleen als afvoer in de zin van de Meststoffenwet aan te merken, als uit documenten onomstotelijk de daadwerkelijk afvoer is aangetoond.

7.1.8. Akker- en tuinbouwproducten (afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikelen D2, eerste lid, onderdeel e, en D8 van bijlage D bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de afvoer van de hoeveelheid mineralen in akker- en tuinbouw-

(Bureau Heffingen, producten betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de afgevoerde hoeveelheden akker- en

tuinbouwproducten in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de gewassen aantoonbaar zijn afgevoerd dan wel bestemd zijn om van het bedrijf te worden afgevoerd;

- het aantal ha gewas en de omrekening van (deels) afgevoerde akker- en tuinbouwproducten van kg product naar ha gewas juist zijn en tegen de juiste bij wet vastgestelde normen per ha zijn omgerekend;

- de afvoer uitsluitend betrekking heeft op akker- en tuinbouwproducten die op het eigen bedrijf zijn geteeld.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de afvoer van akker- en tuinbouwproducten in ha's niet strijdig is met het

voeren werk- gebruik van de grond zoals vastgelegd in de grondadministratie;

zaamheden - dat de afvoer van akker- en tuinbouwproducten aansluit op de financiële

administratie;

- dat de afvoer van akker- en tuinbouwproducten of akker- en tuinbouwproducten bestemd voor afvoer voldoende met bewijsstukken is onderbouwd;

- door toepassing van afloopcontrole akker- en tuinbouwproducten bestemd voor afvoer, ook daadwerkelijk zijn afgevoerd;

- akker- en tuinbouwproducten die vorig jaar in de aangifte zijn afgevoerd op basis van het criterium “bestemd voor” dit jaar niet nogmaals in de aangifte zijn afgevoerd op basis van het criterium “daadwerkelijke afvoer”;

- bij gedeeltelijke afvoer de omrekening naar hectarenorm aannemelijk is;

- dat er in de aangifte geen afvoer van akker- en tuinbouwproducten is opgenomen onder de afvoer van ruwvoer en/of enkelvoudig diervoer;

- bij de omrekening van ha's naar kilogrammen fosfaat en stikstof de juiste wettelijke normen zijn toegepast en bij meerdere teelten per perceel deze ha norm slechts eenmaal is toegepast;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten en cijferbeoordelingen is gebleken dat de afvoer van akker- en tuinbouwproducten geheel of gedeeltelijk niet op het eigen bedrijf zijn geteeld.

4. Toelichting - De strijdigheid van de afvoer met de grondadministratie kan betrekking hebben op afvoer van producten van grond die niet tot het bedrijf behoort (juridische titel en/of feitelijk gebruik) of niet op het eigen bedrijf zijn geteeld. De afvoer van akker- en tuinbouwproducten is ingevolge artikel D2 van bijlage D bij de Meststoffenwet beperkt tot akker- en tuinbouwproducten die van het bedrijf zelf afkomstig zijn.

- Bij afvoer van akker- en tuinbouwproducten moet er rekening mee worden gehouden dat de afvoer niet altijd tot een financiële transactie hoeft te leiden (bijvoorbeeld bedorven en/of afgekeurde producten) of dat transacties geheel of gedeeltelijk buiten de financiële administratie zijn gehouden. Indien de aangifteplichtige meer afvoer heeft verantwoord dan uit de financiële administratie blijkt, dan is deze afvoer alleen als afvoer in de zin van de Meststoffenwet aan te merken, als uit documenten onomstotelijk de daadwerkelijk afvoer is aangetoond.

- Met gedeeltelijk afvoer wordt bedoeld het feit dat een gedeelte van de geoogste producten op het eigen bedrijf wordt aangewend (bijvoorbeeld als veevoer dient). Alsdan dient de resterende afgevoerde hoeveelheid te worden omgerekendnaar een hectare-equivalent.

7.1.9. In- en uitscharen van dieren (aan- en afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Verfijnd

1. Regelgeving - Artikelen D1, tweede lid, D2, tweede lid, D3, D5, derde lid, en tabel III van bijlage D bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aan- en afvoer van de hoeveelheid mineralen in in- en uitgeschaarde

(Bureau Heffingen, dieren betrouwbaar en geldig in de aangifte zijn opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording van de uitgeschaarde dieren in kg fosfaat en stikstof juist en

volledig;

- is de verantwoording van de ingeschaarde dieren in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat op de vraag of:

- het aantal dierdagen als grondslag voor de verantwoorde aan- en afvoer van mineralen aansluit op de verklaringen van in- en uitscharen;

- bij de omrekening van dierdagen naar kilogram fosfaat en stikstof de juiste wettelijke normen per diercategorie per dierdag is gehanteerd.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat het aantal dierdagen per diercategorie als grondslag voor de omrekening

voeren werk- aansluit op de verklaringen van in- en uitscharen;

zaamheden - dat er voor elke in de aangifte opgenomen in- en uitschaartransactie een verklaring in- en uitscharen is opgemaakt die door beide partijen is ondertekend;

- dat in- en uitschaartransacties volgens de inhoud van de verklaring(en) overeenstemmen met betalingen/ ontvangsten in de financiële administratie;

- dat de juiste wettelijke normen zijn toegepast bij de omrekening van dierdagen per diercategorie naar kilogram fosfaat en stikstof en de berekeningen overigens ook rekenkundig juist zijn;

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat in- en uitscharen van vee is verrekend of gesaldeerd met andere aan- en afvoerposten.

4. Toelichting - Uitscharen (ter beweiding elders ondergebrachte dieren) is binnen de systematiek van de verfijnde aangifte een aanvoerpost. Inscharen van dieren (ter beweiding aangenomen dieren) is een afvoerpost.

7.1.10. Facultatieve begin- en eindvoorraad dierlijke mest bij aangewezen [Vervallen per 24-01-2004]

bedrijfssystemen Verfijnd

1. Regelgeving - Besluit voorraden Meststoffenwet

- Regeling voorraden Meststoffenwet

2. Doel - Juist berekende begin- en eindvoorraden dierlijke mest in de mineralenaangifte van

(Bureau Heffingen, aangifteplichtigen die daarvoor hebben gekozen Ën voldoen aan de criteria die

AID, accountant) daarvoor gelden ter zake van het toegepaste bedrijfssysteem.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de beginvoorraad aansluit met de eindvoorraad in het voorafgaande jaar

voeren werk- - dat het toegepaste bedrijfssysteem in overeenstemming is met één van de

zaamheden aangewezen bedrijfssystemen die een (facultatieve) verwerking van begin- en eind-

voorraden dierlijke mest toelaatbaar doen zijn;

- dat op grond van de saldoregistratie dieren het aantal dieren en het aantal dagen dat de dieren in het bedrijfssysteem gestald zijn geweest juist is vastgesteld;

- dat de berekening van de forfaitaire voorraden heeft plaatsgevonden op basis van de juiste normen voor fosfaat en stikstof;

- dat als sprake is van meerdere verschillende bedrijfssystemen binnen één aangifteplichtige bedrijfshuishouding de toerekening van dieraantallen en -dagen aan de verschillende systemen juist is, rekening houdend met dediercapaciteiten van de onderscheiden systemen

4. Toelichting - Het toegepaste bedrijfssysteem kan worden afgeleid uit de mestcodes van het afleveringsbewijs.

- Het eerste jaar hoeft de beginvoorraad niet te worden opgegeven, alleen de eindvoorraad.

7.2.1. Aanvoer van dierlijke mest [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Afleveringsbewijs en kwartaaloverzichten: paragraaf 3 van het Besluit administratieve verplichtingen;

- Bemonstering en analyse: Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke meststoffen en overige organische meststoffen;

- Erkenning monsternemers: Regeling erkenning monsternemers Meststoffenwet;

- Artikel 17, tweede lid, van de Meststoffenwet, en het enig artikel van bijlage C bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in dierlijke mest betrouwbaar

(Bureau Heffingen, en geldig in de forfaitaire aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden dierlijke

mest in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de hoeveelheden dierlijke mest rechtstreeks aangevoerd van niet-verfijnde bedrijven aansluiten op de meldingen van Bureau Heffingen van verwerkte afleveringsbewijzen;

- de aanvoer van dierlijke mest van verfijnde bedrijven of intermediair al dan niet uit opslag aansluit op de analyserapporten en kwartaaloverzichten.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat de in de aangifte opgenomen aan- en afgevoerde kg fosfaat en stikstof uit dier-

voeren werk- lijke mest aansluiten op de kwartaaloverzichten; Dit is voor zover van toepassing.

zaamheden Kwartaaloverzicht is immers voor forfaitaire bedrijven alleen aan de orde voor zover

het gaat om aangevoerde verfijnde mest. In alle andere gevallen volstaat een

afleveringsbewijs.

- of al dan niet in relatie met specifieke werkzaamheden van andere aan- en afvoerposten is gebleken dat er dierlijke mest is aangevoerd, maar die niet of onder een andere benaming (geheel of gesaldeerd) zijn verantwoord.

4. Toelichting - De controle tussen afleveringsbewijzen, analyserapporten en beschikbare kwartaal-overzichten heeft tot doel vast te stellen dat de in de aangifte opgenomen transacties juist op de kwartaaloverzichten zijn gemeld (accuratesse controle). De inhoudelijke controle en de controle op de volledigheid van de gemelde transacties verricht Bureau Heffingen. Zie hiervoor.

- De controle is met name gericht op de geldigheidseisen. Deze eisen hebben betrekking op de aanwezigheid van een afleveringsbewijs, waar sprake is van bemonstering van mest door een erkende monsternemer, de aanwezigheid van een analy-severslag en het doen van een kwartaalopgave. De geldigheidseisen zijn niet geheel van toepassing op import- en export van dierlijke mest. Buitenlandse afnemers en leveranciers kunnen niet worden verplicht tot het invullen en ondertekenen van het afleveringsbewijs. Wel zal de aangifteplichtige moeten voldoen aan de eisen van bemonstering, analyse en het inleveren van een afleveringsbewijs en kwartaaloverzicht. Zie hiervoor.

7.2.2. Afvoer van dierlijke mest [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Afleveringsbewijs en kwartaaloverzichten: paragraaf 3 van het Besluit administratieve verplichtingen;

- Bemonstering en analyse: Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke meststoffen en overige organische meststoffen;

- Erkenning monsternemers: Regeling erkenning monsternemers Meststoffenwet;

- Artikel 17, tweede lid, van de Meststoffenwet, en het enig artikel van bijlage C bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de afvoer van de hoeveelheid mineralen in dierlijke mest betrouwbaar

(Bureau Heffingen, en geldig in de forfaitaire aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de afgevoerde hoeveelheden dierlijke mest

in kg fosfaat en stikstof juist.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de afleveringsbewijzen voldoen aan de formele voorschriften;

- de juiste forfaitaire normen zijn gehanteerd.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - Dat de op de aangifte opgenomen afgevoerde kilogrammen fosfaat en stikstof in

voeren werk- dierlijke mest aansluiten op de overzichten van Bureau Heffingen inzake verwerkte

zaamheden afleveringsbewijzen;

- Dat met betrekking tot de afvoer de juiste forfaitaire normen zijn toegepast (de gebruikte mestcodes in voldoende mate waarschijnlijk) zijn;

- Dat de omrekening van hoeveelheid afgevoerde dierlijke mest naar kilogram afgevoerde fosfaat en stikstof juist heeft plaatsgevonden;

- Dat de afvoer volledig gedekt is met afleveringsbewijzen die aan de daaraan geldende eisen voldoen ( ondertekend door twee partijen);

- Dat de geschatte gewichten in aanvaarbaar verband staan tot de totale mestbeweging

4. Toelichting - Bij afvoer van mest mogen forfaitaire aangifteplichtingen uitsluitend de forfaitaire gehalten toepassen.

De geldigheidseisen zijn niet geheel van toepassing op import- en export van dierlijke mest. Buitenlandse afnemers en leveranciers kunnen niet worden verplicht tot het invullen en ondertekenen van het afleveringsbewijs. Wel zal de aangifteplichtige moeten voldoen aan de eisen van inleveren van het afleveringsbewijs.

7.2.3. Overige organische meststoffen (aanvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Artikel 17, derde lid, van de Meststoffenwet;

- Artikel B1 van bijlage B bij de Meststoffenwet;

- Besluit gebruik en kwaliteit overige organische meststoffen;

- Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke meststoffen en overige organische meststoffen;

- Paragraaf 4 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in overige organische mest-

(Bureau Heffingen, stoffen betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden overige

organische meststoffen in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de in de aangifte opgenomen aangevoerde hoeveelheden overige organische meststoffen in kilogrammen fosfaat en stikstof aansluiten bij de opgaven volgens de afleveringsbewijzen en/of vastleggingen in de financiële administratie.

- aan elke aangevoerde hoeveelheid overige organische meststoffen een bemonsterings- en analyserapport per partij ten grondslag ligt en of die analyses zijn uitgevoerd volgens de daarvoor geldende richtlijnen;

- er onder de afgevoerde kg fosfaat en stikstof in de aangifte geen afvoer van overige organische meststoffen is begrepen.

3. Door accoun- Zie de werkzaamheden genoemd bij deze post van de verfijnde aangifte (module 7.1.2)

tant uit te

voeren werk-

zaamheden

4. Toelichting Zie de toelichting bij deze post van de verfijnde aangifte (module 7.1.2)

7.2.4. Andere meststoffen (aanvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

1. Regelgeving - Artikel 17, derde lid, van de Meststoffenwet;

- Artikel B2 van bijlage B bij de Meststoffenwet;

2. Doel Vaststellen dat de aanvoer van de hoeveelheid mineralen in andere meststoffen

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de aangevoerde hoeveelheden andere

meststoffen in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- de aangevoerde hoeveelheden andere meststoffen in kilogrammen fosfaat en stikstof aansluiten bij de opgaven van leveranciers en/of de vastleggingen in de financiële administratie;

- er onder de afgevoerde kg fosfaat en stikstof in de aangifte geen afvoer van andere meststoffen is begrepen.

3. Door accoun- Zie de werkzaamheden genoemd bij deze post van de verfijnde aangifte (module 7.1.3)

tant uit te

voeren werk-

zaamheden

4. Toelichting Zie de toelichting bij deze post van de verfijnde aangifte (module 7.1.3).

7.2.5. Productie van meststoffen [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Artikel 17, eerste lid, van de Meststoffenwet;

- Bijlage A bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de productie van de hoeveelheid mineralen in dierlijke mest betrouw-

(Bureau Heffingen, baar en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de geproduceerde hoeveelheden dierlijke

mest in kg fosfaat en stikstof juist en volledig.

Meer specifiek richt zich dat onder andere op de vraag of:

- het aantal dieren voor de berekening juist en volledig is;

- de juiste forfaitaire omrekeningsnormen zijn toegepast.

3. Door accoun- Vaststellen:

tant uit te - dat het aantal dieren per categorie als grondslag voor de berekening aansluit op de

voeren werk- onderzochte saldoregistratie dieren;

zaamheden - dat bij de omrekening naar geproduceerde kilogrammen fosfaat en stikstof de juiste forfaitaire productienormen zijn toegepast en de berekening overigens ook rekenkundig juist is.

4. Toelichting - Bij de berekening van de productie tellen de uitgeschaarde dieren wel mee, maar de ingeschaarde dieren niet. De productie van de ingeschaarde dieren en de afvoer van mest van uitgeschaarde dieren zijn afzonderlijke posten op de aangifte.

7.2.6. Opname door het gewas (afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Artikel 18 van de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de opname van de hoeveelheid mineralen door het gewas betrouwbaar

(Bureau Heffingen, en geldig in de aangifte is opgenomen in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording in de aangifte van de opname door het gewas in kg fosfaat en

stikstof juist.

3. Door accoun- Vaststellen (alleen uit te voeren als de veesaldoadministratie en grondadministratie

tant uit te handmatig wordt bijgehouden):

voeren werk- - dat het aantal ha's grond als grondslag voor de berekening aansluit op de onder-

zaamheden zochte grondregistratie;

- dat bij de omrekening naar door het gewas opgenomen kilogrammen fosfaat en stikstof de juiste forfaitaire opnamenormen zijn toegepast en de berekening overigens ook rekenkundig juist is.

4. Toelichting - Voor de opname door het gewas komen dezelfde gronden in aanmerking als die meetellen voor de verliesnorm.

7.2.7. In- en uitscharen van dieren (aan- en afvoer) [Vervallen per 24-01-2004]

Forfaitair

1. Regelgeving - Artikel 17, eerste lid, van de Meststoffenwet;

- Bijlage A bij de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de aan- en afvoer van de hoeveelheid mineralen in in- en uitgeschaarde

(Bureau Heffingen, dieren betrouwbaar en geldig in de aangifte zijn opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording van de uitgeschaarde dieren in kg fosfaat en stikstof juist;

- is de verantwoording van de ingeschaarde dieren in kg fosfaat en stikstof juist en

volledig.

Meer specifiek richt zich dat op de vraag of:

- het aantal dierdagen als grondslag voor de verantwoorde aan- en afvoer van mineralen aansluit op de verklaringen van in- en uitscharen;

- bij de omrekening van dierdagen naar kilogram fosfaat en stikstof de juiste wettelijke normen per diercategorie per dierdag is gehanteerd.

3. Door accoun- Zie de werkzaamheden in- en uitscharen van dieren bij de verfijnde aangifte (module

tant uit te 7.1.9)

voeren werk-

zaamheden

4. Toelichting - In de forfaitaire mineralenaangifte wordt de productie van uitgeschaarde dieren in eerste instantie meegenomen bij de productie van dierlijke mest. De afvoer van mestproductie van uitgeschaarde dieren wordt gecorrigeerd viade post uitscharen van dieren op de aangifte. De aanvoer van mest van ingeschaarde dieren vindt plaats via de afzonderlijke aanvoerpost inscharen van dieren op de aangifte.

7.3.1. Toegestane fosfaat- en stikstofverliezen naar de grond [Vervallen per 24-01-2004]

Algemeen

1. Regelgeving - Forfaitaire aangifte: artikel 19 van de Meststoffenwet;

- Verfijnde aangifte: artikel 26 van de Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat de toegestane hoeveelheid fosfaat en stikstofverlies naar de grond

(Bureau Heffingen, betrouwbaar en geldig in de aangifte is opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording van toegestane hoeveelheid fosfaat en stikstofverlies in kg

fosfaat en stikstof juist.

3. Door accoun- Vaststellen (alleen uit te voeren als de veesaldoadministratie en grondadministratie

tant uit te handmatig wordt bijgehouden):

voeren werk- - dat in de berekening van het toegestane fosfaat- en stikstofverlies naar de grond:

zaamheden - de hoeveelheid grond aansluit op de registratie grond;

- de juiste rekenregels en de juiste wettelijke normen zijn toegepast en de berekening overigens ook rekenkundig juist is.

4. Toelichting - De voor de berekening in acht te nemen hoeveelheid grond omvat de gronden in eigendom, in reguliere pacht, op basis van zakelijk gebruiksrecht, in kortlopende pacht, in eenmalige pacht, in teeltpacht, met een grondgebruiksverklaring, alsmede de grond in het buitenland en andere grond die voldoet aan de gestelde voorwaarden. Deze gronden moeten wel feitelijk bij de aangifteplichtige in gebruik zijn.

7.3.2. Stikstofcorrectie per dier [Vervallen per 24-01-2004]

Algemeen

1. Regelgeving - Besluit stikstofcorrectie Meststoffenwet.

2. Doel Vaststellen dat het stikstofverlies per dier betrouwbaar en geldig in de aangifte is

(Bureau Heffingen, opgenomen, in de betekenis van:

AID, accountant) - is de verantwoording van de stikstofcorrectie in kg stikstof juist.

3. Door accoun- Vaststellen (alleen uit te voeren als de veesaldoadministratie en grondadministratie

tant uit te handmatig wordt bijgehouden):

voeren werk- - dat in de grondslag van de berekening van de stikstofcorrectie:

zaamheden - de hoeveelheid grond aansluit op de registratie grond;

- de hoeveelheid dieren aansluit op de veesaldoregistratie;

de juiste rekenregels en de juiste wettelijke normen zijn toegepast en de berekening overigens ook rekenkundig juist is.

4. Toelichting - De voor de berekening in acht te nemen hoeveelheid grond omvat de gronden in eigendom, in reguliere pacht, op basis van zakelijk gebruiksrecht, in kortlopende pacht, in eenmalige pacht, in teeltpacht, met een grondgebruiksverklaring, alsmede de grond in het buitenland en andere grond die voldoet aan de gestelde voorwaarden. Deze gronden moeten wel feitelijk bij de aangifteplichtige in gebruik zijn.