Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Handhavingsvoorschrift luchtvaartterrein Midden-Zeeland[Regeling vervallen per 24-12-2008.]

Geldend van 11-09-2002 t/m 23-12-2008

Handhavingsvoorschrift luchtvaartterrein Midden-Zeeland

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

handelende in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

gelet op artikel 30a van de Luchtvaartwet,

gezien het advies van de Commissie ex artikel 28 van de Luchtvaartwet voor het luchtvaartterrein Midden-Zeeland van 20 december 2000,

Besluit:

Deel 1. Algemeen (betreffende elk klein luchtvaartterrein) [Vervallen per 24-12-2008]

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 1 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 In dit handhavingsvoorschrift wordt verstaan onder:

    a. aanwijzingsbesluit:

    het besluit krachtens artikel 24, in samenhang met artikel 27, van de Luchtvaartwet waarbij de luchthaven is aangewezen als luchtvaartterrein als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, van de Luchtvaartwet en waarbij de geluidszones zijn vastgelegd;

    b. bkl:

    de rekeneenheid voor de geluidbelasting kleine luchtvaart zoals vermeld in het Besluit geluidsbelasting kleine luchtvaart: de geluidsbelasting op een bepaalde plaats veroorzaakt door de gezamenlijke op een luchtvaartterrein landende en opstijgende vaste-vleugel luchtvaartuigen met schroefaandrijving en een toegelaten totaal massa die hoger is dan 390 kg doch niet hoger dan 6.000 kg, uitgedrukt in bkl en vastgesteld volgens de in het Besluit geluidsbelasting kleine luchtvaart opgenomen formule. Voor zover deze luchtvaartuigen gebruik maken van dezelfde aan- en uitvliegroutes als de luchtvaartuigen van ten minste 6.000 kg, dan wel de vliegpatronen van deze luchtvaartuigen overeenkomen met die van luchtvaartuigen van ten minste 6.000 kg, wordt de geluidsbelasting conform artikel 25, eerste lid, onder a, van de Luchtvaartwet in de berekening van de Ke-geluidszone meegenomen;

    c. (luchtverkeers)circuit:

    de vliegbaan voor luchtvaartuigen in de nabijheid van het luchtvaartterrein zoals is aangegeven in de Regeling betreffende standaard luchtverkeerscircuits en voor het betreffende luchtvaartterrein is vastgesteld op grond van de Regeling procedures en is gepubliceerd in de Luchtvaartgids;

    d. Commissie-28:

    de krachtens artikel 28 van de Luchtvaartwet ingestelde commissie;

    e. de Inspecteur-Generaal:

    de Inspecteur-Generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;

    f. exploitant:

    degene te wiens naam ingevolge de Luchtvaartwet het luchtvaartterrein is aangewezen;

    g. feitelijk opgetreden geluidsbelasting:

    de geluidsbelasting in Ke of bkl in een netwerkpunt, veroorzaakt door het feitelijk gebruik van het luchtvaartterrein in de verstreken periode van het gebruiksplanjaar;

    h. geautomatiseerde systeem:

    het rekensysteem waarmee de feitelijk opgetreden geluidsbelasting en zich ontwikkelende geluidsbelasting in Ke of bkl kan worden gevolgd en kan worden vergeleken met de verwachte geluidsbelasting en met de maximaal toelaatbare geluidsbelasting;

    i. gebruiksplan:

    het gebruiksplan als bedoeld in artikel 30b van de Luchtvaartwet;

    j. gebruiksplanjaar:

    de periode als bepaald in het aanwijzingsbesluit;

    k. geluidscontour:

    de lijn die punten verbindt waar de geluidsbelasting een gelijke waarde heeft;

    l. geluidszone:

    het gebied rond een luchtvaartterrein waarbuiten de geluidsbelasting door landende en opstijgende luchtvaartuigen de grenswaarde, die krachtens artikel 25, eerste of vierde lid, van de Luchtvaartwet, wordt vastgesteld, niet mag overschrijden;

    m. jaarberekening:

    de geluidsbelasting in Ke of bkl in een netwerkpunt van het feitelijke gebruik van het luchtvaartterrein over een geheel gebruiksplanjaar;

    n. Kosteneenheid (Ke):

    de rekeneenheid voor de geluidsbelasting grote luchtvaart zoals vermeld in het Besluit geluidsbelasting grote luchtvaart: de geluidsbelasting op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke op een luchtvaartterrein landende en opstijgende luchtvaartuigen, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder a, van de Luchtvaartwet, vastgesteld volgens de in het Besluit Geluidsbelasting Grote Luchtvaart opgenomen formule;

    o. klein luchtvaartterrein:

    een aangewezen luchtvaartterrein ten behoeve van kleine luchtvaart;

    p. Luchtvaartpolitie:

    het Korps Landelijke Politiediensten, Afdeling Bijzondere Taken, Luchtvaartpolitie;

    q. LVNL-organisatie:

    organisatie voor de luchtverkeersbeveiliging, bedoeld in artikel 5.22 van de Wet luchtvaart;

    r. maximaal toelaatbare geluidsbelasting:

    de maximaal toelaatbare geluidsbelasting per jaar in Ke of bkl in een netwerkpunt, zoals vastgelegd bij de berekening van de geluidszone;

    s. Minister:

    de Minister van Verkeer en Waterstaat;

    t. Minister van VROM:

    de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

    u. netwerkpunt:

    het voor de handhaving relevante punt waarvan de coördinaten zijn vermeld in bijlage B bij deel 2 van dit handhavingsvoorschrift;

    v. route:

    een bepaalde (luchtverkeers)route voor de grote luchtvaart, vastgesteld om de verkeersstroom te kanaliseren, waar dat nodig is voor de verzorging van de luchtverkeersdienstverlening;

    w. verwachte gebruik van het luchtvaartterrein:

    het verwachte gebruik van het luchtvaartterrein zoals vermeld in het gebruiksplan;

    x. verwachte geluidsbelasting:

    de geluidsbelasting in Ke of bkl in een netwerkpunt, berekend aan de hand van het in het gebruiksplan vermelde verwachte gebruik van het luchtvaartterrein;

    y. zich ontwikkelende geluidsbelasting:

    de geluidsbelasting in Ke of bkl in een netwerkpunt, veroorzaakt door het feitelijk gebruik van het luchtvaartterrein in de verstreken periode van het gebruiksplanjaar, gevoegd bij de verwachte geluidsbelasting in dat netwerkpunt in de resterende periode van dat jaar.

    2. De berekening van de geluidsbelasting geschiedt volgens de krachtens artikel 25g, eerste lid, van de Luchtvaartwet vastgestelde regels.

    3. Dit handhavingsvoorschrift kent twee delen, een algemeen deel dat van toepassing is op alle kleine luchtvaartterreinen en een specifiek deel dat uitsluitend van toepassing is op het betreffende luchtvaartterrein.

  • 2 De berekening van de geluidsbelasting geschiedt volgens de krachtens artikel 25g, eerste lid, van de Luchtvaartwet vastgestelde regels.

  • 3 Dit handhavingsvoorschrift kent twee delen, een algemeen deel dat van toepassing is op alle kleine luchtvaartterreinen en een specifiek deel dat uitsluitend van toepassing is op het betreffende luchtvaartterrein.

Hoofdstuk 2. Verzameling van gegevens [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 2 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Voor de bepaling van de feitelijk opgetreden geluidsbelasting zijn de gegevens nodig, genoemd in de bijlage A bij dit handhavingsvoorschrift.

  • 2 De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant de in het eerste lid bedoelde gegevens ten minste drie maal per jaar te verstrekken: voor het eerst over de periode betreffende de eerste zes maanden na aanvang van de gebruiksplanperiode, daarna twee maal na afloop van de volgende periodes van drie maanden. De exploitant wordt verzocht deze gegevens en de daaruit bepaalde feitelijk opgetreden geluidsbelasting en de zich ontwikkelende geluidsbelasting te verstrekken binnen twee weken na afloop van de bedoelde periode. De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant, indien dit naar het oordeel van de Inspecteur-Generaal nodig is, deze gegevens met een hogere frequentie te verstrekken.

  • 3 De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant de in het eerste lid genoemde gegevens uiterlijk binnen één week aan hem te verstrekken zodra de exploitant op basis van de hem ter beschikking staande gegevens in redelijkheid mag verwachten dat de zich ontwikkelende geluidsbelasting groter is dan de verwachte geluidsbelasting.

  • 4 De directeur kan zorgdragen voor een steekproefgewijze controle van de door de exploitant verstrekte gegevens.

  • 5 De directeur verzoekt de exploitant een afschrift van de in het tweede en derde lid genoemde gegevens te verstrekken aan de voorzitter van de Commissie-28.

Artikel 3 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien de exploitant de in artikel 2 bedoelde gegevens over de feitelijke opgetreden geluidsbelasting niet tijdig heeft verstrekt, vordert de Inspecteur-Generaal, binnen een door hem te bepalen termijn doch uiterlijk binnen vier weken, dat de exploitant deze gegevens alsnog verstrekt.

Artikel 4 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Indien de exploitant niet heeft voldaan aan een van de termijnen wat betreft het indienen van een gebruiksplan zoals genoemd in artikel 30b, zesde lid, van de Luchtvaartwet, maakt de Inspecteur-Generaal daarvan binnen twee weken rapport op. Hij zendt het rapport aan de Luchtvaartpolitie en een afschrift daarvan aan de Minister, de exploitant, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie-28.

  • 2 Indien de exploitant niet heeft voldaan aan een van de termijnen, genoemd in artikel 2 en 3, maakt de Inspecteur-Generaal daarvan binnen twee weken rapport op. Hij zendt het rapport aan de Minister en een afschrift daarvan aan de exploitant, de Minister van VROM, de Luchtvaartpolitie en de voorzitter van de Commissie-28.

Artikel 5 [Vervallen per 24-12-2008]

De Inspecteur-Generaal bewaart de door hem verkregen gegevens ten minste 5 jaar.

Hoofdstuk 3. Relevante actoren [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 6 [Vervallen per 24-12-2008]

Over de periode vanaf de aanvang van de gebruiksplanperiode tot de in artikel 2, tweede lid, van toepassing zijnde periode toetst de Inspecteur-Generaal de door de exploitant verstrekte gegevens volgens artikel 2, eerste lid, aan de gegevens over dezelfde periode die betrekking hebben op de verwachte geluidsbelasting van het luchtvaartterrein in het vastgestelde gebruiksplan.

Artikel 7 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 . Indien uit de op grond van artikel 2, derde lid, verstrekte gegevens, dan wel uit de in artikel 6 genoemde toets, blijkt, dat de zich ontwikkelende geluidsbelasting in enig netwerkpunt de verwachte geluidsbelasting heeft overschreden met meer dan 50% van het verschil tussen de verwachte geluidsbelasting van het laatst vastgestelde gebruiksplan en de maximaal toelaatbare geluidsbelasting deelt de Inspecteur-Generaal uiterlijk binnen één week aan de exploitant mee dat deze, krachtens artikel 30b, vijfde lid, van de Luchtvaartwet, binnen vier weken een voorstel tot wijziging van het gebruiksplan aan de Minister dient te zenden.

  • 2 De Inspecteur-Generaal zendt gelijktijdig een afschrift van de in het eerste lid bedoelde mededeling aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie-28.

Artikel 8 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 . Indien uit de op grond van artikel 2, derde lid, verstrekte gegevens, dan wel uit de in artikel 6 genoemde toets, blijkt, dat de zich ontwikkelende geluidsbelasting in enig netwerkpunt groter is dan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting, deelt de Inspecteur-Generaal uiterlijk binnen één week aan de exploitant mee dat deze, krachtens artikel 30b, vijfde lid, van de Luchtvaartwet, binnen vier weken een voorstel tot wijziging van het gebruiksplan aan de Minister dient te zenden.

  • 2 De Inspecteur-Generaal zendt gelijktijdig een afschrift van de in het eerste lid bedoelde mededeling aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie-28.

Artikel 9 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien uit de op grond van artikel 2, derde lid, verstrekte gegevens, dan wel uit de in artikel 6 genoemde toets, blijkt, dat op enig moment gedurende het gebruiksplanjaar in enig netwerkpunt de feitelijk opgetreden geluidsbelasting groter is dan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting stelt de Inspecteur-Generaal de Minister en de exploitant daarvan onmiddellijk in kennis en zendt een afschrift van deze mededeling aan de Minister van VROM en aan de voorzitter van de Commissie-28.

Hoofdstuk 4. Beperken van hinder [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 10 [Vervallen per 24-12-2008]

De Inspecteur-Generaal toetst of de tijdstippen waarop de vliegtuigbewegingen plaatsvinden niet in strijd zijn met de bepalingen en voorschriften die bij het aanwijzingsbesluit zijn gesteld.

De Inspecteur-Generaal toetst ook de naleving van de bepaling dat uitsluitend met vrije ballonnen van het luchtvaartterrein mag worden opgestegen nadat toestemming is verkregen van de exploitant.

Artikel 11 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien de Inspecteur-Generaal constateert dat door de exploitant, de gezagvoerder of anderen niet is gehandeld conform de bepalingen en voorschriften in het aanwijzingsbesluit, onderzoekt de Inspecteur-Generaal de oorzaak daarvan, maakt hiervan binnen twee weken na het constateren van het voorval rapport op en zendt dit aan de Luchtvaartpolitie en in afschrift aan de Minister, de Minister van VROM, de exploitant en aan de voorzitter van de Commissie-28.

Hoofdstuk 5. Overgangs- en slotbepalingen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 12 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De Minister stelt éénmalig de hard- en software voor een geautomatiseerd systeem ten behoeve van de bkl-berekeningen ter beschikking aan de exploitant.

  • 2 Indien de exploitant wijzigingen in de software van het geautomatiseerd systeem laat aanbrengen meldt hij dit terstond aan de Inspecteur-Generaal.

  • 3 De Inspecteur-Generaal zendt een afschrift van de in lid 2 genoemde melding aan de voorzitter van de Commissie-28.

Artikel 13 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De Inspecteur-Generaal rapporteert jaarlijks binnen drie maanden na afloop van de periode waarop het gebruiksplan betrekking heeft aan de Minister over de opgetreden geluidsbelasting en de toetsing daarvan aan het verwachte gebruik van het luchtvaartterrein en aan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting. De Inspecteur-Generaal zendt een afschrift van het rapport aan de Minister van VROM, de exploitant en de voorzitter van de Commissie-28.

  • 2 De Inspecteur-Generaal rapporteert gelijktijdig met het in het eerste lid bedoelde rapport, aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie-28 over:

    • a. het aantal gesignaleerde overtredingen van de bij het aanwijzingsbesluit gestelde voorschriften, overeenkomstig het hiervoor gestelde;

    • b. het toezicht op de naleving van artikel 30b, zesde lid, van de Luchtvaartwet;

    • c. de wijze van afhandeling van vorenstaande punten.

      De Inspecteur-Generaal zendt een afschrift van dit rapport aan de exploitant.

Artikel 14 [Vervallen per 24-12-2008]

Dit handhavingsvoorschrift is van overeenkomstige toepassing op de voorschriften van een krachtens artikel 25f van de Luchtvaartwet gegeven ontheffing.

Artikel 15 [Vervallen per 24-12-2008]

De Inspecteur-Generaal geeft met reden aan indien hij is afgeweken van een voorschrift van dit handhavingsvoorschrift. De Inspecteur-Generaal deelt zijn besluit af te wijken van een voorschrift uiterlijk binnen één week mee aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie-28.

Deel 2. Specifiek voor het luchtvaartterrein Midden-Zeeland [Vervallen per 24-12-2008]

Hoofdstuk 6. Specifieke bepalingen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 16 [Vervallen per 24-12-2008]

Dit handhavingsvoorschrift treedt in werking met ingang van de eerste dag na publicatie hiervan in de Staatscourant.

Artikel 17 [Vervallen per 24-12-2008]

Dit handhavingsvoorschrift wordt aangehaald als: Handhavingsvoorschrift Midden-Zeeland.

Dit handhavingsvoorschrift zal zonder toelichtingen en bijlagen in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Verkeer en Waterstaat,

T. Netelenbos