KruimelpadGeldend op 09-02-2012
1.De kamer is zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij voldoet aan de eisen die het karakter van de inrichting, de Arbeidsomstandighedenwet en de brandveiligheidvoorschriften daaraan stellen.
2.Bij toewijzing van een kamer aan een jeugdige is de kamer schoon, in goede staat en zonder gebreken.
1.In de kamer is een verwarming met een bedienkraan aangebracht.
2.De verwarming heeft een zodanige capaciteit dat bij een buitentemperatuur van minus 10 graden C en een windsnelheid van 10 meter per seconde in de kamer een temperatuur van 18 graden C kan worden bereikt.
3.De kamer is voorzien van een ventilatiemogelijkheid waardoor op natuurlijke dan wel mechanische wijze lucht kan worden aangevoerd.
De kamer is voorzien van een van binnenuit en al dan niet van buitenaf bedienbare verlichting met voldoende lichtsterkte, conform de aanbevelingen binnenverlichting volgens geldende NEN normen binnenverlichting functionele eisen, al dan niet gecombineerd met een van buitenaf bedienbare nachtverlichting.
Deze regeling is niet van toepassing op een ruimte bedoeld in artikel 25, tweede lid, of artikel 55, eerste lid, onder a, van de wet, of op een ruimte waarin een jeugdige tijdelijk wordt ondergebracht of op ruimten die worden gebruikt voor onderzoek van jeugdigen.
1.Ten aanzien van kamers in beperkt beveiligde inrichtingen zijn de artikelen 3, 4, tweede lid, 5, 7 en 9 niet van toepassing.
2.De in het eerste lid genoemde kamer is zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij de individuele jeugdige voldoende ruimte, daglicht, verwarming en ventilatie biedt.
3.Is de kamer zelf niet voorzien van sanitair, dan is dat elders in de inrichting in voldoende mate voor de jeugdige beschikbaar.
Op kamers in gesloten inrichtingen, waarvan de bouw is gestart voor 1 januari 1998, is het gestelde in artikel 3, 4, tweede lid en 9 niet van toepassing. Deze inrichtingen worden bij de eerstvolgende grote renovatie aangepast aan de genoemde eisen, doch moeten uiterlijk op 31 december 2011 zijn aangepast aan het gestelde in artikel 3, 4 tweede lid en artikel 9.