Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instellingsbesluit Commissie EZ-doelfinanciering TNO[Regeling vervallen per 01-05-2004.]

Geldend van 03-06-2001 t/m 30-04-2004

Instellingsbesluit Commissie EZ-doelfinanciering TNO

De Minister van Economische Zaken,

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-05-2004]

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. TNO:

de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek;

b. de commissie:

de Commissie EZ-doelfinanciering TNO;

c. de minister:

de Minister van Economische Zaken;

d. een programmavoorstel:

een door TNO opgesteld en jaarlijks bij te stellen voorstel voor een door TNO uit te voeren meerjarenprogramma voor technologisch onderzoek en kennisoverdracht, waarvan de financiering voor een deel ten laste komt van de Rijksbegroting, hoofdstuk XIII (Ministerie van Economische Zaken).

Artikel 2 [Vervallen per 01-05-2004]

  • 1 Er is een Commissie EZ-doelfinanciering TNO.

  • 2 De commissie heeft tot taak de minister op zijn verzoek een beoordeling te geven over:

    • a. een programmavoorstel;

    • b. een door TNO opgesteld jaarverslag dat betrekking heeft op de uitvoering van het in artikel 1, onderdeel d, bedoelde meerjarenprogramma.

  • 3 De in het eerste lid bedoelde beoordeling vindt plaats aan de hand van de volgende criteria:

    • a. aansluiting op de behoeften van het bedrijfsleven;

    • b. kwaliteit en vernieuwend karakter van het onderzoek.

Artikel 3 [Vervallen per 01-05-2004]

  • 1 De commissie bestaat uit een voorzitter, tevens lid, en ten hoogste acht andere leden.

  • 2 De leden van de commissie worden benoemd en ontslagen door de minister.

  • 3 De benoeming geschiedt voor een termijn van twee jaar. De leden van de commissie zijn te allen tijde herbenoembaar.

  • 4 Ter gelegenheid van de instelling van de commissie worden als leden benoemd:

    • a. ir. J. Zuidam, te Schimmert, tevens voorzitter;

    • b. drs. Chr. Sas, te Oosterhout;

    • c. dr. J. Nieuwenhuis, te 's-Gravenhage;

    • d. ir. W. Jouwsma, te Lochem;

    • e. drs. ing. A.J. Driesen, te Wassenaar;

    • f. drs. ing. S. de Graaf, te Bilthoven;

    • g. ir. R. van Yperen, te Rotterdam;

    • h. ir. J.Tj. Kerkhoven, te Roosendaal.

  • 5 De minister kan een waarnemer aanwijzen, die het recht heeft de vergaderingen van de commissie bij te wonen.

Artikel 4 [Vervallen per 01-05-2004]

TNO voorziet in het secretariaat van de commissie.

Artikel 5 [Vervallen per 01-05-2004]

De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

Artikel 6 [Vervallen per 01-05-2004]

De commissie stelt jaarlijks voor 1 september een verslag op van haar werkzaamheden in het afgelopen kalenderjaar. Op verzoek van de minister, maar ten minste elk vierde jaar, stelt de commissie tevens een evaluatieverslag op, waarin zij aandacht besteedt aan de doelmatigheid en doeltreffendheid van haar taakvervulling. Het jaarverslag en het evaluatieverslag worden aan de minister toegezonden en algemeen verkrijgbaar gesteld.

Artikel 7 [Vervallen per 01-05-2004]

De commissie verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 8 [Vervallen per 01-05-2004]

Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beƫindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeslagen in het archief van dat ministerie.

Artikel 9 [Vervallen per 01-05-2004]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 2000. Dit besluit vervalt met ingang van 1 mei 2004.

Artikel 10 [Vervallen per 01-05-2004]

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie EZ-doelfinanciering TNO.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 17 mei 2001

De

Minister

van Economische Zaken,

A. Jorritsma-Lebbink