Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Samenwerkingsregeling politie-Koninklijke marechaussee

Geldend van 01-01-2013 t/m heden

Samenwerkingsregeling politie-Koninklijke marechaussee

De Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie;

handelend in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gelet op artikel 48, tweede en derde lid, van de Politiewet 1993;

Besluiten:

Artikel 1

  • 1 De korpschef kan met de Commandant van de Koninklijke marechaussee afspraken maken over samenwerking als bedoeld in artikel 5 van de Politiewet 2012. De samenwerking heeft betrekking op de uitvoering van of de voorbereiding op de politietaken, die aan de Koninklijke marechaussee zijn opgedragen in artikel 4 van de Politiewet 2012.

  • 2 De in het eerste lid bedoelde afspraken worden op schrift gesteld en bevatten in ieder geval de volgende onderwerpen:

    • -

      het doel van de samenwerking;

    • -

      de duur van de samenwerking;

    • -

      de met de samenwerking gemoeide inzet van personeel;

    • -

      de met de samenwerking gemoeide additionele kosten, alsmede de toedeling van die kosten,

    • -

      de wijze waarop de samenwerking kan of zal worden beƫindigd.

  • 3 De afspraken worden schriftelijk ter kennis gebracht van het bevoegd gezag en de Ministers van Veiligheid en Justitie en van Defensie. De afspraken worden niet geĆ«ffectueerd dan nadat het bevoegd gezag, de betrokken hoofdofficieren van justitie en de Ministers van Veiligheid en Justitie en van Defensie daarmee hebben ingestemd.

Artikel 1a

Artikel 1b

Deze regeling berust op artikel 5 van de Politiewet 2012.

Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 3

Deze regeling wordt aangehaald als: Samenwerkingsregeling politie-Koninklijke marechaussee.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

K.G. de Vries

De

Minister

van Justitie,

A.H. Korthals