Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling sanctionering overtreding inlichtingenplicht[Regeling vervallen per 01-01-2005.]

Geldend van 29-03-2001 t/m 31-12-2004

Regeling sanctionering overtreding inlichtingenplicht

Artikel 1. Definities [Vervallen per 01-01-2005]

Artikel 2. Waarschuwing [Vervallen per 01-01-2005]

Indien ten aanzien van het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht op grond van de WW of de ZW zou zijn volstaan met een schriftelijke waarschuwing, wordt volstaan met een schriftelijke waarschuwing.

Artikel 3. Maatregelen [Vervallen per 01-01-2005]

  • 1 Indien op grond van de WW of de ZW ten aanzien van het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht:

    • a. een boete zou zijn opgelegd van de eerste of tweede categorie, wordt op de bovenwettelijke uitkering respectievelijk de loonsuppletie een maatregel toegepast van 15% gedurende 2 weken;

    • b. een boete zou zijn opgelegd van de derde of vierde categorie, wordt op de bovenwettelijke uitkering respectievelijk de loonsuppletie een maatregel toegepast van 25% gedurende 4 weken;

    • c. een boete zou zijn opgelegd van de vijfde of een hogere categorie, wordt op de bovenwettelijke uitkering respectievelijk de loonsuppletie een maatregel toegepast van 30% gedurende 6 weken.

  • 2 Bij de bepaling van de categorie van boete die zou zijn opgelegd, worden voor de berekening van het benadelingsbedrag de uitkering op grond van de WW en de ZW buiten beschouwing gelaten en de bovenwettelijke uitkering en de loonsuppletie afzonderlijk van elkaar in aanmerking genomen.

  • 3 De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, gaan in bij het begin van de periode waarover de betrokkene ten aanzien van zijn bovenwettelijke uitkering respectievelijk loonsuppletie de inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk is nagekomen. Betreft dit meerdere perioden, dan wordt het benadelingsbedrag over die perioden samengeteld en gaat de maatregel in bij het begin van de eerste van die perioden. Perioden waarover al een maatregel is opgelegd of een schriftelijke waarschuwing is gegeven of waarop artikel 4 of artikel 5, eerste lid, van toepassing is, blijven daarbij buiten beschouwing.

Artikel 4. Samenloop met WW of ZW [Vervallen per 01-01-2005]

Indien de betrokkene de inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk is nagekomen zowel ten aanzien van de bovenwettelijke uitkering als ten aanzien van een WW-uitkering of ZW-uitkering waarop de bovenwettelijke uitkering een aanvulling vormt, wordt op grond van deze regeling geen maatregel opgelegd en geen schriftelijke waarschuwing gegeven.

Artikel 5. Verwijtbaarheid [Vervallen per 01-01-2005]

  • 1 Indien de betrokkene de inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk is nagekomen en hem dit in het geheel niet te verwijten is, wordt geen maatregel opgelegd en geen schriftelijke waarschuwing gegeven.

  • 2 Indien Onze Minister, gelet op de mate waarin de betrokkene de overtreding van de inlichtingenplicht kan worden verweten, de op grond van artikel 3 vastgestelde maatregel te zwaar acht, legt hij de naastlagere maatregel op. Voor de toepassing van artikel 3, lid 1 onder a betekent dit dat wordt volstaan met een schriftelijke waarschuwing.

Artikel 6. Recidive [Vervallen per 01-01-2005]

Indien aan de betrokkene schriftelijk is bekendgemaakt dat hem op grond van deze regeling een maatregel is opgelegd en hij binnen twee jaar na deze bekendmaking opnieuw de inlichtingenplicht niet nakomt, wordt de duur van de maatregel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, met 50% verlengd.

Artikel 7. Dringende reden [Vervallen per 01-01-2005]

Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan Onze Minister besluiten van het opleggen van een maatregel af te zien.

Artikel 8. Inwerkingtreding [Vervallen per 01-01-2005]

Deze regeling treedt in werking één dag na publicatie in Uitleg en werkt terug tot en met 1 januari 2001. De regeling werkt tot 1 januari 2005.

De

minister

van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

Drs. L.M.L.H.A. Hermans