KruimelpadGeldend op 04-02-2012
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 30 oktober 2000, nr. MJZ2000128348, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Gelet op artikel 88, negende lid, van de Wet bodembescherming;
De Raad van State gehoord (advies van 16 november 2000, nr. W08.00/0509/V);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 8 december 2000, nr. MJZ2000148569, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 88, eerste lid, van de Wet bodembescherming wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de navolgende gemeenten:
a. Alkmaar,
b. Almelo,
c. Amersfoort,
d. Arnhem,
e. Breda,
f. Deventer,
g. Dordrecht,
h. Eindhoven,
i. Emmen,
j. Enschede,
k. Groningen,
l. Haarlem,
m. Heerlen,
n. Helmond,
o. Hengelo,
p. ‘s-Hertogenbosch,
q. Leeuwarden,
r. Leiden,
s. Maastricht,
t. Nijmegen,
u. Schiedam,
v. Tilburg,
w. Venlo,
x. Zaanstad en
y. Zwolle
1.Dit besluit treedt, met uitzondering van artikel 1, onderdelen a tot en met k en m tot en met w, in werking met ingang van 1 januari 2001.
2.Artikel 1, onderdeel m, treedt in werking met ingang van 1 juni 2001.
3.Artikel 1, onderdelen d en v, treedt in werking met ingang van 1 juli 2001.
4.Artikel 1, onderdelen b, c, h, j, n, o, p, r, s en w, treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.
5.Artikel 1, onderdeel t, treedt in werking met ingang van 1 oktober 2002.
6.Artikel 1, onderdelen a, e, f, g, i, k en q, treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.
7.Artikel 1, onderdeel u, treedt in werking met ingang van 1 januari 2004.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Beatrix
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
J. P. Pronk
De Minister van Justitie,
A. H. Korthals