Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling vaststelling controleprotocol en verantwoording inburgering nieuwkomers 1999[Regeling vervallen per 31-12-2004.]

Geldend van 19-02-2000 t/m 30-12-2004

Regeling vaststelling controleprotocol en verantwoording inburgering nieuwkomers 1999

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

Handelend in overeenstemming met de staatssecretaris van volksgezondheid, welzijn en sport,

Gelet op artikel 7, tweede en vierde lid, van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers,

Besluit:

Artikel 1. Vaststelling model financiële verantwoording inburgering nieuwkomers 1999 [Vervallen per 31-12-2004]

Het model voor de financiële verantwoording inburgering nieuwkomers 1999 wordt vastgesteld volgens bijlage 2 en 3 bij deze regeling.

Artikel 2. Vaststelling controleprotocol inburgering nieuwkomers 1999 [Vervallen per 31-12-2004]

Het controleprotocol inburgering nieuwkomers 1999 wordt vastgesteld volgens bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel 3. Bekendmaking [Vervallen per 31-12-2004]

Deze regeling zal met bijlagen in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 4. Inwerkingtreding [Vervallen per 31-12-2004]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling is geplaatst.

Artikel 5. Citeertitel [Vervallen per 31-12-2004]

Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling vaststelling controleprotocol en verantwoording inburgering nieuwkomers 1999.

De

minister

van onderwijs, cultuur en wetenschappen

drs. L.M.H.A. Hermans

Bijlage 1. Controleprotocol inburgering nieuwkomers 1999 [Vervallen per 31-12-2004]

1. Algemeen [Vervallen per 31-12-2004]

In artikel 7, vierde lid, van het "Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers" (hierna: "Bekostigingsbesluit") is vermeld dat de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een controleprotocol vaststellen voor de controle op de uitvoering van het Bekostigingsbesluit. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan deze bepaling.

In dit protocol wordt alleen aandacht besteed aan de onderdelen van het Bekostigingsbesluit die van belang zijn voor de vaststelling van de hoogte van de rijksbijdrage en voor de rechtmatigheid van de besteding daarvan. De overige regels voor de inburgering dienen uiteraard ook te worden nageleefd. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeenten om daarop toe te zien.

2. Procedure verantwoording [Vervallen per 31-12-2004]

De gemeente moet een verantwoording opstellen conform het model dat is opgenomen als bijlage 2 bij dit protocol. De verantwoording moet zijn voorzien van een accountantsverklaring opgesteld conform het model dat is opgenomen als bijlage 3 bij dit protocol. De verantwoording moet vóór 1 november 2000 zijn ingediend bij de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen.

3. Procedure telgegevens [Vervallen per 31-12-2004]

De accountantsverklaring strekt zich eveneens uit over de juistheid van de gegevens zoals bedoeld in artikel 4 van het Bekostigingsbesluit. Ingevolge artikel 4 juncto artikel 12 van het Bekostigingsbesluit heeft de gemeente over het jaar 1999 op een daartoe verstrekt formulier telgegevens aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen verstrekt over het aantal door de gemeente afgegeven beschikkingen, het aantal verklaringen bedoeld in artikel 7.4.15, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) en het aantal nieuwkomer-deelnemers dat de toets heeft afgelegd of het examen heeft gehaald. De op basis van deze opgave door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen geregistreerde gegevens zijn opgenomen op het aan de gemeente verstrekte blauwe overzichtsformulier. Dit formulier dient te worden gewaarmerkt door de accountant en meegezonden te worden met de verantwoording.

4. Aandachtspunten voor de controle [Vervallen per 31-12-2004]

Van de accountant wordt verwacht dat hij het onderzoek naar de getrouwheid van de in de opgave en de verantwoording opgenomen gegevens uitvoert met een grote mate van nauwkeurigheid. Uitgangspunt is een controletolerantie van 2% bij een betrouwbaarheid van 95%.

In dit controleprotocol wordt op enkele plaatsen gesproken van een verklaring van een daartoe bevoegde functionaris van de gemeente. De regeling spreekt niet van een functionaris van de gemeente maar van "naar het oordeel van de gemeente". De formulering in het controleprotocol is geen aanscherping van de regelgeving. De gemeente dient volgens de regelgeving in enkele situaties een oordeel te geven. Het is vanzelfsprekend dat dat gebeurt op een wijze die controleerbaar is. Uit het dossier van de betrokkene moet het oordeel dus blijken. De gemeente maakt zelf uit wie namens de gemeente mag oordelen. Aan de verklaring van een daartoe bevoegde functionaris van de gemeente wordt geen andere eis gesteld dan dat daaruit het oordeel van degene die door de gemeente is aangewezen, blijkt.

4.1. Controle van de verantwoording [Vervallen per 31-12-2004]

4.1.1 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel vast dat de in de verantwoording opgenomen lasten inzake inburgering zijn gemaakt voor nieuwkomer-deelnemers in de zin van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 en voor nieuwkomers in de zin van de Wet inburgering nieuwkomers

De lasten die in 1999 inzake inburgering zijn gemaakt, kunnen betrekking hebben op drie categorieën van nieuwkomers. In de eerste plaats de nieuwkomer-deelnemers. Dat zijn de nieuwkomers in de zin van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 (verder te noemen Onderwijsregeling), met wie voor 30 september 1998 een onderwijsovereenkomst is gesloten. Dezen kunnen in 1998 zijn gestart met een inburgeringsprogramma dat ook in 1999 nog werd gevolgd. Zij leggen een toets of een examen af. In de tweede plaats personen die op grond van de Regeling tijdelijke handhaving en wijziging van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 voor de periode van 30 september 1998 tot 1 januari 1999 als nieuwkomer worden beschouwd. Met hen moet eveneens een onderwijsovereenkomst zijn gesloten, en wel vóór 1 januari 1999. Ook zij leggen een toets of een examen af. Wanneer verder in dit protocol wordt gesproken van nieuwkomer-deelnemer wordt daar mede onder begrepen de persoon die als nieuwkomer wordt beschouwd en met wie een onderwijsovereenkomst is afgesloten. In de derde plaats de nieuwkomers in de zin van de WIN. Voor hen wordt een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma genomen en de verklaring bedoeld in artikel 7.4.15 van de WEB afgegeven.

Hieronder wordt achtereenvolgens een definitie gegeven van: nieuwkomers in de zin van de Onderwijsregeling, nieuwkomer-deelnemers in de zin van de Onderwijsregeling, personen die voor de periode van 30 september 1998 tot 1 januari 1999 als nieuwkomer worden beschouwd en nieuwkomers in de zin van de WIN.

A. Nieuwkomers in de zin van de Onderwijsregeling [Vervallen per 31-12-2004]

Nieuwkomers in de zin van de Onderwijsregeling zijn personen die voldoen aan de volgende eisen:

  • 1. uit een verklaring van een daartoe bevoegde functionaris van de gemeente blijkt dat de nieuwkomer het risico loopt in een achterstandspositie te geraken en

  • 2. uit de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens blijkt dat de nieuwkomer behoort tot een van de volgende groepen personen:

    • die met toepassing van artikel 15, eerste lid, van de Vreemdelingenwet als vluchteling zijn toegelaten;

    • wier verzoek om toelating als vluchteling is afgewezen, onder verlening, gelijktijdig of nadien, van een vergunning tot verblijf op humanitaire gronden als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet, zonder dat daaraan beperkingen zijn verbonden;

    • aan wie een voorwaardelijke vergunning tot verblijf als bedoeld in artikel 9a van de Vreemdelingenwet is verleend;

    • die gezinshereniger of -vormer is, als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet;

    • die Nederlander en afkomstig van de Nederlandse Antillen of Aruba is.

B. Nieuwkomer-deelnemers [Vervallen per 31-12-2004]

Nieuwkomer-deelnemers zijn nieuwkomers als bedoeld onder A die daarnaast voldoen aan het onderstaande:

  • 3. uit de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens blijkt dat de nieuwkomer op het moment van verlening van de relevante verblijfstitel achttien jaar of ouder was en

  • 4. de nieuwkomer heeft uiterlijk 4 maanden na eerste huisvesting in de gemeente, of binnen 4 maanden na statusuitreiking, in 1998 een onderwijsovereenkomst als bedoeld in artikel 3 van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 gesloten, of

  • 5. de nieuwkomer heeft uiterlijk 10 maanden na eerste huisvesting in de gemeente, of binnen 10 maanden na statusuitreiking, in 1998 een onderwijsovereenkomst als bedoeld in artikel 3 van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 gesloten en uit een verklaring van een daartoe bevoegde functionaris van de gemeente blijkt dat dit door zwaarwegende omstandigheden gelegen in de persoon van de nieuwkomer-deelnemer niet binnen 4 maanden mogelijk was.

Toelichting

Nieuwkomers kunnen alleen als nieuwkomer-deelnemer worden gekwalificeerd als hij aan de gestelde eisen voldoet. Deze eisen zijn bewust gesteld en daaraan moet worden voldaan. Iemand die bijvoorbeeld zes maanden na eerste huisvesting een onderwijsovereenkomst tekent, maar overigens wel voldoet aan de aan nieuwkomer-deelnemers gestelde eisen, is volgens de regeling geen nieuwkomer-deelnemer, als die vertraging niet het gevolg is van zwaarwegende omstandigheden gelegen in die persoon. Mogelijk kan het criterium dat vier maanden na eerste huisvesting of vier maanden na statusuitreiking een onderwijsovereenkomst moet zijn gesloten, voor enige verwarring zorgen. Hier is uiteraard niet bedoeld het als asielzoeker gehuisvest worden of zijn in een zgn. ROA-woning in een gemeente. In dergelijke gevallen geldt dat binnen vier maanden na het moment van statusuitreiking een onderwijsovereenkomst dient te zijn gesloten.

C. Personen die als nieuwkomer worden beschouwd [Vervallen per 31-12-2004]

Voor de periode van 30 september 1998 tot 1 januari 1999 wordt tevens als nieuwkomer beschouwd:

  • 1. de nieuwkomer, bedoeld in artikel 1, onder k, onderdeel 3, van de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998, zoals deze luidde op 29 september 1998, en

  • 2. de nieuwkomer die op grond van bepalingen van verdragen of besluiten van volkenrechtelijke organisaties niet verplicht kan worden aan een inburgeringsprogramma deel te nemen.

Toelichting

De omschrijving van de doelgroep nieuwkomers in de zin van de WIN (zie onder D) komt feitelijk overeen met de doelgroep nieuwkomers uit de Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998, met uitzondering van de nieuwkomers aan wie een voorwaardelijke vergunning tot verblijf ex artikel 9a Vreemdelingen wet is verleend. Zij zijn geen nieuwkomer in de zin van de WIN en zouden zich dus door de inwerkingtreding van de WIN na 30 september 1998 niet meer mogen aanmelden. Daarvoor is niet gekozen. Voor de periode van 30 september 1998 tot en met 31 december 1998 is er voor deze categorie een uitzondering gemaakt (zie onder C1). Zij mochten zich in die periode nog als nieuwkomer aanmelden. Deze uitzondering geldt eveneens voor de nieuwkomers die onderdanen van lidstaten van de Europese Unie en onderdanen van lidstaten van de Europese Economische Ruimte zijn (zie onder C2).

D. Nieuwkomers in de zin van de WIN [Vervallen per 31-12-2004]

Nieuwkomers in de zin van de WIN zijn:

  • 1. de vreemdeling aan wie het op grond van artikel 9 of 10, eerste lid, onder b, van de Vreemdelingenwet is toegestaan in Nederland te verblijven, die de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en die voor de eerste keer tot Nederland is toegelaten dan wel na een vergunning als bedoeld in artikel 9a van die wet een vergunning als bedoeld in artikel 9 van die wet heeft verkregen, behoudens degene die hier voor een tijdelijk doel verblijft dan wel op grond van bepalingen van verdragen of van besluiten van volkenrechtelijke organisaties niet verplicht kan worden aan een inburgeringsprogramma deel te nemen;

  • 2. de Nederlander die geboren is buiten Nederland, de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en voor de eerste keer in Nederland ingezetene in de zin van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens is;

  • 3. de onder 1 bedoelde vreemdeling en de onder 2 bedoelde Nederlander, op wie de artikelen 2 en 4a van de Leerplichtwet 1969 niet van toepassing zijn en die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt;

  • 4. de onder 1 bedoelde vreemdeling en de onder 2 bedoelde Nederlander, die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt en die op grond van de artikelen 4a tot en met 4c van de Leerplichtwet 1969 gedurende ten hoogste twee dagen per week het daar bedoelde onderwijs geregeld zou dienen te volgen. Artikel 4a van de Leerplichtwet 1969 is op hen niet van toepassing.

Toelichting

Bij de nieuwkomers in de zin van de WIN wordt onderscheid gemaakt tussen nieuwkomers die achttien jaar of ouder zijn, nieuwkomers die zestien en zeventien jaar zijn en die niet leerplichtig of partieel leerplichtig zijn (D3) en nieuwkomers die zestien en zeventien jaar zijn en wel partieel leerplichtig zijn (D4; zie Handreiking 16-17- jarigen, u toegezonden bij brief d.d. 13-11-1998 van het ministerie van BZK).

4.1.2 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel vast dat de in de verantwoording opgenomen lasten voor educatie berusten op een of meer tussen de gemeente en instellingen voor beroepsonderwijs en volwasseneneducatie (bve) afgesloten overeenkomsten voor educatie. Stel vast dat in de verantwoording geen lasten zijn opgenomen in verband met de inkoop van genoemde opleidingen bij andere bedrijven en instellingen.

De gemeente kan uitsluitend lasten in verband met:

  • opleidingen Nederlands als tweede taal I of II;

  • opleidingen gericht op breed maatschappelijk functioneren;

  • opleidingen gericht op sociale redzaamheid;

in de verantwoording opnemen voor zover deze onderwijsactiviteiten bij bve-instellingen zijn ingekocht.

4.1.3 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel vast dat de volgens de verantwoording aan reguliere educatie respectievelijk aan Integratie van minderheden verantwoorde lasten het maximum hiervoor niet overschrijden.

De rijksbijdrage moet door de gemeenten in eerste instantie worden ingezet voor de inburgering van nieuwkomers. Daarbij blijft de mogelijkheid van verschuiving van gelden tussen de educatieve component en de welzijnscomponent van inburgering gehandhaafd. In het geval een gemeente in 1999 lagere lasten heeft voor de inburgering dan mag de gemeente tot een bepaald maximum de middelen inzetten voor de reguliere educatie (zie onder A) en/of voor de "integratie van minderheden" (zie onder B). Met "integratie van minderheden" wordt bedoeld de in artikel 2, onder k, van de Welzijnswet 1994 genoemde integratie van vluchtelingen, minderheden en vreemdelingen die op grond van hun asielaanvraag in het bezit zijn gesteld van een vergunning tot verblijf om klemmende redenen van humanitaire aard alsmede van vreemdelingen die in een met deze groepen vergelijkbare positie verkeren. De gemeente mag ook reserveren voor inburgering van nieuwkomers in latere jaren (zie onder C).

  • A. Het maximum bedrag dat aan reguliere educatie mag worden besteed wordt als volgt berekend:

    • als de lasten voor de educatieve component afzonderlijk zijn geadministreerd worden de werkelijke lasten van de ontvangen rijksbijdrage voor de educatieve component afgetrokken. Het restant mag aan educatie worden besteed.

    • als de gemeente de lasten voor zowel de educatieve- als de welzijnscomponent als één geheel heeft geadministreerd, mag 65% van het niet aan inburgering bestede bedrag aan educatie worden besteed. Dit percentage komt overeen met het aandeel voor de educatieve component in de totale rijksbijdrage 1999.

  • B. Het maximum bedrag dat aan "integratie van minderheden" mag worden besteed wordt als volgt berekend:

    • als de lasten voor de welzijnscomponent afzonderlijk zijn geadministreerd worden de werkelijke lasten afgetrokken van de ontvangen uitkering voor de welzijnscomponent. Het restant mag aan Integratie van minderheden worden besteed.

    • als de gemeente de lasten voor zowel de educatieve- als de welzijnscomponent als één geheel heeft geadministreerd mag 35% van het niet aan inburgering bestede bedrag aan "integratie van minderheden" worden besteed. Dit percentage komt overeen met het aandeel voor de welzijnscomponent in de totale rijksbijdrage 1999.

  • C. Middelen die noch zijn ingezet voor educatie noch voor de "integratie van minderheden" kunnen worden gereserveerd voor inburgering in latere jaren. Het bedrag dat aan de reserve inburgering wordt toegevoegd, wordt opgenomen in de verantwoording.

4.1.4 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel vast dat de in de verantwoording opgenomen lasten voor educatie niet (eveneens) zijn opgenomen in de verantwoording inzake de uitvoering van de Tijdelijke regeling rijksbijdrage educatie. De lasten die voortvloeien uit overeenkomsten die de gemeente heeft afgesloten met bve-instellingen over te verrichten educatieactiviteiten kunnen worden opgenomen in deze verantwoording of in de verantwoording inzake de uitvoering van de Tijdelijke regeling rijksbijdrage educatie (regeling van 17 september 1996, BVE/FCI-96023532, Uitleg OCenW-Regelingen 1996, nr. 22). Vastgesteld moet worden dat de gemeente dezelfde lasten niet in beide verantwoordingen heeft opgenomen. Het totaal van de in deze beide verantwoordingen opgenomen lasten in verband met educatieactiviteiten mag de totale lasten van de gemeente op dit terrein niet overschrijden. Inburgeringsmiddelen die zijn besteed aan reguliere educatie (zie onder 4.1.3) moeten worden verantwoord in de verantwoording inburgering.

4.2. Controle van de Telgegevens Inburgering 1999 (blauwe overzichtsformulier) [Vervallen per 31-12-2004]

Alle geconstateerde fouten moeten worden gecorrigeerd op het blauwe overzichtsformulier. Alle geconstateerde fouten moeten tevens worden gespecificeerd in de accountantsverklaring (voor het model zie bijlage 2). De blauwe overzichtsformulieren worden door de instellingsaccountant gewaarmerkt en worden gevoegd bij de accountantsverklaring inzake de financiële verantwoording. Vervolgens dienen de overzichtsformulieren met de financiële verantwoording, voorzien van de verklaring van de accountant, vóór 1 november 2000 te zijn gezonden aan Cƒi.

4.2.1 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel de juistheid vast van het in de opgave opgenomen aantal beschikkingen omtrent inburgeringsprogramma's (kolom 1 t/m 4). Een beschikking voor een inburgeringsprogramma is zowel de vaststelling van een inburgeringsprogramma op grond van artikel 5, eerste lid, van de WIN als het besluit het vaststellen van een inburgeringsprogramma achterwege te laten, op grond van artikel 5, tweede lid, van de WIN.

De in de opgave verwerkte beschikkingen moeten aan de volgende eisen voldoen:

  • De beschikkingen zijn in 1999 afgegeven; de datum van de beschikking is hierbij bepalend.

  • De beschikkingen zijn afgegeven aan nieuwkomers in de zin van de WIN (zie onderdeel 4.1.1D voor de definitie van nieuwkomer in de zin van de WIN).

4.2.2 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel de juistheid vast van het in de opgave opgenomen aantal verklaringen (kolom 5 en 6)

Het betreft de verklaringen die op grond van artikel 7.4.15, tweede lid, van de WEB worden uitgereikt door de instellingen aan nieuwkomers in de zin van de WIN ten bewijze dat de toets is afgelegd. Een afschrift van deze verklaring zendt de instelling aan de gemeente.

De in de opgave verwerkte verklaringen moeten aan de volgende eisen voldoen:

  • de verklaringen zijn in 1999 afgegeven; de datum van de verklaring hierbij bepalend;

  • de verklaringen zijn afgegeven aan nieuwkomers in de zin van de WIN voor wie een beschikking is afgegeven (zie onderdeel 4.1.1D voor de definitie van nieuwkomer in de zin van de WIN).

4.2.3 [Vervallen per 31-12-2004]

Stel de juistheid vast van het in de opgave opgenomen aantal nieuwkomer-deelnemers dat in 1999 een toets of examen heeft afgelegd (kolom 7).

De gemeente beschikt voor elke mee te tellen nieuwkomer-deelnemer over:

  • een document, in 1999 verstrekt door een bve-instelling, waaruit blijkt dat in 1999 de toets, bedoeld in artikel 3, tweede lid onder b, van de Onderwijsregeling is afgelegd en waaruit het door de nieuwkomer-deelnemer bereikte niveau en de mogelijkheden voor vervolgopleidingen kunnen worden afgeleid en waarbij het niveau van de nieuwkomer-deelnemer wordt gemeten in relatie tot het niveau van de opleiding Nederlands als tweede taal I en II, bedoeld in artikel 7.3.1. van de WEB of;

  • een document, verstrekt door een bve-instelling, waaruit blijkt dat in 1999 de nieuwkomer-deelnemer het examen, bedoeld in het Staatsexamenbesluit Nederlands als tweede taal, afgenomen volgens programma I of programma II, heeft behaald.

Op grond van artikel 4, tweede lid, onder letter f van de Onderwijsregeling moet de gemeente beschikken over de bovengenoemde gegevens over afgelegde toetsen en examens. De gemeenten dienen deze gegevens op een toegankelijke wijze te administreren en te archiveren. Zie voor de definitie van nieuwkomer-deelnemer 4.1.1 B.

5. Overzicht geldende regelgeving [Vervallen per 31-12-2004]

  • Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB);

  • Wet inburgering nieuwkomers (WIN);

  • Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers;

  • Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998, BVE-1997/25041 d.d. 8 november 1997, Uitleg OCenW-regelingen nr. 28 van 19 november 1997;

  • Regeling tijdelijke handhaving en wijziging van de onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998, BVE/DenR-1998/27272 van 10 juli 1998, Uitleg OCenW-Regelingen nr. 17b van 22 juli 1998;

  • de Welzijnswet 1994 (Stb. 1994, 447, gewijzigd bij Stb. 1996, 478, Stb. 1997, 68, Stb. 1997, 510, Stb. 1997, 766 en laatstelijk bij Stb. 1997, 767);

  • Bekostigingsbesluit welzijnsbeleid (Stb. 1994, 909, gewijzigd bij Stb. 1995, 650, Stb. 1997, 327 en laatstelijk bij Stb. 1997, 720);

  • Welzijnsregeling inburgering nieuwkomers (Stcrt. 1995, 246 gewijzigd bij Stcrt. 1996, 242 en laatstelijk bij Stcrt 1997, 230);

  • Tijdelijke regeling bekostiging welzijnscomponent inburgering nieuwkomers (Stcrt. 1998, 156).

Bijlage 2. Model van de verantwoording [Vervallen per 31-12-2004]

Vóór 1 november 2000 volledig ingevuld te zenden aan:

  • Cƒi,

    team FVE/VTI,

    Postbus 606,

    2700 ML Zoetermeer

VERANTWOORDING over 1999 inzake de uitvoering van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers.

1. Naam gemeente of samenwerkingsverband

Adm. nummer gemeente

.....................................

............................

2. Gegevens over de ontvangen rijksbijdrage/uitkering en

 

de besteding ervan:

 

a. Uitkering welzijnscomponent

f.

b. Rijksbijdrage educatieve component

f.

c. Reserve inburgering uit 1998

f.

 

—————

d. Totaal 1999

f.

e. Lasten van inburgering van nieuwkomer-deelnemers en

 

van nieuwkomers in de zin van de WIN

-/-

f.

(welzijnscomponent en educatieve component)

 
 

—————

f. Niet besteed aan inburgering

f.

   

g. Lasten van reguliere educatie

-/-

f.

h. Lasten van integratie van minderheden

-/-

f.

   
 

—————

Aan reserve inburgering toe te voegen overschot 1999

f.

 

----------------

   

3.Contactpersoon

 
   

Naam contactpersoon .......................................

 
   

Telefoonnummer contactpersoon ..............................

 
   

4. Accountantsverklaring

 
   

De verantwoording over 1999 moet zijn voorzien van een accountantsverklaring. Het model van de te hanteren accountantsverklaring is opgenomen als bijlage 2 bij het controleprotocol.

 

5. Verklaring

 

De ondergetekenden verklaren dat de bepalingen van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers zijn nageleefd

en in het bijzonder dat met alle daarvoor in aanmerking komende nieuwkomers van de gemeente in 1999 een beschik-

king omtrent het inburgeringsprogramma is uitgereikt, of daartoe in redelijkheid alle pogingen zijn ondernomen.

 

6. Ondertekening

Datum: ..................

de Burgemeester: .......................

Plaats: ..................

de Secretaris: .......................

Bijlage 3. MODEL VAN DE ACCOUNTANTSVERKLARING [Vervallen per 31-12-2004]

Bij de accountantsverklaring tekst worden gehanteerd.

Accountantsverklaring

Opdracht

Wij hebben de door ons gewaarmerkte:

  • opgave telgegevens over het jaar 1999 zoals bedoeld in artikel 4 van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers en met inachtneming van artikel I, vijfde lid, van de Regeling tijdelijke handhaving en wijziging van de onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998.

  • verantwoording over het jaar 1999 zoals bedoeld in artikel 7 van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers van de gemeente/samenwerkende gemeenten …………………………, gecontroleerd. De opgave telgegevens en de verantwoording zijn opgesteld onder verantwoordelijkheid van burgemeester en wethouders van de gemeente(n). Het is onze verantwoordelijkheid een accountantsverklaring inzake de opgave telgegevens en de verantwoording te verstrekken.

Werkzaamheden

Onze controle is verricht overeenkomstig algemeen aanvaarde richtlijnen voor controleopdrachten en in overeenstemming met het controleprotocol inburgering nieuwkomers 1999. Volgens de richtlijnen dient onze controle zodanig te worden gepland en uitgevoerd, dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de opgave en de verantwoording geen onjuistheden van materieel belang bevatten. Een controle omvat onder meer een onderzoek door middel van deelwaarnemingen van informatie ter onderbouwing van de in de opgave en de verantwoording opgenomen gegevens.

Wij zijn van mening dat onze controle een deugdelijke grondslag vormt voor ons oordeel.

Oordeel

Wij zijn van oordeel dat de opgave en de verantwoording voldoen aan de volgende eisen:

  • dat de in de opgave opgenomen telgegevens getrouw zijn weergegeven;

  • dat de verantwoording is opgesteld overeenkomstig het model zoals vastgesteld met de regeling CFI/FVE- 1999/14969 N d.d. ………....;

  • dat de verantwoording getrouw weergeeft de lasten en baten in 1999 met betrekking tot de inburgering van nieuwkomers;

  • dat de in de verantwoording opgenomen lasten en baten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de voor de inburgering van nieuwkomers in 1999 geldende Bekostigingsbesluit.

Wij brengen nog het volgende onder de aandacht:

Naar aanleiding van onze controle is de opgave van de telgegevens als volgt gewijzigd:

 

Was

Wordt

Kolom 1

   

Kolom 2

   

Kolom 3

   

Kolom 4

   

Kolom 5

   

Kolom 6

   

Kolom 7

   

Kolom 8

   

Deze verklaring is afgegeven ten behoeve van Cƒi, Agentschap van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.

Plaats en datum :

Handtekening :

Naam accountant :

Adres :

Postcode en woonplaats :

Telefoon