Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling sanering loden drinkwaterleidingen[Regeling vervallen per 01-01-2007.]

Geldend van 03-12-2004 t/m 31-12-2006

Subsidieregeling sanering loden drinkwaterleidingen

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op artikel 15.13, eerste tot en met derde lid, van de Wet milieubeheer;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2007]

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. de minister:

de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

b. woning:

een gebouwde onroerende zaak of een gedeelte daarvan, die een zelfstandige woongelegenheid in Nederland vormt;

c. installateur:

installateur die beschikt over een diploma als genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage of een daarmee gelijkwaardig diploma, behaald in een lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte;

d. sanering:

volledige buiten gebruikstelling van loden drinkwaterleidingen die behoren tot woningen onder gelijktijdige vervanging daarvan door drinkwaterleidingen van een ander materiaal.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 De minister kan ten gunste van de subsidieaanvrager eenmalig per woning subsidie verstrekken voor sanering.

  • 2 Een aanvraag tot subsidieverlening kan uitsluitend worden ingediend door degene voor wiens rekening een sanering wordt uitgevoerd.

  • 3 Subsidie wordt slechts verleend indien met de sanering nog geen aanvang is gemaakt voordat op de aanvraag tot subsidieverlening is beslist.

  • 4 Sanering komt niet voor subsidie in aanmerking indien daarvoor uit andere hoofde dan deze regeling subsidie is verstrekt.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 De kosten van sanering worden bepaald:

    • a. door € 34,01 te vermenigvuldigen met het aantal hele strekkende meters nieuwe waterleiding dat in het kader van de sanering wordt aangelegd en te vermeerderen met een bedrag van € 34,01 ter vergoeding van de verklaring, bedoeld in artikel 7, tweede lid, indien de sanering door een installateur wordt uitgevoerd;

    • b. door € 15,88 te vermenigvuldigen met het aantal hele strekkende meters nieuwe waterleiding dat in het kader van de sanering wordt aangelegd en te vermeerderen met een bedrag van € 68,07 ter vergoeding van de offerte en de verklaring, bedoeld in artikel 7, tweede lid, indien de sanering door de subsidieaanvrager zelf wordt uitgevoerd.

  • 2 Indien de sanering betrekking heeft op een drinkwaterleiding die in gemeenschappelijk eigendom is, worden de in het vorige lid bedoelde meters en vergoeding bepaald naar rato van het aandeel van de subsidieaanvrager in dat gemeenschappelijk eigendom.

  • 3 Het subsidiebedrag per woning bedraagt:

    • a. indien de kosten van sanering in de desbetreffende woning niet meer dan € 453,78 bedragen: 75% van die kosten;

    • b. indien de kosten van sanering in de desbetreffende woning meer dan € 453,78 en niet meer dan € 907,56 bedragen: € 340,34 vermeerderd met 60% van het verschil tussen die kosten en € 453,78;

    • c. indien de kosten van sanering in de desbetreffende woning meer dan € 907,56 en niet meer dan € 1 361,34 bedragen: € 612,60 vermeerderd met 50% van het verschil tussen die kosten en € 907,56;

    • d. indien de kosten van sanering in de desbetreffende woning meer dan € 1 361,34 bedragen: € 839,49; met dien verstande dat het overeenkomstig de onderdelen a tot en met d berekende bedrag naar boven wordt afgerond op hele euro's.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Het subsidieplafond bedraagt voor aanvragen voor woningen van toegelaten instellingen als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet en van aanvragen van huurders van woningen waarvan een instelling als hiervoor bedoeld verhuurder is:

    • a. voor het jaar 1999: € 226 890,11;

    • b. voor het jaar 2000: € 408 402,19;

    • c. voor de jaren 2001 tot en met 2004 per kalenderjaar: € 181 512,09.

  • 2 Het subsidieplafond bedraagt voor de overige aanvragen:

    • a. voor het jaar 1999: € 907 560,43;

    • b. voor het jaar 2000: € 1 811 036,84;

    • c. voor de jaren 2001 tot en met 2004 per kalenderjaar: € 952 938,45.

  • 3 Voor het jaar 2005 bedraagt het subsidieplafond voor alle aanvragen € 987 000.

  • 4 Bij de subsidieverstrekking wordt beslist in de volgorde van de ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de subsidieaanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld voor die beslissing als datum van ontvangst van de aanvraag geldt.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2007]

De subsidieontvanger dient:

  • a. de sanering zelf uit te voeren of door een installateur uit te laten voeren, en

  • b. er voor zorg te dragen dat de sanering wordt uitgevoerd binnen zes maanden nadat de subsidie is verleend.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Aanvragen tot subsidieverlening kunnen vanaf 1 juli 1999 tot en met 15 november 2005 door de subsidieaanvrager bij de minister worden ingediend met gebruikmaking van een door de minister daartoe beschikbaar gesteld formulier.

  • 2 De aanvraag wordt medeondertekend door een installateur en gaat vergezeld van de originele offerte van die installateur, waarin de kosten van de sanering en het aantal hele strekkende meters aan te leggen nieuwe drinkwaterleiding tot uitdrukking worden gebracht.

  • 3 Indien de subsidieaanvrager huurder van de woning is waar de sanering zal plaatsvinden, wordt het aanvraagformulier medeondertekend door de eigenaar van die woning.

  • 4 Indien de subsidieaanvrager een verhuurder, niet zijnde een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet, is, gaat de aanvraag mede vergezeld van een afschrift van het bewijs van eigendom.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Aanvragen tot subsidievaststelling kunnen door de subsidieaanvrager bij de minister worden ingediend met gebruikmaking van een door de minister daartoe beschikbaar gesteld formulier.

  • 2 Een installateur ondertekent de op het aanvraagformulier vermelde verklaring dat de sanering is uitgevoerd en dat het aannemelijk is dat het bij de aanvraag tot subsidievaststelling opgegeven aantal hele strekkende meters overeenkomt met de lengte van de nieuwe drinkwaterleiding.

Artikel 7a [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Aanvragen om subsidievaststelling worden binnen een jaar na het besluit tot subsidieverlening ingediend.

  • 2 Bij overschrijding van de termijn, bedoeld in het eerste lid, wordt de volgende korting op het subsidiebedrag toegepast:

    • a. een eerste korting van € 226,89, en

    • b. per maand 10% van het bedrag dat resteert na het in mindering brengen van de eerste korting en na het in voorgaande maanden in mindering brengen van 10% van dat resterende bedrag, waarbij een gedeelte van een maand als één maand geldt.

  • 3 De subsidie wordt ingetrokken indien:

    • a. bij overschrijding van de termijn, bedoeld in het eerste lid, het subsidiebedrag € 226,89 of minder bedraagt;

    • b. het nog vast te stellen subsidiebedrag na toepassing van het tweede lid minder dan € 50,- bedraagt.

  • 4 De subsidie kan worden ingetrokken indien de termijn, bedoeld in het eerste lid, met meer dan 9 maanden wordt overschreden.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Onverminderd artikel 2 kan de minister eenmalig per woning ten gunste van de subsidieaanvrager subsidie vaststellen terzake van saneringen waarmee een aanvang is gemaakt in het tijdvak van 1 januari 1999 tot en met 30 juni 1999. Artikel 5, onder b, is hierbij niet van toepassing.

  • 2 In afwijking van artikel 3, eerste lid onder b, worden de kosten van sanering bepaald door € 15,88 te vermenigvuldigen met het aantal hele strekkende meters nieuwe waterleiding dat in het kader van de sanering is aangelegd en te vermeerderen met een bedrag van € 34,03 ter vergoeding van de verklaring, bedoeld in artikel 7, tweede lid, indien de sanering door de aanvrager zelf is uitgevoerd.

  • 3 Een aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in het eerste lid, kan uitsluitend worden ingediend door degene voor wiens rekening een sanering als bedoeld in het eerste lid, voor 1 november 1999 is uitgevoerd.

  • 4 Een aanvraag tot subsidievaststelling, als bedoeld in het eerste lid, kan vanaf 1 juli 1999 tot en met november 1999 bij de minister worden ingediend met gebruikmaking van een door de minister daartoe beschikbaar gesteld formulier. Een aanvraag tot subsidievaststelling kan slechts na afloop van de sanering worden ingediend.

Artikel 8a [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Onverminderd artikel 2 kan de minister eenmalig per woning ten gunste van de subsidieaanvrager subsidie vaststellen ter zake van voor 1 januari 1999 uitgevoerde saneringen waarvoor een eerdere aanvraag tot subsidieverlening voor vervanging van de loden drinkwaterleiding, wegens het ontoereikend zijn van in het kader van de Tijdelijke stimuleringsregeling duurzaam bouwen beschikbaar gestelde financiële middelen, is afgewezen.

  • 3 Een aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in het eerste lid kan uitsluitend worden ingediend door degene voor wiens rekening de sanering als bedoeld in het eerste lid, voor 1 januari 1999 is uitgevoerd.

  • 4 De subsidieaanvrager maakt bij de aanvraag tot subsidievaststelling aannemelijk dat hij voor 1 januari 1999 een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, heeft ingediend en dat deze aanvraag is afgewezen wegens het ontoereikend zijn van in het kader van de Tijdelijke stimuleringsregeling duurzaam bouwen beschikbaar gestelde financiële middelen.

  • 5 Een aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in het eerste lid, kan tot en met 31 juli 2001 bij de minister worden ingediend met gebruikmaking van een door de minister daartoe beschikbaar gesteld formulier. Een aanvraag tot subsidievaststelling kan slechts na afloop van de sanering worden ingediend.

Artikel 8b [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 In afwijking van artikel 2, derde lid, kan de minister eenmalig per woning subsidie verlenen ter zake van aanvragen tot subsidieverlening die zijn ingediend vanaf 1 juli 1999 en waarvan de sanering is aangevangen na indiening van de aanvraag maar voordat op de ingediende aanvraag is beslist, met dien verstande dat de sanering uiterlijk op 1 december 2000 moet zijn aangevangen.

  • 3

Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie voor een sanering als bedoeld in het eerste lid, kan met inachtneming van artikel 7 tot en met 31 juli 2001 bij de minister worden ingediend.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2007]

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2 Deze regeling wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2007, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op subsidie die voor die datum op grond van deze regeling is verleend.

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2007]

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling sanering loden drinkwaterleidingen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 24 juni 1999

De

Minister

van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J. P. Pronk

Bijlage, bedoeld in artikel 1, onder c, van de Subsidieregeling sanering loden drinkwaterleidingen [Vervallen per 01-01-2007]

Onder de vereiste diploma’s van vakbekwaamheid wordt verstaan:

  • -

    het diploma gezel waterfitter afgegeven door Gawalo;

  • -

    het diploma 1e monteur installatietechniek afgegeven door Gawalo/SOI;

  • -

    het diploma patroon waterfitter afgegeven door SEG;

  • -

    het diploma installatiemonteur afgegeven dor SOI;

  • -

    het diploma Gawalo sanitairinstallateur afgegeven door SEG;

  • -

    het diploma MTO-W/I vanaf 1 januari 1993 afgegeven door MBO-college’s;

  • -

    het diploma MBO-1 ontwerpen/tekenen vanaf 1993 afgegeven door MBO-college’s;

  • -

    het diploma MBO-1 bedrijfskunde/werkvoorbereiding vanaf 1993 afgegeven door MBO-college’s;

  • -

    het diploma MIT-Hw vanaf 1 januari 1980 afgegeven door SOG en SOI.