Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit voorschrijven en bestellen opiumwetmiddelen[Regeling vervallen per 17-03-2003.]

Geldend van 01-10-2002 t/m 16-03-2003

Besluit van 1 juni 1999, houdende bepalingen voor het voorschrijven en het bestellen van opiumwetmiddelen (Besluit voorschrijven en bestellen opiumwetmiddelen)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 15 maart 1999, GMV 99916, gedaan na overleg met de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op artikel 3a, tweede lid, en artikel 4, eerste lid, van de Opiumwet;

De Raad van State gehoord 27 april 1999, Nr. W.13.99.0149/III;

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 25 mei 1999, GMV 993709; gedaan na overleg met de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1 [Vervallen per 17-03-2003]

In dit besluit wordt verstaan onder:

opiumwetmiddel: middel waarop artikel 2, eerste lid, of artikel 3 van de Opiumwet van toepassing is.

Artikel 2 [Vervallen per 17-03-2003]

Alleen de in de bijlage bij dit besluit vermelde opiumwetmiddelen mogen worden voorgeschreven op recept.

Artikel 3 [Vervallen per 17-03-2003]

  • 3 Een vergunninghouder in de zin van de Wet op de dierproeven wendt een opiumwetmiddel als bedoeld in het eerste lid uitsluitend aan bij dieren in het kader van dierproeven in de zin van de Wet op de dierproeven.

Artikel 4 [Vervallen per 17-03-2003]

De artikelen 5, 6 en 7 zijn niet van toepassing ten aanzien van preparaten als bedoeld in artikel 3, eerste en tweede lid, van het Besluit aflevering Opiumwetmiddelen op recept.

Artikel 5 [Vervallen per 17-03-2003]

Tenzij gebruik wordt gemaakt van het receptformulier als bedoeld in artikel 6, vierde lid, wordt elk voor te schrijven opiumwetmiddel op een afzonderlijk recept voorgeschreven. Elk bij een apotheker te bestellen opiumwetmiddel wordt op een afzonderlijk formulier besteld.

Artikel 6 [Vervallen per 17-03-2003]

  • 1 Een recept voor een opiumwetmiddel wordt door degene die voorschrijft in onuitwisbare letters gesteld en ondertekend onder vermelding van de datum van ondertekening. Het recept bevat:

    • a. de naam en voorletters, het adres, de woonplaats en het telefoonnummer van degene die voorschrijft;

    • b. de naam van het voorgeschreven opiumwetmiddel, alsmede voluit in letters geschreven, de hoeveelheid daarvan.

  • 2 Indien een recept strekt ter aflevering van een opiumwetmiddel aan een persoon ten behoeve van wie of ten behoeve van wiens dier het opiumwetmiddel wordt voorgeschreven, bevat het recept tevens:

    • a. de naam en voorletters, het adres en de woonplaats van die persoon, en voor zover het recept een dier betreft, een aanduiding van het dier;

    • b. een duidelijke omschrijving van de wijze van gebruik, waaronder begrepen de per etmaal ten hoogste te gebruiken hoeveelheid;

    • c. het toegelaten aantal herhalingen, voluit geschreven in letters.

  • 3 Indien een opiumwetmiddel wordt voorgeschreven ten behoeve van een persoon onderscheidenlijk een dier, doch moet worden afgeleverd door tussenkomst van degene die voorschrijft, bevat het recept, behalve de in het eerste lid bedoelde gegevens, de naam en voorletters, het adres en de woonplaats van die persoon, en voor zover het recept een dier betreft, een aanduiding van het dier, alsmede de woorden «in manu medici» of een aanduiding van gelijke strekking.

  • 4 Indien door een apotheekhoudende arts of door een arts aan wie een vergunning is verleend als bedoeld in artikel 6, vijfde lid, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening, bij het voorschrijven van opiumwetmiddelen gebruik wordt gemaakt van een receptformulier dat strekt ter aflevering van geneesmiddelen aan meer dan één persoon, behoeven de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onder a, slechts een keer te worden vermeld.

Artikel 7 [Vervallen per 17-03-2003]

  • 1 Een bestelling bij een apotheker voor een opiumwetmiddel ter toediening in een geneeskundige praktijk, of in een krachtens artikel 6, derde lid, van de Opiumwet aangewezen instelling, wordt door degene die bestelt in onuitwisbare letters gesteld en ondertekend onder vermelding van de datum van ondertekening. De bestelling bevat:

    • a. de naam en voorletters, het adres en het telefoonnummer van degene die bestelt;

    • b. de naam van het bestelde opiumwetmiddel, alsmede voluit in letters geschreven de hoeveelheid daarvan.

  • 2 Indien een middel is bestemd ter toediening in een krachtens artikel 6, derde lid, van de Opiumwet aangewezen instelling, bevat de bestelling tevens de naam, het adres en de vestigingsplaats van die instelling, alsmede de woorden «tot uitoefening van de geneeskunst in», onder toevoeging van de naam en het adres van die instelling.

  • 3 Indien een middel is bestemd ter toediening in de praktijk van degene die voorschrijft, bevat de bestelling tevens de woorden «tot uitoefening van de geneeskunst», «tot uitoefening van de tandheelkunst» of «tot uitoefening van de diergeneeskunde».

Artikel 8 [Vervallen per 17-03-2003]

[Red: Wijzigt het Besluit aflevering Opiumwetmiddelen op recept.]

Artikel 9 [Vervallen per 17-03-2003]

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit voorschrijven en bestellen opiumwetmiddelen.

Artikel 10 [Vervallen per 17-03-2003]

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 1 juni 1999

Beatrix

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E. Borst-Eilers

Uitgegeven de negenentwintigste juni 1999

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

Bijlage behorende bij het Besluit voorschrijven en bestellen opiumwetmiddelen [Vervallen per 17-03-2003]

  • a.

    acetylmethadol

    alfacetylmethadol

    alfentanil

    bezitramide

    cocaïne

    dextromoramide

    difenoxylaat,

    fentanyl

    hydrocodon,

    hydromorfon,

    methadon

    morfine

    nicomorfine

    opium

    oxycodon.

    pethidine

    piritramide

    remifentanil

    sufentanil

    de stereoisomeren van vorengenoemde substanties

    de esters en ethers van vorengenoemde substanties

    de zouten van vorengenoemde substanties met inbegrip van de zouten van de ethers en esters en de stereoisomeren ervan

  • b.

    codeïne

    dextropropoxyfeen

    dihydrocodeïne

    ethylmorphine

    de stereoisomeren van vorengenoemde substanties

    de zouten van vorengenoemde substanties met inbegrip van de stereoisomeren

  • c.

    Δ-9-tetrahydrocannabinol

  • d.

    amfetamine

    dexamfetamine

    metamfetamine

    metamfetamine racemaat

    methylphenidaat

    secobarbital

  • e.

    amobarbital

    buprenorfine

    butalbital

    cyclobarbital

    flunitrazepam

    pentazocine

    pentobarbital

  • f.

    de middelen vermeld op Lijst II, onderdeel a, onder 2, van de Opiumwet, met dien verstande dat de op die lijst genoemde preparaten geen andere middelen mogen bevatten dan de op deze bijlage genoemde middelen

  • g.

    hennep

  • h.

    preparaten die geen andere opiumwetmiddelen bevatten dan één of meer van de op deze bijlage genoemde substanties