Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Uitvoeringsbesluit artikel 8, tweede lid, Wet melding ongebruikelijke transacties[Regeling vervallen per 28-04-2006.]

Geldend van 21-04-1999 t/m 27-04-2006

Besluit van 26 maart 1999, houdende uitvoering van artikel 8, tweede lid, van de Wet melding ongebruikelijke transacties (goedkeuring van de indicatoren zoals deze zijn vastgesteld bij ministeriële regeling van 27 november 1998)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, mede namens Onze Minister van Justitie van 5 februari 1999, BGW 99/197-M;

Gelet op artikel 8, tweede lid, van de Wet melding ongebruikelijke transacties;

De Raad van State gehoord (advies van 25 februari 1999, no. W06.99.0057/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën, mede namens Onze Minister van Justitie van 23 maart 1999, BGW 99/584-M;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1 [Vervallen per 28-04-2006]

De indicatoren, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet melding ongebruikelijke transacties, vastgesteld bij ministeriële regeling van 27 november 1998, worden goedgekeurd.

Artikel 2 [Vervallen per 28-04-2006]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 26 maart 1999

Beatrix

De Minister van Financiën,

G. Zalm

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

Uitgegeven twintigste april 1999

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals