Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit instelling commissie pachtbeleid[Regeling vervallen per 11-06-2004.]

Geldend van 01-03-1999 t/m 10-06-2004

Besluit instelling commissie pachtbeleid

De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Handelende in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;

Gelet op artikel 6, eerste lid, van de Kaderwet adviescolleges;

Besluiten:

Artikel 1. Begripsomschrijving [Vervallen per 11-06-2004]

In dit besluit wordt verstaan onder minister: de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel 2. Instelling en taak [Vervallen per 11-06-2004]

  • 1 Er is een Commissie Pachtbeleid, hierna te noemen: de commissie.

  • 2 De commissie heeft tot taak te adviseren over de toekomst van het pachtbeleid.

  • 3 Het advies van de commissie wordt opgesteld met inachtneming van de opdracht zoals verwoord in de bijlage bij dit besluit.

  • 4 De commissie streeft er naar vóór 1 augustus 1999 haar advies schriftelijk uit te brengen aan de minister.

Artikel 3. Samenstelling [Vervallen per 11-06-2004]

  • 1 De commissie bestaat uit vier leden, de voorzitter daaronder begrepen.

  • 2 De minister benoemt en ontslaat de leden van de commissie.

Artikel 4. Archief [Vervallen per 11-06-2004]

De archiefbescheiden van de commissie worden na opheffing of, indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, overgedragen aan het archief van de Directie Juridische Zaken van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel 5. Inwerkingtreding en opheffing [Vervallen per 11-06-2004]

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 maart 1999 en vervalt drie maanden na de datum waarop de commissie het advies aan de minister heeft uitgebracht.

Artikel 6. Slotbepaling [Vervallen per 11-06-2004]

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling commissie pachtbeleid.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 1 maart 1999

De

Staatssecretaris

van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

G.H. Faber

De

Minister

van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

A. Peper

Bijlage als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit instelling commissie pachtbeleid [Vervallen per 11-06-2004]

Inleiding [Vervallen per 11-06-2004]

De Pachtwet heeft drie doelstellingen:

  • -

    beschermen van de pachter;

  • -

    rekening houden met de belangen van de verpachter;

  • -

    waarborgen van het algemeen landbouwbelang.

De Pachtwet werkt als een instrument voor de financiering van grond. Sinds een aantal jaren loopt het pachtareaal terug. Om deze tendens te keren zijn in 1995 een aantal wijzigingen in de Pachtwet doorgevoerd. Deze dienen te worden geëvalueerd.

In het Regeerakkoord is liberalisering van de wet tot uitgangspunt genomen.

Opdracht [Vervallen per 11-06-2004]

Aan de commissie wordt de volgende opdracht gegeven op basis van de in het regeerakkoord overeengekomen liberalisering van het pachtbeleid:

  • 1. Het opstellen van een evaluatie van de werking van de huidige wet, mede in het licht van het regeerakkoord.

    Daarbij zijn aan de orde:

    • a. de drie doelstellingen van de wet

    • b. de onderscheiden in 1995 nieuw ingevoerde pachtvormen.

    Hierbij dienen in ieder geval aan de orde te komen de bedoelde en onbedoelde effecten van het huidige pachtbeleid, inclusief de in 1995 doorgevoerde wijzigingen in de Pachtwet en het uitgangspunt in het Pachtnormen-besluit 1995 van een rendement van 2% van de vrije verkeerswaarde in 2001. Ook de huidige ontwikkelingen op de grondmarkt en de ontwikkelingen in de landbouw - zoals schaalvergroting, grotere martkconformiteit en concurrentiekracht, verbreding van landbouwactiviteiten, en meer duurzaamheid - zijn aandachtspunten.

  • 2. Het ontwikkelen van een toekomstvisie voor de pacht, in het licht van het regeerakkoord.

    Bij dit laatste dienen in ieder geval de volgende aspecten aan de orde te komen:

    • -

      de resultaten van het gestelde onder 1 en de gevolgen daarvan;

    • -

      de noodzaak van een apart wettelijk regime voor de pacht, mede in het licht van de onderscheiden betrokken belangen van pachter, verpachter en overheid (beleid op het gebied van landbouw en alternatieve bestemmingen zoals natuurbeheer, stedenbouw en infrastructuur);

    • -

      het pachtbeleid in andere landen;

    • -

      de gewenste rol voor de overheid ten aanzien van het reguleren van pachtverhoudingen;

    • -

      beleidsvarianten met de gevolgen voor de regelgeving en organisatie.