Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling aanvraag vergunning bemiddeling interlandelijke adoptie

Geldend van 01-10-1998 t/m heden

Regeling aanvraag vergunning bemiddeling interlandelijke adoptie

De Staatssecretaris van Justitie,

Gelet op artikel 20, vijfde lid, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie ( Wet van 8 december 1988, Stb. 566), als gewijzigd bij de wet van 14 mei 1998 tot uitvoering van het op 29 mei 1993 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen verdrag inzake de bescherming van kinderen en de samenwerking op het gebied van de interlandelijke adoptie en, in verband daarmee, wijziging van de Wet opneming buitenlandse pleegkinderen (Stb. 302),

Besluit:

Artikel 1

De gegevens die door de vergunninghouder moeten worden verstrekt in verband met het toezicht op de naleving van het bepaalde in artikel 20, derde en vierde lid, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie dienen aan de navolgende eisen te voldoen:

  • a. De gegevens bevatten een nauwkeurige en voldoende gespecificeerde schriftelijke vastlegging van alle vergoedingen welke door de vergunninghouder zijn betaald voor in verband met bemiddelende werkzaamheden verrichte diensten.

  • b. Uit de gegevens blijkt op welke wijze door de vergunninghouder de betaling van de vergoedingen voor de in verband met zijn bemiddeling verrichte diensten is verricht.

    Van elke betaling is een genoegzaam bewijs van kwijting aanwezig.

  • c. De gegevens verschaffen inzicht in de aard en inhoud van de betrekkingen die de vergunninghouder onderhoudt met instellingen of instanties in het buitenland in verband met de bemiddeling bij de opneming ter adoptie van buitenlandse kinderen.

  • d. Ingeval inzake de bemiddeling bij opneming van buitenlandse kinderen ter adoptie vaste werkafspraken bestaan tussen een vergunninghouder en een instantie of organisatie in het buitenland, blijkt zulks uit de gegevens.

Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 1998.

Deze regeling wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

’s-Gravenhage, 17 augustus 1998

De

Staatssecretaris

van Justitie,

J. Cohen