Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit adviescommissie arbeidsvoorwaardenoverleg gesubsidieerde sectoren Cultuur

Geldend van 01-07-1997 t/m heden

Besluit adviescommissie arbeidsvoorwaardenoverleg gesubsidieerde sectoren Cultuur

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,

in overeenstemming met de werkgeversorganisaties:

  • -

    Werkgeversvereniging Openbare Bibliotheken (WOB)

  • -

    Vereniging van Nederlandse Toneelgezelschappen (VNT)

  • -

    Vereniging van Rijksgesubsidieerde Musea (VRM)

  • -

    Contactorgaan van Nederlandse Orkesten (CNO)

  • -

    Vereniging voor Kunstzinnige Vorming (VKV)

  • -

    Directieoverleg Dansgezelschappen (DOD)

  • -

    Vereniging van Werkgevers Amateurkunst (VWA),

Overwegende dat het wenselijk is een commissie in te stellen die adviseert inzake geschillen die zich voordoen in het overleg over de overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling in de sectoren op het terrein van de cultuur;

Besluit:

Begripsomschrijving

Artikel 1

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

a. De Minister:

de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen.

b. Werkgeversorganisatie:

werkgeversorganisaties die betrokken zijn bij het arbeidskostenoverlegmodel

c. De zeven werkgeversorganisaties:

WOB, CNO, VNT, DOD, VKV, VRM en VWA

d. Cultuuroverleg:

het overleg tussen de Minister en de werkgeversorganisaties, al dan niet gezamenlijk, over de overheidsbijdrage in de arbeidskostenont-wikkeling.

Taak en samenstelling van de commissie

Artikel 2

Er is een commissie die tot taak heeft te adviseren in geschillen die zich voordoen in het overleg tussen de Minister en de werkgeversorganisaties met betrekking tot de vaststelling van de overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling in de sectoren op het terrein van de Cultuur.

Artikel 3

  • 1 De commissie is gevestigd te ’s-Gravenhage

  • 2 De commissie bestaat uit:

    • a. een voorzitter, tevens lid;

    • b. een plaatsvervangend voorzitter;

    • c. twee leden en

    • d. twee plaatsvervangende leden

  • 3 De leden worden benoemd voor een tijdvak van 4 jaar. herbenoeming is mogelijk.

  • 4 De onafhankelijke voorzitter en plaatsvervangend voorzitter worden benoemd door de Minister in overeenstemming met de werkgeversorganisaties.

  • 5 De Minister benoemd daarnaast een lid en een plaatsvervangend lid.

  • 6 De Minister benoemd op voordracht van de werkgeversorganisaties, een lid en een plaatsvervangend lid.

Secretariaat

Artikel 4

Het secretariaat van de commissie berust bij de Stichting Centrum voor Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel te ’s-Gravenhage.

Werkwijze

Artikel 5

  • 2 De leden en de secretaris die bij de uitoefening van hun taak de beschikking krijgen over gegevens waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs moeten vermoeden, zijn voorzover voor hen niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift tot geheimhouding daarvan behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hen tot bekendmaking verplicht of uit hun taak de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

Artikel 6

De Commissie stelt een reglement omtrent haar werkwijze vast. Het reglement wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 7

De leden van de commissie ontvangen een vacatiegeld danwel vaste beloning, alsmede een vergoeding voor reis- en verblijfkosten volgens de regeling voor dienstreizen die gelden voor rijksambtenaren.

Kennisgeving en reflectiepriode

Artikel 8

  • 1 Kennisgeving dat een geschil is ontstaan wordt schriftelijk gedaan aan de commissie door de Minister danwel door een of meerdere werkgeversorganisaties.

  • 2 De kennisgeving wordt door degene die de kennisgeving heeft gedaan in afschrift gezonden aan de zeven werkgeversorganisaties en aan de Minister.

  • 3 De Minister of een door hem aan te wijzen plaatsvervanger is voorzitter van het Cultuuroverleg.

    Deze schrijft binnen 7 dagen nadat hij de kennisgeving heeft ontvangen een nieuwe vergadering uit met de ddirectbij het geschil betrokken werkgeversorganisatie(s) om te bezien of het overleg alsnog zal worden voortgezet. Indien de direct bij het geschil betrokken partijen aanstonds van oordeel zijn dat nieuw overleg geen zin heeft, blijft de tweede volzin buiten toepassing.

Adviesaanvraag

Artikel 9

  • 1 Indien besloten wordt het Cultuuroverleg niet voort te zetten, wordt binnen 72 uur schriftelijk en met redenen omkleed advies gevraagd aan de Commissie.

  • 2 Advies kan worden gevraagd door de Minister, door ieder van de werkgeversorganisaties afzonderlijk, alsmede door de Minister en/of werkgeversorganisaties gezamenlijk.

  • 3 De commissie hoort de Minister en de direct bij het geschil betrokken werkgeversorganisatie(s) in elkaars aanwezigheid.

Inhoud van het advies

Artikel 10

  • 1 Het advies van de commissie heeft zoveel mogelijk betrekking op het geheel van de overheidsbijdrage aan de arbeidskostenontwikkeling, resulterend in een advies over de redelijk geachte overheidsbijdrage.

  • 2 Het advies kan daarbij ingaan op zowel de gevolgde procedures als op de inhoud van de gewisselde argumenten.

  • 3 Het advies wordt zo mogelijk unaniem vastgesteld. In het advies wordt geen minderheidsstandpunt opgenomen en het bevat in ieder geval:

    • a. de namen van degenen die advies hebben gevraagd;

    • b. een overzicht van de standpunten van alle direct bij de adviesaanvraag betrokkenen;

    • c. de conclusie van het advies en de motivering.

Artikel 11

Wanneer het geschil een onderwerp betreft dat meerdere werkgeversorganisaties aangaat, worden de standpunten van deze werkgeversorganisaties bij het advies betrokken.

Artikel 12

Het advies wordt gedagtekend en ondertekend door de voorzitter van de Commissie en de secretaris.

Artikel 13

De voorzitter van de Commissie draagt ervoor zorg dat het advies binnen vier weken nadat de adviesaanvraag is ontvangen aan degenen die direct betrokken zijn bij het geschil ter kennis wordt gebracht.

Artikel 14

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 1997.

Artikel 15

Dit besluit wordt aangehaald als ’Besluit adviescommissie arbeidsvoorwaardenoverleg gesubsidieerde sectoren Cultuur’.

Dit besluit en de toelichting daarop zullen in de Staatscourant worden gepubliceerd.

Dit besluit zal worden toegezonden aan de Algemene Rekenkamer.

De

Minister

voornoemd,

J.M.M. Ritzen