Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling verpakking en verpakkingsafval[Regeling vervallen per 01-01-2006.]

Geldend van 01-07-2005 t/m 31-12-2005

Regeling van 29 juni 1997 houdende implementatie van richtlijn nr. 94/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 december 1994 (PbEG L 365) betreffende verpakking en verpakkingsafval

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op richtlijn nr. 94/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 december 1994 (PbEG L 365) betreffende verpakking en verpakkingsafval en op de artikelen 10.4, 10.6, 10.7, 10.8, 10.21, eerste lid, 10.45, eerste lid, juncto 10.12, vijfde lid, 10.47, vijfde lid, en 21.6, zesde lid, van de Wet milieubeheer;

Besluit:

§ 1. Defenities [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2006]

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. de minister:

de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

b. verpakking:

alle producten, waaronder begrepen wegwerpartikelen, vervaardigd van materiaal van welke aard dan ook, die kunnen worden gebruikt voor het insluiten, beschermen, verladen, afleveren en aanbieden van stoffen, preparaten of andere producten, van grondstoffen tot afgewerkte producten over het gehele traject van producent tot gebruiker of consument;

c. producent of importeur:
  • 1. degene, die in het kader van de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, in Nederland als eerste stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking aan een ander ter beschikking stelt;

  • 2. degene, die in het kader van de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, in Nederland als eerste stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking invoert en zich in Nederland van deze verpakking ontdoet;

  • 3. degene, die in het kader van de uitoefening van zijn beroep of bedrijf in Nederland, een ander opdracht geeft de verpakking van stoffen, preparaten of andere producten te voorzien van zijn naam en deze aan een ander in Nederland ter beschikking stelt;

  • 4. degene, die in het kader van de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, in Nederland als eerste aan een ander een verpakking ter beschikking stelt die is bestemd om bij het aan de gebruiker ter beschikking stellen van stoffen, preparaten of andere producten daaraan te worden toegevoegd;

d. verpakkingsketen:

degenen die in het kader van de uitoefening van hun beroep of bedrijf betrokken zijn bij of een aandeel hebben in het in Nederland aan een ander ter beschikking stellen van een verpakking of verpakte stoffen, preparaten of andere producten of de afname daarvan:

  • -

    door levering van grondstoffen voor verpakkingen,

  • -

    door productie of import van verpakkingen,

  • -

    als producent of importeur,

  • -

    als afnemer van verpakte stoffen, preparaten of andere producten of

  • -

    door verwerking van verpakkingen;

e. als product hergebruiken:

al dan niet na een bewerking van een verpakking wederom gebruiken van die verpakking voor hetzelfde doel als de oorspronkelijke verpakking;

f. als materiaal hergebruiken:

als materiaal hergebruiken: na een be- of verwerking van een verpakking wederom gebruiken van de daaruit resulterende materialen voor het oorspronkelijke doel of voor andere doeleinden dan waarvoor zij oorspronkelijk waren bestemd, met inbegrip van organisch hergebruik maar uitgezonderd terugwinning van energie;

g. verpakkingsmateriaal:

materiaal dat als verpakking wordt gebruikt: papier of karton, glas, kunststof, metaal en hout;

h. kwantitatieve preventie:

vermindering van de gewichtshoeveelheid van verpakkingen;

i. kwalitatieve preventie:

vermindering van de schadelijkheid voor het milieu van verpakkingen;

j. bijlage I, II en III:

de bij deze regeling behorende bijlage I, II en onderscheidenlijk bijlage III.

§ 2. Convenanten [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De producent of importeur is vrijgesteld van de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 9, indien hij is aangesloten bij een convenant tussen de minister en één of meer personen uit de verpakkingsketen dan wel tussen de minister, voornoemde personen en andere overheden of andere betrokkenen, waarin bindende afspraken zijn gemaakt over de uitvoering van in ieder geval de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 9.

  • 2 In een convenant als bedoeld in het eerste lid kunnen daarnaast afspraken worden gemaakt over:

    • a. het bereiken van hogere percentages dan de percentages, genoemd in artikel 3;

    • b. het treffen van zodanige maatregelen dat, in afwijking van artikel 3, eerste lid, uiterlijk 30 juni 2001 de daar genoemde percentages worden bereikt.

  • 3 De producent of importeur die niet meer is aangesloten bij een convenant als bedoeld in het eerste lid, dient te voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 9.

Artikel 2a [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 In een convenant als bedoeld in artikel 2 wordt de verplichting opgenomen dat de bij het convenant aangesloten producenten of importeurs jaarlijks voor een in het convenant vast te stellen datum een verslag opstellen.

  • 2 In dit verslag wordt in ieder geval vermeld:

    • a. met betrekking tot het afgelopen kalenderjaar:

      • 1º. de door de aangesloten producenten of importeurs getroffen maatregelen met betrekking tot de kwantitatieve en kwalitatieve preventie alsmede de daarbij bereikte resultaten;

      • 2º. de hoeveelheden in Nederland nieuw op de markt gebrachte verpakkingen, als totaal en opgesplitst naar materiaal;

      • 3º. de resultaten ten aanzien van het nuttig toepassen en het als materiaal hergebruiken en de wijze waarop deze resultaten zijn verkregen;

    • b. de ontwikkelingen van economische, sociale of maatschappelijke aard die van invloed zijn op de uitvoering van het convenant, in het bijzonder met betrekking tot de verwezenlijking van de taakstelling voor nuttige toepassing en materiaalhergebruik.

  • 3 Uit het verslag blijkt of van de jaarlijks door de betrokken producenten en importeurs aan een ander ter beschikking gestelde hoeveelheid van de desbetreffende verpakkingen, voor zover deze niet als product worden hergebruikt, tenminste 50 gewichtsprocent nuttig wordt toegepast en tenminste 45 gewichtsprocent als materiaal wordt hergebruikt.

Artikel 2b [Vervallen per 01-01-2006]

Indien niet ten genoegen van de minister is aangetoond dat de in artikel 2a, derde lid genoemde taakstellingen zijn verwezenlijkt, kan de minister besluiten dat de vrijstelling, bedoeld in artikel 2, vervalt met ingang van een door hem te bepalen tijdstip.

§ 3. Individuele verplichtingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De producent of importeur draagt er zorg voor dat van de jaarlijks door hem aan een ander ter beschikking gestelde hoeveelheid verpakkingen of door hem ingevoerde verpakkingen waarvan hij zich in Nederland ontdoet, voorzover deze verpakkingen niet als product worden hergebruikt, een zodanige hoeveelheid wordt ingenomen dat:

    • a. 65 gewichtsprocent nuttig wordt toegepast;

    • b. 45 gewichtsprocent als materiaal wordt hergebruikt;

    • c. per verpakkingsmateriaal een zo hoog mogelijk gewichtspercentage materiaalhergebruik wordt bereikt en ten minste 15 gewichtsprocent.

  • 2 De producent of importeur neemt maatregelen met betrekking tot kwantitatieve en kwalitatieve preventie.

  • 3 Het eerste lid is niet van toepassing op de producent of importeur die bij het aan een particulier huishouden ter beschikking stellen van een stof, preparaat of ander product daaraan op dat moment een verpakking toevoegt.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Een ieder die deel uitmaakt van de verpakkingsketen, neemt alle maatregelen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd, opdat de producent of importeur de verplichtingen, bedoeld in artikel 3, kan nakomen.

  • 2 Onverminderd het bepaalde in het eerste lid neemt degene die grondstoffen levert voor de vervaardiging van verpakkingen, in ieder geval maatregelen om de gescheiden aangeboden verpakkingsmaterialen als materiaal te hergebruiken.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Ten aanzien van verpakkingen die bij particuliere huishoudens vrijkomen, geldt de innameverplichting, bedoeld in artikel 3, eerste lid, vanaf een door de gemeente te bepalen plaats.

  • 2 Ten aanzien van verpakkingen die als bedrijfsafvalstoffen vrijkomen, geldt de verplichting, bedoeld in artikel 3, eerste lid, met dien verstande dat de daarmee samenhangende kosten voor rekening blijven van degene die zich van die afvalstoffen ontdoet.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De producent of importeur doet binnen dertien weken nadat de regeling op hem van toepassing is geworden, en vervolgens telkens voordat een periode van vijf jaar te rekenen vanaf dat tijdstip is verstreken, aan de minister mededeling over wijze waarop hij uitvoering zal geven aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 3.

  • 2 De mededeling houdt in ieder geval in:

    • a. de wijze waarop het innemen, het nuttig toepassen en het als materiaal hergebruiken, bedoeld in artikel 3, zullen plaatsvinden;

    • b. een overzicht van de maatregelen met betrekking tot kwantitatieve en kwalitatieve preventie, alsmede een schatting van de daarmee te bereiken resultaten;

    • c. indien wordt samengewerkt met anderen, de wijze waarop deze samenwerking is geregeld;

    • d. de wijze waarop de inname, de nuttige toepassing en het als materiaal hergebruiken worden gefinancierd.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De mededeling, bedoeld in artikel 6, behoeft de instemming van de minister.

  • 2 De minister kan aan de instemming met de mededeling voorschriften of beperkingen verbinden. Hij kan tevens bepalen dat de instemming slechts geldt voor een daarbij vast te stellen termijn.

  • 3 Indien de instemming is verleend voor een bepaalde termijn, doet de betrokken producent of importeur uiterlijk 26 weken voor de afloop van deze termijn opnieuw een mededeling als bedoeld in artikel 6.

  • 4 De producent of importeur voert de in artikel 3 bedoelde verplichtingen uit overeenkomstig de mededeling, zoals de minister daarmee heeft ingestemd, met inbegrip van de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De producent of importeur zendt voor 1 augustus 1998 en vervolgens elke drie jaar voor 1 augustus aan de minister een verslag over de resultaten in de daaraan voorafgaande drie kalenderjaren, voor zover hij in die periode als producent of importeur werkzaam was.

  • 2 In dit verslag komen in ieder geval aan de orde:

    • a. de door hem getroffen maatregelen met betrekking tot kwantitatieve en kwalitatieve preventie alsmede de daarbij bereikte resultaten;

    • b. de resultaten ten aanzien van het innemen, het nuttig toepassen en het als materiaal hergebruiken en de wijze waarop deze resultaten zijn verkregen;

    • c. de gegevens die zijn bedoeld in bijlage I;

    • d. de tekortkomingen die hij heeft geconstateerd in de wijze waarop de verpakkingsketen uitvoering heeft gegeven aan artikel 4.

  • 3 De minister kan nadere regels stellen over de wijze waarop de in het tweede lid bedoelde gegevens moeten worden verstrekt.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Producenten en importeurs kunnen gezamenlijk een mededeling doen als bedoeld in artikel 6.

  • 2 De producent of importeur is vrijgesteld van de verplichtingen gesteld in de artikelen 6 en 8, indien hij is aangesloten bij een organisatie van producenten en importeurs die deze verplichtingen namens hem uitvoert.

  • 3 De producent of importeur die niet meer is aangesloten bij een organisatie als bedoeld in het tweede lid, dient te voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 8.

§ 4. Eisen aan verpakkingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2006]

Producenten en importeurs kunnen afspraken maken met de gemeenten over de wijze waarop de verpakkingsmaterialen afzonderlijk zullen worden ingezameld.

§ 5. Eisen aan verpakkingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Indien de producent of importeur op de verpakking, dan wel op het etiket van de verpakking, de aard van het verpakkingsmateriaal aangeeft en hierbij afkortingen en cijfercodes hanteert, is bijlage II van toepassing.

  • 2 De afkortingen en cijfercodes, bedoeld in het eerste lid, dienen duidelijk zichtbaar, goed leesbaar, duurzaam en blijvend herkenbaar te zijn, ook wanneer de verpakking is geopend.

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-2006]

Het is verboden stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking in Nederland aan een ander ter beschikking te stellen, indien de verpakking niet voldoet aan de eisen die zijn gesteld in bijlage III.

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het is verboden stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking in Nederland aan een ander ter beschikking te stellen, indien de totale concentratie van lood, cadmium, kwik, zeswaardig chroom of verbindingen daarvan in de verpakking meer bedraagt dan 600 ppm-gewicht.

  • 2 Het is verboden stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking in Nederland aan een ander ter beschikking te stellen, indien de totale concentratie van lood, cadmium, kwik, zeswaardig chroom of verbindingen daarvan in de verpakking meer bedraagt dan 250 ppm-gewicht.

  • 3 Het is verboden stoffen, preparaten of andere producten in een verpakking in Nederland aan een ander ter beschikking te stellen, indien de totale concentratie van lood, cadmium, kwik, zeswaardig chroom of verbindingen daarvan in de verpakking meer bedraagt dan 100 ppm-gewicht.

  • 4 Het in het eerste, tweede en derde lid gestelde verbod is niet van toepassing op verpakkingen die zijn vervaardigd uit kristalglas als omschreven in richtlijn 69/493/EEG.

  • 5 De in de eerste tot en met derde lid genoemde verboden zijn niet van toepassing op kunststofkratten en kunststofpaletten die voldoen aan de voorwaarden, gesteld in de bij deze regeling behorende bijlage IV.

  • 6 Het vijfde lid en bijlage IV vervallen met ingang van 24 maart 2009.

  • 7 Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op glazen verpakkingen die voldoen aan de voorwaarden, gesteld in de bij deze regeling behorende bijlage V.

  • 8 Het zevende lid en bijlage V vervallen met ingang van 1 juli 2006.

§ 6. Slotbepalingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-2006]

Deze regeling is niet van toepassing, voor zover uit een andere wettelijke regeling die strekt ter uitvoering van een voor Nederland verbindend verdrag of een voor Nederland verbindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie, blijkt dat niet aan de verplichtingen van deze regeling kan worden voldaan.

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 1997, met uitzondering van:

  • 2 De doeltreffendheid en de effecten van deze regeling worden voor 31 december 1999 geëvalueerd.

Artikel 15a [Vervallen per 01-01-2006]

Deze regeling berust op de artikelen 10.15, 10.16, 10.17, 10.29, 10.61 juncto 10.21, derde lid, 10.64, tweede lid, en 21.6, zesde lid, van de Wet milieubeheer.

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-2006]

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verpakking en verpakkingsafval.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 29 juni 1997

De

Minister

van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

M. de Boer

Bijlage I. Gegevens [Vervallen per 01-01-2006]

De volgende gegevens worden overeenkomstig artikel 8, tweede lid, onderdeel c, overgelegd:

  • -

    Hoeveelheden in Nederland op de markt gebrachte verpakkingen, als totaal en opgesplitst naar verpakkingsmaterialen;

  • -

    Hoeveelheden vrijkomend verpakkingsafval, de hoeveelheid verpakkingen die als materiaal wordt hergebruikt en de hoeveelheid nuttig toegepaste verpakkingen, als totaal en opgesplitst naar verpakkingsmaterialen.

Bijlage II. Identificatiesysteem van de aard van het verpakkingsmateriaal [Vervallen per 01-01-2006]

Onderdeel 1 Cijfercodes en afkortingen voor kunststoffen

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Polyetheentereftalaat

1

 

PET

Polyetheen met

hoge dichtheid

HDPE

2

Polyvinylchloride

PVC

3

Polyetheen met

lage dichtheid

LDPE

4

Polypropeen

PP

5

Polystyreen

PS

6

   

7

   

8

   

9

   

10

   

11

   

12

   

13

   

14

   

15

   

16

   

7

   

18

   

19

Onderdeel II Cijfercodes en afkortingen voor papier en karton

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Golfkarton

PAP

20

Ander karton

PAP

21

Papier

PAP

22

   

23

   

24

   

25

   

26

   

27

   

28

   

29

   

30

   

31

   

32

   

33

   

34

   

35

   

36

   

37

   

38

   

39

Onderdeel III Cijfercodes en afkortingen voor metalen

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Staal

FE

40

Aluminium

ALU

41

   

42

   

43

   

44

   

45

   

46

   

47

   

48

   

49

Onderdeel IV Cijfercodes en afkortingen voor houtsoorten

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Hout

FOR

50

Kurk

FOR

51

   

52

   

53

   

54

   

55

   

56

   

57

   

58

   

59

Onderdeel V Cijfercodes en afkortingen voor textielsoorten

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Katoen

TEX

60

Jute

TEX

61

   

62

   

63

   

64

   

65

   

66

   

67

   

68

   

69

Onderdeel VI Cijfercodes en afkortingen voor glas

Materiaal

Afkorting

Cijfercode

Kleurloos geblazen

glas

GL

70

Groen glas

GL

71

Bruin glas

GL

72

   

73

   

74

   

75

   

76

   

77

   

78

   

79

Onderdeel VII Cijfercodes en afkortingen voor composieten

Composiet is een verpakking bestaand uit verschillende materialen die niet met de hand kunnen worden gescheiden, en waarbij geen enkel component meer dan een bepaald gewichtsprocent vertegenwoordigt, die voor 31 december 1997 wordt vastgesteld volgens de in artikel 21 van Richtlijn 94/62/EG neergelegde procedure. Potentiële uitzonderingen voor sommige materialen kunnen vastgesteld worden volgens dezelfde procedure.

Materiaal

Cijfercode

Papier en karton/

diverse metalen

80

Papier en karton/kunststof

81

Papier en karton/aluminium

82

Papier en karton/blik

83

Papier en karton/kunststof/

aluminium

84

Papier en karton/kunststof/

aluminium/blik

85

 

86

 

87

 

88

 

89

Kunststof/aluminium

90

Kunststof/blik

91

Kunststof/diverse metalen

92

 

93

 

94

 

95

Glas/kunststof

96

Glas/aluminium

97

Glas/blik

98

Glas/diverse metalen

99

Bijlage III. Essentiële eisen betreffende de samenstelling, het producthergebruik en de nuttige toepassing van verpakkingen, als bedoeld in artikel 12 [Vervallen per 01-01-2006]

1. Eisen betreffende de vervaardiging en de samenstelling van verpakkingen [Vervallen per 01-01-2006]

  • -

    Verpakkingen worden zodanig vervaardigd dat volume en gewicht van de verpakkingen worden beperkt tot de minimale hoeveelheid die nodig is om het vereiste niveau van veiligheid, hygiëne en aanvaardbaarheid voor de verpakte stoffen, preparaten of andere producten en voor de consument te handhaven.

  • -

    Verpakkingen worden zodanig ontworpen, vervaardigd en in de handel gebracht dat hergebruik of nuttige toepassing mogelijk is en dat het milieu-effect bij het verwijderen van verpakkingen of reststoffen van afvalverwij- deringsinrichtingen zoveel mogelijk wordt beperkt.

  • -

    Verpakkingen worden zodanig vervaardigd dat de aanwezigheid van schadelijke en andere gevaarlijke stoffen en materialen in verpakkingen tot een minimum wordt beperkt in emissies, as of percolaat, wanneer verpakkingen of reststoffen van de verwijdering van verpakkingen verbrand of gestort worden.

2. Eisen betreffende het producthergebruik van verpakkingen [Vervallen per 01-01-2006]

Aan de volgende eisen wordt gelijktijdig voldaan

  • -

    de fysieke eigenschappen en kenmerken van de verpakkingen maken onder normaal te verwachten gebruiksvoorwaarden verscheidene omlopen mogelijk;

  • -

    verpakkingen kunnen worden verwerkt in overeenstemming met de gezondheids- en veiligheidsvoorschriften voor de arbeidskrachten;

  • -

    er wordt voldaan aan de specifieke eisen ten aanzien van nuttig toepasbare verpakkingen wanneer de verpakkingen niet langer worden gebruikt en derhalve afval zijn geworden.

3. Eisen betreffende de nuttige toepassing van verpakkingen [Vervallen per 01-01-2006]

  • Nuttige toepassing in de vorm van hergebruik van materialen

    Verpakkingen worden zodanig vervaardigd dat een bepaald gewichtspercentage van de gebruikte materialen opnieuw kan worden toegevoegd aan het productieproces van verhandelbare producten, met inachtneming van de in de Europese Gemeenschap geldende regels. Dit percentage kan variëren naar gelang het soort materiaal waaruit de verpakkingen bestaan.

  • Nuttige toepassing in de vorm van energieterugwinning

    Verpakkingsafval dat wordt verwerkt met het oog op energieterugwinning, heeft met het oog op een optimale nuttige toepassing op zijn minst een zekere calorische onderwaarde.

  • Nuttige toepassing in de vorm van compostering

    Verpakkingsafval dat wordt verwerkt met het oog op compostering is zodanig biologisch afbreekbaar dat het de gescheiden inzameling en het composteringsproces of de composteringsactiviteit waarin het wordt ingebracht niet hindert.

  • Biologisch afbreekbare verpakkingen

    Biologisch afbreekbare verpakkingen zijn zodanig fysisch, chemisch, thermisch of biologisch afbreekbaar dat het grootste deel van de resulterende compost uiteindelijk uiteenvalt in kooldioxide, biomassa en water.

Bijlage IV [Vervallen per 01-01-2006]

Voorwaarden als bedoeld in artikel 13, vijfde lid,:

  • a. De kunststofkratten en kunststofpaletten zijn vervaardigd in het kader van een gecontroleerd materiaalhergebruikproces waarin het hergebruikte materiaal uitsluitend afkomstig is van andere kunststofkratten en kunststofpaletten en waarin slechts zoveel extern materiaal wordt toegevoegd als technisch noodzakelijk is, met een maximum van 20 gewichtsprocent. Geretourneerde eenheden die niet langer voor producthergebruik in aanmerking komen, worden behandeld in overeenstemming met voorwaarde e van deze bijlage.

  • b. Lood, cadmium, kwik en zeswaardig chroom worden niet doelbewust gebruikt als elementen bij de productie van kunststofkratten en kunststofpaletten. De incidentele aanwezigheid van deze stoffen is toegestaan.

  • c. De concentraties in de kunststofkratten en kunststofpaletten overschrijden de in artikel 13, eerste tot en met derde lid, vastgelegde grenswaarden slechts als gevolg van de toevoeging van als materiaal hergebruikte materialen.

  • d. De kunststofkratten en kunststofpaletten worden opgenomen in een gecontroleerd distributie- en hergebruiksysteem dat voldoet aan de volgende voorwaarden:

    • Nieuwe kunststofkratten en kunststofpaletten die lood, cadmium, kwik of zeswaardig chroom bevatten, worden op een permanente en zichtbare wijze gemerkt.

    • Degenen die de kunststofkratten en kunststofpaletten produceren, voeren een inventarisatie- en registratiesysteem in dat een methode voor de controle van de wettelijke en financiële verplichtingen omvat, waarmee kan worden aangetoond dat aan de eisen van deze bijlage wordt voldaan. Dit inventarisatie en registratiesysteem toont onder meer aan dat de retourpercentages, dat wil zeggen de percentages van de herbruikbare eenheden die na gebruik niet uit de kringloop verdwijnen, maar naar de producent, verpakker/vuller of zijn gevolmachtigde terugkeren, worden gehaald. Deze retourpercentages zijn in geen geval lager dan 90% van de levensduur van de kunststofkratten of kunststofpaletten. In dit systeem wordt rekening gehouden met alle herbruikbare eenheden die in de kringloop worden opgenomen of eruit verdwijnen.

    • Door of vanwege de producent wordt jaarlijks een schriftelijke verklaring van overeenstemming opgesteld, alsmede een jaarverslag waarin wordt aangetoond hoe aan deze bijlage is voldaan. Eventuele wijzigingen van het systeem of van de gevolmachtigden worden hierin vermeld.

    • Door of vanwege de producent wordt de onder 3 genoemde documentatie ten minste vier jaar ten behoeve van inspectiedoeleinden ter beschikking gehouden.

    • Indien noch de producent noch zijn gevolmachtigde in de Europese Gemeenschap is gevestigd, berust de verplichting de technische documentatie ter beschikking te houden bij degene die het product in Nederland op de markt brengt.

  • e. Alle geretourneerde eenheden die niet langer voor producthergebruik in aanmerking komen, worden verwijderd via een proces waarvoor ingevolge de Wet milieubeheer een vergunning is verleend, hetzij als materiaal hergebruikt via een proces waarin het als materiaal hergebruikte materiaal bestaat uit kunststofkratten of kunststofpaletten en waarin slechts zoveel extern materiaal wordt toegevoegd als technisch noodzakelijk is, met een maximum van 20 gewichtsprocent.

Bijlage V [Vervallen per 01-01-2006]

Voorwaarden als bedoeld in artikel 13, zevende lid:

  • a. Lood, cadmium, kwik en zeswaardig chroom worden niet doelbewust gebruikt bij de productie van glazen verpakkingen.

  • b. De concentraties in de glazen verpakking overschrijden de in artikel 13, eerste lid, vastgelegde grenswaarden slechts als gevolg van de toevoeging van als materiaal hergebruikte materialen.

  • c. Indien de gemiddelde concentraties bij twaalf opeenvolgende maandelijkse controles, uitgevoerd bij de productie van elke individuele glasoven die representatief is voor een normale en geregelde productieactiviteit, hoger ligt dan een concentratie van 200 ppm, wordt door of vanwege de fabrikant of door degene die de verpakking in de Europese Gemeenschap in de handel brengt, een verslag ingediend bij Onze Minister. Het verslag bevat tenminste gegevens omtrent:

    • 1º. de gemeten waarden;

    • 2º. een beschrijving van de gebruikte meetmethoden;

    • 3º. de vermoedelijke bronnen van de te hoge concentraties;

    • 4º. een gedetailleerde omschrijving van de maatregelen die zijn genomen om de concentraties te doen afnemen.

  • d. Indien noch de producent noch zijn gevolmachtigde in de Europese Gemeenschap is gevestigd, berust de verplichting een verslag in te dienen bij degene die het product in Nederland aan een ander ter beschikking stelt.

  • e. Op verzoek worden de meetresultaten van de productielocaties en de gebruikte meetmethoden te allen tijde ter beschikking gesteld aan Onze Minister.