Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Aanwijzing keuringsinstantie voor machines SKH 1997[Regeling vervallen per 01-09-2003.]

Geldend van 01-01-2002 t/m 31-08-2003

Aanwijzing keuringsinstantie voor machines SKH 1997

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

Gelezen het verzoekschrift van 11 december 1996 van Stichting Keuringsbureau Hout SKH te Huizen;

Overwegende, dat een keuringsinstantie in ieder geval moet voldoen aan de minimumcriteria voor aanwijzing genoemd in bijlage VII van de Richtlijn 89/392/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 juni 1989 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lidstaten betreffende machines (PbEG L 183);

Overwegende dat onderzoeksresultaten het vertrouwen rechtvaardigen dat de Stichting Keuringsbureau Hout SKH aan bijlage VII van voornoemde richtlijn voldoet voor wat betreft de machines, die zijn genoemd in artikel 2, eerste lid, van deze beschikking;

Overwegende dat Stichting Keuringsbureau Hout SKH ten behoeve van de keuring van de in artikel 2 genoemde machines overeenkomsten heeft gesloten met Stichting Houtresearch SHR te Wageningen en N.V. KEMA te Arnhem;

Gelet op artikel 5, eerste, tweede, en vierde lid, van de Wet op de gevaarlijke werktuigen;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-09-2003]

In deze beschikking wordt verstaan onder:

besluit:

het Besluit machines;

machine, keuringsinstantie, richtlijn en wet:

hetgeen het besluit daaronder verstaat;

de Commissie:

de Commissie van de Europese Gemeenschappen;

regeling:

de Regeling ter uitvoering van de Wet op de gevaarlijke werktuigen, het Besluit machines en het Warenwetbesluit machines.

Artikel 2 [Vervallen per 01-09-2003]

  • 1 De Stichting Keuringsbureau Hout SKH, Huizermaatweg 29, Postbus 50, 1270 AB Huizen wordt aangewezen als keuringsinstantie, die bevoegd is tot het verrichten van keuringen, het afgeven van certificaten van goedkeuring en het verstrekken van verklaringen van geschiktheid voor technische dossiers met betrekking tot

    • -

      Cirkelzagen (eenbladig en meerbladig) voor de bewerking van hout en daarmee gelijk te stellen materialen (bijlage IV richtlijn, A1 en A1.1 t/m A1.4 gedeeltelijk)

    • -

      Vlakschaafmachines met handvoeding voor houtbewerking (bijlage IV richtlijn, A2).

    • -

      Eenzijdige schaafmachines met manuele toevoer en/of afvoer voor houtbewerking (bijlage IV richtlijn, A3).

    • -

      Lintzagen met vast of beweegbaar tafelblad en lintzagen met beweegbare slede met manuele toevoer en/of afvoer voor de bewerking van hout en daarmee gelijk te stellen materialen (bijlage IV richtlijn, A4 gedeeltelijk).

    • -

      Gecombineerde machines van de in de bijlage IV richtlijn, A1 tot en met A4 en A7 bedoelde types machines voor de bewerking van hout en daarmee gelijk te stellen materialen (bijlage IV richtlijn, A5)

    • -

      Pennenbanken met verschillende spillen met handvoeding voor houtbewerking (bijlage IV richtlijn, A6).

    • -

      Freesmachines met verticale as, met handvoeding voor de bewerking van hout en daarmee gelijk te stellen materialen (bijlage IV richtlijn, A7).

    • -

      Draagbare kettingzaagmachines voor houtbewerking (bijlage IV richtlijn, A8).

  • 2 Deze aanwijzing kan worden ingetrokken, indien de keuringsinstantie niet aan de in artikel 3 gestelde voorwaarden voldoet of haar taken beëindigt. Het voornemen tot intrekking wordt tijdig kenbaar gemaakt.

Artikel 3 [Vervallen per 01-09-2003]

De keuringsinstantie dient aan de volgende voorwaarden te voldoen:

  • a. Bij de keuring alsmede bij de uitvoering van de overige in artikel 2, eerste lid, beschreven taken neemt zij de in de wet, het besluit, en de regeling gestelde regels in acht.

    Daarbij voldoet zij tevens aan de voorschriften opgenomen in bijlage VI van de richtlijn en blijft zij voldoen aan de minimumcriteria van bijlage VII van de richtlijn.

  • b. Zij zorgt ervoor dat anderen, bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet, die de in dat artikellid bedoelde beproevingen verrichten, daarbij de in de wet, het besluit, de regeling en de richtlijn gestelde regels in acht nemen.

    De daarvoor noodzakelijke afspraken met die anderen legt zij schriftelijk vast.

    Zij houdt tevens een register bij, aan de hand waarvan bedoelde anderen en de door deze uit te voeren beproevingen per soort afdoende kunnen worden geïdentificeerd.

  • c. Indien een ter keuring aangeboden model voldoet aan de daarop betrekking hebbende bepalingen stelt zij een EG-verklaring van typeonderzoek op als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onderdeel c, sub 3 van het besluit, dat ter kennis van de aanvrager wordt gebracht.

    Indien zij een EG-verklaring van typeonderzoek weigert te verstrekken dan wel intrekt, doet zij hiervan onmiddellijk mededeling aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onder opgave van de redenen. Van een weigering een EG-verklaring van typeonderzoek te verstrekken doet zij tevens mededeling aan de andere keuringsinstanties.

  • d. Zij deelt haar beslissingen zo spoedig mogelijk mede aan de aanvrager. Zij vermeldt daarbij de mogelijkheden van bezwaar en beroep alsmede de termijnen waarbinnen dat bezwaar of beroep moet worden ingesteld.

  • e. Zij bewaart op een systematische en behoorlijke wijze de keuringsrapporten, dossiers, verslagen, certificaten en verklaringen en overige gegevens, die samenhangen met en betrekking hebben op de vervulling van de aan haar opgedragen taken.

    Aan de hand van deze gegevens dienen de gekeurde machines afdoende te kunnen worden geïdentificeerd.

  • f. Zij blijft haar zetel in Nederland behouden.

  • g. Zij doet jaarlijks blijken van het afsluiten van een, gezien de taken welke uit deze beschikking kunnen voortvloeien, voldoende verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid.

  • h. Zij verstrekt het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid desgevraagd inlichtingen omtrent de uitvoering van deze beschikking. Tevens verstrekt zij genoemd Ministerie elk jaar een schriftelijke rapportage over de werkzaamheden, die zij in het voorafgaande jaar ter uitvoering van deze beschikking heeft verricht. Deze rapportage voldoet tenminste aan het bepaalde in bijlage 1.

  • i. Zij verleent de ambtenaren van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die met het toezicht zijn belast, toegang tot alle plaatsen waarvan de betreding voor de vervulling van hun taak nodig is en verschaft hen op hun verzoek alle voor dit toezicht van belang zijnde informatie.

  • j. Zij informeert het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onmiddellijk indien de op haar naam gestelde erkenning van de stichting Raad voor Accreditatie nr. C 19 zijn geldigheid verliest of dreigt te verliezen voor wat betreft het certificatieschema Machinerichtlijn, werkterrein houtbewerkingsmachines.

    Tevens stelt zij genoemd Ministerie terstond in het bezit van de beoordelingsrapportages van de stichting Raad voor Accreditatie betreffende voornoemd erkenning en certificatieschema, alsmede van de daaromtrent gevoerde correspondentie.

  • k. Zij laat haar erkenning van de Raad voor Accreditatie nr. C 19 beoordelen aan de hand van een richtlijn-specifiek accreditatieschema betreffende richtlijn 89/392/EEG, zodra dit schema is vastgesteld. Binnen 1 maand na vaststelling van het schema dient zij een aanvraag tot beoordeling bij de Raad voor Accreditatie in, onder gelijktijdige verzending van een afschrift van de aanvraag aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

  • l. Zij overlegt met andere keuringsinstanties over een juiste en zo veel mogelijk uniforme toepassing van procedures, richtlijnvoorschriften en normen.

  • m. Indien zij van plan is werkzaamheden, waarvoor zij is aangewezen te beëindigen, deelt zij dit tenminste drie maanden vóór de voorgenomen datum van beëindiging van die werkzaamheden mede aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De in voorwaarde e genoemde gegevens draagt zij, voorzover deze betrekking hebben op de te beëindigen werkzaamheden, over aan

  • -

    hetzij het Ministerie voornoemd,

  • -

    hetzij, na hiervoor instemming te hebben gekregen van het Ministerie voornoemd, een andere keuringsinstantie, die werkzaamheden uitvoert als bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Artikel 5 [Vervallen per 01-09-2003]

De aanwijzingsbeschikking wordt in de Staatscourant geplaatst en werkt terug tot 26 augustus 1996.

’s-Gravenhage, 22 januari 1997

De

Staatssecretaris

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

F.H.G. de Grave

Bijlage 1 [Vervallen per 01-09-2003]

De keuringsinstantie verstrekt jaarlijks vóór 1 maart een schriftelijke rapportage over het voorafgaande kalenderjaar, die in elk geval de volgende onderwerpen behandelt:

  • a) De door keuringsinstantie daadwerkelijk uitgevoerde keuringen en certificatieprocedures aan de in artikel 2 van de beschikking opgesomde machines, alsmede de daarbij opgedane ervaringen;

  • b) Wijzigingen in de op dit werkveld betrekking hebbende erkenningen van de Raad voor Accreditatie, reglementen, procedures en onderzoekscriteria;

  • c) Wijzigingen in de taakverdeling binnen de keuringsinstantie op het werkveld en wijzigingen in de bestuurssamenstelling;

  • d) Wijzigingen in statuten of huishoudelijk reglement;

  • e) De inschakeling en activiteiten van het College van Deskundigen of werkgroepen van deskundigen op het werkveld;

  • f) De ervaringen met de inschakeling van externe laboratoria en externe organisaties op het werkveld;

  • g) Het gevoerde overleg en de samenwerking met andere aangewezen keuringsinstanties nationaal en internationaal op het werkveld;

  • h) Knelpunten op het werkveld, die uit de uitvoeringspraktijk naar voren komen.

  • i) Tegen beslissingen van keuringsinstantie ingediende bezwaren en ingestelde beroepen, alsmede de afhandeling daarvan.

Voorts verstrekt de keuringsinstantie elk jaar een jaarverslag en een financieel verslag over het voorafgaande jaar, waarin aandacht is besteed aan de activiteiten, die ter uitvoering van deze beschikking zijn verricht.

Toezending van deze verslagen dient te geschieden zo spoedig mogelijk na verschijning, doch uiterlijk op 1 augustus.