Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Handhavingsvoorschrift luchtvaartterrein Maastricht[Regeling vervallen per 24-12-2008.]

Geldend van 01-11-1996 t/m 23-12-2008

Handhavingsvoorschrift luchtvaartterrein Maastricht

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Gelet op artikel 30a van de Luchtvaartwet;

Gezien het advies van de Milieucommissie Luchthaven Maastricht van 24 juni 1996, kenmerk MLM 96-123;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 1 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 In deze regeling wordt verstaan onder:

    a. aanwijzingsbesluit:

    besluit krachtens artikel 24, in samenhang met artikel 27, van de Luchtvaartwet waarbij de luchthaven Maastricht is aangewezen als luchtvaartterrein als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, van de Luchtvaartwet;

    b. Commissie 28:

    krachtens artikel 28 van de Luchtvaartwet ingestelde Milieucommissie Luchthaven Maastricht;

    c. directeur:

    directeur Luchtvaartinspectie van het Directoraat-Generaal Rijksluchtvaartdienst van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;

    d. exploitant:

    N.V. Luchthaven Maastricht;

    e. FANOMOS-systeem:

    Flighttrack and aircraft noise monitoring systeem;

    f. gebruiksplan:

    gebruiksplan als bedoeld in artikel 30b van de Luchtvaartwet;

    g. geluidszone:

    geluidszone als bedoeld in artikel 13 van het aanwijzingsbesluit;

    h. Luchtvaartpolitie:

    Korps Landelijke Politiediensten, Afdeling Bijzondere Taken, Luchtvaartpolitie;

    i. luchtvaartterrein:

    luchtvaartterrein Maastricht;

    j. LVNL:

    organisatie voor de luchtverkeersbeveiliging, bedoeld in artikel 22 van de Wet Luchtverkeer;

    k. maximaal toelaatbare geluidsbelasting:

    maximaal toelaatbare geluidsbelasting in Ke in een netwerkpunt, zoals vastgelegd bij de berekening van de geluidszones;

    l. Minister:

    Minister van Verkeer en Waterstaat;

    m. Minister van VROM:

    Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

    n. netwerkpunt:

    voor de handhaving relevant punt waarvan de coördinaten zijn vermeld in bijlage A bij deze regeling;

    o. verwachte gebruik van het luchtvaartterrein:

    verwachte gebruik van het luchtvaartterrein zoals vermeld in het gebruiksplan;

    p. verwachte geluidsbelasting:

    geluidsbelasting in Ke in een netwerkpunt, berekend aan de hand van het verwachte gebruik van het luchtvaartterrein;

    q. zich ontwikkelende geluidsbelasting:

    geluidsbelasting in Ke in een netwerkpunt, veroorzaakt door het feitelijke gebruik van het luchtvaartterrein in de verstreken periode van het gebruiksplanjaar, gevoegd bij het verwachte gebruik van het luchtvaartterrein in de resterende periode van dat jaar.

Hoofdstuk 2. Verzameling van gegevens [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 2 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De directeur laat de radar- en vliegplangegevens, genoemd in bijlage B bij deze regeling, in het FANOMOS-systeem opslaan en verwerken.

  • 2 De directeur laat iedere werkdag een reservebestand van deze gegevens maken. Dit reservebestand wordt ten minste 5 jaar bewaard.

Artikel 3 [Vervallen per 24-12-2008]

De gegevens, bedoeld in artikel 30b, tweede lid, van de Luchtvaartwet, die nodig zijn voor de bepaling van de verwachte geluidsbelasting, zijn de in bijlage C bij deze regeling genoemde gegevens, uitgesplitst per maand.

Artikel 4 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat de exploitant de in artikel 21 van het aanwijzingsbesluit bedoelde gegevens over het feitelijke gebruik van het luchtvaartterrein niet heeft verstrekt, vordert de directeur, binnen een door hem te bepalen termijn, dat de exploitant deze gegevens alsnog verstrekt.

Artikel 5 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien de exploitant niet heeft voldaan aan een van de termijnen, genoemd in artikel 30b, zesde lid, van de Luchtvaartwet, maakt de directeur daarvan onmiddellijk rapport op. Hij zendt het rapport aan de Luchtvaartpolitie en een afschrift daarvan aan de exploitant, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie 28. Tevens stelt hij de Minister hiervan terstond in kennis.

Hoofdstuk 3. Toetsing van feitelijk gebruik aan gebruiksplan en geluidszones [Vervallen per 24-12-2008]

§ 3.1. De zich ontwikkelende geluidsbelasting [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 6 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Na afloop van elk kwartaal laat de directeur voor elk netwerkpunt de zich ontwikkelende geluidsbelasting en het verschil tussen de maximaal toelaatbare geluidsbelasting en de zich ontwikkelende geluidsbelasting berekenen.

  • 2 De directeur rapporteert ten minste één keer per kwartaal aan de Minister over de zich ontwikkelende geluidsbelasting en de toetsing daarvan aan het verwachte gebruik van het luchtvaartterrein en aan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting, en zendt een afschrift van het rapport aan de Minister van VROM, de exploitant en de voorzitter van de Commissie 28.

§ 3.2. Overschrijding van de verwachte geluidsbelasting [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 7 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Indien blijkt dat de zich ontwikkelende geluidsbelasting in enig kwartaal van het gebruiksplanjaar de verwachte geluidsbelasting heeft overschreden met meer dan 50% van het verschil tussen de maximaal toelaatbare geluidsbelasting en de verwachte geluidsbelasting, deelt de directeur aan de exploitant mee dat deze een voorstel tot wijziging van het gebruiksplan aan de Minister dient te zenden.

  • 2 De directeur zendt een afschrift van de in het eerste lid bedoelde mededeling aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie 28.

§ 3.3. Dreigende overschrijding van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 8 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Indien blijkt dat de zich ontwikkelende geluidsbelasting in een netwerkpunt hoger is dan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting, handelt de directeur volgens artikel 7.

  • 2 In het in het eerste lid bedoelde geval verzoekt de directeur aan de exploitant de in artikel 21 van het aanwijzingsbesluit bedoelde gegevens over het feitelijk gebruik van het luchtvaartterrein maandelijks te verstrekken.

§ 3.4. Overschrijding van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 9 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat de maximaal toelaatbare geluidsbelasting in een netwerkpunt is overschreden, stelt de directeur de Minister en de exploitant daarvan onmiddellijk in kennis, en zendt een afschrift van deze mededeling aan de Minister van VROM en aan de voorzitter van de Commissie 28.

§ 3.5. Toepassing preferentieel baangebruiksysteem [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 10 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De directeur toetst steekproefsgewijs, doch ten minste één keer per kwartaal, de toepassing van het preferentieel baangebruiksysteem zoals omschreven in het gebruiksplan.

  • 2 Op verzoek van het klachtenbureau van de Commissie 28 kan de directeur, indien de aard of omvang van de klachten daartoe aanleiding geeft, naast de in het eerste lid bedoelde toetsing, een specifieke controle uitvoeren op de toepassing van het preferentieel baangebruiksysteem.

Artikel 11 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat het preferentieel baangebruiksysteem niet is toegepast, onderzoekt de directeur de oorzaak daarvan, maakt hiervan rapport op, stelt de Minister daarvan onmiddellijk in kennis, en zendt een afschrift daarvan aan de Minister van VROM, de voorzitter van de Commissie 28, de exploitant en het bestuur van de LVNL.

Hoofdstuk 4. Toezicht op naleving gebruiksvoorschriften [Vervallen per 24-12-2008]

§ 4.1. Baanbeschikbaarstelling [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 12 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De directeur houdt met behulp van het FANOMOS-systeem dagelijks toezicht op de naleving van artikel 16 van het aanwijzingsbesluit omtrent de baanbeschikbaarstelling.

  • 2 Op verzoek van het klachtenbureau van de Commissie 28 kan de directeur, indien de aard of omvang van de klachten daartoe aanleiding geeft, naast het in het eerste lid bedoelde toezicht, een specifieke controle uitvoeren op de baanbeschikbaarstelling.

Artikel 13 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat de exploitant in strijd met artikel 16 van het aanwijzingsbesluit een baan beschikbaar gesteld heeft, maakt de directeur hiervan rapport op en zendt dit aan de Luchtvaartpolitie en in afschrift aan de exploitant en de Minister van VROM. Tevens stelt de directeur de Minister daarvan onmiddellijk in kennis.

§ 4.2. Tolerantiegebieden [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 14 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De directeur houdt dagelijks toezicht, met behulp van het FANOMOS-systeem, op de uitvoering door de gezagvoerders van de aan hen opgedragen standaard-instrument-vertrekprocedure, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van het aanwijzingsbesluit.

  • 2 Op verzoek van het klachtenbureau van de Commissie 28 kan de directeur, indien de aard of omvang van de klachten daartoe aanleiding geeft, naast het in het eerste lid bedoelde toezicht, een specifieke controle uitvoeren op de in het eerste lid bedoelde uitvoering.

Artikel 15 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 Indien blijkt dat een gezagvoerder de hem opgedragen standaard-instrument-vertrekprocedure niet heeft uitgevoerd binnen het voor die procedure vastgestelde tolerantiegebied, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van het aanwijzingsbesluit, kan de directeur de oorzaak daarvan onderzoeken.

  • 2 Indien uit het in het eerste lid bedoelde onderzoek blijkt dat van het tolerantiegebied is afgeweken zonder een daartoe strekkende opdracht van de LVNL, maakt de directeur hiervan rapport op en zendt hij dit aan de Luchtvaartpolitie.

  • 3 Indien uit het onderzoek blijkt dat van het tolerantiegebied is afgeweken in opdracht van de LVNL, maakt de directeur hiervan rapport op en zendt hij dit aan het bestuur van de LVNL en in afschrift aan de exploitant en aan de voorzitter van de Commissie 28.

  • 4 In verband met het in het eerste lid bedoelde onderzoek kan de directeur aan de LVNL verzoeken om hem de registratie van de betreffende radiotelefonie-gesprekken tussen de verkeersleiding en het stuurhutpersoneel te verstrekken.

§ 4.3. Circuitvluchten [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 16 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 1 De directeur houdt steekproefsgewijs doch ten minste eenmaal per kwartaal toezicht op de naleving van artikel 20 van het aanwijzingsbesluit betreffende de periode waarin circuitvluchten toegestaan zijn.

  • 2 Op verzoek van het klachtenbureau van de Commissie 28 kan de directeur, indien de aard of omvang van de klachten daartoe aanleiding geeft, een specifieke controle laten uitvoeren op de in het eerste lid bedoelde naleving.

Artikel 17 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat de gezagvoerder circuitvluchten als bedoeld in artikel 20 van het aanwijzingsbesluit uitvoert of heeft uitgevoerd buiten de in dat artikel genoemde periode, maakt de directeur hiervan rapport op en zendt dit aan de Luchtvaartpolitie.

§ 4.4. Niet-geluidgecertificeerde of Hoofdstuk 2 vliegtuigen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 18 [Vervallen per 24-12-2008]

  • 2 Op verzoek van het klachtenbureau van de Commissie 28 kan de directeur, indien de aard of omvang van de klachten daartoe aanleiding geeft, een specifieke controle laten uitvoeren op de in het eerste lid bedoelde naleving.

Artikel 19 [Vervallen per 24-12-2008]

Indien blijkt dat de gezagvoerder heeft gehandeld in strijd met de in artikel 18 genoemde regeling, maakt de directeur hiervan rapport op en zendt dit aan de Luchtvaartpolitie.

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen [Vervallen per 24-12-2008]

Artikel 20 [Vervallen per 24-12-2008]

De directeur rapporteert één keer per kwartaal, gelijktijdig met het in artikel 6, tweede lid, bedoelde rapport, aan de Minister, de Minister van VROM en de voorzitter van de Commissie 28 over:

  • a. het aantal overtredingen van de bij het aanwijzingsbesluit gestelde voorschriften omtrent baanbeschikbaarstelling, tolerantiegebieden en circuitvluchten;

  • b. de wijze van afhandeling daarvan, en

  • c. het toezicht op de naleving van artikel 30b, zesde lid, van de Luchtvaartwet.

Artikel 21 [Vervallen per 24-12-2008]

Deze regeling is van overeenkomstige toepassing op de voorschriften van een krachtens artikel 25f van de Luchtvaartwet gegeven ontheffing.

Artikel 22 [Vervallen per 24-12-2008]

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 november 1996.

Artikel 23 [Vervallen per 24-12-2008]

Deze regeling wordt aangehaald als: Handhavingsvoorschrift luchtvaartterrein Maastricht.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 23-10-1996

De

Minister

van Verkeer en Waterstaat,

A. Jorritsma-Lebbink