Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Circulaire Inwerkingstelling Uitvoeringsovereenkomst Akkoord van Schengen

Geldend van 01-03-1996 t/m heden

Circulaire Inwerkingstelling Uitvoeringsovereenkomst Akkoord van Schengen

Circulaire aan de Korpschefs Politieregio's en de Commandant der Koninklijke Marechaussee; i.a.a. de Procureurs-Generaal (fgd. Directeuren van Politie)

Op 26 maart 1995 wordt de Uitvoeringsovereenkomst bij het Akkoord van Schengen in werking gesteld voor wat betreft de landen: België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland, Portugal en Spanje.

  • 1. Uit de bepalingen van dit Akkoord vloeit onder meer voort dat visumplichtige vreemdelingen die in het bezit zijn van een geldige verblijfstitel afgegeven door één der bij het Akkoord van Schengen aangesloten en hierboven vermelde landen, zich voortaan voor een periode van ten hoogste drie maanden op grond van deze verblijfstitel visumvrij mogen verplaatsen op het grondgebied van de overige Overeenkomstsluitende Partijen.

    Voor de uitoefening van dit zogenaamde 'circulatierecht' gelden naast het bezit van een geldig reisdocument en een geldige verblijfstitel, nog wel de volgende voorwaarden:

    • het, zonodig, overleggen van documenten ter staving van het doel van het voorgenomen verblijf en de verblijfsomstandigheden;

    • beschikken over voldoende middelen van bestaan zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor de terugreis naar het land van oorsprong of voor doorreis naar de derde staat waar toelating gewaarborgd is, dan wel in staat zijn deze middelen rechtmatig te verwerven;

    • niet beschouwd worden als een gevaar voor de openbare orde, de nationale veiligheid of de internationale betrekkingen van één der Overeenkomstsluitende Partijen;

    • niet gesignaleerd staan op de nationale signaleringslijst (OPS) van de betrokken Overeenkomstsluitende Partij.

  • 2. Daarnaast geldt voor onderdanen van Turkije – op grond van in Beneluxverband gemaakte afspraken – een opschorting van de visumplicht in die zin dat zij zich voor een periode van maximaal drie maanden visumvrij in het Beneluxgebied mogen ophouden mits zij:

    • in het bezit zijn van een geldig nationaal paspoort en

    • beschikken over een geldige verblijfstitel voor één der overige lidstaten van de Europese Unie waarvan de geldigheidsduur bij binnenkomst nog ten minste vier maanden bedraagt.

    Met de overige lidstaten der Europese Unie worden in dit verband bedoeld:

    Denemarken, Finland, Griekenland, Ierland, Italië, Oostenrijk, het Verenigd Koninkrijk en Zweden.

  • 3. Voor niet-visumplichtige vreemdelingen geldt dat zij zich op het Schengen-grondgebied voor de duur van drie maanden binnen een periode van zes maanden vrij kunnen verplaatsen, mits zij aan de hierboven onder 1. genoemde voorwaarden voldoen (m.u.v. het vereiste van een verblijfstitel) en bovendien niet ter fine van weigering van toegang gesignaleerd staan.

    Bovendien blijft de huidige Benelux-regeling van kracht, op basis waarvan niet-visumplichtige vreemdelingen voor een totaal van negen maanden binnen een periode van twaalf maanden zich in de Benelux mogen ophouden (waarvan ten hoogste drie maanden binnen zes maanden per Benelux-staat).

  • 4. Voor visumplichtige vreemdelingen die houder zijn van een visum geldig voor het hele Schengengebied, geldt dat zij zich op het Schengengrondgebied vrij mogen verplaatsen, zolang het visum geldig is, zolang zij aan de hierboven onder 1. genoemde voorwaarden voldoen (m.u.v. het vereiste van een verblijfstitel) en zij bovendien niet ter fine van weigering van toegang gesignaleerd staan.

Het circulatierecht geldt niet voor houders van een tot één of meerdere Schengenstaten territoriaal beperkt visum.

Ik verzoek u de onder u ressorterende ambtenaren belast met het toezicht op vreemdelingen terzake in te lichten.

Bovenstaande aanwijzingen zullen voor zover nodig, te zijner tijd in de Vreemdelingencirculaire 1994 worden verwerkt.

De

Staatssecretaris

van Justitie,
namens de Staatssecretaris,
het

Hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst

,

H.P.A. Nawijn