Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens[Regeling vervallen per 06-01-2014.]

Geldend van 01-01-2012 t/m 14-06-2012

Besluit van 8 september 1994, houdende regels ter uitvoering van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 2 juni 1994, nummer GBA94/U69, gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Financiën en Economische Zaken;

Gelet op de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;

Gezien het advies van de Raad voor de gemeentefinanciën van 23 maart 1994, nummer Rgf 02.20/002.003;

Gezien het advies van de Registratiekamer van 23 maart 1994, nummer 94.A.002;

Gezien het advies van de Raad voor het Cultuurbeheer van 26 april 1994, nummer RCB/II-94-128;

De Raad van State gehoord (advies van 28 juli 1994, nummer W04.94.0350);

Gezien het nader rapport van Staatssecretaris J. Kohnstamm van Binnenlandse Zaken van 30 augustus 1994, nummer GBA94/101, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Financiën en Economische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 06-01-2014]

Afdeling 1. Begripsbepalingen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 1 [Vervallen per 06-01-2014]

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • de wet: de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;

  • Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • het netwerk: het netwerk, bedoeld in artikel 4 van de wet;

  • een autorisatiebesluit: een besluit als bedoeld in artikel 91, eerste lid, van de wet of in artikel 99, zevende lid, van de wet;

  • een bijzondere derde: een derde als bedoeld in artikel 99 van de wet;

  • het vestigingsregister: het register, bedoeld in artikel 112 van de wet;

  • de verstrekkingsvoorziening: de voorziening, bedoeld in artikel 66a;

  • de systeembeschrijving: de beschrijving, bedoeld in artikel 11;

  • de tabelgegevens: de inhoud van de tabellen, bedoeld in artikel 13;

  • het gemeentelijke geautomatiseerde systeem: het geautomatiseerde systeem waarmee de verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in de basisadministratie uitvoering wil geven, of uitvoering geeft, aan de regels, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet;

  • het geautomatiseerde systeem van de afnemer: het geautomatiseerde systeem waarmee de buitengemeentelijke afnemer uitvoering wil geven, of uitvoering geeft, aan de regels, bedoeld in artikel 16 van de wet;

  • het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister: het geautomatiseerde systeem waarmee de verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in het vestigingsregister uitvoering geeft aan de regels, bedoeld in artikel 117 van de wet;

  • een vrij bericht: een in de systeembeschrijving beschreven bericht dat over het netwerk wordt verzonden of ontvangen, waarbij de informatie die het bericht bevat niet in de systeembeschrijving is vastgelegd;

  • het vreemdelingenadministratiesysteem: het geautomatiseerde systeem waarmee de mededelingen van Onze Minister van Justitie ter uitvoering van artikel 58 van de wet worden ontvangen en verzonden;

  • het gebruikersoverleg: het overleg, bedoeld in artikel 23a, van de wet;

  • de audit: de controle, bedoeld in artikel 120a, eerste lid, van de wet;

  • de heraudit: de hercontrole, bedoeld in artikel 120a, vijfde lid, van de wet.

Afdeling 2 [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 2 [Vervallen per 01-09-2001]

Afdeling 3. De bijdrage in de kosten in verband met de uitvoering van de wet [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 3 [Vervallen per 06-01-2014]

In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 4 [Vervallen per 06-01-2014]

Categorieën van kosten, als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet zijn de kosten in verband met:

  • a. de verzending en ontvangst van netwerkberichten;

  • b. het beheer van het stelsel van basisadministraties en het beheer en gebruik van de verstrekkingsvoorziening.

Artikel 5 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Netwerkberichten tussen basisadministraties komen ten laste van de betrokkene die het bericht verzendt.

  • 2 Netwerkberichten aan of van een buitengemeentelijke afnemer of een bijzondere derde, behoudens berichten ter uitvoering van artikel 62, komen ten laste van die afnemer of derde.

Artikel 6 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister stelt elk jaar de abonnementsstructuur vast die hij in het volgende jaar zal hanteren. De abonnementsstructuur bestaat uit verschillende abonnementsklassen met daarbij behorende bandbreedten van aantallen netwerkberichten en het daarbij behorende tarief in euro’s.

  • 2 Onze Minister bepaalt de abonnementsstructuur, gelet op:

    • a. de voor het volgende jaar te verwachten kosten als bedoeld in artikel 4, verminderd met het saldo over het vorige jaar;

    • b. het voor het volgende jaar te verwachten aantal netwerkberichten dat ten laste van de betrokkenen komt.

  • 4 Onze Minister deelt de abonnementsstructuur in september van elk jaar mede aan de betrokkenen.

Artikel 7 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De bijdrage van een betrokkene bestaat uit een jaarlijkse betaling. Hiertoe brengt Onze Minister het abonnementstarief voor het lopende jaar in rekening dat behoort bij de abonnementsklasse waarin de betrokkene valt, gelet op het aantal netwerkberichten dat in het voorafgaande jaar ten laste van hem kwam.

  • 2 Indien het aantal netwerkberichten over het lopende jaar dat ten laste van de betrokkene komt, valt in een hogere abonnementsklasse dan de in het eerste lid bedoelde klasse, brengt Onze Minister, in afwijking van het eerste lid, het abonnementstarief voor het lopende jaar in rekening dat behoort bij die hogere klasse.

  • 3 Onze Minister stelt het jaarlijks in rekening te brengen bedrag voor een betrokkene op nul vast, voor zover een voorziening is getroffen in de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken die in plaats treedt van de bijdrage van de betrokkene.

Artikel 8 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Categorieën van kosten, als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet zijn tevens kosten in verband met de afstemming van de gegevens van een betrokkene op de gegevens in de basisadministratie.

  • 2 De bijdrage van een betrokkene in de in het eerste lid bedoelde kosten wordt vastgesteld op basis van artikel 69.

Artikel 9 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Categorieën van kosten, als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet zijn tevens kosten in verband met de verzending van berichten met behulp van optische schijf of magneetschijf, tenzij deze kosten vallen onder artikel 8 of de verzending verband houdt met een infrastructurele wijziging ten aanzien van een gemeente.

  • 2 Een college van burgemeester en wethouders kan bij de betrokkene aan wie de berichten worden verzonden in verband met de kosten, bedoeld in het eerste lid, een bijdrage in rekening brengen voor zover de verzending geschiedt ter uitvoering van een autorisatiebesluit. Bij ministeriële regeling wordt vastgesteld welke bijdragen ten hoogste in rekening kunnen worden gebracht.

Artikel 10 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 2 Een college van burgemeester en wethouders dat schriftelijk gegevens verstrekt, kan bij de betrokkene aan wie de gegevens worden verstrekt in verband met de kosten, bedoeld in het eerste lid, een bijdrage in rekening brengen. Bij ministeriële regeling wordt vastgesteld welke bijdragen ten hoogste in rekening kunnen worden gebracht.

Artikel 10a [Vervallen per 06-01-2014]

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de onderwerpen die zijn geregeld in deze afdeling.

Afdeling 4. De geautomatiseerde systemen en het netwerk [Vervallen per 06-01-2014]

§ 1. De systeembeschrijving en de tabelgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 11 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister stelt een systeembeschrijving vast.

Artikel 12 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De systeembeschrijving geeft een beschrijving van:

    • a. de inrichting en werking van de basisadministraties;

    • b. de inrichting en werking van de verstrekkingsvoorziening;

    • c. de inrichting en werking van het vestigingsregister;

    • d. de verzending en de ontvangst van berichten als bedoeld in artikel 16 van de wet;

    • e. de verzending en ontvangst van berichten als bedoeld in artikel 62 van de wet.

  • 2 De systeembeschrijving geeft tevens een beschrijving van de volgende wijzen van systematisch verstrekken van gegevens aan buitengemeentelijke afnemers op grond van de desbetreffende autorisatiebesluiten:

    • a. verstrekkingen uit de basisadministraties:

      • 1°. de eenmalige verstrekking van de in een autorisatiebesluit vermelde gegevens over de door de afnemer aangegeven personen welke deel uitmaken van de in het autorisatiebesluit aangegeven categorie van personen, of over personen waarvan de in de basisadministratie vermelde gegevens voldoen aan de in het autorisatiebesluit genoemde voorwaarden, gevolgd door de verstrekking van de wijzigingen die zich voordoen in deze gegevens (spontane verstrekkingen);

      • 2°. de eenmalige of periodieke verstrekking van de in een autorisatiebesluit vermelde gegevens over personen waarvan de in de basisadministratie vermelde gegevens voldoen aan de in het autorisatiebesluit genoemde voorwaarden (selectie- en conditionele verstrekkingen);

      • 3°. de verstrekking op verzoek van de afnemer, van gegevens welke deel uitmaken van de in een autorisatiebesluit vermelde gegevens over, per verzoek, ten hoogste tien personen die deel uitmaken van de in het autorisatiebesluit bepaalde categorie van personen en van wie de gegevens of een deel van de gegevens voldoen aan de gegevens die in het verzoek van de afnemer zijn vermeld (verstrekkingen ad-hoc op basis van een zoekvraag).

    • b. verstrekkingen uit het vestigingsregister: de verstrekking op verzoek van de afnemer, van gegevens welke deel uitmaken van de in een autorisatiebesluit vermelde gegevens over personen die deel uitmaken van de in het autorisatiebesluit bepaalde categorie van personen (verstrekkingen ad hoc).

  • 3 De systeembeschrijving geeft tevens een beschrijving van de gevallen waarin bijzondere gegevens, administratieve gegevens of administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens worden vernietigd, of worden verwijderd uit de basisadministratie, uit de verstrekkingsvoorziening of uit het vestigingsregister.

  • 4 De systeembeschrijving geeft tevens een beschrijving van de verzending en de ontvangst van berichten over het netwerk in verband met de in artikel 58 van de wet bedoelde mededeling over het verblijfsrecht.

  • 5 De systeembeschrijving geeft tevens een beschrijving van:

    • a. de verzending en ontvangst van de algemene, bijzondere en verwijsgegevens aan een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen, bedoeld in artikel 100a van de wet.

    • b. de verwerking van mededelingen van een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen, bedoeld in artikel 113, eerste lid, onder b, van de wet.

  • 6 De beschrijving omvat in ieder geval de in artikel 13 en in de paragrafen 2, 4, en 6 van deze afdeling genoemde onderwerpen.

Artikel 13 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister stelt de inhoud vast van de in de systeembeschrijving beschreven tabellen ten behoeve van de ordening en de codering van de gegevens in de basisadministraties, in de verstrekkingsvoorziening en in het vestigingsregister.

  • 2 Onze Minister stelt de inhoud vast van de in de systeembeschrijving beschreven tabel ten behoeve van:

Artikel 14 [Vervallen per 06-01-2014]

De vaststelling van de tabelgegevens ten behoeve van de op grond van artikel 12, tweede lid, beschreven verstrekkingen uit de basisadministraties en uit het vestigingsregister, geschiedt op grond van de desbetreffende autorisatiebesluiten.

§ 2. De inrichting en werking van de basisadministraties [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 15 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie neemt de in de basisadministratie op te nemen gegevens op in het gemeentelijke geautomatiseerde systeem, op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 16 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in een basisadministratie neemt de door Onze Minister aan hem verstrekte tabelgegevens op in het gemeentelijke geautomatiseerde systeem op een wijze die overeenkomt met de systeembeschrijving.

Artikel 17 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat de gegevens die ter uitvoering van het bepaalde bij of krachtens de wet in het gemeentelijke geautomatiseerde systeem zijn opgenomen, met behulp van het geautomatiseerde systeem beschikbaar blijven op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving, totdat zij op grond van het bepaalde bij of krachtens de wet moeten worden vernietigd of uit de basisadministratie moeten worden verwijderd.

  • 2 De verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, vernietigt de gegevens, of verwijdert deze uit de basisadministratie, op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 18 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat het gemeentelijke geautomatiseerde systeem in overeenstemming met de systeembeschrijving geautomatiseerd berichten over het netwerk verzendt en ontvangt ten behoeve van:

  • a. de inschrijving en de uitschrijving;

  • b. de verwerking van algemene gegevens en van administratieve gegevens;

  • c. de verwerking van verwijsgegevens en van administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens;

  • d. de op grond van artikel 12, tweede lid, beschreven verstrekkingen uit de basisadministratie.

Artikel 19 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in een basisadministratie draagt zorg dat het gemeentelijke geautomatiseerde systeem in overeenstemming met de systeembeschrijving in verband met de verzending en de ontvangst van berichten ten behoeve van de in artikel 18, onder a tot en met d, bedoelde handelingen:

    • a. geautomatiseerd berichten op optische schijf of magneetschijf vastlegt;

    • b. geautomatiseerd berichten ontvangt die op optische schijf of magneetschijf zijn vastgelegd.

  • 2 De verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, draagt zorg dat hij de optische schijf of de magneetschijf verzendt of in ontvangst neemt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 20 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat het gemeentelijke geautomatiseerde systeem een vrij bericht over het netwerk verzendt en ontvangt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 21 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie stelt Onze Minister op de hoogte van de voorvallen die optreden bij de verzending en de ontvangst van berichten, bedoeld in de artikelen 18 tot en met 20, voor zover de voorvallen op grond van de systeembeschrijving voor melding in aanmerking komen.

Artikel 22 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat wordt voldaan aan de in de systeembeschrijving beschreven minimale eisen ten aanzien van de beschikbaarheid en de verwerkingstijden van het gemeentelijke geautomatiseerde systeem.

Artikel 23 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg voor de uitvoering van de in de systeembeschrijving beschreven procedures voor het bewaren en het herstellen van gegevens.

Artikel 24 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat in overeenstemming met de systeembeschrijving aantekening wordt gehouden van het gebruik dat van het gemeentelijke geautomatiseerde systeem is gemaakt.

Artikel 25 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering wordt gegeven aan de artikelen 78, eerste en vijfde lid, 79, eerste, tweede en derde lid, 88, derde lid, 103, tweede en derde lid en 104, eerste lid, van de wet.

Artikel 26 [Vervallen per 06-01-2014]

De artikelen 27 en 28 zijn uitsluitend van toepassing op de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie van een gemeente ten aanzien waarvan een herindelingsregeling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Wet algemene regels herindeling is vastgesteld.

Artikel 27 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat de uitschrijving en de inschrijving, bedoeld in artikel 71, eerste lid, van de Wet algemene regels herindeling, geschieden op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 28 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie van een gemeente die op grond van een herindelingsregeling wordt opgeheven, draagt zorg dat:

  • a. de in de basisadministratie opgenomen persoonslijsten van personen die anders dan als ingezetene zijn ingeschreven,

  • b. de in de basisadministratie opgenomen persoonslijsten van personen die als ingezetene zonder adres zijn ingeschreven, en

  • c. de in de basisadministratie opgenomen verwijsgegevens,

worden overgedragen aan de gemeente, bedoeld in artikel 71, derde lid, van de Wet algemene regels herindeling, op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

Artikel 29 [Vervallen per 06-01-2014]

Het gemeentelijke geautomatiseerde systeem stelt de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in staat om in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering te geven aan de in de artikelen 15 tot en met 28 bedoelde taken.

Artikel 30 [Vervallen per 06-01-2014]

Het gemeentelijke geautomatiseerde systeem biedt de in de systeembeschrijving beschreven voorzieningen ten behoeve van een onderzoek als bedoeld in de artikelen 9, 11 en 13 van de wet.

§ 3. De beveiliging van de basisadministraties [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 31 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg voor de nodige voorzieningen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van de in de basisadministratie vermelde gegevens tegen verlies of aantasting van deze gegevens en tegen onbevoegde kennisneming, wijziging of verstrekking van deze gegevens. Deze voorzieningen omvatten ten minste de volgende onderwerpen:

  • a. maatregelen gericht op personen die werkzaam zijn voor de verantwoordelijke;

  • b. maatregelen gericht op de toegang tot gebouwen en ruimten waar in de basisadministratie vermelde gegevens aanwezig zijn;

  • c. maatregelen gericht op een deugdelijke werking en beveiliging van de apparatuur en programmatuur die het gemeentelijke geautomatiseerde systeem vormen;

  • d. maatregelen gericht op het beheer van de gegevens die in de basisadministratie zijn vermeld;

  • e. maatregelen voor het geval de geheimhouding van in de basisadministratie vermelde gegevens is geschaad;

  • f. maatregelen bij calamiteiten.

§ 4. De verzending en de ontvangst van berichten door buitengemeentelijke afnemers [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 32 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De buitengemeentelijke afnemer draagt zorg dat zijn geautomatiseerde systeem in overeenstemming met de systeembeschrijving geautomatiseerd berichten over het netwerk verzendt en ontvangt ten behoeve van de op grond van artikel 12, tweede lid, beschreven verstrekkingen uit de basisadministraties en uit het vestigingsregister.

  • 2 De buitengemeentelijke afnemer draagt zorg dat zijn geautomatiseerde systeem een vrij bericht over het netwerk verzendt en ontvangt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

  • 3 De in het eerste en het tweede lid bedoelde verplichtingen zijn slechts van toepassing indien de buitengemeentelijke afnemer een toestemming heeft tot uitvoering van de regels, bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de wet en voor zover de desbetreffende wijzen van systematische gegevensverstrekking zijn vastgelegd in het autorisatiebesluit.

Artikel 33 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De buitengemeentelijke afnemer draagt zorg dat zijn geautomatiseerde systeem in overeenstemming met de systeembeschrijving ten behoeve van de op grond van artikel 12, tweede lid, beschreven verstrekkingen uit de basisadministraties:

    • a. geautomatiseerd berichten op optische schijf of magneetschijf vastlegt;

    • b. geautomatiseerd berichten ontvangt die op optische schijf of magneetschijf zijn vastgelegd.

  • 2 De buitengemeentelijke afnemer draagt zorg dat hij de optische schijf of de magneetschijf verzendt of in ontvangst neemt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

  • 3 De verplichtingen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, zijn slechts van toepassing voor zover de in deze leden bedoelde wijze van verzending en ontvangst van berichten en de desbetreffende wijzen van systematische gegevensverstrekking in het autorisatiebesluit zijn vastgelegd.

Artikel 34 [Vervallen per 25-09-1996]

Artikel 35 [Vervallen per 06-01-2014]

De buitengemeentelijke afnemer stelt Onze Minister op de hoogte van voorvallen die optreden bij de verzending en de ontvangst van berichten, bedoeld in de artikelen 32 en 33, voor zover de voorvallen op grond van de systeembeschrijving voor melding in aanmerking komen.

Artikel 36 [Vervallen per 06-01-2014]

De buitengemeentelijke afnemer draagt zorg dat wordt voldaan aan de in de systeembeschrijving beschreven minimale eisen ten aanzien van de beschikbaarheid en de verwerkingstijden van het geautomatiseerde systeem van de afnemer.

Artikel 37 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Het geautomatiseerde systeem van de afnemer stelt de buitengemeentelijke afnemer in staat om in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering te geven aan de in de artikelen 32 tot en met 36 bedoelde taken.

  • 2 Indien ten aanzien van de afnemer geen autorisatiebesluit is genomen en de afnemer een formulier als bedoeld in artikel 66 heeft ingediend, zijn de eisen aan het geautomatiseerde systeem met betrekking tot de uitvoering van de in artikel 32, eerste en tweede lid, en artikel 33, eerste lid, bedoelde taken slechts van toepassing voor zover de desbetreffende wijzen van verzending en ontvangst van berichten en de desbetreffende wijzen van systematische gegevensverstrekking in het formulier zijn aangegeven.

  • 3 Indien ten aanzien van de afnemer geen autorisatiebesluit is genomen en de afnemer niet een formulier als bedoeld in artikel 66 heeft ingediend, zijn de eisen aan het geautomatiseerde systeem met betrekking tot de uitvoering van de in artikel 32, eerste en tweede lid, en artikel 33, eerste lid, bedoelde taken van toepassing.

Artikel 38 [Vervallen per 06-01-2014]

Het geautomatiseerde systeem van de afnemer biedt de in de systeembeschrijving beschreven voorzieningen ten behoeve van een onderzoek als bedoeld in de artikelen 18 en 20 van de wet.

§ 5. Het verschaffen van inlichtingen over apparatuur en programmatuur [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 39 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister stelt regels omtrent het verschaffen van inlichtingen door:

    • a. de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in verband met het aanbrengen van een verandering in de wijze van uitvoering van de regels, bedoeld in artikel 6 van de wet;

    • b. de buitengemeentelijke afnemer in verband met het aanbrengen van een verandering in de wijze van uitvoering van de regels, bedoeld in artikel 16 van de wet.

  • 2 Daarbij regelt hij in ieder geval de verplichtingen om inlichtingen te verschaffen omtrent het aanbrengen van wijzigingen in de apparatuur en programmatuur die het gemeentelijke geautomatiseerde systeem of het geautomatiseerde systeem van de afnemer vormen.

§ 6. De mededelingen over het verblijfsrecht [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 40 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vreemdelingenadministratiesysteem, draagt zorg dat de in artikel 58 van de wet bedoelde mededeling over het verblijfsrecht van de vreemdeling in overeenstemming met de systeembeschrijving geautomatiseerd over het netwerk wordt ontvangen en verzonden.

Artikel 40a [Vervallen per 06-01-2014]

De in artikel 34, tweede lid, en bijlage I, onderdeel 5, van de wet bedoelde algemene gegevens over het verblijfsrecht van een vreemdeling zijn vermeld in bijlage 1a bij dit besluit.

§ 7. Overige bepalingen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 41 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de onderwerpen die geregeld zijn in deze afdeling.

Artikel 42 [Vervallen per 06-01-2014]

De regels, bedoeld in artikel 41 en de systeembeschrijving worden niet vastgesteld dan nadat de deelnemers aan het gebruikersoverleg de gelegenheid is geboden hun zienswijze omtrent het desbetreffende voorstel naar voren te brengen.

Artikel 43 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De systeembeschrijving wordt niet gewijzigd dan nadat door Onze Minister na overleg met de deelnemers aan het gebruikersoverleg overeenkomstig bijlage 1b een tegemoetkoming is vastgesteld in de kosten die de gemeenten in verband met de wijziging moeten maken, voor zover deze kosten in redelijkheid niet ten laste van de gemeenten kunnen komen.

  • 2 De ingevolge het eerste lid vastgestelde tegemoetkoming in de kosten wordt overeenkomstig bijlage 1c in rekening gebracht bij de betrokken afnemers, tenzij reeds anderszins in vergoeding van de kosten is voorzien.

Artikel 44 [Vervallen per 06-01-2014]

Van de bevoegdheid tot het wijzigen van de systeembeschrijving, met uitzondering van wijzigingen waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 13 of 22 van de wet, kan mandaat worden verleend aan een functionaris van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 45 [Vervallen per 06-01-2014]

De bepalingen in deze afdeling over een buitengemeentelijke afnemer zijn van overeenkomstige toepassing op een bijzondere derde, met dien verstande dat als de bepaling spreekt over het geautomatiseerde systeem van de afnemer, dit betrekking heeft op het geautomatiseerde systeem waarmee de bijzondere derde uitvoering wil geven, of uitvoering geeft, aan de regels, bedoeld in artikel 16 van de wet.

Artikel 46 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister kan regels stellen omtrent de bewaring van geschriften en andere bescheiden, ongeacht hun vorm, die de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie gebruikt of heeft gebruikt in verband met de verwerking van gegevens in de basisadministratie.

Afdeling 5. De toestemming [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 47 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 2 Onze Minister gaat niet over tot vaststelling van een tijdstip dan nadat de deelnemers aan het gebruikersoverleg de gelegenheid is geboden hun zienswijze omtrent het desbetreffende voorstel naar voren te brengen.

  • 3 Een tijdstip wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.

Artikel 48 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Bij de indiening van een verzoek om toestemming als bedoeld in artikel 7 of artikel 17 van de wet maakt het college van burgemeester en wethouders, de buitengemeentelijke afnemer of de bijzondere derde gebruik van een door Onze Minister vastgesteld formulier.

Artikel 49 [Vervallen per 06-01-2014]

Bij de indiening van een verzoek om toestemming als bedoeld in artikel 13 of artikel 22 van de wet maakt het college van burgemeester en wethouders, de buitengemeentelijke afnemer of de bijzondere derde gebruik van een door Onze Minister vastgesteld formulier.

Afdeling 6. De bewerker [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 50 [Vervallen per 06-01-2014]

In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder persoonsgegevens: de door de verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in een basisadministratie aan de bewerker voor het verrichten van de werkzaamheden ter beschikking gestelde persoonsgegevens en de door de bewerker daaruit afgeleide persoonsgegevens.

Artikel 51 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De door de bewerker te verrichten werkzaamheden worden vastgelegd in een door het college van burgemeester en wethouders en de bewerker te sluiten schriftelijke overeenkomst.

  • 2 De bewerker verbindt zich in de overeenkomst te handelen in overeenstemming met de in de artikelen 52 en 53 gestelde eisen.

Artikel 52 [Vervallen per 06-01-2014]

De bewerker voldoet in ieder geval aan de volgende eisen:

  • a. de bewerker maakt de persoonsgegevens uitsluitend dienstbaar aan de in de overeenkomst vastgelegde werkzaamheden;

  • b. bij het verrichten van de werkzaamheden handelt de bewerker in overeenstemming met de in en krachtens de wet gegeven voorschriften;

  • c. de bewerker stelt het college van burgemeester en wethouders in de gelegenheid toezicht op het naleven van de overeenkomst uit te oefenen, waarbij hij de medewerking verleent die hem door dat college wordt verzocht;

  • d. op vordering van het college van burgemeester en wethouders schort de bewerker de werkzaamheden op en stelt hij de persoonsgegevens ter beschikking van dat college;

  • e. indien de bewerker werkzaamheden voor een college van burgemeester en wethouders verricht, besteedt hij deze slechts uit aan een andere bewerker, voor zover de aan dat college verleende machtiging dit uitdrukkelijk toestaat.

Artikel 53 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De bewerker draagt tevens zorg voor de nodige voorzieningen van technische en organisatorische aard ter verzekering van de deugdelijke uitvoering van zijn werkzaamheden, de beveiliging van de gegevensbestanden en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Deze voorzieningen omvatten ten minste de volgende onderwerpen:

    • a. maatregelen gericht op personen die werkzaam zijn voor de bewerker;

    • b. maatregelen gericht op de toegang tot gebouwen en ruimten, in gebruik bij de bewerker, waar persoonsgegevens aanwezig zijn;

    • c. maatregelen gericht op een deugdelijke werking en beveiliging van de apparatuur en programmatuur die het gemeentelijke geautomatiseerde systeem vormen;

    • d. maatregelen gericht op het beheer van persoonsgegevens;

    • e. maatregelen voor het geval de geheimhouding van de persoonsgegevens is geschaad;

    • f. maatregelen bij calamiteiten.

  • 2 Onze Minister stelt nadere eisen aan de in het eerste lid bedoelde voorzieningen.

Afdeling 7. De periodieke audit [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 53a [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister draagt ten behoeve van de uitvoering van de audit zorg voor een evenwichtige verdeling van de gemeenten over twaalf tijdvakken van elk drie maanden.

  • 2 Het college van burgemeester en wethouders laat de audit uitvoeren binnen het voor de desbetreffende gemeente vastgestelde tijdvak.

  • 3 De verdeling van de gemeenten ingevolge het eerste lid, wordt niet vastgesteld dan nadat de betrokken gemeenten de gelegenheid hebben gehad hun zienswijze omtrent het desbetreffende voorstel naar voren te brengen. De verdeling wordt bekend gemaakt in de Staatscourant.

Artikel 53b [Vervallen per 06-01-2014]

  • 2 De vereisten betreffen in ieder geval:

    • a. de organisatorische en administratieve inrichting van het bedrijf;

    • b. de voor het uitvoeren van de audit benodigde kennis.

  • 3 Voordat een aanwijzing, bedoeld in artikel 120a, tweede lid, van de wet, wordt gegeven, wordt getoetst of aan de krachtens het eerste lid gestelde vereisten is voldaan. Periodiek wordt getoetst of een aangewezen bedrijf nog voldoet aan de gestelde vereisten.

  • 4 De aan een toets verbonden kosten komen voor rekening van het desbetreffende bedrijf.

  • 5 Een aanwijzing wordt ingetrokken indien blijkt dat een bedrijf niet langer voldoet aan de gestelde vereisten.

Artikel 53c [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Bij ministeriële regeling wordt omtrent de audit in ieder geval bepaald:

    • a. de wijze van uitvoering van het inhoudelijke deel van de audit, betreffende de in de basisadministratie opgenomen persoonsgegevens;

    • b. de wijze van uitvoering van het procesdeel van de audit, betreffende de procedures voor het bewaren en het herstellen van gegevens en de beveiliging van de basisadministratie;

    • c. de wijze van uitvoering van het privacydeel van de audit, betreffende de wijze waarop de gemeente aan de privacybescherming van de ingeschrevenen in de basisadministratie vorm geeft;

    • d. de beoordelingscriteria en de maximaal toegestane afwijkingspercentages;

    • e. in welke gevallen, op welke onderdelen en op welke wijze een heraudit moet worden uitgevoerd;

    • f. de wijze van rapporteren aan het college van burgemeester en wethouders.

  • 2 De auditresultaten worden opgenomen in een rapportage waarvan de bij ministeriële regeling bepaalde onderdelen door het college van burgemeester en wethouders in afschrift aan Onze Minister worden gezonden. De vergoeding, bedoeld in artikel 120a, vierde lid, van de wet, vindt niet plaats dan nadat het afschrift door Onze Minister is ontvangen.

Artikel 53d [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister kan nadere regels van technische en administratieve aard stellen in verband met de uitvoering van de audit.

Hoofdstuk 2. De verwerking van gegevens in de basisadministratie [Vervallen per 06-01-2014]

§ 1. De categorieën van personen die niet in aanmerking komen voor inschrijving [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 54 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Niet voor inschrijving in aanmerking komen:

    • a. de in Nederland hun dienst uitoefenende militairen behorend tot de krijgsmacht van een vreemde mogendheid, aangesloten bij de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie;

    • b. de in Nederland hun dienst uitoefenende leden van het burgerpersoneel, die in dienst zijn bij de krijgsmacht van een vreemde mogendheid als bedoeld onder a, of die in dienst zijn van een hoofdkwartier als bedoeld in artikel 3 van het Protocol nopens de rechtspositie van internationale militaire hoofdkwartieren, ingesteld uit hoofde van het Noord-Atlantische Verdrag (Trb. 1953, 11) en beschikken over een door het hoofdkwartier afgegeven identiteitsbewijs;

    • c. de echtgenoten van personen op wie onderdeel a of b van toepassing is;

    • d. de inwonende minderjarige kinderen van personen op wie onderdeel a, b of c van toepassing is.

  • 2 Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten.

  • 3 Het eerste lid, aanhef en onder b, c, en d is niet van toepassing ten aanzien van:

    • a. personen die reeds gedurende een jaar als ingezetene zijn ingeschreven;

    • b. personen die geen onderdaan zijn van een staat welke is aangesloten bij de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie;

    • c. staatloze personen.

Artikel 55 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Gedurende de eerste zes maanden van het verblijf in Nederland komen niet voor inschrijving in aanmerking vreemdelingen die geen toelating hebben tot Nederland en verblijven in een opvangcentrum.

  • 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien het verblijf in Nederland aanvangt door geboorte en omtrent betrokkene door een ambtenaar van de burgerlijke stand in Nederland een geboorteakte is opgemaakt.

  • 3 Onder een opvangcentrum als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: een door het Rijk beschikbaar gestelde accommodatie die uitsluitend bestemd is voor het bieden van tijdelijke opvang aan vreemdelingen.

§ 2. Verplichtingen van het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot personen die niet in aanmerking komen voor inschrijving [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 56 [Vervallen per 06-01-2014]

Een persoon ten aanzien van wie het college van burgemeester en wethouders kennis heeft gekregen van de omstandigheid dat hij behoort tot een categorie als bedoeld in artikel 54 of artikel 55, wordt niet ingeschreven.

Artikel 57 [Vervallen per 06-01-2014]

Een persoon ten aanzien van wie het college van burgemeester en wethouders kennis heeft gekregen van de omstandigheid dat hij behoort tot een categorie als bedoeld in artikel 54, terwijl hij reeds is ingeschreven, wordt aangemerkt als een ingeschrevene die wegens zijn vertrek uit Nederland niet als ingezetene is ingeschreven.

§ 3. De bijzondere gevallen waarin de verplichting tot aangifte van vertrek niet van toepassing is [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 58 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Niet verplicht tot het doen van aangifte van vertrek is de ingezetene die vanaf het tijdstip van het vertrek uit Nederland naar redelijke verwachting niet langer dan twee jaar buiten Nederland verblijft en die gedurende zijn verblijf buiten Nederland vaart aan boord van een schip dat in Nederland de thuishaven heeft.

  • 2 Het eerste lid is alleen van toepassing indien de betrokkene gedurende zijn verblijf buiten Nederland beschikt over een adres in Nederland.

§ 3a. De authentieke gegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 58a [Vervallen per 06-01-2014]

De in artikel 3a van de wet bedoelde gegevens zijn vermeld in bijlage 1d bij dit besluit.

§ 4. De bijzondere gegevens, de administratieve gegevens en de administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 59 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 4 De bijzondere gegevens, de administratieve gegevens en de administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens worden vernietigd of uit de basisadministratie verwijderd in de gevallen, beschreven in de systeembeschrijving.

§ 5. De gevallen waarin het burgerservicenummer niet als verwijsgegeven wordt opgenomen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 60 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister bepaalt de gevallen waarin de in artikel 35, eerste lid, onderdeel a, onder 3°, van de wet bedoelde gegevens over het burgerservicenummer niet in de basisadministratie worden opgenomen.

§ 6. De verzending van afschriften aan de korpschef [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 61 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Het college van burgemeester en wethouders zendt een afschrift van een beslissing als bedoeld in artikel 83 van de wet om op grond van artikel 37, tweede lid, van de wet gegevens over een huwelijk, een geregistreerd partnerschap, een erkenning, of de geboortedatum van de betrokken persoon niet in de basisadministratie op te nemen, aan de korpschef in de zin van de Vreemdelingenwet.

  • 2 Het eerste lid is slechts van toepassing indien de in dat lid bedoelde gegevens betrekking hebben op een vreemdeling.

§ 7. De verplichting tot terugmelding [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 62 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Een afnemer die een mededeling doet als bedoeld in artikel 62, eerste lid, van de wet, alsmede een afnemer die op grond van artikel 62, tweede of vierde lid, van de wet is aangewezen, doet mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van door hem geconstateerde afwijkingen tussen:

    • a. gegevens verstrekt uit de basisadministratie en gegevens waarvan hij op andere wijze kennis heeft gekregen;

    • b. gegevens verstrekt uit verschillende basisadministraties.

  • 2 Onze Minister kan regels stellen omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop de mededeling, bedoeld in artikel 62 van de wet, wordt gedaan.

Artikel 63 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Het college van burgemeester en wethouders stelt de afnemer die een mededeling als bedoeld in artikel 62 heeft gedaan, zo spoedig mogelijk doch binnen vijf werkdagen na de ontvangst van de mededeling er van in kennis of naar aanleiding van de mededeling gegevens in de basisadministratie zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd, dan wel bij het gegeven een aantekening als bedoeld in artikel 54 van de wet is geplaatst.

  • 2 Indien het college van burgemeester en wethouders besluit een aantekening als bedoeld in artikel 54 van de wet te plaatsen in verband met het doen van een onderzoek naar de juistheid van het gegeven, stelt het de afnemer die de mededeling heeft gedaan na afloop van het onderzoek in kennis of naar aanleiding van de mededeling gegevens in de basisadministratie zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd.

  • 3 Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de wijze waarop de kennisgevingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden gedaan.

§ 8. Bijwerking opgeschorte persoonslijst [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 63a [Vervallen per 06-01-2014]

Op de persoonslijst van een ingeschreven vreemdeling die geen ingezetene is in verband met het vertrek uit Nederland, worden nieuwe algemene gegevens over het verblijfsrecht opgenomen betreffende feiten die zich hebben voorgedaan in de tijd dat hij geen ingezetene meer is.

§ 9. Inschrijving van personen afkomstig uit Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 63b [Vervallen per 06-01-2014]

Aan de in artikel 113, eerste lid, onder b, van de wet bedoelde mededeling van een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen, worden de noodzakelijke gegevens ontleend voor de inschrijving als ingezetene in de basisadministratie.

Hoofdstuk 3. De verstrekking van gegevens uit de basisadministratie [Vervallen per 06-01-2014]

§ 1. De systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministraties aan buitengemeentelijke afnemers [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 64 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De in artikel 91, eerste lid, van de wet bedoelde wijzen van systematisch verstrekken van gegevens uit de basisadministraties aan buitengemeentelijke afnemers betreffen, behoudens het tweede lid, de wijzen die op grond van artikel 12, tweede lid, zijn beschreven in de systeembeschrijving.

  • 2 Op grond van een gezamenlijk verzoek van gemeenten en van een buitengemeentelijke afnemer, kan Onze Minister bepalen dat de systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministraties door deze gemeenten aan de afnemer op een andere wijze plaatsvindt. Het autorisatiebesluit bepaalt in dat geval op welke wijze de systematische verstrekking plaatsvindt.

Artikel 65 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie weigert de verstrekking van gegevens uit de basisadministratie aan een buitengemeentelijke afnemer als de verstrekking geen grond vindt in een autorisatiebesluit en het de verstrekking op een van de volgende wijzen betreft:

    • a. de verstrekking van gegevens zodra zich een wijziging voordoet in gegevens over door de afnemer aangegeven personen;

    • b. de eenmalige of periodieke verstrekking van gegevens over personen waarvan de gegevens voldoen aan door de afnemer aangegeven voorwaarden.

  • 2 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie kan weigeren gegevens uit de basisadministratie te verstrekken aan een buitengemeentelijke afnemer als de verstrekking geen grond vindt in een autorisatiebesluit en het aantal verstrekkingen per jaar aan de afnemer, naar redelijke verwachting van die verantwoordelijke, boven een door Onze Minister te bepalen maatstaf zal liggen.

Artikel 66 [Vervallen per 06-01-2014]

Bij de indiening van een verzoek tot het nemen van een autorisatiebesluit maakt de buitengemeentelijke afnemer gebruik van een door Onze Minister vastgesteld formulier.

§ 1a. De verstrekking van gegevens met behulp van de verstrekkingsvoorziening [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 66a [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Er is een verstrekkingsvoorziening ten behoeve van systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministraties aan buitengemeentelijke afnemers en bijzondere derden.

  • 2 De verstrekkingsvoorziening bevat hiertoe een kopie van de persoonslijsten, die in een basisadministratie zijn opgenomen.

  • 3 De systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministraties geschiedt met behulp van de verstrekkingsvoorziening voor zover dit in de systeembeschrijving is bepaald, op de daarin voorgeschreven wijze.

Artikel 66b [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister beheert de verstrekkingsvoorziening en draagt er zorg voor dat de inrichting en de werking van de voorziening in overeenstemming zijn met de systeembeschrijving.

  • 2 Het beheer omvat in ieder geval:

    • a. het in de verstrekkingsvoorziening opnemen van tabelgegevens;

    • b. het beschikbaar houden van de in de verstrekkingsvoorziening opgenomen gegevens, totdat zij op grond van het bepaalde bij of krachtens de wet moeten worden vernietigd of uit de verstrekkingsvoorziening moeten worden verwijderd;

    • c. het vernietigen of uit de verstrekkingsvoorziening verwijderen van de daarin opgenomen gegevens;

    • d. het verzenden en ontvangen van berichten over het netwerk;

    • e. het ontvangen van berichten die op een opslagmedium zijn vastgelegd;

    • f. het voldoen aan de eisen ten aanzien van de beschikbaarheid en de verwerkingstijden van de verstrekkingsvoorziening;

    • g. de uitvoering van de procedures voor het bewaren en het herstellen van gegevens in de verstrekkingsvoorziening;

    • h. het houden van aantekening van het gebruik dat van de verstrekkingsvoorziening is gemaakt;

    • i. het doen van mededeling aan de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie waaruit de verstrekte gegevens afkomstig zijn, zodanig dat deze in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering kan geven aan de artikelen 103 en 104 van de wet.

Artikel 66c [Vervallen per 02-11-2005]

Artikel 66d [Vervallen per 02-11-2005]

§ 2. De verstrekking van gegevens voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 67 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Uit een basisadministratie en uit het vestigingsregister worden slechts gegevens voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden verstrekt voor zover:

    • a. het verzoek daartoe is gedaan door een instelling, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, een onderzoeksafdeling van een bestuursorgaan of een onderzoeksbureau,

    • b. het onderzoek een algemeen belang dient,

    • c. de verwerking voor het betreffende onderzoek noodzakelijk is,

    • d. de verzoeker heeft aangetoond dat de nodige voorzieningen zijn getroffen ten einde te verzekeren dat de verdere verwerking van de verstrekte gegevens uitsluitend geschiedt ten behoeve van het onderzoek en dat ook overigens is voorzien in zodanige waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet onevenredig wordt geschaad, en

    • e. de gegevens slechts in geanonimiseerde vorm aan derden beschikbaar worden gesteld, tenzij de ingeschrevene uitdrukkelijk met de voorgenomen openbaarmaking van de hem betreffende gegevens heeft ingestemd.

  • 2 Onze Minister kan in een autorisatiebesluit bepalen dat de verstrekking van gegevens als bedoeld in het eerste lid op systematische wijze plaatsvindt. De verstrekking geschiedt in dat geval overeenkomstig hetgeen bij en krachtens de wet is bepaald ten aanzien van de systematische verstrekking van gegevens aan buitengemeentelijke afnemers.

  • 3 Onze Minister maakt slechts gebruik van zijn bevoegdheid, bedoeld in het tweede lid, voor zover:

    • a. het bureau of de instelling heeft aangetoond dat het voor een goede uitvoering van het onderzoek noodzakelijk is dat de verstrekking op systematische wijze plaatsvindt,

    • b. aan de voorwaarden, genoemd in het eerste lid, is voldaan, en

    • c. het College bescherming persoonsgegevens over het verzoek is gehoord.

  • 4 De verstrekking van gegevens uit de basisadministratie en uit het vestigingsregister aan het Centraal Bureau voor de Statistiek geschiedt overeenkomstig hetgeen bij en krachtens de wet is bepaald ten aanzien van buitengemeentelijke afnemers.

Artikel 68 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand bij wie aangifte is gedaan van een levenloos geboren of voor de aangifte overleden kind verstrekt, indien ten aanzien van dat kind geen geboorteakte wordt opgemaakt, aan het college van burgemeester en wethouders van zijn gemeente zo spoedig mogelijk de door het Centraal Bureau voor de Statistiek benodigde gegevens betreffende dat kind.

  • 2 De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt bij de in het eerste lid bedoelde gegevensverstrekking gebruik van een formulier, waarvan het model als bijlage 5 bij dit besluit is gevoegd.

  • 3 Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken, regels stellen omtrent de verzending van de gegevens aan het Centraal Bureau voor de Statistiek.

§ 2a. De systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministratie aan bijzondere derden [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 68a [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister kan in een autorisatiebesluit bepalen dat op systematische wijze gegevens worden verstrekt uit de basisadministratie aan een bijzondere derde.

  • 2 Onze Minister maakt slechts gebruik van zijn bevoegdheid voor zover:

    • a. de gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van de taak van de bijzondere derde, en

    • b. het voor de goede vervulling van de taak noodzakelijk is dat de verstrekking op systematische wijze plaatsvindt.

Artikel 68b [Vervallen per 06-01-2014]

Bijzondere derde als bedoeld in artikel 99, eerste lid, van de wet is:

  • a. een pensioenfonds als bedoeld in bijlage 5a, onder a, bij dit besluit, voor zover de behoefte van het fonds aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift met betrekking tot een pensioenregeling;

  • b. een verzekeraar als bedoeld in bijlage 5a, onder b, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de verzekeraar aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de uitvoering van pensioenregelingen, waarmee de verzekeraar overeenkomstig een wettelijke regeling betreffende pensioenregelingen is belast;

  • c. een spaarfonds als bedoeld in bijlage 5a, onder c, bij dit besluit, voor zover de behoefte van het fonds aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift met betrekking tot een spaarregeling die is gericht op een uitkering bij wijze van oudedagsvoorziening;

  • d. een fonds tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden, als bedoeld in bijlage 5a, onder d, bij dit besluit, voor zover de behoefte van het fonds aan gegevens uit de basisadministraties voortvloeit uit:

    • 1°. de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift inzake vervroegd uittreden, of

    • 2°. De verwerking van persoonsgegevens als bedoeld in de Wet bescherming persoonsgegevens met betrekking tot een regeling inzake vervroegd uittreden;

  • e. een kredietinstelling als bedoeld in bijlage 5a, onder e, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de instelling aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in het honoreren van aanspraken van gerechtigden op, al dan niet op termijn, opvorderbare gelden;

  • f. een effecteninstelling als bedoeld in bijlage 5a, onder f, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de instelling aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in het honoreren van aanspraken van gerechtigden op geld of effecten;

  • g. een verzekeraar als bedoeld in bijlage 5a, onder g, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de verzekeraar aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in het honoreren van aanspraken van gerechtigden op een uitkering of dienst;

  • h. een beleggingsinstelling als bedoeld in bijlage 5a, onder h, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de instelling aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in het honoreren van aanspraken van gerechtigden op geld of effecten;

  • i. een zorgverzekeraar als bedoeld in bijlage 5a, onder i, bij dit besluit, voor zover de behoefte van de verzekeraar aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de uitvoering van de Zorgverzekeringswet.

Artikel 68c [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Bijzondere derde als bedoeld in artikel 99, tweede lid, van de wet is de Stichting Interkerkelijke Leden-Administratie, voor zover de behoefte van de stichting aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens als bedoeld in de Wet bescherming persoonsgegevens betreffende de leden van de kerkgenootschappen en andere genootschappen op geestelijke grondslag, die gebruik maken van de in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde faciliteiten.

  • 2 Onze Minister maakt ten aanzien van de bijzondere derde, genoemd in het eerste lid, slechts gebruik van de in artikel 68a bedoelde bevoegdheid indien:

    • a. de bijzondere derde haar faciliteiten waarmee kerkgenootschappen of andere genootschappen op geestelijke grondslag in staat worden gesteld hun ledenadministraties met behulp van gegevens uit de basisadministraties bij te houden, op gelijke voet ter beschikking stelt aan ieder kerkgenootschap of ander genootschap op geestelijke grondslag, dat van die faciliteiten gebruik wenst te maken;

    • b. de kerkgenootschappen en andere genootschappen op geestelijke grondslag die gebruik maken van de in onderdeel a bedoelde faciliteiten, op gelijke voet deel uit kunnen maken van de organen van de bijzondere derde indien zij daartoe de wens uiten;

    • c. in de statuten van de bijzondere derde de in de onderdelen a en b genoemde voorwaarden zijn vastgelegd; en

    • d. een zodanig aantal kerkgenootschappen of andere genootschappen op geestelijke grondslag gebruik maakt van de in onderdeel a bedoelde faciliteiten van de bijzondere derde, dat de ten behoeve van de gegevensverstrekking aan de bijzondere derde te plaatsen codering op de persoonslijst van een ingeschrevene niet is te herleiden tot het kerkgenootschap of ander genootschap op geestelijke grondslag, waartoe de ingeschrevene behoort.

  • 3 Onze Minister beperkt zich bij de bepaling van de algemene gegevens en de verwijsgegevens die worden verstrekt aan de bijzondere derde, bedoeld in het eerste lid, tot de gegevens die in artikel 99, tweede lid, van de wet zijn omschreven.

Artikel 68c1 [Vervallen per 06-01-2014]

Bijzondere derden als bedoeld in artikel 99, derde lid, van de wet zijn:

  • a. een rechtspersoon die van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport subsidie ontvangt voor bevolkingsonderzoek naar borstkanker of baarmoederhalskanker, voor zover de behoefte van de rechtspersoon aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens ten behoeve van de uitvoering van dat bevolkingsonderzoek;

  • b. een rechtspersoon die in verband met zijn werkzaamheden op het terrein van de maatschappelijke zorg, bedoeld in artikel 2, onderdeel d, van de Kaderwet VWS-subsidies van rijkswege subsidie ontvangt, voor zover de behoefte van de rechtspersoon aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens ten behoeve van het opsporen van personen in het kader van de gesubsidieerde werkzaamheden.

  • c. een instelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Wet toelating zorginstellingen, voor zover de behoefte van de instelling aan gegevens uit de basisadministratie haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens ten behoeve van de gezondheidszorgverlening aan patiënten in die instelling.

Artikel 68d [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De bijzondere derde, genoemd in artikel 99, vierde lid, van de wet is slechts bijzondere derde, voor zover de behoefte van de derde aan gegevens uit de basisadministraties haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens betreffende overleden personen.

  • 2 Onze Minister maakt ten aanzien van de bijzondere derde, bedoeld in het eerste lid, slechts gebruik van de in artikel 68a bedoelde bevoegdheid indien:

    • a. de bijzondere derde ten aanzien van de verwerking, bedoeld in het eerste lid, een regeling heeft getroffen ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

    • b. de verwerking van de uit de basisadministratie verkregen gegevens van een in leven zijnde persoon op schriftelijk verzoek onverwijld door de bijzondere derde wordt beëindigd; en

    • c. in de regeling, bedoeld in onderdeel a, de in onderdeel b genoemde voorwaarde is vastgelegd.

Artikel 68d1 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Bijzondere derden als bedoeld in artikel 99, vijfde lid, van de wet zijn:

    • a. de Stichting Bureau Krediet Registratie;

    • b. de Stichting Landelijk Informatiesysteem Schulden,

    voor zover de behoefte van deze stichtingen aan gegevens uit de basisadministratie haar grond vindt in de verwerking van persoonsgegevens met het oog op de verificatie van de identiteit van een betrokkene bij het aangaan van nieuwe financiële verplichtingen of een traject van schuldhulpverlening.

  • 2 Onze Minister maakt ten aanzien van een bijzondere derde als bedoeld in het eerste lid, slechts gebruik van de in artikel 68a bedoelde bevoegdheid indien de bijzondere derde ten aanzien van de verwerking, bedoeld in het eerste lid, een regeling heeft getroffen ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

  • 3 Onze Minister beperkt zich bij de bepaling van de algemene en de verwijsgegevens die worden verstrekt aan een bijzondere derde als bedoeld in het eerste lid, tot de gegevens betreffende de naam, de geboortedatum en het adres.

Artikel 68e [Vervallen per 06-01-2014]

De systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministraties op grond van artikel 99 van de wet vindt slechts plaats op de wijzen die op grond van artikel 12, tweede lid, zijn beschreven in de systeembeschrijving. Onze Minister kan, in afwijking van het hiervoor gestelde, ten aanzien van de in artikel 68b, onder e tot en met h, artikel 68c1, onder b, en artikel 68d1 bedoelde bijzondere derden, bij het nemen van een autorisatiebesluit bepalen dat de systematische verstrekking van gegevens uit de basisadministratie op een in dat besluit beschreven andere wijze plaatsvindt.

Artikel 68f [Vervallen per 06-01-2014]

Bij de indiening van een verzoek tot het nemen van een autorisatiebesluit maakt de bijzondere derde gebruik van een door Onze Minister vastgesteld formulier.

Artikel 68g [Vervallen per 06-01-2014]

De bijzondere derde gebruikt de uit de basisadministraties afkomstige gegevens slechts ter uitvoering van de taak, waarvoor ze krachtens het autorisatiebesluit zijn verstrekt.

§ 2b. De verstrekking van gegevens uit de basisadministraties in verband met het vertrek van een persoon naar Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 68h [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Indien een persoon aangifte van vertrek heeft gedaan en daarbij meldt te gaan verblijven in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen, verstrekt de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie waar de betrokken persoon laatstelijk als ingezetene was ingeschreven, de gegevens als bedoeld in artikel 114a, eerste lid, van de wet aan de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister.

  • 2 De verstrekking, bedoeld in het eerste lid, geschiedt op de wijze als beschreven in de systeembeschrijving.

§ 2c. Geheimhouding van de verstrekking van gegevens uit de basisadministratie aan een afnemer [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 68i [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Over de verstrekking van gegevens uit de basisadministratie aan de onder a tot en met c bedoelde afnemers wordt geen informatie verstrekt aan een andere afnemer, een derde of de ingeschrevene, voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de veiligheid van de staat of de voorkoming, opsporing en vervolging van strafbare feiten en het een verstrekking van gegevens betreft aan:

  • 2 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie draagt zorg dat over verstrekkingen als bedoeld in het eerste lid geen aantekening wordt gehouden.

  • 3 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in de basisadministratie draagt er zorg voor dat van degenen, die zijn belast met de verwerking van de in het eerste lid bedoelde gegevens in zijn basisadministratie, uitsluitend die personen kennis kunnen nemen van de desbetreffende gegevens, die daartoe uitdrukkelijk zijn geautoriseerd en voor zover die kennisneming noodzakelijk is voor:

    • a. de uitoefening van een recht van de burger als bedoeld in de artikelen 78 en 79 van de wet,

    • b. het verrichten van werkzaamheden in het kader van het technische beheer van de basisadministratie, of

    • c. de uitvoering van andere taken die zijn of worden vastgesteld bij een ministeriële regeling, over het ontwerp waarvan het College bescherming persoonsgegevens is gehoord.

§ 3. De vergoeding van kosten in verband met de afstemming van gegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 69 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister bepaalt welke berichten voor de toepassing van dit artikel worden aangemerkt als afstemmingsberichten.

  • 2 Als afstemmingsbericht wordt slechts aangemerkt een bericht:

    • a. dat benodigd is voor de verstrekking van gegevens ter afstemming van de gegevens van een buitengemeentelijke afnemer of bijzondere derde op de gegevens in de basisadministratie,

    • b. waarvan de verzending en ontvangst geschiedt op een wijze die op grond van artikel 12, eerste lid, onder c, is beschreven in de systeembeschrijving, en

    • c. dat als doel heeft de in het vierde lid bedoelde verstrekking van gegevens mogelijk te maken.

  • 3 Voor afstemmingsberichten brengt Onze Minister in afwijking van hoofdstuk 1, afdeling 3, bij de afnemers en bijzondere derden een tarief per geregistreerde persoon in rekening. Voor afstemmingsberichten met gebruikmaking van optische schijf of magneet schijf, brengt de betrokken gemeente in afwijking van hoofdstuk 1, afdeling 3, bij de afnemers en bijzondere derden een bijzonder tarief in rekening.

  • 4 Onder geregistreerde persoon als bedoeld in het derde lid wordt verstaan de persoon over wie de afnemer of bijzondere derde verzoekt gegevens verstrekt te krijgen op de wijze die op grond van artikel 12, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, is beschreven in de systeembeschrijving.

  • 5 De kosten in verband met de afstemming bestaan uit:

    • a. de kosten die naar verwachting zijn verbonden aan de verzending en ontvangst van afstemmingsberichten over het netwerk, en

    • b. de kosten in verband met een vergoeding per bij de afstemming betrokken gemeente voor de verzending en ontvangst van afstemmingsberichten op optische schijf of magneetschijf.

  • 6 Het tarief wordt vastgesteld bij regeling van Onze Minister. Het tarief wordt op een zodanige wijze vastgesteld dat door het totaal van de in rekening te brengen tarieven de kosten, bedoeld in het vijfde lid, worden gedekt.

  • 7 De regeling, bedoeld in het zesde lid, wordt niet vastgesteld dan nadat de gemeenten en de betrokken afnemers en bijzondere derden de mogelijkheid is geboden hun zienswijze naar voren te brengen.

  • 8 Het autorisatiebesluit bepaalt met betrekking tot de afnemer of bijzondere derde het aantal geregistreerde personen als bedoeld in het vierde lid en het aantal afstemmingsberichten dat door de afnemer of bijzondere derde over het netwerk wordt verzonden en ontvangen.

  • 9 Onze Minister stelt een raming vast van de verwachte kosten, alsmede van het verwachte aantal afstemmingsberichten.

Hoofdstuk 4. Het vestigingsregister [Vervallen per 06-01-2014]

§ 1. De gegevens in het vestigingsregister [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 70 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 2 De administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens worden vernietigd of uit het vestigingsregister verwijderd in de gevallen, beschreven in de systeembeschrijving.

§ 2. De inrichting, werking en beveiliging van het vestigingsregister [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 71 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister draagt zorg dat het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister in overeenstemming met de systeembeschrijving geautomatiseerd berichten over het netwerk verzendt en ontvangt ten behoeve van:

    • a. de inschrijving in de basisadministratie;

    • b. de verwerking van verwijsgegevens en van administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens;

    • c. de op grond van artikel 12, tweede lid, onder b, beschreven verstrekkingen uit het vestigingsregister.

  • 2 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister draagt zorg dat het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister in overeenstemming met de systeembeschrijving geautomatiseerde berichten verzendt en ontvangt, ten behoeve van de in artikel 12, vijfde lid, bedoelde verstrekkingen.

Artikel 72 [Vervallen per 06-01-2014]

De artikelen 15 tot en met 17 en de artikelen 20 tot en met 25 zijn van overeenkomstige toepassing op de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister en ten aanzien van het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister.

Artikel 73 [Vervallen per 06-01-2014]

Het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister stelt de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister in staat om in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering te geven aan de in de artikelen 71 en 72 bedoelde taken.

Artikel 74 [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 31 is van overeenkomstige toepassing op de verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister.

Artikel 75 [Vervallen per 06-01-2014]

De systeembeschrijving omvat tevens de in de artikelen 71 en 72 genoemde onderwerpen.

Artikel 76 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister stelt regels over de zorg voor het vestigingsregister door het in artikel 119 van de wet bedoelde college van burgemeester en wethouders. Daarbij worden regels gesteld over het toezicht van Onze Minister op de uitvoering van de in de artikelen 71 tot en met 74 bedoelde taken.

§ 3. De systematische verstrekking van gegevens uit het vestigingsregister [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 77 [Vervallen per 06-01-2014]

De wijze van systematisch verstrekken van gegevens uit het vestigingsregister aan buitengemeentelijke afnemers die alleen kan geschieden op grond van een autorisatiebesluit betreft de wijze die op grond van artikel 12, tweede lid, onder b, is beschreven in de systeembeschrijving.

Artikel 78 [Vervallen per 06-01-2014]

De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister kan weigeren aan een buitengemeentelijke afnemer op systematische wijze gegevens uit het vestigingsregister te verstrekken op een andere wijze dan bedoeld in artikel 77.

Artikel 79 [Vervallen per 06-01-2014]

Op de systematische verstrekking van gegevens uit het vestigingsregister aan bijzondere derden zijn de artikelen 68a tot en met 68d en artikel 68g van overeenkomstige toepassing.

Artikel 79a [Vervallen per 06-01-2014]

De systematische verstrekking van gegevens uit het vestigingsregister op grond van artikel 116 van de wet in samenhang met artikel 99 van de wet vindt slechts plaats op de wijze die op grond van artikel 12, tweede lid, onder b, is beschreven in de systeembeschrijving.

Artikel 79b [Vervallen per 06-01-2014]

Bij de indiening van een verzoek tot het nemen van een autorisatiebesluit maakt de buitengemeentelijke afnemer of de bijzondere derde gebruik van een door Onze Minister vastgesteld formulier.

Artikel 79c [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister stelt bij ministeriële regeling regels over de wijze van verstrekking van gegevens uit het vestigingsregister aan een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen.

§ 4. De heffingen voor verstrekkingen uit het vestigingsregister [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 80 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister stelt regels over heffingen in verband met de verstrekking uit het vestigingsregister van gegevens aan derden, anders dan overeenkomstig artikel 99 of 100a van de wet, en van hem betreffende gegevens aan de betrokkene.

  • 2 De regels, bedoeld in het eerste lid, vervallen indien de verantwoordelijkheid voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister op grond van artikel 119 van de wet door Onze Minister wordt overgedragen aan het college van burgemeester en wethouders van een gemeente.

  • 3 Verstrekking van gegevens uit het vestigingsregister aan een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen, bedoeld in artikel 100a van de wet, is vrij van heffingen.

Hoofdstuk 5. Overgangs- en slotbepalingen [Vervallen per 06-01-2014]

§ 1. De aanleg van persoonslijsten bij de inwerkingtreding van de wet [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 81 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De aanleg van een persoonslijst op grond van hoofdstuk 5, afdeling 2, paragraaf 1, van de wet, geschiedt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

  • 2 De systeembeschrijving omvat tevens het in het eerste lid genoemde onderwerp.

Artikel 82 [Vervallen per 06-01-2014]

Bij de aanleg van een persoonslijst in een geval als bedoeld in het eerste lid van artikel 123 van de wet behoeven, in afwijking van dat lid, de in bijlage 7 bij dit besluit vermelde bijzondere en administratieve gegevens niet op de persoonslijst te worden opgenomen.

§ 2. De verwerking van verwijsgegevens en van administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens in het vestigingsregister bij de inwerkingtreding van de wet [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 83 [Vervallen per 06-01-2014]

De in artikel 127, eerste lid, van de wet bedoelde verwijsgegevens en administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens van de in dat lid bedoelde personen, worden verwerkt in het vestigingsregister.

Artikel 84 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie draagt zorg dat het gemeentelijke geautomatiseerde systeem ten behoeve van de uitvoering van artikel 83 in overeenstemming met de systeembeschrijving:

    • a. geautomatiseerd berichten op optische schijf of magneetschijf vastlegt;

    • b. geautomatiseerd berichten over het netwerk verzendt en ontvangt.

  • 2 De verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, draagt zorg dat hij de optische schijf of de magneetschijf verzendt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

  • 3 Het gemeentelijke geautomatiseerde systeem stelt de verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, in staat om in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering te geven aan de in het eerste lid bedoelde taken.

Artikel 85 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in het vestigingsregister draagt zorg dat het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister ten behoeve van de uitvoering van artikel 83 in overeenstemming met de systeembeschrijving:

    • a. geautomatiseerd berichten op optische schijf of magneetschijf ontvangt;

    • b. geautomatiseerd berichten over het netwerk verzendt en ontvangt.

  • 2 De verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, draagt zorg dat hij de optische schijf of de magneetschijf in ontvangst neemt op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.

  • 3 Het geautomatiseerde systeem van het vestigingsregister stelt de verantwoordelijke, bedoeld in het eerste lid, in staat om in overeenstemming met de systeembeschrijving uitvoering te geven aan de in het eerste lid bedoelde taken.

Artikel 86 [Vervallen per 06-01-2014]

De systeembeschrijving omvat tevens de in de artikelen 84 en 85 genoemde onderwerpen.

Artikel 87 [Vervallen per 06-01-2014]

De in artikel 127, eerste lid, van de wet bedoelde gegevens over de gemeente van inschrijving blijven opgenomen naar de juiste staat van die gegevens bij de inwerkingtreding van artikel 121 van de wet.

Artikel 88 [Vervallen per 06-01-2014]

§ 3. De invoering van de automatisering [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 89 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister kan regels stellen omtrent:

  • a. de technische en administratieve inrichting en werking en de beveiliging van de basisadministratie van een college van burgemeester en wethouders van een gemeente dat niet in het bezit is van een toestemming als bedoeld in artikel 7 of artikel 13 van de wet;

  • b. de systematische verstrekking van gegevens op grond van de artikelen 91 en 99 van de wet door een college van burgemeester en wethouders van een gemeente als bedoeld onder a;

  • c. de aanleg, de instandhouding en de werking van voorzieningen ten behoeve van de overdracht van berichten in verband met de uitvoering van de bepalingen bij of krachtens de wet omtrent de gemeentelijke basisadministratie van persoonsgegevens, voor zover de berichten niet over het netwerk worden verzonden of ontvangen.

Artikel 90 [Vervallen per 06-01-2014]

Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, regels stellen omtrent de uitwisseling van gegevens tussen een afnemer of een bijzondere derde enerzijds en Onze Minister van Financiën anderzijds, in verband met de afstemming van de gegevens van de afnemer of de bijzondere derde op de gegevens in de basisadministraties. Daarbij kunnen regels gesteld worden omtrent de verrekening van de kosten van deze gegevensuitwisseling.

§ 4. De zorg voor bestaande registers [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 91 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Het college van burgemeester en wethouders draagt ten behoeve van de uitvoering van de wet zorg voor het persoonsregister en het archiefregister tot de datum die is gelegen vijfenzeventig jaar na de datum van inwerkingtreding van dit besluit.

  • 2 De op grond van artikel 141 van de wet aan het college van burgemeester en wethouders verstrekte gegevens worden toegevoegd aan het persoonsregister.

  • 3 Onze Minister kan regels stellen omtrent de zorg voor het persoonsregister en het archiefregister.

Artikel 92 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister draagt ten behoeve van de uitvoering van de wet zorg voor het centraal bevolkingsregister, bedoeld in artikel 138 van de wet, tot de datum die is gelegen vijfenzeventig jaar na de datum van inwerkingtreding van dit besluit.

  • 2 Onze Minister kan regels stellen omtrent de zorg voor het centraal bevolkingsregister.

Artikel 93 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister draagt ten behoeve van de uitvoering van de wet zorg voor het persoonskaartenarchief en het schakelregister, bedoeld in artikel 139 van de wet, tot de datum die is gelegen vijfenzeventig jaar na de datum van inwerkingtreding van dit besluit.

  • 2 Onze Minister kan regels stellen omtrent de zorg voor het persoonskaartenarchief en het schakelregister.

§ 5. De heffingen voor verstrekkingen uit de registraties waarbij Onze Minister verantwoordelijk is voor de verwerking van daarin opgenomen persoonsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 94 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Onze Minister stelt regels omtrent heffingen in verband met de verstrekking van gegevens uit:

    • a. het centraal bevolkingsregister;

    • b. het persoonskaartenarchief;

    • c. het schakelregister;

    • d. het centraal archief van overledenen.

  • 2 De regels, bedoeld in het eerste lid, worden gesteld voor zover Onze Minister verantwoordelijk is voor de verwerking van persoonsgegevens in die registraties en betreffen slechts heffingen in verband met de verstrekking van gegevens aan derden, anders dan overeenkomstig artikel 99 en 100a van de wet, en de verstrekking aan de betrokkene van hem betreffende gegevens.

§ 6. Overige en slotbepalingen [Vervallen per 06-01-2014]

Artikel 95 [Vervallen per 01-09-2001]

Artikel 96 [Vervallen per 01-09-2001]

Artikel 97 [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 De tabelgegevens worden in ieder geval op de volgende wijzen bekend gemaakt:

    • a. door verstrekking van deze gegevens over het netwerk op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving;

    • b. door terinzagelegging van deze gegevens door Onze Minister.

  • 2 Van de terinzagelegging wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

Artikel 98 [Vervallen per 06-01-2014]

De verplichtingen, bedoeld in artikel 146b, eerste en tweede lid, van de wet, zijn tot de in dat artikel genoemde datum alleen van toepassing op de door Onze Minister aangewezen afnemers of categorieën van afnemers.

Artikel 98a [Vervallen per 06-01-2014]

  • 1 Voor de toepassing van artikel 6 wordt wat betreft het vaststellen van de abonnementsstructuur voor het jaar 2012 onder «het volgende jaar» verstaan «het jaar 2012» en onder «het vorige jaar»: het jaar 2010.

  • 2 In afwijking van artikel 6, vierde lid, deelt Onze Minister de abonnementsstructuur voor het jaar 2012 mee aan betrokkenen in januari 2012.

Artikel 99 [Vervallen per 06-01-2014]

De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel 100 [Vervallen per 06-01-2014]

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 8 september 1994

Beatrix

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,

J. Kohnstamm

Uitgegeven de tweeëntwintigste september 1994

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

Bijlage 1. bij artikel 2, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens [Vervallen per 01-09-2001]

Bijlage 1a. bij artikel 40a van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 1a) [Vervallen per 06-01-2014]

De algemene gegevens omtrent het verblijfsrecht van de vreemdeling [Vervallen per 06-01-2014]

De volgende aantekeningen omtrent het verblijfsrecht van een vreemdeling kunnen op diens persoonslijst worden opgenomen:

  • a. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van die wet, waarbij het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • b. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van die wet, waarbij het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten, mits de werkgever van de ingeschrevene beschikt over een daartoe vereiste tewerkstellingsvergunning;

  • c. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van die wet, waarbij het de ingeschrevene is toegestaan bepaalde vormen van arbeid in loondienst te verrichten;

  • d. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van die wet, waarbij het de ingeschrevene niet is toegestaan arbeid in loondienst te verrichten;

  • e. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 20 van die wet, dan wel duurzaam verblijfsrecht heeft als bedoeld in artikel 8.17 van het Vreemdelingenbesluit 2000, waardoor het de ingezetene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • f. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van die wet, waarbij het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • g. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder d, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 33 van die wet, waardoor het de ingezetene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • h. de aantekening dat de ingeschrevene als economisch actieve gemeenschapsonderdaan ingevolge artikel 8.12 of 8.13 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden na inreis rechtmatig verblijf heeft;

  • i. de aantekening dat de ingeschrevene als economisch niet-actieve gemeenschapsonderdaan ingevolge artikel 8.12 of 8.13 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden na inreis rechtmatig verblijf heeft;

  • j. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8.11 van het Vreemdelingenbesluit 2000 rechtmatig verblijf heeft gedurende een periode van drie maanden na inreis;

  • k. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder f, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning, bedoeld in artikel 14 van die wet, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op de aanvraag is beslist, dan wel ingevolge artikel 8, onder h, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een bezwaarschrift of beroepschrift tegen de beslissing op de desbetreffende aanvraag, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op het bezwaarschrift of het beroepschrift is beslist;

  • l. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder f, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning, bedoeld in artikel 28 van die wet, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op de aanvraag is beslist, dan wel ingevolge artikel 8, onder h, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een beroepschrift tegen de beslissing op de desbetreffende aanvraag, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op het beroepschrift is beslist;

  • m. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder g, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een door de ingeschrevene tijdig ingediende aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning, bedoeld in de artikelen 20 en 33 van die wet, of tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning, bedoeld in de artikelen 14 en 28 van die wet, of een wijziging ervan, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op de aanvraag is beslist, dan wel ingevolge artikel 8, onder h, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een bezwaarschrift of beroepschrift tegen de beslissing op de desbetreffende aanvraag of tegen de intrekking van de verblijfsvergunning, bedoeld in de artikelen 14, 20, 28 en 33 van die wet, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op het bezwaarschrift of het beroepschrift is beslist;

  • n. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder g, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een door de ingeschrevene niet tijdig ingediende aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning, bedoeld in de artikelen 20 en 33 van die wet, of tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning, bedoeld in de artikelen 14 en 28 van die wet, of een wijziging ervan, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op de aanvraag is beslist, dan wel ingevolge artikel 8, onder h, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft in afwachting van de beslissing op een bezwaarschrift of beroepschrift tegen de beslissing op de desbetreffende aanvraag, terwijl bij of krachtens die wet dan wel op grond van een rechterlijke beslissing uitzetting van de ingeschrevene achterwege dient te blijven totdat op het bezwaarschrift of het beroepschrift is beslist;

  • o. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder l, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft, omdat de ingeschrevene verblijfsrecht ontleent aan het Associatiebesluit 1/80 van de Associatieraad EEG/Turkije;

  • p. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder b of d, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft, omdat de ingeschrevene houder is van een verblijfstitel die op grond van artikel 115, vierde lid, van die wet moet worden aangemerkt als een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, waardoor het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • q. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft, omdat de ingeschrevene houder is van een verblijfstitel die op grond van artikel 115, zesde lid, van die wet moet worden aangemerkt als een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van die wet, waarbij het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten;

  • r. de aantekening dat de ingeschrevene ingevolge artikel 8, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig verblijf heeft, omdat de ingeschrevene houder is van een verblijfstitel die op grond van artikel 115, tweede lid, van die wet moet worden aangemerkt als een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van die wet, waarbij met behulp van het desbetreffende document en nadere gegevens wordt vastgesteld of het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten, dan wel of het de ingeschrevene is toegestaan elke vorm van arbeid in loondienst te verrichten, mits de werkgever van de ingeschrevene beschikt over een daartoe vereiste tewerkstellingsvergunning, dan wel of het de ingeschrevene is toegestaan bepaalde vormen van arbeid in loondienst te verrichten;

  • s. de aantekening dat de ingeschrevene geen titel tot verblijf heeft of deze heeft verloren;

  • t. de aantekening dat de ingeschrevene, ingevolge artikel 8.12 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden na inreis rechtmatig verblijf heeft als economisch actieve onderdaan van een land dat op of na 1 mei 2004 tot de Europese Unie is toegetreden, waarbij aan het recht van de ingeschrevene om arbeid te verrichten voorwaarden kunnen worden gesteld, dan wel ingevolge artikel 8.13 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden rechtmatig verblijf heeft, waarbij aan het recht om arbeid te verrichten zodanige voorwaarden kunnen worden gesteld;

  • u. de aantekening dat de ingeschrevene, ingevolge artikel 8.12 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden na inreis rechtmatig verblijf heeft als economisch niet-actieve gemeenschapsonderdaan van een land dat op of na 1 mei 2004 tot de Europese Unie is toegetreden, waarbij aan het recht van de ingeschrevene om arbeid te verrichten voorwaarden kunnen worden gesteld, dan wel ingevolge artikel 8.13 van het Vreemdelingenbesluit 2000 langer dan drie maanden rechtmatig verblijf heeft, waarbij aan het recht om arbeid te verrichten zodanige voorwaarden kunnen worden gesteld;

  • v. de aantekening dat de ingeschrevene, ingevolge artikel 8.11, eerste lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000 rechtmatig verblijf heeft gedurende een periode van drie maanden na inreis als onderdaan van een land dat op of na 1 mei 2004 tot de Europese Unie is toegetreden, waarbij aan het recht van de ingeschrevene om arbeid te verrichten voorwaarden kunnen worden gesteld, dan wel ingevolge artikel 8.11, tweede lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000 rechtmatig verblijf heeft gedurende een zodanige periode, waarbij aan het recht om arbeid te verrichten zodanige voorwaarden kunnen worden gesteld.

Bijlage 1b. bij artikel 43, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Tegemoetkoming in de kosten die de gemeenten in verband met een wijziging van de systeembeschrijving maken [Vervallen per 06-01-2014]

I. [Puntensysteem] [Vervallen per 06-01-2014]

1. De relatieve zwaarte van een toevoeging, een wijziging of een verwijdering van een bepaald onderdeel van de systeembeschrijving wordt uitgedrukt in punten.

2. Het aantal punten dat wordt toegekend per onderdeel van de systeembeschrijving is:

1

Omschrijving

Toevoegen

Wijzigen

Verwijderen

H 3

Actualiseringsprocedure

10

8

4

H 4

Privacyprocedure

 

15

 

H 5

Autorisatie- en routeringssysteem

 

16

 

H 6

Berichtenafhande-lingssysteem

 

11

 

H 7

Beheer

 

10

 
 

Gegevens element voorwaarde

5

4

2

 

Gegevens element lengte/type

13

12

4

B I

Categorie

34

21

14

B I

Tabellen landelijk

16

12

8

B I

Tabellen autorisatie

 

14

 

B II

Teletex

 

8

 

B III

Berichtcyclus

22

12

6

B III

Berichtopbouw

21

15

8

B IV

Alternatief medium

14

8

4

B IV

sPd/P1/P2/P7 protocol

95

18

5

 

Conversie element voorwaarde

4

   
 

Conversie element lengte/type

7

   
 

Conversie categorie

10

   
 

Toeslag Burgerlijke Stand2

21

   
 

Toeslag reisdocumenten2

9

   
 

Toeslag rijbewijzen2

7

   
 

Batchproces

14

   

1 Deze kolom verwijst naar de hoofdstukken (H) en bijlagen (B) van de systeembeschrijving.

2 Deze punten worden slechts toegekend indien een toevoeging, wijziging of verwijdering van een bepaald onderdeel van de systeembeschrijving tevens leidt tot aanpassing in de aan de geautomatiseerde gemeentelijke systemen gekoppelde systemen van de Burgerlijke Stand, reisdocumenten of rijbewijzen en deze aanpassing niet reeds op andere gronden in deze gekoppelde systemen moet worden gerealiseerd.

II. [Normbedrag per punt] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Het normbedrag per punt bedraagt per 1 januari 1999 € 642,92.

2. Het normbedrag wordt jaarlijks, voor het lopende kalenderjaar, geïndexeerd conform het eerste in dat jaar door het centraal bureau voor de statistiek bekendgemaakte voorlopige indexcijfer voor «cao-lonen van alle werknemers, bruto uurloon, inclusief bijzondere beloningen voor de commerciële dienstverlening» voor het voorafgaande jaar.

III. [Tijdstip van vaststelling van de kosten] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Onze Minister stelt de kosten van een wijziging van de systeembeschrijving ten minste een jaar voorafgaand aan de inwerkingtreding daarvan vast, op basis van het op dat moment geldende normbedrag.

2. In bijzondere omstandigheden kan Onze Minister afwijken van de in het eerste lid gestelde termijn.

IV. [Vaststelling van de vergoeding voor de gemeenten] [Vervallen per 06-01-2014]

1. De kosten van een wijziging van de systeembeschrijving worden door middel van een uniform bedrag per inwoner aan de gemeenten vergoed.

2. Het bedrag per inwoner wordt bepaald door het landelijk totaal aan vastgestelde kosten, dat is het normbedrag per punt maal het aantal punten dat met de wijziging is gemoeid, maal het aantal aan te passen soorten gemeentelijke geautomatiseerde systemen, te delen door het landelijk aantal inwoners.

3. Voor de berekening van het bedrag per inwoner wordt uitgegaan van ten hoogste zeven soorten gemeentelijke geautomatiseerde systemen.

Bijlage 1c. bij artikel 43, tweede lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Door te berekenen kosten aan afnemers en bijzondere derden in verband met een wijziging van de systeembeschrijving. [Vervallen per 06-01-2014]

I. [Door te berekenen kosten] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Onze Minister deelt, na overleg met de deelnemers aan het gebruikersoverleg, voorgenomen wijzigingen in de systeembeschrijving in twee categorieën in, te weten:

  • a. wijzigingen ten algemene nutte;

  • b. wijzigingen die voorzien in een specifieke behoefte van één of meer afnemers of bijzondere derden.

2. De kosten van een wijziging als bedoeld in het eerste lid, onder a, worden aangemerkt als beheerkosten, bedoeld in artikel 4, onderdeel b.

3. De kosten van een wijziging als bedoeld in het eerste lid, onder b, worden rechtstreeks in rekening gebracht aan de afnemers of bijzondere derden die de wijziging hebben aangevraagd.

4. Indien Onze Minster een voorgenomen wijziging in de systeembeschrijving indeelt in de in het eerste lid, onder b, bedoelde categorie, wordt dat gemeld aan de afnemers of bijzondere derden die de wijziging hebben aangevraagd onder mededeling van de kosten die naar verwachting met de betreffende wijziging zijn gemoeid.

II. [Voorbereidingskosten] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Onze Minister kan besluiten de, bij ministeriële regeling vast te stellen, aan de voorbereiding van een voorgenomen wijziging als bedoeld in onderdeel I, eerste lid, onder b, verbonden voorbereidingskosten in rekening te brengen bij de afnemers of bijzondere derden die de wijziging hebben aangevraagd. Een wijziging wordt in dat geval niet voorbereid dan nadat de voorbereidingskosten zijn voldaan.

2. De voorbereidingskosten worden in mindering gebracht op de kosten, bedoeld in onderdeel I, derde lid.

III. [Betalingstermijn] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Nadat conform bijlage 1b de kosten van een wijziging als bedoeld in onderdeel I, eerste lid, onder b, zijn bepaald, worden die in rekening gebracht aan de in onderdeel I, derde lid, bedoelde afnemers of bijzondere derden.

2. Het gedeclareerde bedrag dient uiterlijk zes maanden voor het van kracht worden van de betreffende wijziging te zijn betaald.

IV. [Anti-meeliften] [Vervallen per 06-01-2014]

1. Een afnemer of bijzondere derde, die van een wijziging als bedoeld in onderdeel I, eerste lid, onder b, gebruik wil maken zonder dat hij die wijziging heeft aangevraagd, draagt evenredig bij in de kosten van die wijziging. Onze Minister bepaalt met inachtneming van het tweede lid het bij te dragen bedrag.

2. Indien het gebruik van een wijziging aanvangt binnen zes jaar na het van kracht worden van die wijziging, wordt de bijdrage bedoeld in het eerste lid vastgesteld naar rato van de resterende periode van het gebruik dat door de afnemer of bijzondere derde van de wijziging wordt gemaakt.

3. Geen bijdrage is verschuldigd indien een afnemer of bijzondere derde na de in het tweede lid bedoelde periode van zes jaar van een wijziging gebruik gaat maken.

4. De afnemers of bijzondere derden die eerder hebben bijgedragen aan de in het eerste lid bedoelde wijziging worden evenredig gecompenseerd uit de in het tweede lid bedoelde bijdrage.

Bijlage 1d. Bijlage bij artikel 58a van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

De authentieke gegevens zijn de volgende algemene gegevens over de ingeschrevene

1. Gegevens over de burgerlijke staat

  • a. Naam:

    geslachtsnaam;

    voornamen.

  • b. Geboorte:

    geboortedatum;

    geboorteplaats;

    geboorteland en zo nodig gebiedsdeel.

  • c. Geslacht.

  • d. Ouders:

    geslachtsnaam;

    voornamen;

    geboortedatum.

  • e. Huwelijk dan wel geregistreerd partnerschap en eerdere huwelijken of eerdere geregistreerde partnerschappen:

    datum huwelijkssluiting of datum aangaan geregistreerd partnerschap;

    datum ontbinding, dan wel nietigverklaring huwelijk of geregistreerd partnerschap.

  • f. Echtgenoot dan wel geregistreerd partner en eerdere echtgenoten of geregistreerde partners:

    geslachtsnaam;

    voornamen;

    geboortedatum.

  • g. Kinderen:

    geslachtsnaam;

    voornamen;

    geboortedatum.

  • h. Overlijden:

    overlijdensdatum.

  • i. Data ingang en beëindiging rechtsgeldigheid gegevens:

    datum ingang rechtsgeldigheid;

    datum beëindiging rechtsgeldigheid.

2. Gegevens over de nationaliteit

nationaliteit of nationaliteiten, dan wel een aanduiding dat de betrokkene geen nationaliteit bezit, of een aanduiding dat de nationaliteit van de betrokkene niet kan worden vastgesteld;

de aantekening dat op grond van artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap is vastgesteld dat de betrokkene niet de Nederlandse nationaliteit bezit;

de aantekening dat de betrokkene op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander behandeld wordt.

3. Gegevens over het verblijfsrecht van de vreemdeling

de aantekening over het verblijfsrecht;

datum ingang verblijfsrecht;

datum beëindiging verblijfsrecht.

4. Gegevens over de gemeente van inschrijving en het adres in die gemeente alsmede het verblijf in Nederland en het vertrek uit Nederland

  • a. Gemeente van inschrijving:

    gemeente.

  • b. Adres, voor zover het betreft een woonadres:

    straatnaam en zo nodig gemeentedeel;

    huisnummer;

    aanduiding bij huisnummer;

    letter bij huisnummer;

    toevoeging bij huisnummer;

    lokatiebeschrijving en zonodig gemeentedeel.

5. Gegevens over het burgerservicenummer van de ingeschrevene

burgerservicenummer ingeschrevene.

6. Gegevens over de burgerservicenummers van de ouders, de echtgenoot dan wel de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoten of eerdere geregistreerde partners en de kinderen

burgerservicenummer ouder;

burgerservicenummer echtgenoot dan wel geregistreerde partner;

burgerservicenummer eerdere echtgenoot;

burgerservicenummer eerdere geregistreerde partner;

burgerservicenummer kind.

7. Gegevens over het gebruik door de ingeschrevene van de geslachtsnaam van de echtgenoot, de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoot of de eerdere geregistreerde partner

de aantekening dat de ingeschrevene de eigen geslachtsnaam voert;

de aantekening dat de ingeschrevene de geslachtsnaam van de echtgenoot, de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoot of de eerdere geregistreerde partner voert;

de aantekening dat de ingeschrevene de geslachtsnaam van de echtgenoot, de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoot of de eerdere geregistreerde partner vooraf doet gaan aan de eigen geslachtsnaam;

de aantekening dat de ingeschrevene de geslachtsnaam van de echtgenoot, de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoot of de eerdere geregistreerde partner doet volgen op de eigen geslachtsnaam.

Bijlage 2. bij artikel 59, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 2) [Vervallen per 06-01-2014]

De bijzondere gegevens [Vervallen per 06-01-2014]

1. Gegevens die noodzakelijk zijn in verband met de uitvoering van de Paspoortwet [Vervallen per 06-01-2014]

a. Gegevens omtrent het reisdocument: [Vervallen per 06-01-2014]

soort Nederlands reisdocument;

documentnummer Nederlands reisdocument;

datum van verstrekking Nederlands reisdocument;

autoriteit die het Nederlands reisdocument heeft verstrekt;

datum einde van de geldigheidsduur Nederlands reisdocument;

datum inhouding dan wel vermissing Nederlands reisdocument;

aanduiding inhouding dan wel vermissing Nederlands reisdocument;

lengte houder;

signalering met betrekking tot verstrekking of inhouding Nederlands reisdocument;

aanduiding bezit buitenlands reisdocument;

gemeentecode van de gemeente waar dossier met betrekking tot het Nederlands reisdocument zich bevindt;

datum van opname in dossier met betrekking tot het Nederlands reisdocument;

beschrijving dossier waarin de aanvullende gegevens met betrekking tot het Nederlands reisdocument zich bevinden;

datum ingang rechtsgeldigheid gegeven.

b. Aanduiding in onderzoek: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van de verzameling van gegevens in verband met de uitvoering van de Paspoortwet, waarbinnen gegevens zijn opgenomen die onderzocht worden op onjuistheid;

datum aanvang onderzoek;

datum beëindiging onderzoek.

c. Opnamedatum: [Vervallen per 06-01-2014]

datum van opneming van een gegeven in verband met de uitvoering van de Paspoortwet.

2. Gegevens die noodzakelijk zijn in verband met de uitvoering van de Kieswet [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding omtrent het Europees kiesrecht;

datum verzoek of mededeling Europees kiesrecht;

einddatum uitsluiting Europees kiesrecht;

aanduiding omtrent de uitsluiting van het kiesrecht;

einddatum uitsluiting kiesrecht;

gemeentecode van de gemeente waar het document waaraan de gegevens over het kiesrecht zijn ontleend zich bevindt;

datum van ontlening van de gegevens over het kiesrecht;

beschrijving van het document waaraan de gegevens over het kiesrecht zijn ontleend.

Bijlage 3. bij artikel 59, tweede lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 3) [Vervallen per 06-01-2014]

De administratieve gegevens: [Vervallen per 06-01-2014]

1. Gegevens in verband met de inschrijving en de uitschrijving [Vervallen per 06-01-2014]

de hoedanigheid van de persoon die aangifte van verblijf en adres, van adreswijziging, of van vertrek heeft gedaan, dan wel de aantekening dat de gegevens ambtshalve zijn opgenomen;

datum eerste inschrijving in een basisadministratie;

datum blokkering persoonslijst in verband met uitschrijving;

gemeentecode van de gemeente waar de persoonskaart zich bevindt;

aantekening dat alle gegevens over kinderen, die aan de persoonskaart ontleend kunnen worden, op de persoonslijst zijn opgenomen.

2. Gegevens ter aanduiding van akten en andere geschriften waaruit algemene gegevens zijn verkregen [Vervallen per 06-01-2014]

a. Aanduiding van akten van de Nederlandse burgerlijke stand: [Vervallen per 06-01-2014]

nummer van de akte waaraan een algemeen gegeven over de burgerlijke staat is ontleend;

gemeentecode van de gemeente waar de akte in de registers is opgenomen.

b. Aanduiding van andere akten en geschriften: [Vervallen per 06-01-2014]

omschrijving van het geschrift waaraan een algemeen gegeven is ontleend;

gemeentecode van de gemeente die het gegeven heeft ontleend;

datum van ontlening.

3. Gegevens ter aanduiding van de rechtsgrond krachtens welke gegevens over het Nederlanderschap zijn opgenomen [Vervallen per 06-01-2014]

rechtsgrond van verkrijging van het Nederlanderschap;

rechtsgrond van verlies van het Nederlanderschap.

4. Gegevens ter aanduiding van de onjuistheid van een opgenomen algemeen gegeven of van strijd met de Nederlandse openbare orde van een opgenomen gegeven over de burgerlijke staat [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van het opgenomen algemeen gegeven dat onjuist is;

aanduiding van het opgenomen gegeven over de burgerlijke staat dat in strijd is met de Nederlandse openbare orde.

5. Gegevens ter aanduiding van een onderzoek naar de onjuistheid van een opgenomen algemeen gegeven of de strijdigheid van een opgenomen gegeven over de burgerlijke staat [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van de verzameling van gegevens, waarbinnen algemene gegevens zijn opgenomen die onderzocht worden op onjuistheid;

aanduiding van de verzameling van gegevens, waarbinnen gegevens over de burgerlijke staat zijn opgenomen die onderzocht worden op strijd met de Nederlandse openbare orde;

datum aanvang onderzoek;

datum beëindiging onderzoek.

6. Andere gegevens noodzakelijk in verband met de verwerking van gegevens in de basisadministratie [Vervallen per 06-01-2014]

a. Gegevens ter aanduiding van de bron waaraan het administratienummer is ontleend: [Vervallen per 06-01-2014]

omschrijving van de bron waaraan het gewijzigde administratienummer is ontleend;

aanduiding van de persoonslijst waaraan het administratienummer van de ouders, de echtgenoot dan wel de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoten, de eerdere geregistreerde partners of de kinderen is ontleend;

gemeentecode van de gemeente die het administratienummer heeft ontleend.

b. Gegevens ter aanduiding van de bron waaraan gegevens over het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend: [Vervallen per 06-01-2014]

omschrijving van de mededeling van Onze Minister van Justitie, waaraan een gegeven over het verblijfsrecht van de vreemdeling is ontleend;

gemeentecode van de gemeente die het gegeven over het verblijfsrecht van de vreemdeling heeft ontleend.

c. Gegevens ter aanduiding van de bron waaraan het burgerservicenummer is ontleend: [Vervallen per 06-01-2014]

omschrijving van de bron waaraan het burgerservicenummer is ontleend;

aanduiding van de persoonslijst waaraan het burgerservicenummer van de ouders, de echtgenoot dan wel de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoten, de eerdere geregistreerde partners of de kinderen is ontleend;

gemeentecode van de gemeente die het burgerservicenummer heeft ontleend.

d. Overige gegevens: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van de persoonslijst waarop zijn opgenomen de administratieve gegevens over het geschrift, waaraan algemene gegevens over de burgerlijke staat van de ouders, de echtgenoot dan wel de geregistreerde partner, de eerdere echtgenoten, de eerdere geregistreerde partners of de kinderen zijn ontleend;

gemeentecode van de gemeente die op een persoonslijst een aanduiding van een andere persoonslijst heeft opgenomen;

datum van opneming van een algemeen gegeven;

reden opschorting verwerking van gegevens op de persoonslijst;

datum opschorting verwerking van gegevens op de persoonslijst;

aantekening dat tijdens de opschorting van de verwerking van gegevens een of meer documenten zijn binnengekomen.

7. Gegevens over de systematische verstrekking van gegevens [Vervallen per 06-01-2014]

Voorzover de spontane verstrekking van gegevens aan afnemers en derden niet geschiedt met behulp van de verstrekkingsvoorziening:

codering van de afnemers en de derden aan wie spontaan gegevens worden verstrekt;

datum vanaf welke spontaan gegevens aan de betrokken afnemer of derde worden verstrekt;

datum tot welke spontaan gegevens aan de betrokken afnemer of derde zijn verstrekt.

8. Gegevens over de niet-verstrekking van gegevens krachtens artikel 102 van de wet [Vervallen per 06-01-2014]

codering van de inhoud van het besluit om geen gegevens van de persoonslijst aan derden te verstrekken.

Bijlage 4. bij artikel 59, derde lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 4) [Vervallen per 06-01-2014]

De in de basisadministratie op te nemen administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

a. Aanduiding in onderzoek: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van de verzameling van gegevens, waarbinnen gegevens zijn opgenomen die onderzocht worden op onjuistheid;

datum aanvang onderzoek;

datum beëindiging onderzoek.

b. Aanduiding onjuist: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van het opgenomen gegeven dat onjuist is.

c. Opnamedatum: [Vervallen per 06-01-2014]

datum van opneming van een gegeven.

d. Aanduiding omtrent niet-verstrekking aan derden: [Vervallen per 06-01-2014]

codering van de inhoud van het besluit om geen gegevens aan derden te verstrekken.

Bijlage 4a. bij artikel 66a, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens [Vervallen per 02-11-2005]

Bijlage 5. bij artikel 68, tweede lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 5) [Vervallen per 06-01-2014]

Bijlage 249450.png
Bijlage 249451.png

Bijlage 5a. bij artikel 68b van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 5a) [Vervallen per 06-01-2014]

De bijzondere derden, bedoeld in artikel 68b [Vervallen per 06-01-2014]

a. De pensioenfondsen, bedoeld in artikel 68b, onder a: [Vervallen per 06-01-2014]

De pensioenfondsen, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet.

De beroepspensioenfondsen, bedoeld in artikel 1 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.

De Stichting Notarieel Pensioenfonds, bedoeld in artikel 113a van de Wet op het Notarisambt.

De Stichting Pensioenfonds Nederlandse Orde van Advocaten.

De stichting, bedoeld in artikel 2 van de Wet privatisering FVP.

b. De verzekeraars, bedoeld in artikel 68b, onder b: [Vervallen per 06-01-2014]

De verzekeraars, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet en artikel 1 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.

c. De spaarfondsen, bedoeld in artikel 68b, onder c: [Vervallen per 06-01-2014]

De ondernemingsspaarfondsen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder d, van de Pensioen- en spaarfondsenwet, zoals de Pensioen- en spaarfondsenwet luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Pensioenwet.

d. De fondsen, bedoeld in artikel 68b, onder d: [Vervallen per 06-01-2014]

De stichtingen met als doel het toekennen van een uitkering aan personen na ontslag wegens vervroegd uittreden.

e. De kredietinstellingen, bedoeld in artikel 68b, onder e: [Vervallen per 06-01-2014]

De kredietinstellingen, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, die zijn ingeschreven in het in artikel 1:107 van die wet bedoelde register.

f. De effecteninstellingen, bedoeld in artikel 68b, onder f: [Vervallen per 06-01-2014]

De beleggingsondernemingen, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, die zijn ingeschreven in het in artikel 1:107 van die wet bedoelde register.

g. De verzekeraars, bedoeld in artikel 68b, onder g: [Vervallen per 06-01-2014]

De verzekeraars, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, die zijn ingeschreven in het in artikel 1:107 van die wet bedoelde register.

h. De beleggingsinstellingen, bedoeld in artikel 68b, onder h: [Vervallen per 06-01-2014]

De beleggingsinstellingen, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, die zijn ingeschreven in het in artikel 1:107 van die wet bedoelde register.

i. De zorgverzekeraars, bedoeld in artikel 68b, onder i: [Vervallen per 06-01-2014]

– De zorgverzekeraars, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet.

Bijlage 6. bij de artikelen 70, eerste lid, en 85, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 6) [Vervallen per 06-01-2014]

De in het vestigingsregister op te nemen administratieve gegevens in verband met de verwijsgegevens [Vervallen per 06-01-2014]

a. Aanduiding onjuist: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van het opgenomen gegeven dat onjuist is.

b. Opnamedatum: [Vervallen per 06-01-2014]

datum van opneming van een gegeven.

c. Aanduiding omtrent niet-verstrekking aan derden: [Vervallen per 06-01-2014]

codering van de inhoud van het besluit om geen gegevens aan derden te verstrekken.

d. Datum ingang rechtsgeldigheid gegevens: [Vervallen per 06-01-2014]

datum ingang rechtsgeldigheid.

e. Gegevens over het administratienummer: [Vervallen per 06-01-2014]

datum van kracht worden administratienummer.

f. Gegevens over het burgerservicenummer: [Vervallen per 06-01-2014]

datum van kracht worden burgerservicenummer.

Bijlage 7. bij artikel 82 van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (bijlage 7) [Vervallen per 06-01-2014]

Bijzondere en administratieve gegevens die bij de aanleg van een persoonslijst in een geval als bedoeld in artikel 123, eerste lid, van de wet, niet op de persoonslijst behoeven te worden opgenomen [Vervallen per 06-01-2014]

a. Gegevens ter aanduiding van akten en andere geschriften waaraan algemene gegevens over de burgerlijke staat zijn ontleend: [Vervallen per 06-01-2014]

nummer van de akte waaraan een algemeen gegeven over de burgerlijke staat is ontleend;

gemeentecode van de gemeente die de akte in de registers heeft opgenomen;

omschrijving van het geschrift waaraan een algemeen gegeven over de burgerlijke staat is ontleend;

gemeentecode van de gemeente waar het gegeven is ontleend;

datum van ontlening.

b. Gegevens ter aanduiding van de rechtsgrond krachtens welke gegevens over het Nederlanderschap zijn opgenomen: [Vervallen per 06-01-2014]

rechtsgrond van verkrijging van het Nederlanderschap;

rechtsgrond van verlies van het Nederlanderschap.

c. Gegevens ter aanduiding van de onjuistheid van een opgenomen algemeen gegeven of van strijd met de Nederlandse openbare orde van een opgenomen gegeven over de burgerlijke staat: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van het opgenomen algemeen gegeven dat onjuist is;

aanduiding van het opgenomen gegeven over de burgerlijke staat dat in strijd is met de Nederlandse openbare orde.

d. Gegevens ter aanduiding van een onderzoek naar de onjuistheid of de strijd met de Nederlandse openbare orde van een verzameling van gegevens: [Vervallen per 06-01-2014]

aanduiding van de verzameling van gegevens, waarbinnen gegevens zijn opgenomen die onderzocht worden op onjuistheid;

aanduiding van de verzameling van gegevens, waarbinnen gegevens over de burgerlijke staat zijn opgenomen die onderzocht worden op strijd met de Nederlandse openbare orde;

datum aanvang onderzoek;

datum beëindiging onderzoek.