KruimelpadGeldend op 09-02-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. De schipper van een schip als bedoeld in het ADN, van een tankschip, van een schip met een lengte van meer dan 110 m, van een samenstel, van een zeeschip of van een bijzonder transport als bedoeld in artikel 1.21 moet zich, alvorens de in het vijfde lid bedoelde riviergedeelten binnen te varen, melden op het aangegeven marifoonkanaal met opgave van de volgende gegevens:
a. soort schip;
b. naam van het schip;
c. positie, vaarrichting;
d. officieel scheepsnummer, IMO-nummer voor zeeschepen;
e. laadvermogen;
f. lengte en breedte van het schip;
g. soort, lengte en breedte van het samenstel;
h. diepgang, indien de bevoegde autoriteit hierom vraagt;
i. route;
j. haven waar is geladen;
k. haven waar wordt gelost;
l. bij gevaarlijke stoffen overeenkomstig het ADN:
de VN-nummers of de stofnummers,
de officiële benaming voor het vervoer, voorzover van toepassing aangevuld met de technische omschrijving,
de klasse, de klassificeringscode en eventueel de verpakkingsgroep,
de totale hoeveelheid van de gevaarlijke stoffen, waarop deze gegevens betrekking hebben;
bij andere stoffen: de soort lading (naam en hoeveelheid van stoffen);
m. 0, 1, 2, 3 blauwe lichten/kegels;
n. aantal personen aan boord.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens, met uitzondering van die genoemd onder c en h, mogen ook vanaf een andere plaats of door een andere persoon tijdig schriftelijk of telefonisch, dan wel, indien mogelijk, via elektronische weg, aan de bevoegde autoriteit worden medegedeeld. In ieder geval moet de schipper het tijdstip van in- en uitvaren met zijn schip of samenstel van het meldplichtig riviergedeelte melden.
3. Indien het schip zijn reis in een der in het vijfde lid genoemde riviergedeelten gedurende meer dan twee uren onderbreekt, moet de schipper het begin en het einde van deze onderbreking melden.
4. Indien de in het eerste lid bedoelde gegevens tijdens het bevaren van het meldplichtige riviergedeelte worden gewijzigd, moet dit aan de bevoegde autoriteit onmiddellijk worden medegedeeld.
5. Op de riviergedeelten:
a. van Basel (Mittlere Rheinbrücke, km 166,64) tot Lauterburg (km 352,00),
b. van Lauterburg (km 352,00) tot Gorinchem (km 952,50), en
c. van Pannerden (km 876,50) tot Krimpen aan de Lek (989,20),
die worden aangeduid door het teken B.11 met het onderbord «Meldplicht», geldt de in het eerste lid bedoelde meldplicht onder de volgende voorwaarden:
– Op het gedeelte bedoeld onder a behoeven zich slechts samenstellen als bedoeld in het ADNR te melden.
– Op het gedeelte bedoeld onder b moeten behalve samenstellen als bedoeld in het ADNR slechts samenstellen met een lengte van meer dan 140 m en een breedte van meer dan 15 m en op het gedeelte bedoeld onder c slechts samenstellen met een lengte van meer dan 110 m of een breedte van meer dan 12 m worden gemeld.
– Op de gedeelten bedoeld onder b en c moeten de gegevens genoemd in het eerste lid, onder a, b en d, eveneens worden verstrekt bij het passeren van de overige verkeersposten, districtscentrales en sluizen, evenals aan de met het teken B.11 aangeduide meldpunten.
6. De bevoegde autoriteit kan voor bunkerschepen een andere meldplicht vaststellen.