Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Voorbereidende commissie voor de organisatie voor het verbod van chemische wapens[Regeling vervallen per 17-09-2010.]

Geldend van 18-08-1994 t/m 16-09-2010

Voorbereidende commissie voor de organisatie voor het verbod van chemische wapens

1. Inleiding [Vervallen per 17-09-2010]

Te ’s-Gravenhage is gevestigd de Voorbereidende Commissie voor de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens, hierna te noemen: de Commissie. De Commissie bereidt de vestiging in Nederland voor van de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens (Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons, OPCW). De voorrechten en immuniteiten van de Commissie en het personeel daarvan zijn geregeld bij overeenkomst van 8 december 1993 tussen de Nederlandse regering en de Commissie (Tractatenblad 1994, 22), betreffende de zetel van de Commissie. Een aantal nadere details met betrekking tot de fiscale faciliteiten voor de Commissie en haar personeel is uitgewerkt in een briefwisseling van 6 en 9 december 1993 tussen de Staatssecretaris van Financiën en de Uitvoerend Secretaris van de Commissie. Deze briefwisseling geldt als annex bij de zetelovereenkomst.

De zetelovereenkomst is op 23 februari 1994 in werking getreden en zal tezamen met de annex worden opgenomen in het boekwerk Internationale Fiscale Zaken.

2. Fiscale voorrechten en immuniteiten ten behoeve van de commissie [Vervallen per 17-09-2010]

2.1. Algemeen [Vervallen per 17-09-2010]

De fiscale voorrechten en immuniteiten ten behoeve van de Commissie zijn neergelegd in de artikelen 8 en 9 van de zetelovereenkomst. Naast de vrijstellingen van directe belastingen worden de volgende voorrechten aan de Commissie verleend:

  • a. vrijstelling van belastingen bij invoer of uitvoer van goederen noodzakelijk voor het verrichten van de officiële werkzaamheden van de Commissie (artikel 9, tweede lid, onderdeel d);

  • b. diplomatieke onschendbaarheid voor koeriers en verzegelde tassen waarmee officiële documenten worden verzonden en ontvangen (artikel 8);

  • c. vrijstelling van omzetbelasting over goederen en diensten die noodzakelijk zijn voor de officiële werkzaamheden van de Commissie, mits het goederen en diensten betreft die aanmerkelijke uitgaven meebrengen of die regelmatig worden geleverd of verleend (artikel 9, tweede lid, onderdeel b);

  • d. vrijstelling van accijnzen die zijn begrepen in de prijzen van alcoholhoudende dranken en koolwaterstoffen, bestemd voor officieel gebruik ten behoeve van de Commissie (artikel 9, tweede lid, onderdeel c);

  • e. vrijstelling van motorrijtuigenbelasting en van belasting van personenauto’s en motorrijwielen ter zake van motorrijtuigen die voor haar officiële werkzaamheden worden gebruikt (artikel 9, tweede lid, onderdeel a).

2.2. Directe belastingen [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie, haar bezittingen, inkomsten en andere eigendommen zijn binnen het kader van de officiële taken vrijgesteld van alle directe belastingen.

2.3. Vrijstelling van belastingen bij invoer [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie geniet vrijstelling van belastingen bij invoer van goederen (met inbegrip van publikaties, motorrijtuigen en accijnsgoederen) bestemd voor de uitoefening van haar officiële werkzaamheden. Artikel 63a van de Regeling vrijstellingen belastingen bij invoer (RVBI) is op de Commissie van toepassing. De Commissie zal zo spoedig mogelijk worden opgenomen in bijlage XIIIA van de RVBI.

De vrijstelling wordt verleend op grond van een door de Belastingdienst/ Douane post Rijswijk af te geven vrijstellingsvergunning. De goederen worden ten invoer met vrijstelling van belastingen aangegeven op een formulier Enig Document met vermelding in vak 1 IM 5, met dien verstande dat geen zekerheid behoeft te worden gesteld. Voor met vrijstelling ingevoerde motorrijtuigen van de Commissie wordt een CD-kenteken afgegeven.

2.4. Verzending per koerier of in verzegelde tas [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie heeft het recht officiële correspondentie en andere officiële berichten te verzenden en te ontvangen per koerier of in verzegelde tassen. Ten aanzien van deze koeriers en tassen gelden ingevolge artikel 8 van de zetelovereenkomst dezelfde voorrechten en immuniteiten als ten aanzien van diplomatieke koeriers en tassen. Paragraaf 204a van de Instructie Douane, opgenomen in het boekwerk D.A.A. onder nummer 19.00.00, is van overeenkomstige toepassing.

2.5. Vrijstelling van omzetbelasting [Vervallen per 17-09-2010]

De organisatie geniet vrijstelling van omzetbelasting begrepen in de prijs van hier te lande door haar betrokken goederen en diensten, bestemd voor de uitoefening van haar officiële werkzaamheden. De vrijstelling wordt verleend in de vorm van teruggaaf. Verzoeken voor een zodanige teruggaaf kunnen worden ingediend bij de Belastingdienst/Eenheid Ondernemingen te ’s-⁠Gravenhage, binnen drie maanden na afloop van het kalenderkwartaal, met gebruikmaking van een formulier OB nr. 95. De belastingdienst kan voorwaarden stellen inzake het overleggen van facturen en andere bescheiden ter staving van het verzoek.

Als minimumbedrag waarover belasting wordt terugbetaald, geldt een bedrag van f 500 (exclusief omzetbelasting). Met betrekking tot facturen en dergelijke waarop een vergoeding van minder dan f 500 in rekening wordt gebracht, wordt daarom in beginsel geen teruggaaf verleend. Toegestaan is evenwel dat de Commissie facturen met een vergoeding van minder dan f 500 afkomstig van eenzelfde ondernemer, in een verzamelstaat samenvat indien:

  • a. zij doorlopende prestaties betreffen, zoals leveringen van gas, water en elektriciteit, waarvan de factuurdata binnen het desbetreffende kwartaal zijn gelegen;

  • b. facturen anderszins voortvloeien uit één enkele opdracht of overeenkomst, mits de factuurdata binnen het desbetreffende kwartaal zijn gelegen en de vergoedingen tezamen tenminste f 500 bedragen.

Met betrekking tot motorrijtuigen, aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie, wordt de vrijstelling ingevolge artikel 32, derde lid, van de Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen (Uitvoeringsregeling AWR) uitsluitend direct verleend, volgens de bij invoer gebruikelijke procedure. Het verzoek om afgifte van de voor vrijstelling benodigde vergunning dient te worden gericht aan de Belastingdienst/Douane post Rijswijk. Voor het motorrijtuig wordt ook in een dergelijk geval een CD-kenteken afgegeven. Ter zake van motorrijtuigen wordt geen teruggaaf verleend van betaalde belasting.

2.6. Vrijstelling van accijns [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie geniet vrijstelling van accijns voor hier te lande betrokken koolwaterstoffen, die voor haar officiële werkzaamheden worden gebruikt. Daartoe behoren motorbrandstoffen voor haar motorrijtuigen en brandstoffen bestemd voor verwarming van haar officiële gebouwen. De vrijstelling wordt verleend in de vorm van teruggaaf.

Verzoeken voor een zodanige teruggaaf moeten worden ingediend bij de Belastingdienst/Douane post Rijswijk, binnen drie maanden na afloop van het kalenderkwartaal. Het verzoek moet zijn vergezeld van de originele facturen. Voor zover het betreft motorbrandstoffen die bestemd zijn voor gebruik in motorrijtuigen van de Commissie kan worden volstaan met de overlegging van de afleveringsbonnen, onder voorwaarde dat deze de volgende gegevens bevatten:

  • naam van de leverancier;

  • naam van de bestuurder van het motorrijtuig;

  • soort, hoeveelheid en prijs van de motorbrandstof;

  • kenteken van het motorrijtuig waaraan de brandstof is afgeleverd.

De afleveringsbon moet voor akkoord getekend zijn door de leverancier en de bestuurder. Tevens moet een recapitulatie van de hoeveelheden bij het verzoek om teruggaaf worden gevoegd. De inspecteur plaatst op de overgelegde bescheiden, voor zover deze aan de Commissie worden teruggegeven, een aantekening dat de vrijstelling is verleend.

De Commissie geniet voorts vrijstelling van accijns ter zake van hier te lande betrokken alcoholhoudende dranken en tabaksprodukten. Deze vrijstelling wordt uitsluitend direct verleend bij aflevering vanuit een accijnsgoederenplaats, volgens de bij invoer gebruikelijke procedures. Het verzoek om afgifte van de voor vrijstelling benodigde vergunning dient te worden gericht aan de Belastingdienst/Douane post Rijswijk.

2.7. Vrijstelling van belasting van personenauto's en motorrijwielen [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie geniet vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen met betrekking tot haar motorrijtuigen bestemd voor de uitoefening van haar officile werkzaamheden. Het verzoek om afgifte van de voor vrijstelling benodigde vergunning dient te worden gericht aan de Belastingdienst/Douane post Rijswijk, ook in gevallen waarin het motorrijtuig wordt aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie. Voor het motorrijtuig wordt een CD-kenteken afgegeven, ook wanneer ter zake geen vrijstelling is verleend van invoerrechten en/of omzetbelasting.

De vrijstelling wordt uitsluitend verleend volgens de hiervoor omschreven procedure. Er wordt geen teruggaaf verleend van reeds betaalde belasting.

2.8. Vrijstelling van motorrijtuigenbelasting [Vervallen per 17-09-2010]

De Commissie geniet vrijstelling van motorrijtuigenbelasting voor motorrijtuigen die op naam van de Commissie in het kentekenregister zijn gesteld en die worden gebruikt voor de uitoefening van haar officiële werkzaamheden. De vrijstelling wordt verleend voor motorrijtuigen, waarvoor een CD-kenteken is afgegeven. Wanneer een dergelijk kenteken niet is afgegeven omdat het motorrijtuig zonder vrijstelling van belastingen is aangeschaft, kan een verzoek om afgifte van zo’n kenteken worden ingediend via het Ministerie van Buitenlandse Zaken bij de Belastingdienst/Douane post Rijswijk.

2.9. Lijst met namen van gemachtigden [Vervallen per 17-09-2010]

Verzoeken om toepassing van de in deze paragraaf vermelde vrijstellingen moeten zijn ondertekend door een daartoe door de Commissie gemachtigde functionaris. Een lijst met de handtekeningen van deze functionarissen wordt door het Ministerie van Financiën verstrekt aan de desbetreffende eenheden van de Belastingdienst.

2.10. Afzien van de vrijstelling [Vervallen per 17-09-2010]

2.10.1. Voorwaarden [Vervallen per 17-09-2010]

Goederen die door de Commissie met vrijstelling van belastingen zijn gekocht of ingevoerd mogen slechts worden verkocht, verhuurd, geschonken of anderszins afgestoten overeenkomstig met de Nederlandse regering overeengekomen voorwaarden. In de aanvullende briefwisseling, behorende bij de zetelovereenkomst tussen de Commissie en de Nederlandse regering, zijn hierover de volgende afspraken gemaakt:

  • a. roerende goederen, met uitzondering van motorrijtuigen, die door de Commissie met vrijstelling van belastingen zijn ingevoerd dan wel aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie, kunnen na vijf jaar gebruik worden vervreemd zonder dat belastingen verschuldigd zijn;

  • b. bij vervreemding van de in punt a bedoelde goederen, voordat de goederen vijf jaar voor de officiële werkzaamheden van de Commissie zijn gebruikt, wordt belasting geheven over de waarde van de goederen op dat moment. Deze waarde bedraagt ten hoogste de vergoeding, verminderd met 10% voor iedere periode van zes maanden dat het goed door de Commissie is gebruikt voor de officiële werkzaamheden. Betreft het goederen die met vrijstelling van belastingen zijn ingevoerd, dan dient de Commissie af te zien van de vrijstelling en aangifte ten invoer te doen. Betreft het goederen die met vrijstelling van omzetbelasting in het vrije verkeer zijn aangeschaft, dan dient de Commissie te verzoeken om vermindering van de teruggaafbeschikking;

  • c. motorrijtuigen en automatiserings- en communicatie-apparatuur die door de Commissie met vrijstelling van belastingen zijn ingevoerd, kunnen na twee jaar gebruik door de Commissie zonder betaling van belastingen worden verkocht aan een ondernemer, indien deze zich verbindt het goed uit te voeren, dan wel het goed ten invoer aan te geven onder betaling van de daarbij verschuldigde belastingen;

  • d. motorrijtuigen en automatiserings- en communicatie-apparatuur die door de Commissie met vrijstelling van omzetbelasting zijn aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie, kunnen na twee jaar gebruik door de Commissie zonder betaling van belastingen worden verkocht aan een niet vrijgestelde ondernemer, indien deze zich verbindt het goed uit te voeren, dan wel omzetbelasting in rekening te brengen bij vervreemding aan een persoon of instelling die ter zake geen aanspraak kan maken op een directe vrijstelling;

  • e. goederen die door de Commissie met vrijstelling van belastingen zijn ingevoerd dan wel aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie, kunnen zonder betaling van belastingen worden verkocht aan personen of organisaties, die in Nederland in aanmerking komen voor dezelfde vrijstelling van belastingen ten aanzien van die goederen;

  • f. goederen die door de Commissie met vrijstelling van belastingen zijn ingevoerd dan wel aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie, kunnen zonder betaling van belastingen worden uitgevoerd of vernietigd.

Volledigheidshalve zij opgemerkt dat het voorgaande niet geldt ten aanzien van onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen.

2.10.2. Procedure [Vervallen per 17-09-2010]

Voor goederen als bedoeld onder punt a

De Commissie stelt de betrokken eenheden van de belastingdienst periodiek op de hoogte van de afstoting van goederen als bedoeld onder punt a.

Voor goederen als bedoeld onder punt b

De Commissie neemt periodiek contact op met de betrokken eenheden van de belastingdienst teneinde vast te stellen, in hoeverre belasting verschuldigd is ter zake van de vervreemding in de desbetreffende periode van goederen als bedoeld onder punt b.

Voor goederen als bedoeld onder de punten c, d en e

De Commissie neemt vooraf contact op met de betrokken eenheid van de belastingdienst ter zake van de vervreemding van goederen als bedoeld onder punt c, d en e, teneinde vast te stellen of de afnemer van de goederen voldoet aan de in respectievelijk punt c, d of e gestelde voorwaarden.

Voor goederen als bedoeld onder punt f

De Commissie neemt vooraf contact op met de betrokken eenheid van de belastingdienst ter zake van de uitvoer of vernietiging van goederen als bedoeld onder punt f, teneinde af te spreken welke procedure ter zake gevolgt moet worden.

3. Fiscale voorrechten en immuniteiten ten behoeve van het personeel [Vervallen per 17-09-2010]

3.1. Vrijgestelde categorieën personeelsleden [Vervallen per 17-09-2010]

De fiscale voorrechten en immuniteiten ten behoeve van de Uitvoerend Secretaris en de functionarissen van de Commissie zijn neergelegd in artikel 11 van de zetelovereenkomst.

3.1.1. Functionarissen [Vervallen per 17-09-2010]

Slechts de Uitvoerend Secretaris en de functionarissen van de Commissie komen in aanmerking voor fiscale voorrechten. Het begrip functionarissen ziet ingevolge de definitie in artikel 1 van de zetelovereenkomst op personen die door de Commissie worden benoemd of geworven voor een dienstbetrekking bij de Commissie ten behoeve van de uitoefening van de officiële taken.

Niet als functionarissen van de Commissie worden beschouwd huishoudelijk personeel van de Commissie en degenen die lokaal (in Nederland) worden aangeworven en per uur worden betaald. Dergelijke personeelsleden komen derhalve niet in aanmerking voor enig fiscaal voorrecht.

Functionarissen met de Nederlandse nationaliteit

Functionarissen met de Nederlandse nationaliteit komen niet in aanmerking voor de voorrechten die worden verleend aan de Uitvoerend Secretaris, de Plaatsvervangend Uitvoerend Secretaris of aan personeelsleden in rang P5 en hoger. Zij komen slechts in aanmerking voor de voorrechten die ook worden verleend aan functionarissen in de categorie P4 en lager, zoals hierna toegelicht in de paragrafen 4.2, 4.3 en 4.4.

Functionarissen in de categorie P5 en hoger met een andere dan de Nederlandse nationaliteit, die duurzaam in Nederland verblijven

In de zetelovereenkomst worden geen fiscale voorrechten toegekend aan functionarissen in de categorie P5 en hoger met een andere dan de Nederlandse nationaliteit, die worden aangemerkt als duurzaam verblijvend in Nederland. Aan deze groep wordt slechts een vrijstelling toegekend van deelname aan het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel. Niettemin kan de vrijstelling van inkomstenbelasting ten aanzien van het salaris, als bedoeld in punt 4.2, geacht worden mede te gelden voor de hier bedoelde functionarissen. De onder punt 4.4 bedoelde vrijstellingen bij overbrenging van de normale verblijfplaats naar Nederland zijn uiteraard niet op deze functionarissen van toepassing.

3.2. Vrijstelling ten aanzien van het salaris [Vervallen per 17-09-2010]

De Uitvoerend Secretaris en de functionarissen van de Commissie komen in aanmerking voor vrijstelling van inkomstenbelasting, zonder progressievoorbehoud, ten aanzien van de door de Commissie uitbetaalde salarissen en emolumenten. De door de Commissie uitbetaalde pensioenen en soortgelijke uitkeringen zijn wel belastbaar voor de inkomstenbelasting.

Voor de Uitvoerend Secretaris en de functionarissen in de categorie P5, die geen Nederlander zijn en niet worden aangemerkt als duurzaam in Nederland verblijvend, maakt deze vrijstelling deel uit van de aan deze personeelsleden toegekende diplomatieke vrijstellingen (zie hierna de punten 4.5 en 4.6).

Voor functionarissen in de categorie P4 en lager en voor functionarissen in de categorie P5 en hoger die Nederlander zijn, maakt deze vrijstelling deel uit van de op deze personeelsleden van toepassing verklaarde voorrechten en immuniteiten van artikel VI van het Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de gespecialiseerde organisaties van de VN (zie hierna punt 4.7). De vrijstelling kan, zoals opgemerkt onder punt 4.1.1.2, mede worden verleend aan niet-Nederlandse functionarissen in de categorie P5 en hoger, die worden aangemerkt als duurzaam in Nederland verblijvend.

3.3. Sociale zekerheid [Vervallen per 17-09-2010]

De Uitvoerend Secretaris en de functionarissen van de Commissie, op wie met de Nederlandse sociale zekerheidswetten vergelijkbare eigen regelingen van de Commissie van toepassing zijn, alsmede hun inwonende gezinsleden met uitzondering van inwonende particuliere bedienden, zijn op grond van artikel 15 van de zetelovereenkomst niet verzekerd ingevolge de Nederlandse sociale verzekeringen. Het voorgaande geldt evenwel niet ten aanzien van gezinsleden die in Nederland in dienst zijn bij een andere werkgever dan de Commissie.

De Commissie is bij beschikking van 8 juni 1994, nr. SZ/SV/F/94/2049 (Stcrt. 1994, 121) opgenomen in de Regeling aanwijzing volkenrechtelijke organisaties in Nederland van 21 augustus 1991, nr. SZ/SV/T/91/3801 (Stcrt. 1991, 167), met terugwerkende kracht vanaf de datum van vestiging van de Commissie in Nederland.

3.4. Verhuisboedelvrijstelling [Vervallen per 17-09-2010]

3.4.1. Algemeen [Vervallen per 17-09-2010]

Indien persoonlijke goederen door personeelsleden van de Commissie worden ingevoerd in het kader van de overbrenging van de normale verblijfplaats naar Nederland, is uiteraard de normale vrijstellingsregeling voor verhuisgoederen van toepassing. Deze vrijstelling wordt verleend met toepassing van de artikelen 2 tot en met 10 van de Verordening (EEG) nr. 918/83 van 28 maart 1983 betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen (Pb.EB L105) en de artikelen 24 en 91 van de RVBI. Op grond van artikel 4 van het Uitvoeringsbesluit belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992, is deze vrijstelling van overeenkomstige toepassing op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen.

3.4.2. Artikel 63b RVBI [Vervallen per 17-09-2010]

In afwijking van het voorgaande kunnen de Uitvoerend Secretaris en de functionarissen van de Commissie met toepassing van artikel 63b van de RVBI bij overbrenging van de normale verblijfplaats naar Nederland één motorrijtuig met vrijstelling van belastingen invoeren dat buiten de Europese Unie met vrijstelling is verkregen, in ongebruikte staat buiten de Europese Unie wordt aangeschaft of uit een douane-entrepot wordt betrokken. De Commissie zal daartoe zo spoedig mogelijk worden opgenomen in bijlage XIIIB van de RVBI. Volledigheidshalve zij opgemerkt dat deze vrijstelling ook wordt verleend aan Nederlanders, die in het kader van de indiensttreding bij de Commissie de normale verblijfplaats overbrengen naar Nederland.

Het verzoek om afgifte van de benodigde vergunning dient te worden gericht aan de Belastingdienst/Douane post Rijswijk. Wordt het motorrijtuig ingevoerd door een niet-Nederlandse Uitvoerend Secretaris of functionaris in de categorie P5 of hoger, dan wordt voor het motorrijtuig een CD-kenteken afgegeven. Wordt het motorrijtuig ingevoerd door een functionaris in de categorie P4 of lager, of door een functionaris in een hogere categorie die Nederlander is, dan wordt voor het motorrijtuig een BN/GN-kenteken afgegeven in de serie 90-00 t/m 99-99.

Voor motorrijtuigen die met vrijstelling van omzetbelasting worden aangeschaft in het vrije verkeer van de Europese Unie is het voorgaande van overeenkomstige toepassing ingevolge artikel 32, derde lid, van de Uitvoeringsregeling AWR.

Voor de hiervoor bedoelde motorrijtuigen wordt tevens vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen verleend. De termijn waarbinnen de vrijstelling vervalt bij vervreemding is daarbij van overeenkomstige toepassing. Na deze termijn is ter zake van de registratie onder een normaal Nederlands kenteken geen belasting verschuldigd.

3.5. Uitvoerend Secretaris en Plaatsvervangend Uitvoerend Secretaris [Vervallen per 17-09-2010]

De Uitvoerend Secretaris van de Commissie geniet, tezamen met zijn inwonende gezinsleden, uitgezonderd particuliere bedienden, de belastingvrijstellingen die worden verleend aan het hoofd van een diplomatieke vertegenwoordiging, mits zij niet de Nederlandse nationaliteit bezitten of worden aangemerkt als duurzaam verblijvend in Nederland. De algemene bepalingen en voorwaarden, neergelegd in artikel 33 van de Uitvoeringsregeling AWR en in artikel 61, eerste lid, van de RVBI, zijn van overeenkomstige toepassing. Aan de voorwaarde van wederkerigheid wordt geacht steeds te zijn voldaan.

Een Plaatsvervangend Uitvoerend Secretaris of een hogere functionaris geniet, wanneer deze optreedt namens de Uitvoerend Secretaris, dezelfde voorrechten en immuniteiten als de Uitvoerend Secretaris.

Met betrekking tot de fiscale vrijstellingen betekent dit het volgende:

  • vervangt een functionaris in de categorie P4 of lager de Uitvoerend Secretaris, dan worden aan betrokkene geen diplomatieke belastingvrijstellingen verleend;

  • vervangt een functionaris in de categorie P5 of hoger de Uitvoerend Secretaris, dan komt hij in aanmerking voor de gebruikelijke diplomatieke belastingvrijstellingen. Met betrekking tot motorrijtuigen geldt daarbij, dat de vrijstelling wordt verleend op de voet van artikel 61, tweede lid, van de RVBI.

3.6. Functionarissen in de categorie P5 en hoger [Vervallen per 17-09-2010]

Functionarissen van de Commissie in de categorie P5 en hoger, tezamen met hun inwonende gezinsleden, uitgezonderd particuliere bedienden, genieten de belastingvrijstellingen die worden verleend aan een diplomatiek ambtenaar, mits zij niet de Nederlandse nationaliteit bezitten of worden aangemerkt als duurzaam verblijvend in Nederland. De algemene bepalingen en voorwaarden, neergelegd in artikel 33 van de Uitvoeringsregeling AWR en in artikel 61, tweede lid, van de RVBI, zijn van overeenkomstige toepassing. Aan de voorwaarde van wederkerigheid wordt geacht steeds te zijn voldaan.

3.7. Functionarissen in de categorie P4 en lager en functionarissen met de Nederlandse nationaliteit [Vervallen per 17-09-2010]

De functionarissen van de Commissie in de categorie P4 en lager en functionarissen met de Nederlandse nationaliteit genieten op grond van artikel 11, onderdeel d, ten eerste, van de zetelovereenkomst de voorrechten en immuniteiten overeenkomstig artikel VI van het Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de gespecialiseerde organisaties van de VN van 21 november 1947 (bekendgemaakt bij Besluit van 11 februari 1949, Stb. J 67, opgenomen in het Boekwerk IFZ onder nummer 530.01.00.).

Op grond van paragraaf 19, onderdeel b, van dit verdrag komen deze functionarissen in aanmerking voor de in punt 4.2. bedoelde vrijstelling van inkomstenbelasting. Voorts komen zij in aanmerking voor de in punt 4.3. bedoelde vrijstelling van deelname aan het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel, voor de in punt 4.4.1. bedoelde vrijstelling van belastingen bij invoer van de verhuisboedel, en voor de in punt 4.4.2. bedoelde vrijstelling met betrekking tot een motorrijtuig als bedoeld in artikel 63b van de RVBI.