Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Wijzigingsbesluit Verplaatsingskostenbesluit militairen

Geldend van 08-07-1994 t/m heden

Besluit van 7 juni 1994, tot intrekking van enige tegemoetkomingen, wijziging van het vakantieverlof van dienstplichtigen en houdende een ontberingstoelage alsmede een uitbreiding van de tegemoetkoming in reiskosten

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 9 februari 1994, nr. PAV 6070/94003290;

Gelet op artikel 12 van de Militaire Ambtenarenwet 1931 en artikel 2 van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen;

De Raad van State gehoord (advies van 11 mei 1994, nr. W07.94.0080);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Defensie van 27 mei 1994, nr. PAV 6070/94013924;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel I

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel II

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel III

Het Besluit havenvergoeding militairen zeemacht wordt ingetrokken.

Artikel IV

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel V

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel VI

Voor dienstplichtigen die voor 1 januari 1994 voor eerste oefening in dienst zijn gekomen voor wie de duur van de eerste oefening 11 maanden of meer bedraagt, blijven de bepalingen van het Reglement rechtstoestand dienstplichtigen zoals die golden tot het moment van inwerkingtreding van dit besluit van toepassing voor de duur van hun verblijf in werkelijke dienst voor eerste oefening.

Artikel VII

Dit besluit treedt in werking:

  • - voor wat betreft artikel I, IV, onderdeel A, en VI met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1994;

  • - voor wat betreft artikel V met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt voor dienstplichtigen van de Koninklijke landmacht en de Koninklijke luchtmacht voor wie de duur van de eerste oefening is vastgesteld op 9 maanden, terug tot en met 1 januari 1994;

  • - voor wat betreft de artikelen II, III en IV, onderdeel B, met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 7 juni 1994

Beatrix

De Minister van Defensie,

A. L. ter Beek

Uitgegeven de zevende juli 1994

De Minister van Justitie,

A. Kosto