KruimelpadGeldend op 10-02-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
De rechterlijk ambtenaar kan worden ontslagen op grond van:
a. ongeschiktheid voor het vervullen van zijn ambt, anders dan wegens ziekte;
b. het verlies van een bij wettelijk voorschrift gesteld vereiste voor benoeming in het door hem vervulde ambt;
c. een onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak waarbij hij onder curatele is gesteld of wegens schulden is gegijzeld;
d. een onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak waarbij hij wegens misdrijf is veroordeeld tot een vrijheidsstraf;
e. het bij of in verband met indiensttreding of keuring verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen, zonder welke handelwijze niet tot indienstneming of goedkeuring zou zijn overgegaan, tenzij de rechterlijk ambtenaar aannemelijk maakt dat hij te goeder trouw heeft gehandeld; of
f. het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.