Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren

Geldend op 10-02-2012


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 32

    • 1. Indien het overlijden of de vermissing van de rechterlijk ambtenaar is veroorzaakt door een dienstongeval of een door het verrichten van arbeid opgelopen beroepsziekte, wordt aan degene die in verband met dit overlijden of deze vermissing krachtens het pensioenreglement een nabestaandenpensioen geniet, een uitkering toegekend ten bedrage van 18% van het resultaat van de vermenigvuldiging van:

      • a. vijf zevende deel van 1,75% van de berekeningsgrondslag, bedoeld in artikel 6.2 van het pensioenreglement, en de pensioengeldige diensttijd, bedoeld in hoofdstuk 5 van het pensioenreglement, indien het gaat om de partner, bedoeld in artikel 7.1 van het pensioenreglement;

      • b. een zevende deel van 1,75% van de berekeningsgrondslag, bedoeld in artikel 6.2 van het pensioenreglement, en de pensioengeldige diensttijd, bedoeld in hoofdstuk 5 van het pensioenreglement, indien het gaat om de wees, bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, onderdeel a, van het pensioenreglement;

      • c. twee zevende deel van 1,75% van de berekeningsgrondslag, bedoeld in artikel 6.2 van het pensioenreglement, en de pensioengeldige diensttijd, bedoeld in hoofdstuk 5 van het pensioenreglement, indien het gaat om de wees, bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, onderdeel b, van het pensioenreglement.

    • 2. De in het eerste lid bedoelde uitkering eindigt met ingang van de dag waarop de overleden of vermiste rechterlijk ambtenaar de leeftijd van 65 jaar zou hebben bereikt, dan wel, indien de partner, bedoeld in artikel 7.1 van het pensioenreglement, aan wie een pensioen werd toegekend, hertrouwt, een samenlevingscontract sluit onderscheidenlijk een geregistreerd partnerschap aangaat, met ingang van de maand volgende op de datum van het hertrouwen, het sluiten van het samenlevingscontract onderscheidenlijk het aangaan van het geregistreerd partnerschap.

    • 3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de gewezen rechterlijk ambtenaar aan wie een aanvullende uitkering als bedoeld in artikel 18, vierde tot en met zesde lid, is toegekend, indien zijn overlijden of vermissing het rechtstreekse gevolg is van de in dat artikel bedoelde arbeidsongeschiktheid.