Besluit aanpassing douanewetgeving 1994

Geldend van 01-01-1994 t/m heden

Besluit van 3 december 1993, houdende aanpassing van de Wet inzake de douane en het Besluit inzake de douane aan het Communautair douanewetboek alsmede enkele daarmee verband houdende wijzigingen

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Financiën van 26 oktober 1993, nr. WD.93/641, Directoraat-Generaal voor Fiscale Zaken, directie Wetgeving Douane;

Gelet op de artikelen 2 en 3 van de wet van 23 juni 1960, houdende voorzieningen op het terrein van de invoerrechten en accijnzen ter uitvoering van het Benelux-Unieverdrag en andere internationale overeenkomsten (Stb. 262), artikel 85 van de Wet op de accijns en de artikelen 45 en 220a van de Wet inzake de douane;

De Raad van State gehoord (advies van 22 november 1993, nr. W06.93.0711);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Financiën van 26 november 1993, nr. WD.93/713, Directoraat-Generaal voor Fiscale Zaken, directie Wetgeving Douane;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel V

Met betrekking tot de belasting, administratieve boete en kosten waarvan de verschuldigdheid wordt vastgesteld vóór de dag van de inwerkingtreding van dit besluit blijft artikel 145a, tweede lid, van de Wet inzake de douane, zoals dat lid luidde vóór de inwerkingtreding van dit besluit, van toepassing en blijft artikel 146 van die wet buiten toepassing.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 3 december 1993

Beatrix

De Staatssecretaris van Financiën,

M. J. J. van Amelsvoort

Uitgegeven de veertiende december 1993

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

Terug naar begin van de pagina