Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Uitvoeringsbesluit WHW 2008

Geldend op 26-01-2010


  • Besluit van 22 september 1993, houdende uitvoeringsbepalingen van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek
  • Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

    Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen, van 28 mei 1993, nr. 92077964/4685, directie Wetgeving en Juridische Zaken, gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

    Gelet op artikel 6.13, derde lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

    Gezien het advies van de Onderwijsraad (advies van 21 december 1992, nr. OR 92000271/3 T);

    De Raad van State gehoord (advies van 2 augustus 1993, No. W05.93.0338);

    Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, van 21 september 1993, nr. 93064058/4685, directie Wetgeving en Juridische Zaken, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

    Hebben goedgevonden en verstaan:

  • Hoofdstuk 1. Algemene Bepalingen

  • Artikel 1.1. Begripsbepalingen

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    In dit besluit wordt verstaan onder:

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 159, datum inwerkingtreding 28-04-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2010.
    • f. [vervallen;]

  • Hoofdstuk 2. Bepalingen betreffende studenten

  • Afdeling 1. Persoonlijke en bijzondere omstandigheden

  • Artikel 2.1. Persoonlijke omstandigheden bij bindend studieadvies en verwijzing naar afstudeerrichting
    • 1. De persoonlijke omstandigheden bedoeld in de artikelen 7.8b, derde lid, en 7.9, derde lid, van de wet, zijn uitsluitend:

      • a. ziekte van betrokkene,

      • b. lichamelijke, zintuiglijke of andere functiestoornis van betrokkene,

      • c. zwangerschap van betrokkene,

      • d. bijzondere familie-omstandigheden,

      • e. het lidmaatschap, daaronder begrepen het voorzitterschap, van:

        • 1. bij universiteiten: de universiteitsraad, faculteitsraad, het orgaan dat is ingesteld op grond van de medezeggenschapsregeling, bedoeld in artikel 9.30, derde lid, onderscheidenlijk artikel 9.51, tweede lid, van de wet, het bestuur van een opleiding of de opleidingscommissie, alsmede het lidmaatschap van het bestuur van een stichting die blijkens haar statuten tot doel heeft de exploitatie van voorzieningen, behorende tot de studentenvoorzieningen, dan wel van een daarmee naar het oordeel van het instellingsbestuur gelet op de taak gelijk te stellen orgaan,

        • 2. bij hogescholen: de medezeggenschapsraad, deelraad, studentencommissie of opleidingscommissie,

      • f. andere in de regelingen, bedoeld in de artikelen 7.8b, zesde lid, en 7.9, vijfde lid, van de wet door het instellingsbestuur aan te geven omstandigheden waarin betrokkene activiteiten ontplooit in het kader van de organisatie en het bestuur van de zaken van de instelling,

      • g. het lidmaatschap van het bestuur van een studentenorganisatie van enige omvang met volledige rechtsbevoegdheid, dan wel van een vergelijkbare organisatie van enige omvang, bij wie de behartiging van het algemeen maatschappelijk belang op de voorgrond staat en die daartoe daadwerkelijk activiteiten ontplooit.

    • 2. Het instellingsbestuur kan voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel g, nadere regels vaststellen omtrent het aantal bestuursleden dat ten hoogste per organisatie per studiejaar in aanmerking komt, zomede omtrent welke bestuursfuncties in aanmerking komen.

  • Artikel 2.2 [Vervallen per 01-09-2000]
  • Afdeling 2. Voorwaarden voor ondersteuning door het Rijk

  • Artikel 2.3. Reikwijdte en begripsbepalingen
    • 2.In deze afdeling wordt verstaan onder:

      • a. organisatie: een organisatie als bedoeld in artikel 7.51, zevende lid, van de wet;

      • b. vertegenwoordiger: de door een organisatie als zodanig aangewezen persoon;

      • c. studiejaar: het tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende kalenderjaar.

    • 3.Deze afdeling is niet van toepassing op organisaties, bedoeld in artikel 3.3 van de wet.

  • Artikel 2.4. Aanspraak

    De door een organisatie aangewezen vertegenwoordiger heeft, met inachtneming van het bepaalde in deze afdeling, gedurende het tijdvak waarvoor de in artikel 2.5 bedoelde aanwijzing geldt, aanspraak op financiële ondersteuning.

  • Artikel 2.5. Aanwijzing, vertegenwoordiging en termijn
    • 1.Een organisatie beoogt niet het maken van winst. Hij omvat ten minste 250 betalende leden, contribuanten of donateurs, dan wel bestaat uit een samenwerkingsverband van instellingen, organisaties of rechtspersonen die te zamen ten minste 250 betalende leden, donateurs of contribuanten omvatten. Indien het betreft een politieke jongerenorganisatie, is zij gelieerd met een politieke partij die in beide Kamers van de Staten-Generaal is vertegenwoordigd.

    • 2.Het bestuur van een organisatie kan een vertegenwoordiger aanwijzen, die het voor financiële ondersteuning krachtens deze afdeling in aanmerking brengt. Van die aanwijzing doet dat bestuur mededeling aan Onze minister, waarbij het tevens aantoont dat de organisatie voldoet aan het eerste lid.

    • 3.De aanwijzing, bedoeld in het tweede lid, zomede de mededeling daarvan aan Onze minister, geschiedt vóór 1 november van het desbetreffende studiejaar. De aanwijzing geldt, behoudens het vierde en vijfde lid, voor het gehele studiejaar.

    • 4.Het bestuur van een organisatie kan tussentijds de aanwijzing van een vertegenwoordiger intrekken. Van deze intrekking doet het bestuur mededeling aan Onze minister.

    • 5.Na een intrekking als bedoeld in het vierde lid, kan het bestuur van een organisatie in plaats van een vertegenwoordiger wiens aanwijzing is ingetrokken, driemaal een nieuwe vertegenwoordiger aanwijzen. De aanwijzing van de nieuwe vertegenwoordiger is van kracht met ingang van de eerste dag van de kalendermaand, volgende op die waarin de aanwijzing heeft plaatsgevonden, en geldt voor het resterende gedeelte van het desbetreffende studiejaar.

  • Artikel 2.6. Hoogte van de aanspraak
    • 1.De financiële ondersteuning is gelijk aan het bedrag per maand dat ten behoeve van vertegenwoordigers van belangenorganisaties van studenten op grond van artikel 3.3, tweede lid, van de wet door Onze minister is vastgesteld.

    • 2.De toekenning van de financiële ondersteuning vindt plaats per kalendermaand.

  • Artikel 2.7. Beperking totaal der aanspraken
    • 1.Per studiejaar is ten aanzien van ten hoogste twintig organisaties financiële ondersteuning als bedoeld in artikel 2.6, tweede lid, beschikbaar.

    • 2.Toewijzing van de financiële ondersteuning vindt plaats in de volgorde van binnenkomst van de aanmeldingen, bedoeld in artikel 2.5, tweede lid.

  • Artikel 2.8 [Vervallen per 18-02-2009]
  • Artikel 2.9. Nadere regeling

    Onze minister kan voor de uitvoering van deze afdeling nadere regels van administratieve aard stellen.

  • Hoofdstuk 3. Bepalingen betreffende opleidingen

  • Afdeling 1. Centraal register opleidingen hoger onderwijs

  • Artikel 3.1. Indeling register

    Het register bestaat uit de volgende onderdelen:

    • a. onderwijs,

    • b. landbouw en natuurlijke omgeving,

    • c. natuur,

    • d. techniek,

    • e. gezondheidszorg,

    • f. economie,

    • g. recht,

    • h. gedrag en maatschappij,

    • i. taal en cultuur, en

    • j. sectoroverstijgend.

  • Artikel 3.2. Subonderdelen
    • 1.Het onderdeel onderwijs kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, de volgende subonderdelen:

      • a. masteropleidingen en voortgezette opleidingen tot leraar voortgezet onderwijs in algemene vakken, en

      • b. lerarenopleidingen op het gebied van de kunst.

    • 2.Het onderdeel taal en cultuur kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, de volgende subonderdelen:

      • a. opleidingen op het gebied van de kunst, en

      • b. masteropleidingen op het gebied van de bouwkunst.

    • 3.Het onderdeel sectoroverstijgend kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, het subonderdeel Onderwijs/Landbouw en Natuurlijke Omgeving/Natuur/Techniek/Gezondheid.

  • Artikel 3.3. Levering gegevens

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    De Informatie Beheer Groep kan voorschriften geven voor de wijze waarop gegevens die in het register worden opgenomen, dienen te worden geleverd.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 159, datum inwerkingtreding 28-04-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2010.

    Onze minister kan voorschriften geven voor de wijze waarop gegevens die in het register worden opgenomen, dienen te worden geleverd.

  • Artikel 3.4. Verstrekking gegevens
    • 1.Op een daartoe ingediend verzoek kunnen gegevens die in het register zijn opgenomen, worden verstrekt. Bij dat verzoek wordt aangegeven welke gegevens worden verlangd alsmede de gewenste wijze van verstrekking.

    • 2.Binnen een maand na ontvangst van het verzoek, wordt aan aanvrager bekendgemaakt of het verzoek kan worden gehonoreerd. Indien het verzoek zal worden gehonoreerd, wordt tevens aangegeven binnen welke termijn dit zal geschieden alsmede of aan de verstrekking kosten zijn verbonden en zo ja, hoe hoog de verschuldigde vergoeding, met inachtneming van artikel 3.5, zal zijn.

    • 3.De verstrekking kan slechts worden geweigerd als de gevraagde gegevens niet beschikbaar zijn, of de gevraagde wijze van verstrekking niet kan worden uitgevoerd.

  • Artikel 3.5. Vergoeding verstrekte gegevens
    • 1.Indien een verzoek als bedoeld in artikel 3.4 wordt gedaan door anderen dan de besturen van instellingen waarop de wet betrekking heeft, is voor het verstrekken van gegevens een vergoeding verschuldigd.

    • 2.De verschuldigde vergoeding is afhankelijk van:

      • a. de tijd die aan het afhandelen van het verzoek wordt besteed, waarbij een tarief van € 26,32 per uur wordt berekend,

      • b. de hoeveelheid te verstrekken gegevens, waarbij een tarief van € 34,03 per 1 000 records wordt berekend en een tarief van € 2,27 per 1 000 regels,

      • c. de wijze van verstrekking van de gegevens, waarbij voor de gegevensdragers de kostprijs wordt berekend, en

      • d. de administratiekosten van € 3,18 per aanvraag alsmede de verzendkosten, waarvoor de kostprijs wordt berekend.

  • Afdeling 2. Aanvullende eisen met het oog op de inschrijving

  • Artikel 3.6. Aanwijzing bacheloropleidingen in het hbo

    De bacheloropleidingen in het hoger beroepsonderwijs ten aanzien waarvan het eerste lid van artikel 7.26 van de wet toepassing kan vinden, zijn, ingedeeld naar de onderdelen van het register, genoemd in artikel 3.1:

    • a. binnen het onderdeel onderwijs:

      • 1°. opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in lichamelijke oefening,

      • 2°. opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Turks,

      • 3°. tweedegraads lerarenopleiding verpleegkunde, en

      • 4°. opleiding tot leraar van de tweede graad in Nederlandse gebarentaal/doventolk;

    • b. binnen het onderdeel techniek:

      • 1°. opleiding maritiem officier, en

      • 2°. opleiding kunst en techniek;

    • c. binnen het onderdeel gedrag en maatschappij:

      • 1°. opleiding creatieve therapie, en

      • 2°. opleiding sport en bewegen;

    • d. binnen het onderdeel gezondheidszorg:

      • 1°. opleiding voor logopedie,

      • 2°. opleiding tot verpleegkundige in de maatschappelijke gezondheidszorg,

      • 3°. opleiding van management in de zorg,

      • 4°. opleiding bewegingsagogie/psychomotorische therapie, en

      • 5°. opleiding verloskunde;

    • e. binnen het onderdeel economie:

      • 1°. opleiding hoger hotelonderwijs,

      • 2°. opleiding Business Administration in Hotel Management, en

      • 3°. opleiding Sport, Management en Ondernemen.

  • Afdeling 3. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

  • Artikel 3.7. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten of hoger
    • 1.Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten zijn de in bijlage 1 bij dit besluit vermelde opleidingen.

    • 2.Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten zijn de in bijlage 2 bij dit besluit vermelde opleidingen.

  • Afdeling 4. Overige eigen bijdragen

  • Gereserveerd.

  • Hoofdstuk 4. Bepalingen over de berekening van de rijksbijdrage

  • Afdeling 1. Algemene bepalingen over de berekening van de rijksbijdrage

  • Artikel 4.1. Begripsbepalingen hoofdstuk 4
    • 1.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon die het afsluitend examen van een ongedeelde opleiding met goed gevolg heeft afgelegd gelijkgesteld met een persoon aan wie zowel de graad Bachelor als de graad Master is verleend.

    • 2.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon aan wie de graad Master is verleend, die op enig moment in de periode van vijf jaar voorafgaand aan de peilperiode als student voor een ongedeelde opleiding was ingeschreven en aan wie in die periode niet de graad Bachelor is verleend, gelijkgesteld met een persoon aan wie zowel de graad Bachelor als de graad Master is verleend.

    • 3.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon die het kandidaatsexamen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7.8a van de wet, zoals dat artikel op 31 augustus 2002 luidde, met goed gevolg heeft afgelegd gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Bachelor is verleend.

    • 4.Voor de toepassing van dit hoofdstuk worden voortgezette hbo-opleidingen als bedoeld in artikel 18.20 van de wet gelijkgesteld met masteropleidingen. Een persoon die het afsluitend examen van een dergelijke opleiding met goed gevolg heeft afgelegd, wordt gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Master is verleend.

    • 5.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een hbo-opleiding, anders dan een voortgezette opleiding, een bachelor- of een masteropleiding, gelijkgesteld met een bacheloropleiding. Een persoon die het afsluitend examen van een dergelijke opleiding met goed gevolg heeft afgelegd, wordt gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Bachelor is verleend.

    • 6.Voor de toepassing van artikel 4.8 wordt voor de universiteiten, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel d, ten 1°, onder graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs verstaan: een graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs, die is verleend in de peilperiode of de daaraan voorafgaande periode van vijf jaar.

    • 7.Voor de toepassing van de artikelen 4.9 en 4.20 wordt voor de universiteiten, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel d, ten 1°, onder graad Bachelor verstaan: een graad Bachelor, die is verleend aan een persoon aan wie niet reeds in peilperiode of de daaraan voorafgaande periode van vijf jaar de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend, en voor de overige universiteiten: een graad Bachelor, die is verleend aan een persoon aan wie niet reeds de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend.

    • 8.Voor de toepassing van dit hoofdstuk blijven inschrijvingen die hebben plaatsgevonden vóór 1 augustus 1991 en getuigschriften die zijn uitgereikt vóór 1 augustus 1991 buiten beschouwing.

  • Artikel 4.2. Vaststelling omvang van de landelijk beschikbare rijksbijdrage
    • 1. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt jaarlijks, in overeenstemming met het desbetreffende onderdeel van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap die voor het desbetreffende begrotingsjaar is vastgesteld, de omvang vast van de landelijk beschikbare rijksbijdrage voor de instellingen die onderwijs verzorgen of onderzoek verrichten op een ander gebied dan het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, en de omvang van de delen daarvan.

    • 2. Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit stelt jaarlijks, in overeenstemming met het desbetreffende onderdeel van de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit die voor het desbetreffende begrotingsjaar is vastgesteld, de omvang vast van de landelijk beschikbare rijksbijdrage voor de instellingen die onderwijs verzorgen of onderzoek verrichten op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, en de omvang van de delen daarvan.

    • 3. De landelijk beschikbare rijksbijdrage, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit:

      • a. een onderwijsdeel wo,

      • b. een onderwijsdeel hbo,

      • c. een onderzoekdeel wo,

      • d. een deel ontwerp en ontwikkeling hbo, en

      • e. een deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek.

    • 4. De landelijk beschikbare rijksbijdrage, bedoeld in het tweede lid, bestaat uit:

      • a. een onderwijsdeel wo,

      • b. een onderwijsdeel hbo,

      • c. een onderzoekdeel wo, en

      • d. een deel ontwerp en ontwikkeling hbo.

  • Artikel 4.3. Verdeling van de landelijk beschikbare rijksbijdrage
    • 5. Het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek, bedoeld in artikel 4.2, derde lid, wordt over de universiteiten verdeeld overeenkomstig afdeling 4.

  • Artikel 4.4. Gegevens

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    • 1.Het instellingsbestuur verstrekt uiterlijk 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan de Informatie Beheer Groep de ingevolge dit besluit voor de toepassing van afdeling 2 en artikel 4.20 noodzakelijke gegevens.

    • 2.Het instellingsbestuur heeft tot 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar de gelegenheid de aangeleverde gegevens, bedoeld in het eerste lid, te corrigeren.

    • 3.Gegevens die door het instellingsbestuur na 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan de Informatie Beheer Groep worden geleverd, worden niet tot de gegevens voor de bekostiging gerekend, tenzij deze als gevolg van een buiten het instellingsbestuur liggende oorzaak na 30 november zijn aangeleverd.

    • 4.Het instellingsbestuur van een universiteit verstrekt uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar Onze minister een overzicht van het aantal proefschriften en ontwerperscertificaten, bedoeld in artikel 4.21.

    • 5.Het instellingsbestuur van de Universiteit Maastricht verstrekt uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar Onze minister tevens een overzicht van de aantallen eerstejaars en van de aantallen graden, bedoeld in artikel 4.11.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 159, datum inwerkingtreding 28-04-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2010.

    1. Het instellingsbestuur verstrekt uiterlijk 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan Onze minister de ingevolge dit besluit voor de toepassing van afdeling 2 en artikel 4.20 noodzakelijke gegevens.

    3. Gegevens die door het instellingsbestuur na 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan Onze minister worden geleverd, worden niet tot de gegevens voor de bekostiging gerekend, tenzij deze als gevolg van een buiten het instellingsbestuur liggende oorzaak na 30 november zijn aangeleverd.

  • Artikel 4.5. Controleprotocol
    • 2. Bij ministeriële regeling worden voorschriften vastgesteld over de controle van de jaarrekening, de besteding van de rijksbijdrage en de juistheid van de door de instellingsbesturen opgegeven bekostigingsgegevens, daaronder begrepen voorschriften over de controle op de rechtmatigheid van de verkrijging van de rijksbijdrage en de rechtmatigheid en doelmatigheid van de besteding van de rijksbijdrage.

  • Artikel 4.6. Bijstelling bedragen en percentages

    De bedragen en verdelingen, vastgesteld op grond van de afdelingen 2, 3 en 4 van dit hoofdstuk, kunnen bij ministeriële regeling worden gewijzigd, voor zover wijzigingen in de onderdelen van de rijksbegroting die op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking hebben daartoe aanleiding geven.

  • Artikel 4.7. Overleg

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Een ministeriële regeling als bedoeld in de artikelen 4.6, 4.9, 4.10, 4.12, 4.17, 4.19, 4.20, 4.23, 4.24, 4.25, 4.26 en 4.27, wordt vastgesteld na overleg als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de wet.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2010.

    Een ministeriële regeling als bedoeld in de artikelen 4.6, 4.9, 4.10, 4.12, 4.17, 4.19, 4.20, 4.21, 4.22,4.23, 4.25, 4.26 en 4.27, wordt vastgesteld na overleg als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de wet.

  • Afdeling 2. Bepalingen over de rijksbijdrage vanwege het verzorgen van onderwijs

  • § 1. Onderwijsdeel wo
  • Artikel 4.8. Eerstejaars

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    • 1.Een door Onze minister te bepalen deel van het onderwijsdeel wo wordt over de universiteiten, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel d ten 1° en ten 3°, verdeeld naar rato van de som van de aantallen te bekostigen eerstejaars per opleiding voor de desbetreffende universiteit.

    • 2.Onder eerstejaars wordt verstaan een persoon die op enig moment in de peilperiode als student voor een bachelor- of masteropleiding is ingeschreven en die in de periode van vijf jaar voorafgaande aan de peilperiode op geen enkel moment bij de desbetreffende instelling als student voor een bachelor- respectievelijk masteropleiding was ingeschreven. Studenten aan wie de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend, blijven bij de vaststelling van het aantal eerstejaars voor een bacheloropleiding buiten beschouwing.

    • 3.Het aantal te bekostigen eerstejaars van een opleiding is gelijk aan het product van het aantal eerstejaars en de factor behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding.

    • 4.De factoren, bedoeld in het derde lid, zijn:

      • a. voor opleidingen met een laag bekostigingsniveau 1,

      • b. voor opleidingen met een hoog bekostigingsniveau 1,5, en

      • c. voor opleidingen met een topbekostigingsniveau 1,5.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2009.

    2. Onder eerstejaars wordt verstaan:

    • a. een student die op enig moment in de peilperiode is ingeschreven, die in de vijf kalenderjaren voorafgaand aan de peilperiode niet op 1 oktober aan de desbetreffende instelling was ingeschreven en aan wie, indien hij voor een bacheloropleiding is ingeschreven, niet de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend, of

    • b. een student aan wie reeds de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend, die op enig moment in de peilperiode is ingeschreven voor een masteropleiding en die in de vijf kalenderjaren voorafgaand aan de peilperiode niet op 1 oktober aan de desbetreffende instelling was ingeschreven voor een masteropleiding.

  • Artikel 4.9. Graden
    • 1.Een door Onze minister te bepalen deel van het onderwijsdeel wo wordt over de universiteiten verdeeld op basis van de aantallen graden per opleiding die in de peilperiode door een universiteit zijn verleend.

    • 2.Het aantal te bekostigen graden in een opleiding is gelijk aan het product van het aantal graden, verleend in die opleiding en de factor behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding.

    • 3.De factoren, bedoeld in het tweede lid, zijn:

      • a. voor graden Bachelor bij opleidingen met een laag bekostigingsniveau: 2/3,

      • b. voor graden Bachelor bij opleidingen met een hoog bekostigingsniveau: 1,

      • c. voor graden Bachelor bij opleidingen met een topbekostigingsniveau: 6/5,

      • d. voor graden Master bij opleidingen met een laag bekostigingsniveau: 1/3,

      • e. voor graden Master bij opleidingen met een hoog bekostigingsniveau: 1/2, en

      • f. voor graden Master bij opleidingen met een topbekostigingsniveau: 9/5.

    • 4.Uit het onderwijsdeel wo wordt aan een universiteit een bedrag toegekend, vastgesteld door het in het tweede lid berekende aantal te bekostigen graden te vermenigvuldigen met een bij ministeriële regeling vast te stellen bedrag.

    • 5.Indien de som van de bedragen per universiteit, bedoeld in het vierde lid, afwijkt van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt het verschil van het bedrag bedoeld in het eerste lid en die som verdeeld op basis van de percentages in bijlage 4 bij dit besluit.

  • Artikel 4.10. Onderwijsopslag

    De onderwijsopslag van een universiteit bestaat uit:

    • a. een bedrag dat voor de desbetreffende universiteit is vastgesteld bij ministeriële regeling in relatie tot kwaliteit, kwetsbare opleidingen of bijzondere voorzieningen, en

    • b. het voor de desbetreffende universiteit bij ministeriële regeling vastgestelde percentage van het deel van het onderwijsdeel wo dat resteert na toepassing van de artikelen 4.8 en 4.9 en na aftrek van de som van de bedragen, bedoeld in onderdeel a.

  • Artikel 4.11. Bijzondere bepaling Universiteit Maastricht

    Bij de vaststelling van het aantal te bekostigen eerstejaars en het aantal te bekostigen graden van de Universiteit Maastricht worden de op grond van artikel 4.8, derde lid, respectievelijk artikel 4.9, tweede lid, berekende aantallen vermeerderd met de aantallen te bekostigen eerstejaars met de Nederlandse nationaliteit, respectievelijk de aantallen te bekostigen graden van personen met de Nederlandse nationaliteit van de transnationale Universiteit Limburg. Onder de aantallen eerstejaars en graden met de Nederlandse nationaliteit worden tevens begrepen de aantallen eerstejaars en graden van ingeschrevenen die noch de Nederlandse noch de Belgische nationaliteit bezitten, en die voor bekostiging door de Nederlandse overheid in aanmerking worden genomen op grond van artikel 7 van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de transnationale Universiteit Limburg.

  • § 2. Onderwijsdeel hbo
  • Artikel 4.12. Onderwijsvraag
    • 1. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderwijsdeel hbo wordt over de hogescholen verdeeld naar rato van de opleiding-gewogen onderwijsvraag van de hogescholen.

    • 2. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderwijsdeel hbo wordt over de hogescholen verdeeld naar rato van de instelling-gewogen onderwijsvraag van de hogescholen.

    • 3. De opleiding-gewogen onderwijsvraag van een hogeschool is gelijk aan het totaal van de volgens artikelen 4.14 tot en met 4.18 berekende onderwijsvraag van de door de desbetreffende hogeschool verzorgde opleidingen, nadat deze per opleiding is vermenigvuldigd met de factor behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding.

    • 4. De instelling-gewogen onderwijsvraag van een hogeschool is gelijk aan het totaal van de volgens de artikelen 4.14 tot en met 4.18 berekende onderwijsvraag van de door de desbetreffende hogeschool verzorgde opleidingen, vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling voor de desbetreffende hogeschool vast te stellen factor.

    • 5. De factoren, bedoeld in het derde lid, zijn:

      • a. voor opleidingen met een laag bekostigingsniveau 1,

      • b. voor opleidingen met een hoog bekostigingsniveau 1,28, en

      • c. voor opleidingen met een topbekostigingsniveau 1,5.

  • Artikel 4.13. Aantal inschrijvingsjaren en fusies van hogescholen
    • 1. In dit artikel wordt verstaan onder «de hogeschool»: de hogeschool waarvoor de rijksbijdrage wordt berekend.

    • 2. In dit artikel en in de artikelen 4.14 en 4.17 wordt verstaan onder aantal inschrijvingsjaren van een persoon: het aantal malen dat deze persoon, voorafgaand aan de peildatum, op 1 oktober aan de hogeschool als student was ingeschreven.

    • 3. Indien een opleiding door een andere hogeschool is overgedragen aan de hogeschool en indien een persoon op 1 oktober voorafgaand aan de overgang aan de andere hogeschool als student voor die opleiding was ingeschreven en op 1 oktober volgend op de overgang aan de hogeschool als student voor die opleiding was ingeschreven, worden voor de bepaling van het aantal inschrijvingsjaren van deze persoon de inschrijvingen aan de andere hogeschool gelijkgesteld met inschrijvingen aan de hogeschool.

    • 4. Indien de hogeschool is ontstaan uit een fusie van twee of meer hogescholen die heeft plaatsgevonden voor of op de peildatum en indien de persoon voor wie het aantal inschrijvingsjaren wordt bepaald aan een of meer van de fusiepartners als student ingeschreven is geweest, wordt het aantal inschrijvingsjaren van die persoon aan de hogeschool vermeerderd met het aantal inschrijvingsjaren aan de fusiepartner waar hij het laatst als student was ingeschreven.

    • 5. Indien de hogeschool is ontstaan uit een fusie van twee of meer hogescholen die heeft plaatsgevonden na de peildatum, wordt de onderwijsvraag per opleiding van de fusiepartners berekend alsof geen fusie heeft plaatsgevonden en vervolgens per opleiding gesommeerd.

  • Artikel 4.14. Onderwijsvraag bacheloropleidingen
    • 1.In dit artikel wordt verstaan onder opleiding: een bacheloropleiding, niet zijnde een opleiding of lerarenopleiding op het gebied van de kunst.

    • 2.De onderwijsvraag van een opleiding wordt bepaald door de onderwijsvraagfactor voor de groep van opleidingen waartoe de opleiding behoort, te vermenigvuldigen met het aantal studenten dat op de peildatum ingeschreven staat voor de desbetreffende opleiding. Bijlage 5 bij dit besluit bevat de indeling van de groepen van opleidingen.

    • 3.De onderwijsvraagfactor van een groep van opleidingen wordt berekend met de volgende formule:

      243141
    • 4.Een afgestudeerde is een persoon aan wie in de peilperiode de graad Bachelor voor een opleiding behorend tot die groep van opleidingen als bedoeld in het tweede lid, is verleend.

    • 5.Een uitvaller is een persoon:

      • a. die op eerste dag van de peilperiode als student was ingeschreven voor een opleiding behorend tot die groep,

      • b. aan wie in de peilperiode door die hogeschool geen graad is verleend, en

      • c. die op de peildatum geen student is aan die hogeschool.

    • 6.Het gecorrigeerde aantal inschrijvingsjaren van een afgestudeerde of een uitvaller is

      • a. voor een afgestudeerde die op de eerste dag van de peilperiode niet als student aan de desbetreffende hogeschool was ingeschreven: 1,35;

      • b. voor een afgestudeerde of uitvaller die op de eerste dag van de peilperiode als student aan de desbetreffende hogeschool was ingeschreven en voor wie sprake was van herinstroom: het aantal inschrijvingsjaren vanaf het moment van herinstroom, vermeerderd met 1,35;

      • c. voor een afgestudeerde of uitvaller die op de eerste dag van de peilperiode als student aan de desbetreffende hogeschool was ingeschreven en voor wie geen sprake was van herinstroom: het aantal inschrijvingsjaren.

    • 7.Onder herinstroom wordt verstaan de situatie waarin een persoon in een kalenderjaar na 1998 op 1 oktober als student aan een hogeschool staat ingeschreven waar deze op 1 oktober in het voorafgaande kalenderjaar niet, maar op 1 oktober van een eerder kalenderjaar wel als student stond ingeschreven. Onder moment van herinstroom wordt verstaan: 1 oktober in het kalenderjaar waarin voor de laatste maal sprake was van herinstroom.

  • Artikel 4.15. Niet mee te tellen studenten, afgestudeerden en uitvallers
    • 1.Tot de studenten, bedoeld in artikel 4.14, tweede lid, worden niet gerekend de studenten aan wie de desbetreffende hogeschool vóór de peildatum een graad heeft verleend, tenzij ze zijn ingeschreven voor een opleiding op het gebied van onderwijs of het gebied van gezondheidszorg.

    • 2.Tot de afgestudeerden, bedoeld in artikel 4.14, worden niet gerekend de personen:

      • a. van wie het aantal inschrijvingsjaren kleiner is dan drie, of

      • b. aan wie de desbetreffende hogeschool vóór de peilperiode een graad heeft verleend.

    • 3.Tot de uitvallers, bedoeld in artikel 4.14, worden niet gerekend de personen:

      • a. die in de peilperiode zijn overleden,

      • b. aan wie de desbetreffende hogeschool vóór de peilperiode een graad heeft verleend,

      • c. aan wie de desbetreffende hogeschool in de peilperiode de graad Associate degree, zoals bedoeld in artikel 7.10b van de wet, heeft verleend, of

      • d. die op de eerste dag van de peilperiode bij de betrokken hogeschool als student waren ingeschreven voor een opleiding die in de peilperiode door de betrokken hogeschool is overgedragen aan een andere hogeschool en die op de peildatum voor de desbetreffende opleiding bij die andere hogeschool als student zijn ingeschreven.

  • Artikel 4.16. Afwijkende onderwijsvraagfactor bacheloropleidingen
    • 1. In afwijking van artikel 4.14, derde lid, is de onderwijsvraagfactor voor een opleiding die na 1 oktober in het zevende kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar voor de eerste maal in het CROHO is opgenomen en die geen voortzetting vormt van een andere opleiding die behoort tot dezelfde groep van opleidingen, gelijk aan 0,945.

    • 2. In afwijking van het artikel 4.14, derde lid, is de onderwijsvraagfactor voor een opleiding waarvoor blijkens het CROHO in de peilperiode en op de peildatum geen nieuwe studenten kunnen worden ingeschreven en die niet is voortgezet in een andere opleiding die behoort tot dezelfde groep van opleidingen, gelijk aan 0,945.

    • 3. Indien de aantallen afgestudeerden en uitvallers, bedoeld in artikel 4.14, voor een groep van opleidingen beide gelijk zijn aan nul, is in afwijking van artikel 4.14, derde lid, de onderwijsvraagfactor gelijk aan 0,945.

  • Artikel 4.17. Afwijkende onderwijsvraag kunstopleidingen
    • 1. De onderwijsvraag van een bacheloropleiding op het gebied van de kunst en een bacheloropleiding tot leraar op het gebied van de kunst is de som van het aantal studenten dat op de peildatum voor de desbetreffende opleiding is ingeschreven en de helft van het aantal personen aan wie in de peilperiode door de desbetreffende instelling de graad Bachelor in die opleiding is verleend.

    • 2. Bij het bepalen van het aantal studenten, bedoeld in het eerste lid, worden niet meegeteld:

      • a. studenten van wie het aantal inschrijvingsjaren sinds 2000 voor de opleiding of dezelfde opleiding aan een andere hogeschool meer is dan vier, en

      • b. studenten die in enig jaar voor 2000 op 1 oktober als student waren ingeschreven voor de opleiding of dezelfde opleiding aan een andere hogeschool.

    • 3. Bij ministeriële regeling wordt vastgesteld wat wordt verstaan onder «de opleiding of dezelfde opleiding aan een andere hogeschool».

  • Artikel 4.18. Onderwijsvraag masteropleidingen

    De onderwijsvraag van een masteropleiding is gelijk aan het aantal studenten op de peildatum.

  • Artikel 4.19. Onderwijsopslag

    De onderwijsopslag van een hogeschool bestaat uit:

    • a. een bedrag dat voor de desbetreffende hogeschool is vastgesteld bij ministeriële regeling in relatie tot kwaliteit, kwetsbare opleidingen of bijzondere voorzieningen, en

    • b. het voor de desbetreffende hogeschool bij ministeriële regeling vastgestelde percentage van het deel van het onderwijsdeel hbo dat resteert na toepassing van artikel 4.12 en na aftrek van de som van de bedragen, bedoeld in onderdeel a.

  • Afdeling 3. Bepalingen over de rijksbijdrage vanwege het verrichten van onderzoek

  • § 1. Onderzoekdeel wo
  • Artikel 4.20. Graden
    • 1.Een door Onze minister te bepalen deel van het onderzoekdeel wo wordt over de universiteiten verdeeld op basis van de aantallen graden per opleiding die in de peilperiode door een universiteit zijn verleend.

    • 2.Het aantal te bekostigen graden in een opleiding is gelijk aan het product van het aantal graden, verleend in die opleiding, de factor 2 voor zover het een graad Master betreft, en de factor, behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding.

    • 3.De factoren behorend bij de bekostigingsniveaus van de opleidingen zijn:

      • a. voor een laag bekostigingsniveau: 1,

      • b. voor een hoog bekostigingsniveau: 1,5, en

      • c. voor een topbekostigingsniveau: 3.

    • 4.Uit het onderzoekdeel wo wordt aan een universiteit een bedrag toegekend dat wordt vastgesteld door het in het tweede lid berekende aantal te bekostigen graden te vermenigvuldigen met een bij ministeriële regeling vast te stellen bedrag.

    • 5.Indien de som van de bedragen, bedoeld in het vierde lid, afwijkt van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt het verschil van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, en die som verdeeld over de universiteiten op basis van de percentages in bijlage 6 van dit besluit.

    • 6.Onder de aantallen graden, bedoeld in het eerste lid, verleend door de Universiteit Maastricht, zijn begrepen de aantallen graden, vastgesteld overeenkomstig artikel 4.11, verleend door de transnationale Universiteit Limburg, bedoeld in artikel 2.5a van de wet.

  • Artikel 4.21. Promoties en certificaten
    • 1.Uit het onderzoekdeel wo ontvangt een universiteit per proefschrift leidend tot een promotie in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.

    • 2.Uit het onderzoekdeel wo ontvangt een universiteit per ontwerperscertificaat dat is uitgereikt in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.

    • 3.Onder ontwerperscertificaat wordt verstaan een getuigschrift, uitgereikt aan een technologisch ontwerper na het met goed gevolg afronden van onderwijs als bedoeld in bijlage 7 bij dit besluit.

  • Artikel 4.22. Onderzoekscholen en toponderzoekscholen

    TWK Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    • 1. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderzoekdeel wo wordt voor onderzoekscholen over de universiteiten verdeeld volgens de percentages, genoemd in bijlage 8 bij dit besluit.

    • 2. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderzoekdeel wo wordt voor toponderzoekscholen over de universiteiten verdeeld volgens de percentages, genoemd in bijlage 9 bij dit besluit.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2010.

    1. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderzoekdeel wo wordt voor onderzoekscholen over de universiteiten verdeeld volgens de percentages, vastgesteld bij ministeriële regeling.

    2. Een door Onze minister te bepalen deel van het onderzoekdeel wo wordt voor toponderzoekscholen over de universiteiten verdeeld volgens de percentages, vastgesteld bij ministeriële regeling.

  • Artikel 4.23. Bedragen onderzoek (strategische overwegingen)
    • 1. Uit het onderzoekdeel wo kunnen aan de rijksbijdrage van de universiteiten de bedragen, vastgesteld bij ministeriële regeling, worden toegevoegd.

    • 4. Indien het overleg, bedoeld in het derde lid, daartoe aanleiding geeft, kan bij ministeriële regeling worden afgeweken van de verdeling, bedoeld in het tweede lid.

    • 5. Een herverdeling als bedoeld in het vierde lid kan per universiteit ten hoogste drie procent van de omvang van het bedrag strategische overwegingen voor die universiteit betreffen.

  • § 2. Deel ontwerp en ontwikkeling hbo
  • Artikel 4.24. Ontwerp en ontwikkeling hbo
    • 1.Onze minister kan uit het deel ontwerp en ontwikkeling hbo aan een instelling een bedrag toekennen dat bij ministeriële regeling wordt vastgesteld.

    • 2.Het gedeelte van het deel ontwerp en ontwikkeling hbo dat resteert nadat het eerste lid is toegepast, wordt over de hogescholen verdeeld naar rato van de verdeling van het onderwijsdeel hbo.

  • Afdeling 4. Bepalingen betreffende de rijksbijdrage vanwege werkzaamheden ten dienste van wetenschappelijk geneeskundig onderwijs en onderzoek

  • Artikel 4.25. Rente en afschrijving voor investeringen tot en met 2007
    • 1. Uit het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek wordt aan de rijksbijdrage van een universiteit waaraan een academisch ziekenhuis is verbonden, een bedrag toegevoegd voor rente en afschrijving ten behoeve van investeringen voor academische ziekenhuizen in de begrotingsjaren tot en met 2007. Dit bedrag is gelijk aan de som van de vergoedingen die op grond van het tweede lid zijn berekend over het in bijlage 10 bij dit besluit genoemde OCW-deel van de investeringsbedragen. De investeringsbedragen zijn ingedeeld in ten hoogste vier categorieën met verschillende afschrijvingspercentages.

    • 2. De vergoeding per categorie, bedoeld in het eerste lid, is samengesteld uit:

      • a. het jaarlijkse afschrijvingsbedrag, genoemd in bijlage 11, totdat het investeringsbedrag, genoemd in bijlage 10, volledig is vergoed, en

      • b. de rente, berekend met het rentepercentage, bedoeld in het vierde lid, over het verschil tussen het investeringsbedrag, genoemd in bijlage 10, en de gecumuleerde afschrijvingen.

    • 3. Onder de gecumuleerde afschrijvingen, bedoeld in het tweede lid, met betrekking tot enig begrotingsjaar wordt verstaan het gecumuleerde afschrijvingsbedrag 2007, genoemd in bijlage 12, vermeerderd met het product van het afschrijvingsbedrag, genoemd in bijlage 11, en het aantal jaren dat sinds 2007 is verstreken met inbegrip van het jaar waarvoor de rijksbijdrage wordt vastgesteld.

    • 4. Bij ministeriële regeling wordt ten behoeve van de investeringen voor academische ziekenhuizen in een bepaald begrotingsjaar een rentepercentage vastgesteld voor een tijdvak van 10 jaar. Na het tijdvak wordt het rentepercentage telkens voor een tijdvak van 10 jaar bij ministeriële regeling vastgesteld.

  • Artikel 4.26. Rente en afschrijving voor investeringen vanaf 2008
    • 1. Uit het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek wordt aan de rijksbijdrage van een universiteit waaraan een academisch ziekenhuis is verbonden een bedrag toegevoegd voor rente en afschrijving ten behoeve van investeringen in de begrotingsjaren vanaf 2008. Dit bedrag is de som van de vergoedingen die op grond van het tweede lid zijn berekend over het in de besluiten inzake bouwvolume vermelde OCW-deel van de investeringsbedragen voor het desbetreffende academisch ziekenhuis.

    • 2. De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, is samengesteld uit:

      • a. het jaarlijkse afschrijvingsbedrag ter hoogte van 3,36 procent van het investeringsbedrag, totdat het investeringsbedrag volledig is vergoed, en

      • b. de jaarlijks te berekenen rentevergoeding over het verschil tussen het investeringsbedrag en de gecumuleerde afschrijvingen.

      Vergoeding van het bedrag onder a vindt plaats met ingang van het begrotingsjaar na het jaar waarvoor het investeringsbedrag in het besluit inzake bouwvolume is opgenomen.

    • 3. In afwijking van het tweede lid, onderdeel b, wordt de rentevergoeding voor het begrotingsjaar waarvoor het investeringsbedrag in het besluit inzake bouwvolume is opgenomen, berekend over 50 procent van het OCW-deel van het investeringsbedrag.

    • 4. Onder gecumuleerde afschrijvingen, bedoeld in het tweede lid, met betrekking tot enig begrotingsjaar wordt verstaan de som van de totaal vergoede afschrijvingsbedragen met betrekking tot het OCW-deel van een investeringsbedrag sedert de vaststelling van het besluit inzake bouwvolume waarin dat investeringsbedrag is opgenomen, met inbegrip van het afschrijvingsbedrag voor het begrotingsjaar waarvoor de rijksbijdrage wordt vastgesteld.

    • 6. Jaarlijks voor 1 november nemen Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Onze minister een besluit waarin het voor het daaropvolgende begrotingsjaar toegestane bouwvolume wordt vastgesteld. In dat besluit worden in elk geval opgenomen het investeringsbedrag per academisch ziekenhuis en het OCW-deel daarvan. Onze minister besluit daarbij tevens welk rentepercentage, bedoeld in artikel 4,25, vierde lid, voorlopig voor de investering in dat begrotingsjaar wordt gehanteerd.

    • 7. Indien het rentepercentage, bedoeld in artikel 4,25, vierde lid, wordt vastgesteld na afloop van het begrotingsjaar, bedoeld in het zesde lid, wordt de te veel of te weinig toegekende rentevergoeding, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, over een of meer begrotingsjaren verrekend met het bedrag voor rente en afschrijving van het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek van de desbetreffende universiteit.

  • Artikel 4.27. Onderwijs en onderzoek
    • 1.Van het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek dat na toepassing van de artikelen 4.25 en 4.26 resteert wordt:

      • a. 7,5 procent gelijkelijk verdeeld over de universiteiten waaraan een academisch ziekenhuis is verbonden,

      • b. 3,5 procent verdeeld naar rato van het aantal eerstejaars, bedoeld in artikel 4.8, tweede lid, aan de opleidingen geneeskunde, geneeskunde, klinisch onderzoeker en arts, klinisch onderzoeker van de universiteit,

      • c. 14 procent verdeeld naar rato van het aantal door de universiteit in de peilperiode verleende graden Master voor de opleidingen geneeskunde, geneeskunde, klinisch onderzoeker en arts, klinisch onderzoeker,

      • d. een bij ministeriële regeling vast te stellen bedrag toegevoegd aan de rijksbijdrage van de desbetreffende universiteit.

    • 2.Het deel van het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek dat na toepassing van de artikelen 4.25 en 4.26 en het eerste lid resteert, wordt verdeeld volgens de percentages, genoemd in bijlage 13 bij dit besluit.

  • Hoofdstuk 5. Overgangsbepalingen

  • Artikel 5.1. Afwijkende gegevenslevering door universiteiten

    • 1.Tot een bij koninklijk besluit te bepalen datum doet, in afwijking van artikel 4.4, eerste en tweede lid, het instellingsbestuur van de Open universiteit uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar Onze minister een opgave van de aantallen graden, bedoeld in de artikelen 4.9 en 4.20. Deze gegevens gaan vergezeld van een verklaring van een accountant.

  • Artikel 5.2 [Vervallen per 01-01-2009]

  • Artikel 5.3 [Vervallen per 01-01-2010]

  • Artikel 5.4 [Vervallen per 01-01-2009]

  • Artikel 5.5 [Vervallen per 01-01-2010]

  • Artikel 5.6 [Vervallen per 01-01-2010]

  • Hoofdstuk 6. Bepalingen over personeel

  • Artikel 6.1. Algemene bepaling hoofdstuk 6

    • 1.De bepalingen van dit hoofdstuk zijn regels voor onderzoekinstellingen en voor openbare universiteiten, academische ziekenhuizen en hogescholen, alsmede voorwaarden voor bekostiging van bijzondere universiteiten en hogescholen.

    • 2.In dit hoofdstuk wordt verstaan onder een onderzoekinstelling: de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen te Amsterdam en de Koninklijke Bibliotheek te ’s-Gravenhage, genoemd in artikel 1.2, onder d, van de wet, alsmede de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek, genoemd in artikel 2 van de Wet op de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek.

    • 3.In dit hoofdstuk wordt verstaan onder bestuur: het instellingsbestuur van een universiteit, hogeschool, de raad van bestuur van een academisch ziekenhuis of het algemeen bestuur van een onderzoekinstelling.

    • 4.Het bestuur of diens rechtsopvolger is gehouden de aanspraken van het personeel en het gewezen personeel die uit de wet voortvloeien of krachtens dit besluit worden vastgesteld dan wel bij of krachtens dit besluit worden gehandhaafd, te honoreren.

    • 5.Indien een rechtsopvolger als bedoeld in het vierde lid ontbreekt, waaronder tevens is begrepen het geval van een onherroepelijk vonnis tot faillietverklaring van de desbetreffende instelling, voorzien de besturen in het desbetreffende deelgebied er gezamenlijk in dat aan de verplichtingen van het vierde lid jegens het personeel en het gewezen personeel wordt voldaan.

  • Artikel 6.2. Werkloosheid

    Bij de vaststelling van de regels voor uitkeringen wegens werkloosheid draagt het bestuur er zorg voor dat de aanspraken van het personeel en het gewezen personeel ten minste gelijk, doch in elk geval ten minste gelijkwaardig zijn aan de aanspraken die het personeel zou hebben op grond van de Werkloosheidswet. Het bestuur handhaaft hierbij tevens de aanspraken van het gewezen personeel die aan dat personeel zijn gegarandeerd bij of krachtens de regelingen die volgens dit besluit komen te vervallen.

  • Artikel 6.3. Ziekte en arbeidsongeschiktheid

    Bij de vaststelling van de regels voor uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid draagt het bestuur er zorg voor dat de aanspraken van het personeel en het gewezen personeel ten minste gelijk, doch in elk geval ten minste gelijkwaardig zijn aan de aanspraken die het personeel zou hebben op grond van de Ziektewet, de Wet uitbreiding loondoorbetalingsplicht bij ziekte, onderscheidenlijk de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen.

  • Artikel 6.4. Tegemoetkoming aan de voorzitter en de andere leden van een raad van toezicht

    • 1.De voorzitter en de andere leden van een raad van toezicht als bedoeld in artikel 9.7, artikel 11.5, of 12.10 van de wet hebben per kalenderjaar aanspraak op een tegemoetkoming.

    • 2.De omvang van de tegemoetkoming per kalenderjaar wordt bepaald bij ministeriële regeling.

    • 3.De tegemoetkoming wordt naar evenredigheid verminderd, indien het voorzitterschap of het lidmaatschap van de raad van toezicht in de loop van een kalenderjaar is aangevangen of beëindigd.

  • Artikel 6.5. Ondernemingsraden

    De Wet op de ondernemingsraden is, met uitzondering van hoofdstuk VIII B, van toepassing op:

    • a. de Open Universiteit,

    • b. de openbare academische ziekenhuizen, en

    • c. de onderzoeksinstellingen.

  • Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

  • Artikel 7.1. Inwerkingtreding

    Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt voor wat betreft de artikelen 3.1 en 3.2 terug tot en met 1 mei 1993.

  • Artikel 7.2. Citeertitel

    Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit WHW 2008.

  • Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

    's-Gravenhage, 22 september 1993

    Beatrix

    De Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen,

    M. J. Cohen

    De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

    P. Bukman

    Uitgegeven de dertigste september 1993

    De Minister van Justitie,

    E. M. H. Hirsch Ballin

  • Bijlage 1. , behorend bij artikel 3.7, eerste lid

    TWK Voor deze bijlage is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

    1. Openbare universiteit te Leiden

    A.

    Astronomy

    Biology

    Biomedical Sciences

    Bio-pharmaceutical Sciences

    Chemistry

    Computer Science

    Ict in business

    Life Science & Technology

    Mathematics

    Mediatechnology

    Nanoscience

    Physics

    Talen en Culturen van China

    Talen en Culturen van Korea

    Talen en Culturen van Japan;

    B.

    African Studies (research)

    Archaeology (research)

    Asian Studies (research)

    Educational Sciences: Normal and Deviant Patterns of Attachment and Self Regulated Learning (research)

    History: Societies and Institutions (research)

    Latin American and Amerindian Studies (research)

    Linguistics: Structure and Variation in the Languages of the World (research)

    Literature (research)

    Middle Eastern Studies (research)

    Philosophy: Rationality (research)

    Political Science Research: Institutional Analysis (research)

    Public Administration: Institutional Change and Reform (research)

    Psychology: Decision Making and Action Control in Self-Regulation of Human Behaviour (research)

    Religious Studies (research)

    Western and Asian Art History in Comparative Perspective (research).

    2. Openbare universiteit te Groningen

    A.

    Applied Mathematics

    Applied Physics

    Artificial Intelligence

    Astronomy

    Biology

    Biomedical Engineering

    Biomedical Sciences

    Biomolecular Sciences

    Business Mathematics

    Chemical Engineering

    Chemistry

    Computing Science

    Ecology and evolution

    Educatie en Communicatie in de Wiskunde en Natuurwetenschappen

    Energy and Environmental Sciences

    Evolutionary Biology

    Human-Machine Communication

    Industrial Engineering and Management

    Marine Biology

    Mathematics

    Medical and Pharmaceutical Drug Innovation

    Medical Pharmaceutical Sciences

    Molecular Biology and Biotechnology

    Nanoscience

    Physics

    B.

    Art History and Archaeology: Material Culture Studies in Art, Architecture and Archaeology (research)

    Behavioural and Cognitive Neurosciences (research)

    Classical, Medieval and Renaissance Studies (CMRS): Text and Context in Premodern and Early Modern Times (research)

    Clinical and Psychosocial Epidemiology (research)

    Economics and Business: Production, Organisation & Marketing (research)

    Functionaliteit van het Recht (research)

    Human Behaviour in Social Contexts (research)

    Literary and Cultural Studies: Literature and Performing Arts in Society (research)

    Linguistics: Neurolinguistics and Models of Grammar (research)

    Modern History and International Relations: Transformation and Acceptance (research)

    Philosophy: Knowledge and Knowledge Development (research)

    Regional Studies: Spaces and Places, Analysis and Intervention (research)

    Religious Symbols and Traditions (research).

    3. Openbare universiteit te Amsterdam

    A.

    Artificial Intelligence

    Astronomy and Astrophysics

    Biological Sciences

    Biomedical Sciences

    Chemistry

    Conservering en restauratie van cultureel erfgoed

    Earth Sciences

    Educational Science

    Forensic Science

    Grid Computing

    Life Sciences

    Logic

    Mathematical Physics

    Mathematics

    Mathematics and Science Education

    Medical Informatics

    Physics

    Stochastics and Financial Mathematics;

    B.

    Archeologie (research)

    Brain and Cognitive Sciences (research)

    Communication Science (research)

    Cultural Analysis (research)

    Educational Science (research)

    Geschiedenis (research)

    Human Geography, Planning and Development Studies (research)

    Information Law (research)

    Kunstwetenschappen (research)

    Linguistics (research)

    Literary Studies

    Media Studies (research)

    Metropolitan Studies (research)

    Nederlandse letterkunde (research)

    Psychology (research)

    Public International Law (research)

    Religiewetenschappen (research)

    Rhetoric, Argumentation and Philosophy (research)

    Social Sciences (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research)

    Wijsbegeerte (research).

    4. Openbare universiteit te Utrecht

    A.

    Artificial intelligence

    Biologische wetenschappen

    Biomedical sciences

    Chemische wetenschappen

    Communicatie en educatie van de natuurwetenschappen

    Earth Sciences

    Environmental Sciences

    Geographical Sciences

    Geschiedenis en wijsbegeerte van de wiskunde en natuurwetenschappen

    Informatica

    Information Science

    Mathematische wetenschappen

    Natuurkunde en meteorologie & fysische oceanografie

    Natuurwetenschappen en bedrijf

    Neuroscience and Cognition

    Pharmaceutical Sciences

    Science and Innovation Management

    Sterrenkunde;

    B.

    Art History of the Low Countries in its European Context (research)

    Development and Socialization in Childhood and Adolescence (research)

    Dutch Language and Literature (research)

    Educational Sciences: Learning in Interaction (research)

    Gender and Ethnicity (research)

    Historical and Comparitive Studies of the Sciences and Humanities (research)

    History: Cities, States and Citizenship (research)

    Human Geography and Planning (research)

    Legal Research

    Linguistics: the Study of the Language Faculty (research)

    Literary Studies: Literature in the Modern Age (research)

    Media Studies (research)

    Medieval Studies (research)

    Methodology and Statistics of Behavioural and Social Sciences (research)

    Migration, Ethnic Relations and Multiculturalism (research)

    Multidisciplinary Economics (research)

    Musicology (research)

    Philosophy (research)

    Research in Public Administration and Organizational Science (research)

    Social Health Psychology (research)

    Sociology and Social Research (research)

    Theology (research).

    5. Openbare universiteit te Delft

    Aerospace Engineering

    Applied Earth Sciences

    Applied Mathematics

    Applied Physics

    Architecture, Urbanism and Building Sciences

    Biochemical Engineering

    Biomedical Engineering

    Chemical Engineering

    Civil Engineering

    Computer Engineering

    Computer Science

    Construction Management and Engeneering

    Design for Interaction

    Embedded Systems

    Engineering & Policy Analysis

    Electrical Engineering

    Geomatics

    Industrial Design Engineering

    Integrated Product Design

    Life Science & Technology

    Management of Technology

    Marine Technology

    Materials Science & Engineering

    Mechanical Engineering

    Media & Knowledge Engineering

    Nanoscience

    Offshore Engineering

    Strategic Product Design

    Sustainable Energy Technology

    Systems and Control

    Systems Engineering, Policy Analysis and Management

    Transport, Infrastructure & Logistics.

    6. Openbare universiteit te Wageningen

    Agricultural and Bioresource Engineering

    Animal Sciences

    Aquaculture and Fisheries

    Bioinformatics

    Biology

    Biotechnology

    Climate Studies

    Environmental Sciences

    Food Quality Management

    Food Safety

    Food Technology

    Forest and Nature Conservation

    Geo-information Science

    Hydrology and Water Quality

    International Land- and Water Management

    Landscape, Architecture and Planning

    Leisure, Tourism and Environment

    Meteorology and Air Quality

    Molecular Life Sciences

    Nutrition and Health

    Organic Agriculture

    Plant Biotechnology

    Plant Sciences

    Soil Science

    Urban Environmental Management.

    7. Openbare universiteit te Eindhoven

    Applied Physics

    Architecture, Building and Planning

    Biomedical Engineering

    Building Services

    Business Information Systems

    Chemical Engineering

    Computer Science and Engineering

    Construction Management and Engeneering

    Electrical Engineering

    Embedded Systems

    Human-technology Interaction

    Industrial and Applied Mathematics

    Industrial Design

    Innovation Management

    Mechanical Engineering

    Medical Engineering

    Operations Management and Logistics

    Sustainable Energy Technology

    Systems and Control

    Technology and Policy.

    8. Openbare universiteit te Enschede

    A.

    Applied Mathematics

    Applied Physics

    Biomedical Engineering

    Business Information Technology

    Chemical Engineering

    Civil Engineering & Management

    Computer Science

    Construction Management and Engeneering

    Electrical Engineering

    Embedded Systems

    Geo-informatics

    Human Media Interaction

    Industrial Design Engineering

    Industrial Engineering & Management

    Mechanical Engineering

    Mechatronics

    Nanotechnology

    Sustainable Energy Technology

    Systems and Control

    Telematics;

    B.

    Master of Science Systems and Control

    Social Systems Evaluation and Survey Research (research).

    9. Openbare universiteit te Rotterdam

    Clinical Epidemiology (research)

    Clinical Research (research)

    Early Modern Intellectual History (research)

    ERIM Master of Philosophy in Business Research (research)

    Institutions: Erasmus Research Master in Philosophy and Economics (research)

    Justice and Safety & Security (research)

    Molecular Medicine (research)

    Neuroscience (research)

    Research in Public Administration and Organizational Science (research)

    Sociology of Culture, Media and the Arts (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research).

    10. Openbare universiteit te Maastricht

    A.

    International Laws.

    B.

    Business Research (research)

    Cardiovascular Biology and Medicine (research)

    Cognitive Neuroscience, Neuropsychology and Psychopathology (research)

    Cultures of Arts, Science and Technology (research)

    Economic and Financial Research (research)

    Health Sciences (research)

    Ius Commune and Human Rights Research (research)

    Nutrition and Metabolism and clinical aspects (research).

    11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

    A.

    Artificial Intelligence

    Bioinformatics

    Biology

    Biomedical sciences

    Biomolecular Sciences

    Business Mathematics and Informatics

    Chemistry

    Computer Science

    Drug Discovery and Safety

    Earth Sciences

    Ecology

    Geo-environmental Sciences

    Hydrology

    Management, Policy Analysis and Entrepreneurship in the Health and Life Sciences

    Mathematics

    Medical Natural Sciences

    Neurosciences

    Oncology

    Parallel & Distributed Computer Systems

    Physics

    Stochastics and Financial Mathematics;

    B.

    Architectuurgeschiedenis (research)

    Cognitive Neuropsychology (research)

    Geosciences of Basins in Lithosphere (research)

    Geschiedenis na 1400 (research)

    Geschiedenis van de beeldende kunst (research)

    Letterkunde (research)

    Lifestyle and Chronic Disorders (research)

    Linguistics (research)

    Oudheidstudies

    Palaeoclimatology and Geo-ecosystems (research)

    Reformed Theology (research)

    Social Psychology: Regulation of Social Behaviour (research)

    Social Research; Organization Sciences, Political Science and Sociology (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research).

    12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

    A.

    Biology

    Bio-informatics

    Biomedical sciences

    Chemistry

    Environmental Sciences

    Informatica

    Kunstmatige Intelligentie

    Mathematics

    Medische biologie

    Moleculaire levenswetenschappen

    Natuur- en sterrenkunde

    Natuurwetenschappen;

    B.

    Behavioral Science: the study of behavior regulation (research)

    Cognitive Neuroscience (research)

    Historische Wetenschappen: Ideologie, Mentaliteit en Maatschappelijke Praktijk (research)

    Kunst en visuele cultuur in historisch perspectief (research)

    Language and Communication (research)

    Letterkunde en Literatuurwetenschap: Nieuwe Filologie (research)

    Molecular Mechanisms of Disease (research)

    Onderneming en Recht (research)

    Social Cultural Science: Comparative Research on Societies (research)

    Wijsbegeerte (research).

    13. Bijzondere universiteit te Tilburg

    A.

    Medische Psychologie.

    B.

    Grondslagen en methoden van de rechtswetenschap (research)

    Language and Communication (research)

    Master of Philosophy in Business (research)

    Research in Public Administration and Organizational Science (research)

    Master of Philosophy in Economics (research)

    Social and Behavioural Sciences (research)

    Theology (research)

    Wijsbegeerte (research).

    14. transnationale Universiteit Limburg

    Artificial Intelligence en Operations Research

    Molecular Life Sciences.

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2008.
    12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

    A.

    Biology

    Biomedical sciences

    Chemistry

    Environmental Sciences

    Informatica

    Kunstmatige Intelligentie

    Mathematics

    Medische biologie

    Moleculaire levenswetenschappen

    Natuur- en sterrenkunde

    Natuurwetenschappen;

    B.

    Behavioral Science: the study of behavior regulation (research)

    Cognitive Neuroscience (research)

    Historische Wetenschappen: Ideologie, Mentaliteit en Maatschappelijke Praktijk (research)

    Kunst en visuele cultuur in historisch perspectief (research)

    Language and Communication (research)

    Letterkunde en Literatuurwetenschap: Nieuwe Filologie (research)

    Molecular Mechanisms of Disease (research)

    Onderneming en Recht (research)

    Social Cultural Science: Comparative Research on Societies (research)

    Wijsbegeerte (research).

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-09-2008.
    6. Openbare universiteit te Wageningen

    Agricultural and Bioresource Engineering

    Animal Sciences

    Aquaculture and Fisheries

    Bioinformatics

    Biology

    Biotechnology

    Earth System Science

    Environmental Sciences

    Food Quality Management

    Food Safety

    Food Technology

    Forest and Nature Conservation

    Geo-information Science

    Hydrology and Water Quality

    International Land- and Water Management

    Landscape, Architecture and Planning

    Leisure, Tourism and Environment

    Meteorology and Air Quality

    Molecular Life Sciences

    Nutrition and Health

    Organic Agriculture

    Plant Biotechnology

    Plant Sciences

    Soil Science

    Urban Environmental Management.

    11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

    A.

    Artificial Intelligence

    Bioinformatics

    Biology

    Biomedical sciences

    Biomolecular Sciences

    Business Mathematics and Informatics

    Chemistry

    Computer Science

    Drug Discovery and Safety

    Earth Sciences

    Ecology

    Hydrology

    Management, Policy Analysis and Entrepreneurship in the Health and Life Sciences

    Mathematics

    Medical Natural Sciences

    Neurosciences

    Oncology

    Parallel & Distributed Computer Systems

    Physics

    Stochastics and Financial Mathematics;

    B.

    Architectuurgeschiedenis (research)

    Cognitive Neuropsychology (research)

    Geosciences of Basins in Lithosphere (research)

    Geschiedenis na 1400 (research)

    Geschiedenis van de beeldende kunst (research)

    Letterkunde (research)

    Lifestyle and Chronic Disorders (research)

    Linguistics (research)

    Oudheidstudies

    Palaeoclimatology and Geo-ecosystems (research)

    Reformed Theology (research)

    Social Psychology: Regulation of Social Behaviour (research)

    Social Research; Organization Sciences, Political Science and Sociology (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research).

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 22-07-2009.
    12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

    A.

    Biology

    Biomedical sciences

    Chemistry

    Environmental Sciences

    Informatica

    Kunstmatige Intelligentie

    Mathematics

    Medische biologie

    Moleculaire levenswetenschappen

    Natuur- en sterrenkunde

    Natuurwetenschappen

    Theology;

    B.

    Behavioral Science: the study of behavior regulation (research)

    Cognitive Neuroscience (research)

    Historische Wetenschappen: Ideologie, Mentaliteit en Maatschappelijke Praktijk (research)

    Kunst en visuele cultuur in historisch perspectief (research)

    Language and Communication (research)

    Letterkunde en Literatuurwetenschap: Nieuwe Filologie (research)

    Molecular Mechanisms of Disease (research)

    Onderneming en Recht (research)

    Social Cultural Science: Comparative Research on Societies (research)

    Wijsbegeerte (research).

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-09-2009.

    Abusievelijk is voor onderdeel 11, sub B, een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.

    2. Openbare universiteit te Groningen

    A.

    Applied Mathematics

    Applied Physics

    Artificial Intelligence

    Astronomy

    Biology

    Biomedical Engineering

    Biomedical Sciences

    Biomolecular Sciences

    Business Mathematics

    Chemical Engineering

    Chemistry

    Computing Science

    Ecology and evolution

    Educatie en Communicatie in de Wiskunde en Natuurwetenschappen

    Energy and Environmental Sciences

    Evolutionary Biology

    Human-Machine Communication

    Industrial Engineering and Management

    Marine Biology

    Mathematics

    Medical and Pharmaceutical Drug Innovation

    Medical Pharmaceutical Sciences

    Molecular Biology and Biotechnology

    Nanoscience

    Physics

    B.

    Art History and Archaeology: Material Culture Studies in Art, Architecture and Archaeology (research)

    Behavioural and Cognitive Neurosciences (research)

    Behavioural and Social Sciences (research)

    Classical, Medieval and Renaissance Studies (CMRS): Text and Context in Premodern and Early Modern Times (research)

    Clinical and Psychosocial Epidemiology (research)

    Economics and Business: Production, Organization and Marketing (research)

    Functionaliteit van het Recht (research)

    Literary and Cultural Studies: Literature and Performing Arts in Society (research)

    Linguistics: Neurolinguistics and Models of Grammar (research)

    Modern History and International Relations: Transformation and Acceptance (research)

    Philosophy: Knowledge and Knowledge Development (research)

    Regional Studies: Spaces and Places, Analysis and Intervention (research)

    Religion and Culture (research).

    4. Openbare universiteit te Utrecht

    A.

    Artificial intelligence

    Biologische wetenschappen

    Biomedical sciences

    Chemische wetenschappen

    Communicatie en educatie van de natuurwetenschappen

    Earth Sciences

    Environmental Sciences

    Geographical Sciences

    Geschiedenis en wijsbegeerte van de wiskunde en natuurwetenschappen

    Informatica

    Information Science

    Mathematische wetenschappen

    Natuurkunde en meteorologie & fysische oceanografie

    Natuurwetenschappen en bedrijf

    Neuroscience and Cognition

    Pharmaceutical Sciences

    Science and Innovation Management

    Sterrenkunde;

    B.

    Art History of the Low Countries in its European Context (research)

    Development and Socialization in Childhood and Adolescence (research)

    Dutch Language and Literature (research)

    Educational Sciences: Learning in Interaction (research)

    Gender and Ethnicity (research)

    Historical and Comparitive Studies of the Sciences and Humanities (research)

    History: Cities, States and Citizenship (research)

    Human Geography and Planning (research)

    Legal Research

    Linguistics: the Study of the Language Faculty (research)

    Literary Studies: Literature in the Modern Age (research)

    Media Studies (research)

    Medieval Studies (research)

    Methodology and Statistics of Behavioural and Social Sciences (research)

    Migration, Ethnic Relations and Multiculturalism (research)

    Multidisciplinary Economics (research)

    Musicology (research)

    Philosophy (research)

    Research in Public Administration and Organizational Science (research)

    Social & Health Psychology (research)

    Sociology and Social Research (research)

    Theology (research).

    6. Openbare universiteit te Wageningen

    Agricultural and Bioresource Engineering

    Animal Sciences

    Aquaculture and Fisheries

    Bioinformatics

    Biology

    Biotechnology

    Climate Studies

    Environmental Sciences

    Food Quality Management

    Food Safety

    Food Technology

    Forest and Nature Conservation

    Geo-information Science

    Hydrology and Water Quality

    International Land- and Water Management

    Landscape, Architecture and Planning

    Leisure, Tourism and Environment

    Meteorology and Air Quality

    Molecular Life Sciences

    Nutrition and Health

    Organic Agriculture

    Plant Biotechnology

    Plant Sciences

    Soil Science

    Urban Environmental Management.

    7. Openbare universiteit te Eindhoven

    Applied Physics

    Architecture, Building and Planning

    Automotive Technology

    Biomedical Engineering

    Building Services

    Business Information Systems

    Chemical Engineering

    Computer Science and Engineering

    Construction Management and Engeneering

    Electrical Engineering

    Embedded Systems

    Human-technology Interaction

    Industrial and Applied Mathematics

    Industrial Design

    Innovation Management

    Innovation Sciences

    Mechanical Engineering

    Medical Engineering

    Operations Management and Logistics

    Sustainable Energy Technology

    Systems and Control

    8. Openbare universiteit te Enschede

    A.

    Applied Mathematics

    Applied Physics

    Biomedical Engineering

    Business Information Technology

    Chemical Engineering

    Civil Engineering & Management

    Computer Science

    Construction Management and Engeneering

    Electrical Engineering

    Embedded Systems

    Human Media Interaction

    Industrial Design Engineering

    Industrial Engineering & Management

    Mechanical Engineering

    Mechatronics

    Nanotechnology

    Sustainable Energy Technology

    Systems and Control

    Telematics;

    B.

    Social Systems Evaluation and Survey Research (research).

    9. Openbare universiteit te Rotterdam

    Clinical Epidemiology (research)

    Clinical Research (research)

    Early Modern Intellectual History (research)

    ERIM Master of Philosophy in Business Research (research)

    Infection and Immunity (research)

    Institutions: Erasmus Research Master in Philosophy and Economics (research)

    Justice and Safety & Security (research)

    Molecular Medicine (research)

    Neuroscience (research)

    Research in Public Administration and Organizational Science (research)

    Sociology of Culture, Media and the Arts (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research).

    10. Openbare universiteit te Maastricht

    A.

    Health Food Innovation Management

    International Laws.

    B.

    Business Research (research)

    Cardiovascular Biology and Medicine (research)

    Cognitive and Clinical Neuroscience

    Cultures of Arts, Science and Technology (research)

    Economic and Financial Research (research)

    European Studies (research)

    Health Sciences (research)

    Ius Commune and Human Rights Research (research)

    Nutrition and Metabolism and clinical aspects (research).

    11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

    A.

    Artificial Intelligence

    Bioinformatics

    Biology

    Biomedical Sciences

    Biomolecular Sciences

    Business Mathematics and Informatics

    Chemistry

    Computer Science

    Drug Discovery and Safety

    Earth Sciences

    Ecology

    Hydrology

    Management, Policy Analysis and Entrepreneurship in the Health and Life Sciences

    Mathematics

    Medical Natural Sciences

    Neurosciences

    Oncology

    Parallel & Distributed Computer Systems

    Physics

    Stochastics and Financial Mathematics;

    B.

    Cardiovascular Research (research)

    Cognitive Neuropsychology (research)

    Fundamental and Clinical Human Movement Sciences (research)

    Geosciences of Basins in Lithosphere (research)

    Geschiedenis na 1400 (research)

    Letterkunde (research)

    Lifestyle and Chronic Disorders (research)

    Linguistics (research)

    Oudheidstudies (research)

    Palaeoclimatology and Geo-ecosystems (research)

    Religion and Theology (research)

    Social Psychology: Regulation of Social Behaviour (research)

    Social Research (research)

    Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research)

    Visual Arts, Media and Architecture (research).

    12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

    A.

    Artificial Intelligence

    Biology

    Biomedical sciences

    Chemistry

    Environmental Sciences

    Informatica

    Mathematics

    Medical Biology

    Moleculaire levenswetenschappen

    Natuur- en sterrenkunde

    Natuurwetenschappen

    Niederlande-Deutschland-Studien

    Theology;

    B.

    Behavioural Science: the study of behaviour regulation (research)

    Cognitive Neuroscience (research)

    Historische Wetenschappen: Ideologie, Mentaliteit en Maatschappelijke Praktijk (research)

    Kunst en visuele cultuur in historisch perspectief (research)

    Language and Communication (research)

    Letterkunde en Literatuurwetenschap: Nieuwe Filologie (research)

    Molecular Mechanisms of Disease (research)

    Onderneming en Recht (research)

    Social and Cultural Science: Comparative Research on Societies (research)

    Wijsbegeerte (research).

  • Bijlage 2. , behorend bij artikel 3.7, tweede lid

    Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

    1. Openbare universiteit te Eindhoven

    Chemistry Education

    Mathematics Education

    Physics Education.

    2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

    Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Biologie

    Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Natuurkunde

    Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Scheikunde

    Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Wiskunde.

  • Bijlage 3. , behorend bij artikel 1.1, onderdeel u

    Bekostigingsniveaus per CROHO-onderdeel

    CROHO-onderdeel

    standaard

    uitzonderingen

     

    niveau

    opleiding of CROHO-subonderdeel*

    niveau

    onderwijs

    Hoog

    – opleidingen tot leraar speciaal onderwijs

    laag

       

    – opleiding tot leraar basisonderwijs

     
       

    – opleidingskunde

     
       

    – opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede dan wel eerste graad in:

     
       

    – aardrijkskunde

     
       

    – algemene economie

     
       

    – bedrijfseconomie

     
       

    – Duits

     
       

    – Engels

     
       

    – Frans

     
       

    – Fries

     
       

    – geschiedenis

     
       

    – gezondheidszorg en welzijn

     
       

    – godsdienst

     
       

    – islamgodsdienst

     
       

    – lichamelijke oefening

     
       

    – maatschappijleer

     
       

    – mens en maatschappij

     
       

    – Nederlands

     
       

    – omgangskunde

     
       

    – pedagogiek

     
       

    – Spaans

     
       

    – Turks

     
       

    – verpleegkunde

     
       

    – verzorging/gezondheidskunde

     

    landbouw en natuurlijke omgeving

    Hoog

    – accountancy en agribusiness

    – agrarische accountancy

    laag

       

    – international business and management studies

     

    natuur

    Hoog

    – wetenschapsdynamica

    laag

       

    – farmacie

    top

    techniek

    Hoog

       

    gezondheidszorg

    Hoog

    – bewegingstherapie/psychomotorische therapie

    laag

       

    – ergotherapie

     
       

    – kader in de gezondheidszorg

     
       

    – kunstzinnige therapie

     
       

    – management in de zorg

     
       

    – logopedie

     
       

    – oefentherapie Cesar

     
       

    – oefentherapie Mensendieck

     
       

    – opleiding tot fysiotherapeut

     
       

    – opleiding tot verpleegkundige

     
       

    – opleiding tot verpleegkundige in de maatschappelijke gezondheidszorg

     
       

    – sport, gezondheid en management

     
       

    – voeding en diëtetiek

     
       

    – bachelor klinische technologie

    top

       

    – diergeneeskunde

     
       

    – geneeskunde

     
       

    – master arts, klinisch onderzoeker

     
       

    – master geneeskunde, klinisch onderzoeker

     
       

    – master technical medicine

     
       

    – tandheelkunde

     
       

    – advanced nursing practice

     
       

    – physician assistent

     
       

    – verloskunde

     
       

    – mondzorgkunde

     

    economie

    Laag

    – business administration in hotel management

    hoog

       

    – communicatiesystemen

     
       

    – facility management

     
       

    – food & business

     
       

    – hoger hotelonderwijs

     
       

    – hogere Europese beroepenopleiding

     
       

    – informatiedienstverlening en -management

     
       

    – journalistiek

     
       

    – journalistiek en voorlichting

     
       

    – media, informatie en communicatie

     
       

    – oriëntaalse talen en communicatie

     
       

    – vertaalacademie

     

    recht

    Laag

       

    gedrag en maatschappij

    Laag

    – beleidsgerichte milieukunde

    hoog

       

    – master environment and resource management

     
       

    – milieu-maatschappijwetenschappen

     
       

    – sociaal wetenschappelijke informatica

     
       

    – technische cognitiewetenschap

     
       

    – creatieve therapie

     
       

    – University College Maastricht

     

    taal en cultuur

    Laag

    – bachelor liberal arts and sciences

    hoog

       

    * opleidingen op het gebied van de kunst

     
       

    * masteropleidingen op het gebied van de bouwkunst

     
       

    – museologie

     

    sectoroverstijgend

    Laag

    * Onderwijs/Landbouw en Natuurlijke Omgeving/Natuur/Techniek/Gezondheid

    hoog

    Indien bij de opleidingen niet expliciet is aangegeven dat het bachelor- of masteropleidingen betreft, worden, voor zover van toepassing, zowel de bachelor-, de master-, de voortgezette, als de ongedeelde opleiding bedoeld.

  • Bijlage 4. , behorend bij artikel 4.9, vijfde lid

    TWK Voor deze bijlage is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Percentages voor de verdeling van de bama-compensatie onderwijs

    Universiteit Leiden

     7,436

    Rijksuniversiteit Groningen

    10,897

    Universiteit van Amsterdam

    11,523

    Universiteit Utrecht

    15,350

    Technische Universiteit Delft

    10,584

    Technische Universiteit Eindhoven

     4,705

    Universiteit Twente (Enschede)

     4,833

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     6,884

    Universiteit Maastricht

     6,961

    Vrije Universiteit Amsterdam

     8,899

    Radboud Universiteit Nijmegen

     8,867

    Universiteit van Tilburg

     3,062

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2009.
    Percentages voor de verdeling van de bama-compensatie onderwijs

    Universiteit Leiden

     7,435

    Rijksuniversiteit Groningen

    10,897

    Universiteit van Amsterdam

    11,523

    Universiteit Utrecht

    15,350

    Technische Universiteit Delft

    10,584

    Technische Universiteit Eindhoven

     4,705

    Universiteit Twente (Enschede)

     4,833

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     6,884

    Universiteit Maastricht

     6,961

    Vrije Universiteit Amsterdam

     8,899

    Radboud Universiteit Nijmegen

     8,867

    Universiteit van Tilburg

     3,062

  • Bijlage 5. , behorend bij artikel 4.14, tweede lid

    Groepen van opleidingen voor de berekening van de onderwijsvraag van hbo-bacheloropleidingen

    groep

    opleidingen

    leraar bo

    de opleiding tot leraar basisonderwijs

    onderwijs-laag

    de opleidingen op het gebied van onderwijs met een laag bekostigingsniveau, uitgezonderd de opleiding tot leraar basisonderwijs

    landbouw-laag

    de opleidingen op het gebied van de landbouw en natuurlijke omgeving met een laag bekostigingsniveau

    economie-laag

    de opleidingen op het gebied van de economie met een laag bekostigingsniveau

    overig-laag

    de opleidingen op de gebieden gezondheidszorg en gedrag en maatschappij met een laag bekostigingsniveau

    onderwijs-hoog

    de opleidingen op het gebied van onderwijs met een hoog bekostigingsniveau

    landbouw-hoog

    de opleidingen op het gebied van de landbouw en natuurlijke omgeving met een hoog bekostigingsniveau

    laboratorium

    de opleidingen:

    – biologie en medisch laboratoriumonderzoek, en

    – chemie.

    overig–hoog

    – de opleidingen op het gebied van de techniek met uitzondering van de opleidingen die tot de groep laboratorium behoren, en

    – de opleidingen op de gebieden gezondheidszorg, economie en gedrag en maatschappij met een hoog bekostigingsniveau

    top

    de opleidingen met een topbekostigingsniveau

    De door een hogeschool aangeboden opleidingen die behoren tot dezelfde hoofdgroep en die de deeltijdse dan wel een niet-deeltijdse vorm hebben, vormen een groep.

  • Bijlage 6. , behorend bij artikel 4.20, vijfde lid

    TWK Voor deze bijlage is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Percentages voor de verdeling van de bama-compensatie onderzoek wo

    Universiteit Leiden

     7,424

    Rijksuniversiteit Groningen

    11,604

    Universiteit van Amsterdam

    11,692

    Universiteit Utrecht

    16,558

    Technische Universiteit Delft

     8,903

    Technische Universiteit Eindhoven

     3,958

    Universiteit Twente (Enschede)

     4,065

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     7,395

    Universiteit Maastricht

     7,178

    Vrije Universiteit Amsterdam

     9,414

    Radboud Universiteit Nijmegen

     9,235

    Universiteit van Tilburg

     2,575

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2009.
    Percentages voor de verdeling van de bama-compensatie onderzoek wo

    Universiteit Leiden

     7,424

    Rijksuniversiteit Groningen

    11,604

    Universiteit van Amsterdam

    11,692

    Universiteit Utrecht

    16,558

    Technische Universiteit Delft

     8,903

    Technische Universiteit Eindhoven

     3,958

    Universiteit Twente (Enschede)

     4,065

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     7,395

    Universiteit Maastricht

     7,177

    Vrije Universiteit Amsterdam

     9,414

    Radboud Universiteit Nijmegen

     9,235

    Universiteit van Tilburg

     2,575

  • Bijlage 7. , behorend bij artikel 4.21, derde lid

    Onderwijs met een ontwerperscertificaat

    Onderwijs verbonden aan de Universiteit van Amsterdam

    • Restaurator-in-opleiding

    Onderwijs verbonden aan de Technische Universiteit Delft

    • Proces- en Apparaatontwerpen (voor de chemische, biotechnologische en milieutechnologische industrie)

    • Bioprocestechnologie

    Onderwijs verbonden aan de Technische Universiteit Eindhoven

    • Architechtural Design Management Systems

    • Informatie en Communicatie Technologie

    • Logistics Management Systems

    • Wiskunde voor de Industrie

    • Fysische Instrumentatie

    • Proces- en Produktontwerp

    • Software Technology

    • User-System Interaction

    Onderwijs verbonden aan de Universiteit Twente (Enschede)

    • Computational Mechanics

    • Procestechnologie

  • Bijlage 8. , behorend bij artikel 4.22, eerste lid

    TWK Voor deze bijlage is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Percentages voor onderzoekscholen

    Universiteit Leiden

     9,153

    Rijksuniversiteit Groningen

     9,662

    Universiteit van Amsterdam

    11,851

    Universiteit Utrecht

    12,809

    Technische Universiteit Delft

    14,802

    Technische Universiteit Eindhoven

     8,000

    Universiteit Twente (Enschede)

     6,228

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     5,279

    Universiteit Maastricht

     3,814

    Vrije Universiteit Amsterdam

     8,036

    Radboud Universiteit Nijmegen

     8,075

    Universiteit van Tilburg

     2,291

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2010.

  • Bijlage 9. , behorend bij artikel 4.22, tweede lid

    TWK Voor deze bijlage is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

    Percentages voor toponderzoekscholen

    Universiteit Leiden

     7,492

    Rijksuniversiteit Groningen

    22,104

    Universiteit van Amsterdam

    12,397

    Universiteit Utrecht

    19,408

    Technische Universiteit Delft

     5,078

    Technische Universiteit Eindhoven

    22,780

    Erasmus Universiteit Rotterdam

     2,908

    Vrije Universiteit Amsterdam

     6,066

    Radboud Universiteit Nijmegen

     1,767

    Terugwerkende kracht

    Stb. 2010, 314, datum inwerkingtreding 05-08-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze bijlage. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2010.

  • Bijlage 10. , behorend bij artikel 4.25, eerste lid

    OCW-deel van de investeringen (bedragen in duizenden euro’s)
     

    t/m 1992

    1993

    1994

    1995

    1996

    1997

    1998

    1999

    2000

    2001

    2002

    2003

    2004

    2005

    2006

    2007

    Universiteit Leiden

    1

    28.045

    6.614

    6.115

    5.672

    1.826

           

    5.571

    5.738

    5.911

    6.088

     

    2

    987

    1.157

    1.191

    1.225

    1.123

               
     

    3

    5.235

                   
     

    4

    737

    397

    397

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Universiteit Utrecht

    1

    10.743

           

    21.702

    1.815

    935

    1.591

    8.019

    8.260

    8.508

    8.763

     

    2

    4.821

           

    159

           
     

    3

    2.661

           

    3.267

           
     

    4

    737

    397

    397

    567

    567

    567

    567

    567

    1.860

    567

    567

    567

        
                      

    Rijksuniversiteit Groningen

    1

    35.003

    8.429

    8.293

    7.079

    5.979

    3.018

    1.895

    2.462

    2.587

    885

    1.040

    2.294

    5.656

    5.825

    6.000

    6.180

     

    2

      

    749

    1.271

    1.305

    238

     

    68

    68

    91

          
     

    3

                    
     

    4

    737

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Erasmus Universiteit Rotterdam

    1

    23.370

    1.089

    896

    590

    760

    2.099

    3.823

    5.774

    4.787

    4.436

    5.772

    6.372

    12.212

    12.578

    12.955

    13.334

     

    2

          

    113

    147

    159

    170

    171

    176

        
     

    3

    4.606

                   
     

    4

    737

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Universiteit Maastricht

    1

    55.361

        

    68

         

    602

    1.294

    1.333

    1.373

    1.414

     

    2

    4.774

                   
     

    3

    6.371

                   
     

    4

    737

    397

    397

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Universiteit van Amsterdam

    1

    408

    658

    352

    79

    1.168

    4.515

    5.173

    3.267

    2.303

    2.450

    2.754

    3.429

    8.019

    8.260

    8.508

    8.763

     

    2

        

    11

    136

    102

    113

    34

    34

          
     

    3

    19,9

                   
     

    4

    737

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Vrije Universiteit

    1

    4.969

    1.203

    2.847

    2.655

    1.849

    4.674

    2.099

    1.804

    2.745

    2.689

    2.679

    2.303

    5.121

    5.275

    5.433

    5.596

     

    2

        

    318

    23

    79

    136

    147

    159

    198

         
     

    3

    916

                   
     

    4

    737

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

        
                      

    Radboud Universiteit Nijmegen

    1

    11.106

    1.860

    1.770

    2.360

    4.753

    8.656

    7.215

    8.384

    10.199

    11.492

    11.426

    9.049

    10.383

    10.694

    11.015

    11.364

     

    2

    1.021

       

    227

    227

    250

    250

    771

    590

    727

    795

        
     

    3

    2.540

                   
     

    4

    737

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

    567

       
  • Bijlage 11. , behorend bij artikel 4.25, tweede lid, onderdeel a

    Jaarlijkse afschrijvingsbedrag (bedragen in duizenden euro’s)
     

    t/m 1992

    1993

    1994

    1995

    1996

    1997

    1998

    1999

    2000

    2001

    2002

    2003

    2004

    2005

    2006

    2007

    Universiteit Leiden

    1

    899,3

    211,6

    195,7

    181,5

    58,4

           

    187,2

    192,8

    198,6

    204,6

     

    2

    24,7

    28,9

    29,8

    30,6

     

    28,1

              
     

    3

    130,9

                   
     

    4

    36,9

    19,9

    19,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Universiteit Utrecht

    1

    344,0

           

    694,5

    58,1

    29,9

    50,9

    269,4

    277,5

    285,9

    294,4

     

    2

    120,7

           

    4,0

           
     

    3

    66,7

           

    81,7

           
     

    4

    36,9

    19,9

    19,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    93,0

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Rijksuniversiteit Groningen

    1

    1.072,3

    269,7

    265,4

    226,5

    191,3

    96,6

    60,6

    78,8

    82,8

    28,3

    33,3

    73,4

    190,0

    195,7

    201,6

    207,7

     

    2

      

    18,7

    31,8

    32,6

    6,0

     

    1,7

    1,7

    2,3

          
     

    3

                    
     

    4

    36,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Erasmus Universiteit Rotterdam

    1

    747,8

    34,9

    28,7

    18,9

    24,3

    67,2

    122,3

    184,8

    153,2

    141,9

    184,7

    203,9

    410,3

    422,6

    435,3

    448,4

     

    2

          

    2,8

    3,7

    4,0

    4,3

    4,3

    4,4

        
     

    3

    115,2

                   
     

    4

    36,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Universiteit Maastricht

    1

    1.439,4

        

    2,2

         

    19,3

    43,5

    44,8

    46,1

    47,5

     

    2

    119,3

                   
     

    3

    159,3

                   
     

    4

    36,9

    19,9

    19,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Universiteit van Amsterdam

    1

    13,1

    21,1

    11,3

    2,5

    37,4

    144,5

    165,5

    104,6

    73,7

    78,4

    88,1

    109,7

    269,4

    277,5

    285,9

    294,4

     

    2

        

    0,3

    3,4

    2,6

    2,8

    0,9

    0,9

          
     

    3

    0,5

                   
     

    4

    36,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Vrije Universiteit

    1

    159,0

    38,5

    91,1

    84,9

    59,2

    149,6

    67,2

    57,7

    87,9

    86,0

    85,7

    73,7

    172,1

    177,2

    182,5

    188,0

     

    2

        

    7,9

    0,6

    2,0

    3,4

    3,7

    4,0

    5,0

         
     

    3

    22,9

                   
     

    4

    36,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
                      

    Radboud Universiteit Nijmegen

    1

    355,4

    59,5

    56,6

    75,5

    152,1

    277,0

    230,9

    268,3

    326,4

    367,7

    365,6

    289,6

    348,9

    359,3

    370,1

    381,2

     

    2

    25,5

       

    5,7

    5,7

    6,2

    6,2

    19,3

    14,7

    18,2

    19,9

        
     

    3

    63,5

                   
     

    4

    36,9

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

    28,4

        
  • Bijlage 12. , behorend bij artikel 4.25, derde lid

    Gecumuleerde afschrijvingen 2007 (bedragen in duizenden euro)
     

    t/m 1992

    1993

    1994

    1995

    1996

    1997

    1998

    1999

    2000

    2001

    2002

    2003

    2004

    2005

    2006

    2007

    Universiteit Leiden

    1

    13.552

    2.963

    2.544

    2.178

    643

           

    562

    386

    199

     
     

    2

    370

    405

    387

    368

    309

               
     

    3

    1.968

                   
     

    4

    607

    298

    278

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Universiteit Utrecht

    1

    6.535

           

    4.861

    349

    150

    204

    808

    555

    286

     
     

    2

    2.293

           

    28

           
     

    3

    1.267

           

    572

           
     

    4

    607

    298

    278

    369

    340

    284

    255

    227

    651

    170

    142

    113

        
                      

    Rijks-universiteit Groningen

    1

    16.849

    3.776

    3.450

    2.718

    2.104

    966

    546

    630

    579

    170

    166

    294

    570

    391

    202

     
     

    2

      

    243

    381

    359

    60

     

    14

    12

    14

          
     

    3

                    
     

    4

    607

    425

    397

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Erasmus Universiteit Rotterdam

    1

    11.217

    488

    373

    227

    268

    672

    1.101

    1.478

    1.072

    852

    923

    816

    1.231

    845

    435

     
     

    2

          

    26

    29

    28

    26

    21

    18

        
     

    3

    1.727

                   
     

    4

    607

    425

    397

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Universiteit Maastricht

    1

    27.999

        

    22

         

    77

    130

    90

    46

     
     

    2

    2.321

                   
     

    3

    3.098

                   
     

    4

    607

    298

    278

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Universiteit van Amsterdam

    1

    196

    295

    146

    30

    411

    1.445

    1.490

    836

    516

    470

    441

    439

    808

    555

    286

     
     

    2

        

    3

    34

    23

    23

    6

    5

          
     

    3

    7

                   
     

    4

    607

    425

    397

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Vrije Universiteit

    1

    2.871

    539

    1.185

    1.019

    651

    1.496

    604

    462

    615

    516

    429

    295

    516

    354

    183

     
     

    2

        

    87

    6

    18

    27

    26

    24

    25

         
     

    3

    344

                   
     

    4

    607

    425

    397

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
                      

    Radboud Universiteit Nijmegen

    1

    5.331

    834

    736

    906

    1.673

    2.770

    2.078

    2.146

    2.285

    2.206

    1.828

    1.158

    1.047

    719

    370

     
     

    2

    383

       

    62

    57

    56

    50

    135

    88

    91

    79

        
     

    3

    953

                   
     

    4

    607

    425

    397

    369

    340

    284

    255

    227

    199

    170

    142

    113

        
  • Bijlage 13. , behorend bij artikel 4.27, tweede lid

    Percentages voor de verdeling van de basisvoorziening

    universiteit

    percentage

    Universiteit Leiden

    11,5705

    Universiteit Utrecht

    13,6945

    Rijksuniversiteit Groningen

    13,6258

    Erasmus Universiteit Rotterdam

    13,7120

    Universiteit Maastricht

    8,2165

    Universiteit van Amsterdam

    17,5199

    Vrije Universiteit

    10,3749

    Radboud Universiteit Nijmegen

    11,2859