Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Warenwetbesluit Eiprodukten[Regeling vervallen per 05-04-2006.]

Geldend van 01-01-2006 t/m 04-04-2006

Besluit van 30 november 1992, tot vaststelling van het Warenwetbesluit Eiprodukten

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 12 juni 1992, nr. VVP/L-U 921385, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Overwegende, dat bij de Warenwetregeling Eiprodukten (EEG) (Stcrt. 1991, 240) voorlopig uitvoering is gegeven aan zowel de Richtlijn van de Raad van 20 juni 1989 inzake hygiëne- en gezondheidsvraagstukken bij de bereiding en het in de handel brengen van eiprodukten (89/437/EEG) (PbEG L 212) als aan de Richtlijn van de Raad van 19 december 1991 tot wijziging van Richtlijn 89/437/EEG (91/684/EEG) PbEG L 376);

Overwegende, dat ter vervanging van die regeling een algemene maatregel van bestuur in werking moet treden;

Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 5, eerste lid, onder a en b, en zesde lid, 6, onder a en d , 8, onder c , 12, 13 en 14, van de Warenwet (Stb. 1988, 360);

Gehoord de Adviescommissie Warenwet (advies van 10 maart 1992, nummer 14502a/(4/6)5);

De Raad van State gehoord (advies van 7 oktober 1992, No.W13.92.0252);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 18 november 1992, nr. DGVgz/VVP/L 922748, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 05-04-2006]

Artikel 1 [Vervallen per 05-04-2006]

  • 1 In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

    • a. richtlijn: de Richtlijn van de Raad van 20 juni 1989 inzake hygiëne- en gezondheidsvraagstukken bij de bereiding en het in de handel brengen van eiprodukten (89/437/EEG) (PbEG L 212), zoals gewijzigd bij de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 december 1991 (91/684/EEG) (PbEG L 376);

    • b. eiprodukten: produkten die zijn verkregen uit eieren, uit bestanddelen van eieren of mengsels daarvan, na verwijdering van schaal en vliezen, en die bestemd zijn voor menselijke consumptie, al dan niet aangevuld met andere eet- of drinkwaren of additieven; zij kunnen vloeibaar, geconcentreerd, gedroogd, gekristalliseerd, bevroren, diepgevroren of gecoaguleerd zijn;

    • c. inrichting: inrichting voor de bereiding of behandeling van eiprodukten;

    • d. gebarsten eieren: eieren, waarvan de schaal beschadigd is, waarbij al dan niet een echte breuk is ontstaan, en waarbij de vliezen niet zijn gebroken;

    • e. partij: een hoeveelheid eiprodukten die in dezelfde omstandigheden is bereid en met name een behandeling heeft ondergaan in één ononderbroken arbeidsgang;

    • f. zending: een hoeveelheid eiprodukten met dezelfde plaats van bestemming, die in één keer wordt geleverd voor verdere verwerking in de levensmiddelenindustrie of voor directe menselijke consumptie.

  • 2 Dit besluit is niet van toepassing op:

    • a. eet- of drinkwaren die zijn bereid uit eiprodukten en bestemd zijn voor de eindverbruiker;

    • b. eiprodukten die zijn bereid in ambachtelijke werkplaatsen, winkels of restaurants, en die zonder te zijn behandeld worden gebruikt voor de bereiding van eet- of drinkwaren die bestemd zijn voor:

      • 1°. rechtstreekse aflevering, niet via tussenpersonen, aan de eindverbruiker; of

      • 2°. gebruik ter plaatse, direct na de bereiding.

Artikel 2 [Vervallen per 05-04-2006]

  • 1 Het is verboden eiprodukten te bereiden, te behandelen, te verwerken, te verpakken, te bewaren of te vervoeren, anders dan met inachtneming van de daaromtrent bij dit besluit gestelde voorschriften.

  • 2 Het is verboden eiprodukten, of met eiprodukten bereide eet- of drinkwaren, te verhandelen, met betrekking tot welke in afwijking van de bij dit besluit gestelde voorschriften is gehandeld.

§ 2. Voorschriften met betrekking tot de inrichtingen [Vervallen per 05-04-2006]

§ 3. Voorschriften met betrekking tot eieren die bestemd zijn voor de bereiding van eiprodukten [Vervallen per 05-04-2006]

§ 4. Voorschriften met betrekking tot de bereiding en behandeling van eiprodukten [Vervallen per 05-04-2006]

Artikel 6 [Vervallen per 05-04-2006]

  • 1 Eiprodukten moeten in de inrichting aan een zodanige kiemreducerende behandeling worden onderworpen dat zij na die behandeling voldoen aan de in de bijlage genoemde analytische eisen.

  • 2 In afwijking van het eerste lid is het toegestaan eiprodukten niet aan de daar genoemde behandeling te onderwerpen, indien tot genoegen van de Voedsel en Waren Autoriteit is aangetoond dat zulks noodzakelijk is gezien de bereidingswijze van de desbetreffende, uit die eiprodukten te bereiden, eet- of drinkwaar.

§ 5. Verpakking, opslag en vervoer van eiprodukten [Vervallen per 05-04-2006]

Artikel 10 [Vervallen per 05-04-2006]

  • 1 Eiprodukten waarvoor een bepaalde opslagtemperatuur is vereist, moeten:

    • a. worden opgeslagen in recipiënten die zodanig zijn opgesteld dat de lucht daaronder vrij kan circuleren;

    • b. zo snel mogelijk tot de vereiste temperatuur worden gekoeld; en

    • c. voortdurend bij die temperatuur worden bewaard.

  • 2 De in het tweede lid bedoelde opslagtemperatuur moet voortdurend geregistreerd worden.

  • 3 Onverminderd de vorige leden, moeten eiprodukten worden opgeslagen bij ten hoogste de volgende temperaturen:

    • a. - 12°C voor de bevroren waar;

    • b. + 4°C voor de gekoelde waar.

§ 6. Aanduidingen en vermeldingen [Vervallen per 05-04-2006]

§ 7. Invoer uit derde landen [Vervallen per 05-04-2006]

§ 8. Slotbepalingen [Vervallen per 05-04-2006]

Artikel 14 [Vervallen per 05-04-2006]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van afgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 15 [Vervallen per 05-04-2006]

Dit besluit kan worden aangehaald als: Warenwetbesluit Eiprodukten.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

’s-Gravenhage, 30 november 1992

Beatrix

De Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,

H. J. Simons

Uitgegeven de tweeëntwintigste december 1992

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

Bijlage Analytische eisen [Vervallen per 05-04-2006]

Deze bijlage behoort bij artikel 6, eerste lid

1. Microbiologische criteria [Vervallen per 05-04-2006]

De partijen eiprodukten dienen na behandeling aan microbiologische steekproefcontroles te worden onderworpen in de behandelingsinrichtingen, ten einde te waarborgen dat de eiprodukten aan onderstaande criteria voldoen:

  • a. salmonellae: afwezig in 25 g of ml eiprodukt;

  • b. andere criteria: - aërobe mesofiele bacterieën:

    M = 105 in 1 g of 1 ml;

    • - enterobacteriaceae:

      M = 102 in 1 g of 1 ml;

    • - stafylococcus aureus:

      afwezigheid in 1 g eiprodukt.

      M = grenswaarde voor het kiemgetal; het resultaat wordt als onbevredigend beschouwd indien voor een of meer bemonsteringseenheden het kiemgetal gelijk is aan of groter is dan M.

2. Andere criteria [Vervallen per 05-04-2006]

De partijen eiprodukten dienen aan steekproefcontroles te worden onderworpen in de behandelingsinrichtingen, ten einde te waarborgen dat de eiprodukten aan onderstaande criteria voldoen:

  • a. het gehalte aan 3 OH-boterzuur in eiprodukten mag niet hoger zijn dan 10mg/kg niet-gemodificeerd eiprodukt, berekend op de droge stof;

  • b. om te garanderen dat de nodige hygiëne in acht wordt genomen totdat de eieren en de eiprodukten een behandeling hebben ondergaan, gelden de volgende normen:

    • - het melkzuurgehalte mag niet hoger zijn dan 1000 mg/kg eiprodukt, berekend op de droge stof (deze waarde geldt alleen voor het niet behandelde produkt);

    • - het barnsteenzuurgehalte mag niet hoger zijn dan 25 mg/kg eiprodukt, berekend op de droge stof.

      Voor de gefermenteerde produkten zijn deze waarden echter de vóór het fermentatieproces geconstateerde waarden;

  • c. de hoeveelheid resten van schalen, vliezen en eventuele andere deeltjes in het eiprodukt mag niet hoger zijn dan 100 mg/kg eiprodukt;

  • d. de hoeveelheid resten van in artikel 7, onder a, genoemde stoffen mag de onder b van hetzelfde artikel bedoelde toleranties niet overschrijden.