Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
  • Vorige

  • Volgende

Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Geldend op 16-04-2012


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 5a.10a. Uitgebreide beoordelingscriteria voor verlenen toets nieuwe opleiding

    • 1. In het accreditatiekader, bedoeld in artikel 5a.2a, worden voor het verlenen van de toets nieuwe opleiding op grond van dit artikel door het accreditatieorgaan vastgelegd:

      • a. de gegevens die het instellingsbestuur meezendt bij een aanvraag om een toets nieuwe opleiding, en

      • b. voor zover een toets nieuwe opleiding onder voorwaarden als bedoeld in artikel 5a.11, vierde lid, is verleend, de procedure en voorwaarden voor de instelling.

    • 2. Bij de beoordeling van de aanvraag om een toets nieuwe opleiding wordt aandacht geschonken aan de aspecten van kwaliteit die betrekking hebben op de voorgenomen opleiding waarbij ten minste worden beoordeeld:

      • a. het beoogde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is,

      • b. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma,

      • c. de wijze van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten,

      • d. de kwaliteit en kwantiteit van het ingezette personeel alsmede het personeelsbeleid dat van invloed is op de kwaliteit van de opleiding,

      • e. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen, en

      • f. de opzet en organisatie van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding.

    • 3. Onverminderd het tweede lid, legt het accreditatieorgaan zijn werkwijze vast voor de toets nieuwe opleiding van de eerste opleiding die wordt verzorgd door een rechtspersoon die geaccrediteerde opleidingen wil verzorgen overeenkomstig de kaders, bedoeld in artikel 5a.8, eerste lid, en op grond van artikel 5a.9, derde lid.