Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Wet verbruiksbelastingen van brandstoffen, geheven naar een milieugrondslag

Geldend van 01-01-1995 t/m heden

Wet van 24 juni 1992, tot wijziging van het hoofdstuk Financiële bepalingen van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne en van enige andere wetten, onder meer ter omzetting van de bestemmingsheffingen op brandstoffen in verbruiksbelastingen van brandstoffen, geheven naar het koolstofgehalte en de energie-inhoud van de brandstoffen

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is voor het jaar 1992 vooruitlopend op verdere maatregelen met ingang van het jaar 1993 de bestemmingsheffingen op brandstoffen in het hoofdstuk Financiële bepalingen van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne (Stb. 1988, 133) te vervangen door verbruiksbelastingen van brandstoffen, geheven onder verantwoordelijkheid van de Minister van Financiën naar het koolstofgehalte en de energie-inhoud van de brandstoffen, alsmede met het oog op de budgettaire situatie de opbrengst van deze belastingen ten opzichte van de opbrengst van de bestemmingsheffingen op brandstoffen te verhogen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel I

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel II [Vervallen per 01-01-1995]

Artikel III

[Red: Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel IV

  • 1 Indien deze wet in werking treedt met ingang van 1 juni 1992 bedraagt, in afwijking in zoverre van artikel 61i, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne, het tarief vanaf het tijdstip van inwerkingtreding tot 1 januari 1993 voor:

    a. ongelode lichte olie, per hectoliter

    f  2,61

    b. gelode lichte olie, per hectoliter

    f  2,41

    c. halfzware olie, per hectoliter

    f  4,11

    d. gasolie en lichte stookolie, die zijn bestemd voor ander gebruik dan voor het op de weg aandrijven van motorrijtuigen, per hectoliter

    f  4,11

    e. andere gasolie en lichte stookolie, per hectoliter

    f  2,66

    f. zware stookolie, per 1000 kilogram

    f  39,04

    g. LPG, per 1000 kilogram

    f  49,85

    h. kolen, per 1000 kilogram

    f  24,08

    i. hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, per 1000 gigajoule

    f 278,54

    j. aardgas, met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule, per Nm3, met dien verstande dat bij levering van meer dan 10 000 000 Nm3 aardgas per jaar aan een gebruiker het tarief voor aardgas per Nm3 van het meerdere f 0,01772 bedraagt

    f  0,03686

  • 2 Indien deze wet in werking treedt met ingang van 1 juni 1992 bedraagt, in afwijking in zoverre van artikel 61i, tweede lid, van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne, het tarief voor brandstoffen, als bedoeld in artikel 61c, onderdeel i, van laatstgenoemde wet vanaf het tijdstip van inwerkingtreding tot 1 januari 1993 voor:

    a. petroleumcokes, per 1000 kilogram

    f 37,32

    b. vloeibare brandstof, per 1000 kilogram

    f 39,04

    c. gasvormige brandstof, per 1000 gigajoule

    f 278,54

Artikel V

  • 1 Indien deze wet in werking treedt op of na 1 juli 1992 bedraagt, in afwijking in zoverre van artikel 61i, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne, het tarief vanaf het tijdstip van inwerkingtreding tot 1 januari 1993 voor:

    a. ongelode lichte olie, per hectoliter

    f  2,70

    b. gelode lichte olie, per hectoliter

    f  2,41

    c. halfzware olie, per hectoliter

    f  4,75

    d. gasolie en lichte stookolie, die zijn bestemd voor ander gebruik dan voor het op de weg aandrijven van motorrijtuigen, per hectoliter

    f  4,75

    e. andere gasolie en lichte stookolie, per hectoliter

    f  2,66

    f. zware stookolie, per 1000 kilogram

    f  42,56

    g. LPG, per 1000 kilogram

    f  57,77

    h. kolen, per 1000 kilogram

    f  24,72

    i. hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, per 1000 gigajoule

    f 304,04

    j. aardgas, met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule, per Nm3, met dien verstande dat bij levering van meer dan 10 000 000 Nm3 aardgas per jaar aan een gebruiker het tarief voor aardgas per Nm3 van het meerdere f 0,01950 bedraagt

    f  0,04156

  • 2 Indien deze wet in werking treedt op of na 1 juli 1992 bedraagt, in afwijking in zoverre van artikel 61i, tweede lid, van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne, het tarief voor brandstoffen, als bedoeld in artikel 61c, onderdeel i, van laatstgenoemde wet vanaf het tijdstip van inwerkingtreding tot 1 januari 1993 voor:

    a. petroleumcokes, per 1000 kilogram

    f 40,09

    b. vloeibare brandstof, per 1000 kilogram

    f 42,56

    c. gasvormige brandstof, per 1000 gigajoule

    f 304,04

Artikel VI

De Wet algemene bepalingen milieuhygiëne, zoals die luidde een dag voor de inwerkingtreding van deze wet, blijft van toepassing op de bestemmingsheffingen op brandstof en de regulerende heffingen op gelode lichte olie met een researchoktaangetal lager dan 97 en op ongelode lichte olie met een researchoktaangetal lager dan 95, die voor de inwerkingtreding van deze wet krachtens de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne verschuldigd zijn geworden.

Artikel VII

[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel VIII

Indien het bij koninklijke boodschap van 4 december 1989 ingediende voorstel van wet tot wijziging van het hoofdstuk Financiële bepalingen van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne (Kamerstukken 21 407) tot wet wordt verheven, vervallen de artikelen I, onderdelen B en C, en V van die wet.

Artikel IX

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel X

Deze wet kan worden aangehaald als Wet verbruiksbelastingen van brandstoffen, geheven naar een milieugrondslag.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage, 24 juni 1992

Beatrix

De Minister van Financiën,

W. Kok

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J. G. M. Alders

De Staatssecretaris van Financiën,

M. J. J. van Amelsvoort

Uitgegeven de zesentwintigste juni 1992

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin