KruimelpadGeldend op 02-06-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. Als beperkingengebied wordt het gebied vastgesteld waar met het oog op de geluidsbelasting en de veiligheid in verband met de nabijheid van de luchthaven beperkingen noodzakelijk zijn ten aanzien van de bestemming of het gebruik van de grond. Het beperkingengebied omvat de gebieden die behoren bij de in het tweede lid bedoelde grenswaarden voor geluidbelasting en het externe-veiligheidsrisico, alsmede bij de in het derde lid, onderdeel b, bedoelde regels.
2. Het luchthavenbesluit bevat een grenswaarde voor geluidsbelasting. Het besluit kan tevens bevatten:
a. een grenswaarde voor het externe-veiligheidsrisico;
b. een of meer grenswaarden die noodzakelijk zijn met het oog op de lokale luchtverontreiniging.
3. Het luchthavenbesluit bevat voor het beperkingengebied in ieder geval regels waarbij beperkingen zijn gesteld ten aanzien van de bestemming en het gebruik van de grond voor zover die beperkingen noodzakelijk zijn met het oog op:
a. de geluidsbelasting in verband met de nabijheid van de luchthaven;
b. de maximale hoogte van objecten in, op of boven de grond, in verband met de veiligheid van het luchthavenluchtverkeer.
Het besluit kan voor het beperkingengebied tevens regels bevatten waarbij beperkingen zijn gesteld ten aanzien van de bestemming en het gebruik van de grond voor zover die beperkingen noodzakelijk zijn met het oog op het externe-veiligheidsrisico in verband met de nabijheid van de luchthaven.
4. Het luchthavenbesluit kan tevens voor het luchthavenluchtverkeer bevatten:
a. regels met het oog op de geluidsbelasting;
b. regels die noodzakelijk zijn met het oog op de lokale luchtverontreiniging.
5. Bij de regels met het oog op de geluidsbelasting en het externe-veiligheidsrisico, bedoeld in het derde lid, worden in ieder geval gronden aangewezen die niet bestemd of gebruikt worden voor woningen of andere in het besluit aangewezen gebouwen.
6. De artikelen 8.8 tot en met 8.12 zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat Onze Minister van Defensie in de plaats treedt van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat.
7. Bij de vaststelling van het luchthavenbesluit wordt gebruik gemaakt van:
a. de gegevens met betrekking tot het verkeer over wegen en daarop gebaseerde onderzoeken,
b. de krachtens artikel 5.20, eerste lid, van de Wet milieubeheer bekendgemaakte gegevens en daarop gebaseerde onderzoeken, en
c. de inventarisatie van en de gevolgen voor de aanwezige flora en fauna en daarop gebaseerde onderzoeken,
die ten grondslag hebben gelegen aan het ontwerp-besluit, met dien verstande dat indien de rapporten, waarin de gegevens, onderzoeken, inventarisaties en gevolgen zijn vervat, bij de vaststelling van het luchthavenbesluit ouder zijn dan twee jaar, het luchthavenbesluit een motivering van de actualiteit van die rapporten bevat.