Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Bijdrageregeling 1990 incentive Algemene Bijstandswet[Regeling vervallen per 25-09-2008.]

Geldend van 01-05-1991 t/m 24-09-2008

Bijdrageregeling 1990 incentive Algemene Bijstandswet

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Overwegende dat het ter vergroting van het gemeentelijk belang bij een effectieve daling van de kosten van bijstand, wenselijk is aan gemeenten een extra bijdrage ter beschikking te stellen gelijk aan 10% van de effectieve daling van die kosten.

Gehoord de Raad voor de Gemeentefinanciën (advies van 6 november 1990);

Besluit:

§ 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 25-09-2008]

Artikel 1 [Vervallen per 25-09-2008]

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. minister:

de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid:

b. gemeentebestuur:

burgemeester en wethouders;

c. ABW:

de Algemene Bijstandswet (Stb. 1973, 395);

d. kosten van bijstand:

de netto ten laste van de gemeente gebleven kosten van de ingevolge de ABW aan personen jonger dan 65 jaar verleende algemene bijstand, de ter zake verschuldigde loonbelasting en premies ingevolge sociale verzekeringswetten daaronder begrepen.

Artikel 2 [Vervallen per 25-09-2008]

  • 1 Aan de gemeente, die bijdraagt aan de instandhouding van een banenpool en daartoe een samenwerkingsafspraak ex artikel 3 van de Rijksbijdrageregeling banenpools heeft gemaakt, wordt in 1991 met inachtneming van deze regeling een bijdrage verleend, gelijk aan 10% van het verschil tussen de kosten van bijstand over 1989 en de gecorrigeerde kosten van bijstand over 1990 vermeerderd met 10/9 deel van de aan de gemeente krachtens artikel 5, eerste lid sub a van de Rijksbijdrageregeling banenpools (Stcrt. 1990, nr. 169) verleende rijksbijdrage.

  • 2 De minister kan op verzoek van een gemeente, ingeval die gemeente wegens voor haar onbeïnvloedbare omstandigheden de in het vorige lid bedoelde samenwerkingsafspraak niet kan maken, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid alsnog besluiten de bijdrage te verlenen als die gemeente naar zijn oordeel aantoonbaar inspanningen verricht gericht op bestrijding van langdurige werkloosheid.

  • 3 Indien zich geen effectieve daling voordoet, wordt de bijdrage op nul gesteld.

§ 2. De bijdrage [Vervallen per 25-09-2008]

Artikel 3 [Vervallen per 25-09-2008]

  • 1 Bij de vaststelling van de in art. 2, eerste lid bedoelde daling hanteert de minister de navolgende generieke correctief, ter opheffing van de effecten op de niet door de gemeenten beïnvloedbare uitgavenontwikkeling:

    • a. voor de mutatie in de landelijk gemiddelde uitkeringslast wegens wijziging van de bijstandsnormen en van de belasting- en premiepercentages;

    • b. voor de effecten op de uitgavenontwikkeling die rechtstreeks voortvloeien uit daadwerkelijk door het Rijk doorgevoerde beleidsintensiveringen en -extensiveringen.

  • 2 De minister stelt na afloop van het jaar 1990 de in het eerste lid bedoelde correctiefactoren vast.

Artikel 4 [Vervallen per 25-09-2008]

  • 1 Op de bijdrage wordt een voorschot verleend.

  • 2 De minister stelt binnen twee maanden na ontvangst van de over het vierde kwartaal 1990 betrekking hebbende voorlopige kostenopgave als bedoeld in artikel 6, le lid sub a van het Besluit verantwoording en vergoeding uitkeringskosten ABW, IOAW en IOAZ (Stcrt. 1987, 188), per gemeente het voorschot vast, waarbij het bedrag wordt verkregen door toepassing van de formule;

    {a – (b × c¹ + d × c²)} × e

    in welke formule voorstelt:

    de letter a:

    de volgens de voorlopige kostenopgaven door de gemeente gemaakte kosten van bijstand in het jaar 1989:

    de letter b:

    de volgens de voorlopige kostenopgaven door de gemeente gemaakte kosten van bijstand in het jaar 1990;

    de letter c¹:

    de door de minister vastgestelde correctiefactoren als bedoeld in artikel 3, eerste lid sub a en b;

    de letter c²:

    de door de minister vastgestelde correctiefactoren als bedoeld in artikel 3, eerste lid sub a;

    de letter d:

    10/9 deel van de aan de gemeente krachtens artikel 5, eerste lid sub a van de Rijksbijdrageregeling banenpools verleende rijksbijdrage;

    de letter e:

    het in artikel 2, eerste lid genoemde percentage van 10.

  • 3 De minister deelt de vaststelling van het voorschot alsmede de in artikel 3, eerste lid bedoelde correctiefactoren schriftelijk aan het gemeentebestuur mede.

  • 4 Het voorschot wordt uitbetaald binnen twee maanden na vaststelling daarvan.

§ 3. De definitieve vaststelling en terugvordering [Vervallen per 25-09-2008]

Artikel 5 [Vervallen per 25-09-2008]

  • 1 De minister stelt de bijdrage, bedoeld in artikel 2, eerste lid, vast binnen een jaar na ontvangst van de op het jaar 1990 betrekking hebbende definitieve kostenopgave, als bedoeld in artikel 6, le lid sub b van het Besluit verantwoording en vergoeding uitkeringskosten ABW, IOAW en IOAZ.

  • 2 Het bedrag van de bijdrage wordt verkregen door toepassing van de in artikel 4, tweede lid genoemde formule, met dien verstande dat in de letters a en b voor de voorlopige kostenopgaven wordt gelezen definitieve kostenopgave.

  • 3 Het voorschot en de bijdrage zal, het gemeentebestuur gehoord, worden teruggevorderd indien niet aan het bepaalde in artikel 2 is voldaan.

  • 4 De minister deelt de vaststelling van de bijdrage schriftelijk aan het gemeentebestuur mede.

§ 4. Slotbepalingen [Vervallen per 25-09-2008]

Artikel 6 [Vervallen per 25-09-2008]

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na die van haar bekendmaking in de Nederlandse Staatscourant.

  • 2 Afschrift van dit besluit wordt gezonden aan de Algemene Rekenkamer.

Artikel 7 [Vervallen per 25-09-2008]

Deze regeling kan worden aangehaald als: Bijdrageregeling 1990 incentive Algemene Bijstandswet.

's-Gravenhage, 27 november 1990

De

Staatssecretaris

voornoemd,

E. ter Veld