Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Vaststelling gegevens ter beoordeling van aanvraag vergunning Wet opneming buitenlandse pleegkinderen[Regeling vervallen per 02-01-2005.]

Geldend van 15-07-1989 t/m 01-01-2005

Vaststelling gegevens ter beoordeling van aanvraag vergunning Wet opneming buitenlandse pleegkinderen

De staatssecretaris van Justitie,

Gelet op artikel 16, tweede lid, van de Wet opneming buitenlandse pleegkinderen (Stb. 1988, nr. 566),

Besluit:

[Vervallen per 02-01-2005]

  • . Een verzoek om een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de Wet opneming buitenlandse pleegkinderen dient de navolgende gegevens te bevatten:

  • a Een afschrift van de statuten van de aanvrager.

  • b Een nauwkeurige beschrijving van de wijze waarop de aanvrager zich ervan vergewist dat de opneming van een buitenlands pleegkind in Nederland met het oog op adoptie in het belang van zodanig kind kan worden geacht.

  • c Een opgave van de samenstelling van het bestuur van de rechtspersoon, waarbij tevens wordt aangegeven op welke wijze door de samenstelling van het bestuur de behartiging van de belangen van de buitenlandse pleegkinderen en van de aspirant-pleegouders is gewaarborgd.

  • d Een uiteenzetting omtrent de aard van de bemiddelende werkzaamheden en de wijze waarop de aanvrager uitvoering zal geven aan bemiddelende werkzaamheden en de procedure welke de aspirant-pleegouders dienen te volgen ter opneming van een buitenlands pleegkind in het gezin, zulks onderverdeeld per land.

  • e Voor zover de aanvrager reeds bemiddelende activiteiten heeft verricht: een verslag van werkzaamheden, alsmede de balans en staat van baten en lasten met toelichting over het jaar 1988.

  • f Een opgave per land van de personen en instanties in het buitenland waarmee de aanvrager betrekkingen heeft in verband met de voorgenomen bemiddeling inzake de opneming van buitenlandse pleegkinderen. Hieronder worden in elk geval verstaan: gerechtelijke en andere bevoegde instanties, kindertehuizen, advocaten en andere personen en/of instellingen en organisaties welke bij bemiddeling betrokken zijn.

    Ingeval personen en/of instellingen met elkaar samenwerken, wordt daarvan mededeling gedaan.

  • g Een beschrijving van de wijze waarop de aanvrager uitvoering geeft aan het verzorgen van begeleiding nadat het buitenlandse pleegkind is opgenomen.

    Dit besluit wordt in de Staatscouant bekend gemaakt en treedt in werking met ingang van 15 juli 1989.

's-Gravenhage, 10 juli 1989

De

staatssecretaris

voornoemd,

V. N. M. Korte-van Hemel