Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Uitvoeringsregeling randapparatuur

Geldend van 10-09-1997 t/m heden

Uitvoeringsregeling randapparatuur

De minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op het Besluit randapparatuur (Stb. 1988, 553) en op de artikelen C.6.2, derde lid en F.4.3 van het Besluit radio-elektrische inrichtingen (Stb. 1988, 552);

Besluit:

§ 1. Definities

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

de Hoofddirecteur:

de Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post van het ministerie van Verkeer en Waterstaat;

de Directeur:

de directeur Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post van het ministerie van Verkeer en Waterstaat;

testinstelling:

een instelling die randapparatuur test ten behoeve van de goedkeuring van die randapparatuur voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur;

STERLAB:

Nederlandse Stichting voor de Erkenning van Laboratoria.

§ 2. Specificaties van conformiteit

Artikel 2

De specificaties van conformiteit voor randapparatuur, bedoeld in hoofdstuk 2 van het Besluit randapparatuur, zijn die welke zijn omschreven in bijlage 1 behorend bij deze regeling en zijn aangegeven in annex 1 behorend bij die bijlage.

§ 3. De aanvraag tot erkenning als testinstelling, gelijkstelling met een erkende testinstelling en voorlopige erkenning als testinstelling.

Artikel 3

  • 1 Een aanvraag tot erkenning als testinstelling, tot gelijkstelling met een erkende testinstelling of tot een voorlopige erkenning als testinstelling dient te worden ingediend bij de Hoofddirecteur.

  • 2 De aanvraag bedoeld in het eerste lid bevat ten minste de volgende gegevens:

    • a. gegevens omtrent de aard van de bedrijfsactiviteiten van de aanvragende testinstelling;

    • b. gegevens ten behoeve van de identificatie van degene op wiens naam de erkenning, gelijkstelling of voorlopige erkenning moet worden gesteld;

    • c. de aanvrager verschaft voorts die gegevens en bescheiden die voor de beoordeling van de aanvraag van belang kunnen zijn.

Artikel 4

  • 1 Bij de aanvraag tot erkenning als testinstelling moeten als bijlagen worden overgelegd:

    • a. een certificaat afgegeven door STERLAB waaruit blijkt dat de testinstelling voldoet aan de normen voor kwaliteitsborging;

    • b. gegevens waaruit blijkt dat de testinstelling volledige rechtspersoonlijkheid bezit.

  • 2 Bij de aanvraag tot gelijkstelling met een erkende testinstelling moet als bijlage worden overgelegd een document waaruit blijkt dat de in een andere Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen of in een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte gevestigde instelling door die lidstaat is erkend voor het testen van randapparatuur voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur in die Lidstaat.

  • 3 Bij de aanvraag tot voorlopige erkenning als testinstelling moeten daarbij als bijlagen worden overgelegd:

    • a. gegevens waaruit blijkt dat deze volledige rechtspersoonlijkheid bezit;

    • b. een afschrift van de door de aanvrager bij STERLAB ingediende aanvraag voor certificatie;

    • c. een verklaring van STERLAB dat zij met het onderzoek van de onder b. bedoelde aanvraag is begonnen.

§ 4. De verklaring van conformiteit voor randapparatuur

Artikel 5

Een verklaring van conformiteit, bedoeld in artikel 7, vierde lid van het Besluit randapparatuur wordt opgesteld volgens het model opgenomen in bijlage 2 behorend bij deze regeling.

§ 5. De goedkeuring van randapparatuur

Artikel 6

Een aanvraag tot goedkeuring van randapparatuur voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van het Besluit randapparatuur dient te worden ingediend bij de Directeur volgens het model opgenomen in bijlage 3 behorend bij deze regeling.

Artikel 7

Een verklaring van goedkeuring, bedoeld in artikel 9, vierde lid, van het Besluit randapparatuur wordt afgegeven volgens het model opgenomen in bijlage 4 behorend bij deze regeling dan wel, indien het randapparatuur betreft die tevens een radio-elektrische inrichting is, volgens het model opgenomen in bijlage 5 behorend bij deze regeling.

Artikel 8

Het merk als bedoeld in artikel 9, zesde lid, van het Besluit randapparatuur is opgenomen in bijlage 6 behorend bij deze regeling en dient te worden aangebracht volgens de in deze bijlage opgenomen aanwijzingen.

§ 6. Regels met betrekking tot vakbekwaamheid voor het installeren van randapparatuur

Artikel 9

Als diploma's, bedoeld in artikel 10 van het Besluit randapparatuur zijn aangewezen de diploma's vermeld in bijlage 7 behorend bij deze regeling.

§ 7. Slotbepaling

Artikel 10

Deze regeling treedt in werking met ingang van de inwerkingtreding van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen en kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling randapparatuur.

's-Gravenhage, 19 december 1988

De

minister

voornoemd,

N. Smit-Kroes

Bijlage 1

De navolgende specificaties van conformiteit als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur, zijn hieronder omschreven en aangegeven in Annex 1 bij deze bijlage. Deze Annex 1 is ter inzage bij de Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post, ministerie van Verkeer en Waterstaat, te Groningen.

Algemene specificaties van conformiteit voor randapparatuur bestemd voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur: T 10-00

alsmede de

Specificaties van conformiteit voor randapparatuur

bestemd voor aansluiting op:

  • - de telefoondienst
  • -

    enkelvoudige systemen

  • -

    algemeen T 11-00

  • -

    rusttoestand T 11-01

  • -

    oproepdetectie T 11-02

  • -

    beantwoorden + verbreken T 11-03

  • -

    houdtoestand + signaaltr. T 11-04

  • -

    spraaktransmissie T 11-05

  • -

    kiezen T 11-06

  • -

    kostentelimpuls ontvangen T 11-07

  • -

    T 11-08 draadloze telefoon (uitgave 28 januari 1992)

  • -

    ‘handsfree’ telefoneren T 11-09

  • -

    spreekhoorgarnituur T 11-10

  • -

    meervoudige systemen

  • -

    T 11-13 Technische voorschriften voor aansluiting op het openbare geschakelde telefoonnet in Nederland

  • -

    algemeen T 11-50

  • -

    doorschakelen T 11-51

  • -

    analoog signaleren T 11-52

  • -

    digitaal signaleren T 11-53

  • -

    transmissie T 11-54

  • -

    doorkoppelen mobilofoonnet T 11-55

  • - de telexdienst
  • -

    algemeen T 12-00

  • -

    conversie telex-teletex T 12-01

  • -

    meerv. adres inrichting T 12-02

  • -

    wisselstroomtransmissie T 12-11

  • -

    dubbelstroomtransmissie T 12-12

  • - de datatransportdienst
  • -

    apparatuur voor datanet 1 T 13-01

  • - een vaste verbinding
  • -

    spraakband T 14-01

  • -

    64 kbit/s digitaal T 14-02

  • -

    2048 kbit/s digitaal T 14-03

  • -

    muzieklijn 40 Hz-15 kHz T 14-04

  • -

    lokale analoge lijnen T 14-05

  • -

    breedbandlijn 60-108 kHz T 14-06

  • -

    telegrafie T 14-07

  • - de semafoondienst
  • -

    ontvanger voor het SMF 3-systeem T 15-01

  • - de autotelefoondienst
  • -

    autotelefoonnet 2 (ATF 2) T 16-02

  • -

    autotelefoonnet 3 (ATF 3) T 16-03

Bijlage 2

Model Verklaring van conformiteit

Produktomschrijving: [welk toestel?]

Fabrikaat: [welk fabrikaat?]

Type: [welke type aanduiding, incl. merknaam?]

Deze verklaring is verleend op grond van het testen van een representatief exemplaar van het bovenvermelde produkt aan de hand van de volgende specificaties van conformiteit:

[nn. nn: uitgave [dag, maand, jaar]

[Bijzonderheden?]

etc. etc.

De resultaten van de test zijn vermeld in het Keuringsrappport:

[registratienummer van het testinstituut]

Een gewaarmerkt exemplaar van dit Keuringsrapport behoort als bijlage bij deze verklaring.

Voorts behoren de volgende bijlagen, voorzien van het bovenvermelde registratienummer, tot deze verklaring:

[de voor de keuring relevante technische gegevens van het randapparaat]

Deze verklaring van conformiteit is onder nummer

[registratienummer van het testinstituut]

verleend aan:

[naam van de opdrachtgever]

[adres van de opdrachtgever]

[woonplaats van de opdrachtgever]

[land van de opdrachtgever]

[Plaats], [dag, maand, jaar]

Ondertekening door de leiding van het testinstituut]

Bijlage 3

Model Aanvraag van goedkeuring voor randapparatuur, bestemd voor aansluiting op de telecommunicatie infrastructuur

De aanvraag geschiedt op het briefpapier van de aanvrager aan:

ministerie van Verkeer en Waterstaat de Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post

Bureau Toelating Randapparatuur

Per brief wordt slechts goedkeuring gevraagd voor een type randapparaat.

De brief wordt ingericht volgens het volgende model:

  • 1. Gegevens van de aanvrager:

    [Naam van het bedrijf]

    [Adres]

    [Postcode] [Woonplaats]

    [Postbus]

    [Postcode] [Woonplaats]

    [Land]

    [Contactpersoon]

    [Telefoon]

    [Telex]

  • 2. Beschrijving van de apparatuur (of inrichting).

    Produktomschrijving: [soort toestel?]

    Fabrikaat: [welk fabrikaat?]

    Type: [merknaam en type aanduiding?]

    Korte omschrijving van het gebruiksdoel: [ ]

  • 3. Goedkeuring wordt gevraagd voor aansluiting op:

    [de telefoondienst]

    [de autotelefoondienst ATF 2]

    [de autotelefoondienst ATF 3]

    [de telexdienst]

    [de datatransportdienst Datanet 1]

    [de semafoondienst Semafoon 3]

    vaste verbindingen volgens de specificaties:

    [spraakband]

    [64 kbit/s digitaal]

    [2048 kbit/s digitaal]

    [muzieklijn 40 Hz 15 kHz]

    [lokale analoge lijn]

    [breedbandlijn 60 108 kHz]

    [telegrafie]

Bij de brief worden als bijlagen de noodzakelijke verklaringen van conformiteit, het testrapport en de documentatie gevoegd.

Andere, aanvullende informatie wordt eveneens in een bijlage bij de brief gevoegd.

[Datering] en [Ondertekening]

Bijlage 4

Verklaring van goedkeuring

De Minister van Verkeer en Waterstaat.

Gelet op artikel 9 van het Besluit Randapparatuur (Stb. 1988, 553);

Verklaart:

dat de hieronder aangegeven randapparatuur

  • -

    Produktomschrijving:

  • -

    Fabrikaat:

  • -

    Type

op basis van de overgelegde verklaringen van conformiteit,

is goedgekeurd voor de aansluiting op de navolgende onderdelen van de tecommunicatie-infrastructuur:

Deze goedkeuring wordt verleend met de volgende opmerking

Deze goedkeuring wordt verleend aan:

Naam:

Adres:

Postcode + woonplaats

Postbusnummer:

Postcode + woonplaats

Land

en is geregistreerd onder het goedkeuringsnummer:

Het merk als bedoeld in bijlage 6 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur dat is bestemd om te worden aangebracht op de randapparatuur genoemd in deze verklaring dient te bevatten het hierboven genoemde goedkeuringsnummer.

De Minister van Verkeer en Waterstaat namens deze De Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post Plaats, datum

Bijlage 5

Verklaring van goedkeuring en toelating

De Minister van Verkeer en Waterstaat.

Gelet op artikel 9 van het Besluit randapparatuur (Stb. 1988, 353) en de artikelen C.6.2. en F.4.3. van het Besluit radioelektrische inrichtingen (Stb. 1988, 552);

Verklaart:

dat de hieronder aangegeven randapparatuur

  • -

    Produktomschrijving:

  • -

    Fabrikaat:

  • -

    Type:

op basis van de overgelegde verklaringen van conformiteit

als zendinrichting, ontvanginrichting bestemd voor gebruik als:

us toegelaten en is goedgekeurd voor de aansluiting op de navolgende onderdelen van de telefommunicatie-infrastructuur;

Deze goedkeuring en toelating wordt verleend met de volgende opmerking:

Deze goedkeuring wordt verleend aan:

Naam:

Adres:

Postcode + woonplaats

Postbusnummer:

Postcode + woonplaats

Land

en is geregistreerd onder het goedkeuringsnummer:

Het merk als bedoeld in bijlage 6 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur dat is bestemd om te worden aangebracht op de randapparatuur genoemd in deze verklaring dient te bevatten het hierboven genoemde goedkeuringsnummer.

De Minister van Verkeer en Waterstaat namens deze De Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post Plaats, datum

Bijlage 6

Aanwijzingen voor de uitvoering en het aanbrengen van het goedkeuringsmerk

1.

Het goedkeuringsmerk wordt aangebracht op een rechthoekig etiket.

De afmetingen zijn minimaal 30 x 10 mm².

Materiaal: Wit papier, 80 of 90 grams houtvrij schrijf, voorzien van sterk klevende permanente belijming. Het etiket moet, nadat het is aangebracht, niet zonder beschadiging kunnen worden verwijderd.

Opdruk: Blauw (volgens specificatie PMS 293), tekst diapositief geplaatst. Lettertype: Helvetica onderkast (m.u.v. de letters NL).

Voorbeeld: ministerie van verkeer en waterstaat NL 12345678 * aansluitfactor 1,2

2.

De tekst "ministerie van verkeer en waterstaat" moet op het bovenste deel van het merk zijn aangebracht.

3.

Het goedkeuringsnummer NL gevolgd door 8 (acht) cijfers wordt links onder geplaatst.

Het goedkeuringsnummer wordt medegedeeld in de verklaring van goedkeuring die voor het onderhavige type randapparaat is afgegeven.

4.

Het deel rechts onder op het merk is bedoeld voor aanvullende informatie zoals deze in de verklaring van goedkeuring wordt voorgeschreven. In bovenstaand voorbeeld is voorgeschreven de vermelding: aansluitfactor 1,2. Als geen aanvullende informatie wordt voorgeschreven blijft deze ruimte leeg, en dus blauw.

5.

Het etiket dient op de buitenzijde van de randapparatuur te worden aangebracht. Het is daarnaast toegestaan het goedkeuringsmerk tevens aan te brengen op de verpakking.

6.

Het goedkeuringsmerk mag onderdeel vormen van een groter etiket, maar dient ook dan te voldoen aan bovenvermelde specificaties.

7.

In de plaats van het aanbrengen van een etiket op de randapparatuur wordt toegestaan het goedkeuringsmerk in reliëf bij de produktie van de behuizing daarin aan te brengen.

Als het goedgekeurde randapparaat een prentkaart is (b.v. van gedrukte bedradingen), moet het goedkeuringsmerk direct leesbaar op de prentkaart zijn aangebracht, bij voorkeur als onderdeel van het productieproces. In deze gevallen is de papier- en kleurspecificatie niet doorslaggevend.

8.

Mobiele stations voor het pan-Europese GSM-systeem dienen, in afwijking van het bepaalde onder de punten 1 tot en met 7, op een duidelijke zichtbare plaats te worden voorzien van het volgende, onuitwisbare keurmerk;

CEPT GSM X

(waarbij de X de internationale identificatiecode voor mobiele apparatuur (IMEI) voorstelt als genoemd in de GSM recommandatie 03.03);

9.

Het bepaalde onder punt 8 vervalt, zodra voor de onderhavige apparatuur een Gemeenschappelijk Technisch Voorschrift overeenkomstig artikel 6, lid 2 van de Richtlijn inzake de onderlinge erkenning van goedkeuringen voor randapparatuur (richtlijn 91/263/EEG, Pb. EG L 218) in werking treedt.

Bijlage 7. van de Uitvoeringsregeling randapparatuur

De minister van Verkeer en Waterstaat wijst hierbij de diploma's aan bedoeld in artikel 10 van het Besluit Randapparatuur.

  • a. Het diploma Elektrotechnisch Ingenieur van de Technische Universiteit Delft, Eindhoven of Twente. Het diploma dient te zijn verleend in de informatie-technische richting;

  • b. Het diploma van een der hogescholen (instellingen voor H.B.O.) in de richtingen:

    • -

      informatie-techniek

    • -

      automatisering

    • -

      technische computerkunde

    • -

      telecommunicatie

    of daarmee overeenkomende richtingen;

  • c. Het diploma van een der instellingen voor M.B.O. in de richtingen:

    • -

      informatie-techniek

    • -

      automatisering

    • -

      technische computerkunde

    • -

      telecommunicatie

    of daarmee overeenkomende richtingen;

  • d. Het diploma Middelbaar Elektronica Technicus (NERG/VEV 1 );

  • e. Het diploma Middelbaar Installatie Technicus (VEV);

  • f. Het diploma Elektrotechnisch Installateur (VEV);

  • g. Het diploma Technicus Telematica-B (VEV);

  • h. Het diploma "Eerste Monteur" in de elektrotechnische en elektronische studierichtingen, mits en voorzover de houder van dit diploma zijn werkzaamheden uitvoert als werknemer van een rechtmatig gevestigd elektrotechnisch installatiebedrijf, dat tevens erkend is krachtens de Regeling voor erkenning van Elektrotechnische Installateurs (REI 1976/83) (VEV);

  • i. Het diploma Technicus Sterkstroominstallaties, aangevuld met applicatiecursus aansluiten randapparatuur (VEV);

  • j. De diploma's "Technicus"-opleidingen (VEV);

  • k. Het diploma MTS/MTO, studierichting Elektrotechniek, voorzover deze opleidingen geen zwakstroomvakken bevatten;

  • l. De opleiding MTS-E, aangevuld met applicatiecursus aansluiten randapparatuur;

  • m. Post Hoger Technisch Onderwijs: het diploma Technicus Telematica-A;

  • n. Nader te bepalen diploma's van vakopleidingen.

  • ^ [1]

    Vereniging tot bevordering van Elektrotechnisch Vakonderwijs in Nederland.