Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit meldingsregeling Coördinatiewet Sociale Verzekering[Regeling vervallen per 01-01-2006.]

Geldend van 01-01-2002 t/m 31-12-2005

Besluit van 24 oktober 1986, houdende vaststelling van het Besluit meldingsregeling Coördinatiewet Sociale Verzekering

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 juli 1986, Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid, Directie Sociale Verzekeringen, Hoofdafdeling Werknemersverzekeringen, Afdeling Werkloosheidsregelingen, nr. SZ/SV/SVW/86/06007;

Gelet op artikel 16d, eerste lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1966, 64);

De Raad van State gehoord (advies van 10 oktober 1986, nr. W12.86.0395);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 oktober 1986, Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid, Directie Sociale Verzekeringen, Hoofdafdeling Werknemersverzekeringen, Afdeling Werkloosheidsregelingen, nr. SZ/SV/SVW/86/08693;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2006]

Dit besluit verstaat onder:

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De mededeling ter zake van premie die op grond van artikel 11, eerste en vierde lid, van de wet is vastgesteld, dient schriftelijk te worden gedaan binnen twee weken na de dag waarop het bedrag van de premie, onderscheidenlijk het bedrag van de voorschotpremie, op grond van de kennisgeving, bedoeld in artikel 11, derde lid, van de wet, behoorde te zijn betaald.

  • 2 De mededeling ter zake van een ambtshalve premieaanslag op grond van artikel 12, eerste lid, van de wet, dient schriftelijk te worden gedaan binnen twee weken na de dag waarop het bedrag van de premie op grond van de ambtshalve premieaanslag behoorde te zijn betaald.

  • 3 Bij de mededeling wordt inzicht gegeven in de omstandigheden die er toe hebben geleid dat de verschuldigde premie niet kan worden betaald.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het lichaam is verplicht aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen:

    • a. de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gevraagde inlichtingen te verstrekken, welke voor de vaststelling van de oorzaak van de betalingsonmacht, alsmede voor de bepaling van de financiële positie van het lichaam, van belang kunnen zijn;

    • b. boeken, bescheiden en andere informatiedragers, waarvan de kennisneming van belang kan zijn voor de vaststelling van de oorzaak van de betalingsonmacht, alsmede voor de bepaling van de financiële positie van het lichaam, desgevraagd ter inzage te verstrekken.

  • 2 De inlichtingen dienen duidelijk, stellig en zonder voorbehoud te worden verstrekt. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bepaalt de wijze waarop alsmede een redelijke termijn waarbinnen deze inlichtingen dienen te worden verschaft.

  • 3 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd afschrift te nemen en uittreksels te maken van de boeken, bescheiden en andere informatiedragers, die ter inzage worden verstrekt.

    Terzake dient de medewerking te worden verleend, die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wordt verlangd.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2006]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum, waarop de Wet van 21 mei 1986 (Stb. 276) tot nadere wijziging van enige sociale verzekeringswetten, de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds en enige fiscale wetten in verband met het misbruik van rechtspersonen, in werking treedt.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2006]

Dit besluit kan worden aangehaald als "Besluit meldingsregeling Coördinatiewet Sociale Verzekering".

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

's-Gravenhage, 24 oktober 1986

Beatrix

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

L. de Graaf

Uitgegeven de tweede december 1986

De Minister van Justitie,

F. Korthals Altes