Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling inzake Wet vervoer over zee

Geldend van 19-09-1984 t/m heden

Wijziging besluit tot vaststelling van termijnen ex art. 3-1

De minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 2, eerste lid, 3, eerste lid en 4, eerste lid, van de Wet vervoer over zee (Stb. 1982, 629);

Besluit:

Artikel 1

De in artikel 3, eerste lid, van de Wet vervoer over zee (Stb. 1982, 629) bedoelde termijn, welke in acht moet worden genomen bij het aankondigen van een beoogde algemene verhoging van de vervoertarieven of een beoogde wijziging in de overige vervoercondities, die een algemene verhoging van de vrachten ten doel of ten gevolge heeft wordt, tenzij hiervan bij regionaal gebruik of overeenkomst wordt afgeweken:

  • A.

    • 1º. gesteld op 75 dagen voor lijnvervoerdiensten van Nederlandse havens naar Lidstaten van de EEG en op basis van reciprociteit naar landen, die lid zijn van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, en die partij zijn bij het verdrag inzake een gedragscode voor lijnvaartconferences (Trb. 1979, 177 en 1980, 165);

    • 2º. gesteld op 150 dagen voor lijnvervoerdiensten van Nederlandse havens naar overige landen die partij zijn bij het verdrag, met dien verstande dat het minimumtijdvak tussen de datum waarop een algemene verhoging in werking treedt en de datum waarop, met inachtneming van bovengenoemde termijn van 150 dagen, de volgende algemene verhoging wordt aangekondigd, niet korter dient te zijn dan maanden, tenzij de bij de algemene verhoging van de vervoertarieven betrokken partijen anders zijn overeengekomen;

  • B. voor lijnvervoerdiensten van Nederlandse havens naar landen, die geen partij zijn bij het verdrag, op 75 dagen.

Artikel 2

Als representatieve verladersorganisatie als bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 3, eerste lid, en 4, eerste lid, van de Wet vervoer over zee wordt aangewezen de ‘Algemene verladers en eigen vervoer organisatie’ (EVO).

Artikel 3

De in artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, van de Wet vervoer over zee bedoelde bekendmakingen dienen te geschieden in tenminste twee van de navolgende dagbladen. Het Dagblad Scheepvaart, het Economisch Dagblad en het Financieel Dagblad.

Artikel 4

Het besluit PJ/S 27.917 dd. 22 november 1983 (Stcrt. 6 december 1983, nr. 237) wordt ingetrokken.

Artikel 5

Deze regeling met de daarbij behorende toelichting wordt geplaatst in de Nederlandse Staatscourant en treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van plaatsing.

's-Gravenhage, 31 augustus 1984

De

minister

voornoemd,

N. Smit-Kroes