Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Binnenvaartpolitiereglement

Geldend op 20-01-2010


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 8.03. Inrichting

    Een snelle motorboot mag slechts deelnemen aan de scheepvaart indien:

    • a. de inrichting van het schip en van de motor zodanig is, dat gevaar voor brand of ontploffing en hinder voor de omgeving door rook, damp of walm wordt voorkomen;

    • b. de afgewerkte gassen door een behoorlijk geluiddempende voorziening worden afgevoerd;

    • c. de stuurinrichting deugdelijk en doelmatig is;

    • d. het schip is voorzien van een technische inrichting waardoor bij het onderbreken van de besturing de middelen tot voortbeweging onmiddellijk tot stilstand of nagenoeg tot stilstand komen; deze eis geldt niet voor een gesloten binnenbesturing;

    • e. een reddingsvest onder handbereik voor ieder der opvarenden aan boord is;

    • f. een deugdelijk brandblusapparaat aan boord is.