Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit erkenningsnormen dagverblijven voor gehandicapten[Regeling vervallen per 01-01-2006.]

Geldend van 01-09-1995 t/m 31-12-2005

Besluit van 30 juli 1982, houdende voorschriften waaraan dagverblijven voor gehandicapten voor het verkrijgen van een erkenning moeten voldoen

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk van 23 oktober 1981, Directie Maatschappelijke Dienstverlening Nr. U. 57856;

Gelet op artikel 19 van de Tijdelijke Verstrekkingenwet maatschappelijke dienstverlening (Stb. 1975, 157) en op artikel 8 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1967, 655);

Gezien het advies van de Ziekenfondsraad (advies van 27 oktober 1977);

De Raad van State gehoord (advies van 18 februari 1982, nr. 820127/21);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk van 19 juli 1982, Directie Maatschappelijke Dienstverlening, nr. U 57856;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk I. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2006]

Voor de toepassing van het bij of krachtens dit besluit bepaalde wordt verstaan onder:

  • a. gehandicapte: de geestelijk en/of lichamelijk en/of zintuiglijk gehandicapten voor wie een indicatie tot plaatsing in een dagverblijf voor gehandicapten aanwezig is overeenkomstig de Beschikking dagverblijven gehandicapten Bijzondere Ziektekostenverzekering (Stcrt. 1973, 23);

  • b. het bestuur: het bestuur van de rechtspersoon die een of meer dagverblijven beheert en die is toegelaten in de zin van artikel 11 van de Tijdelijke Verstrekkingenwet maatschappelijke dienstverlening.

Hoofdstuk II. Erkenning [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2006]

Dagverblijven voor gehandicapten voldoen voor het verkrijgen van een erkenning op grond van de Tijdelijke Verstrekkingenwet maatschappelijke dienstverlening en van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten aan de bij of krachtens dit besluit gestelde voorschriften.

Hoofdstuk III. Doel en werkwijze [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf stelt zich ten doel de sociale redzaamheid en integratie van gehandicapten in de samenleving te bevorderen en te behouden.

  • 2 Het dagverblijf streeft deze doelstelling na door het op methodische wijze bieden van sociale en (ped)agogische vorming van gehandicapten overdag.

  • 3 De in het tweede lid bedoelde dienstverlening is aangepast aan de aard en de leeftijd van de gehandicapte, alsmede aan de aard van de handicap(s).

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf staat open voor iedere gehandicapte, die op de in artikel 3, tweede lid bedoelde dienstverlening is aangewezen, met inachtneming van het bepaalde in het tweede en vierde lid. Plaatsing wordt niet geweigerd op grond van geloofs- of levensovertuiging, ras of nationaliteit.

  • 2 Het dagverblijf richt zich in zijn werkwijze op een leeftijdsgroep gehandicapten, te weten de leeftijdsgroep van omstreeks 3 tot omstreeks 17 jaar (het kinderdagverblijf), dan wel op de leeftijdsgroep van omstreeks 15 jaar en ouder (het dagverblijf voor ouderen), alsmede op één categorie gehandicapten, te weten de categorie met een primair geestelijke, dan wel de categorie met een primair lichamelijke handicap.

  • 3 In het kinderdagverblijf wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de ontwikkelingsmogelijkheden van de gehandicapten. In het dagverblijf voor ouderen ligt de nadruk op instandhouding en waar mogelijk verbetering van het niveau van sociaal functioneren van de gehandicapten.

  • 4 De aard van de handicap(s) van de in eenzelfde dagverblijf geplaatste gehandicapten is niet zodanig uiteenlopend dat het functioneren als dagverblijf hierdoor ernstig wordt bemoeilijkt.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf onderhoudt de nodige geformaliseerde contacten met andere instellingen in de regio, met name die instellingen die werkzaam zijn op het terrein van de dienstverlening aan gehandicapten.

  • 2 De werkuitvoering van het dagverblijf maakt geen deel uit van die van een voorziening, welke huisvesting, verpleging, behandeling of verzorging verstrekt, noch van een onderwijsvoorziening of een arbeidsvoorziening.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het bestuur draagt de verantwoordelijkheid voor het functioneren van het dagverblijf overeenkomstig de in artikel 3, eerste lid omschreven doelstelling.

  • 2 De taak en de bevoegdheden van het bestuur worden schriftelijk vastgelegd. Voor iedere medewerker wordt een taakomschrijving vastgesteld en schriftelijk vastgelegd. De bevoegdheid tot het doen van uitgaven en het aangaan van verplichtingen wordt eveneens schriftelijk vastgelegd.

  • 3 Indien het dagverblijf gebruik maakt van de diensten van een centraal bureau, worden de bevoegdheden en de taak van dit bureau ten aanzien van het dagverblijf schriftelijk vastgelegd.

  • 4 Tussen de bij de werkzaamheden van het dagverblijf betrokken personen vinden periodieke besprekingen en schriftelijke rapportage plaats.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2006]

Het dagverblijf betrekt de gehandicapten en/of hun wettelijke vertegenwoordiger(s), de medewerkers, dan wel representatief te achten organisaties die de belangen van deze groeperingen behartigen, bij het beleid van het dagverblijf. Onze Minister kan hieromtrent nadere regelen stellen.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2006]

Het bestuur brengt jaarlijks een openbaar verslag uit van het functioneren van het dagverblijf. Onze Minister kan regelen stellen omtrent de inhoud, de inrichting en de wijze van openbaarmaking van dit verslag.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Bestuursleden hebben geen direct of indirect financieel belang bij de oprichting of de exploitatie van het dagverblijf anders dan uit een dienstverband; de medewerkers van het dagverblijf hebben geen ander direct of indirect financieel belang bij de exploitatie van het dagverblijf, dan de belangen die voortvloeien uit de voor hen geldende rechtspositieregeling; tussen de afzonderlijke leden van het bestuur enerzijds en de medewerkers anderzijds bestaat geen arbeidsverhouding.

  • 2 Het bestuur onderneemt geen activiteiten en gaat geen verplichtingen aan die direct of indirect de continuïteit van het dagverblijf in gevaar kunnen brengen.

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De plaatsing van gehandicapten in het dagverblijf geschiedt aan de hand van een advies van het in artikel 20, tiende lid, bedoelde team. Dit advies komt niet tot stand dan na overleg met de gehandicapte of diens wettelijke vertegenwoordiger(s). Daarbij wordt in ieder geval rekening gehouden met gegevens en rapporten van degene die de plaatsing heeft aangevraagd.

  • 2 Het in artikel 20, tiende lid, bedoelde team heeft voorts tot taak het geven van aanwijzingen met betrekking tot de begeleiding van de gehandicapten.

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De dagelijkse vorming en begeleiding van gehandicapten geschieden aan de hand van een werkprogramma. Door het in artikel 20, tiende lid, genoemde team wordt voor elke gehandicapte na overleg met de gehandicapte of diens wettelijke vertegenwoordiger(s) een werkplan opgesteld dat regelmatig wordt geëvalueerd.

  • 2 Het werkprogramma wordt in een kinderdagverblijf uitgevoerd in een groep die uit niet meer dan 8 gehandicapten bestaat, en in een dagverblijf voor oudere geestelijk gehandicapten in een groep van 8-12 gehandicapten. In een dagverblijf voor oudere lichamelijk gehandicapten is de omvang van de groepen afhankelijk van de aard van de activiteit.

  • 3 Het dagverblijf is geopend van maandag tot en met vrijdag, voor zover op die dagen geen algemeen erkende feestdagen vallen. Jaarlijks is het dagverblijf gesloten gedurende twee aaneengesloten weken alsmede gedurende ten hoogste 15 andere werkdagen.

  • 4 De duur van het programma bedraagt in een kinderdagverblijf 6½ en in een dagverblijf voor ouderen 7 uur, exclusief de reistijd naar en van het dagverblijf.

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-2006]

Het dagverblijf onderhoudt met het gezins- of gezinsvervangend milieu van de gehandicapten contacten gericht op de ontwikkeling van de individuele gehandicapte. De gehandicapte of zijn wettelijke vertegenwoordiger(s) worden door het dagverblijf op de hoogte gesteld van de conclusies die voortvloeien uit de aan de betrokken gehandicapte gewijde bespreking van het team van het dagverblijf.

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Van iedere gehandicapte wordt een dossier aangelegd waarin in ieder geval worden opgenomen de aan en door het team uitgebrachte rapporten. Jaarlijks wordt nagegaan of de in het dossier opgenomen gegevens nog van belang zijn.

  • 2 Het bestuur draagt zorg voor een regeling betreffende de personen die tot de in het eerste lid bedoelde dossiers toegang hebben.

  • 3 Bij het vertrek van een gehandicapte uit het dagverblijf wordt een eindrapport gemaakt. Indien de gehandicapte van een andere voorziening voor gehandicapten gebruik gaat maken, wordt slechts dit eindrapport overgedragen aan de instantie die de zorg voor de gehandicapte overneemt, alsmede aan de instantie die de overplaatsing begeleidt.

  • 4 De huisarts van de gehandicapte ontvangt bericht van de plaatsing van zijn cliënt in of diens vertrek uit het dagverblijf en wordt ook verder waar nodig en op zijn verzoek over diens toestand ingelicht.

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-2006]

De administratie van het dagverblijf is zodanig ingericht dat inzicht kan worden verkregen in het beheer en het functioneren van het dagverblijf.

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-2006]

Het bestuur stelt jaarlijks een begroting van inkomsten en uitgaven vast en een openbaar financieel verslag, voorzien van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Onze Minister kan regelen stellen omtrent de inhoud, de inrichting en de wijze van openbaarmaking van dit verslag.

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf biedt de gehandicapten de verzorging die zij binnen het kader van hun verblijf in het dagverblijf behoeven.

  • 2 De voeding die vanwege het dagverblijf wordt verstrekt, voldoet aan de eisen van de moderne voedings- en dieetleer.

Artikel 17 [Vervallen per 01-01-2006]

Het dagverblijf organiseert het vervoer naar en van het dagverblijf. Het kinderdagverblijf draagt zorg voor begeleiding tijdens het vervoer. Het vervoer is zodanig geregeld dat de reistijd naar en van het dagverblijf voor een gehandicapte maximaal 45 minuten per rit bedraagt.

Artikel 18 [Vervallen per 01-01-2006]

Het dagverblijf sluit een geïndexeerde brandverzekering af, alsmede een bedrijfsschadeverzekering voor ten minste 12 maanden en een verzekering tegen de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid.

Hoofdstuk IV. Medewerkers [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 19 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 De personele voorzieningen van het dagverblijf zijn afgestemd op het goed functioneren van het dagverblijf overeenkomstig de doelstelling.

  • 2 Onze Minister stelt nadere regelen omtrent de functies van de medewerkers.

  • 3 Onze Minister stelt nadere regelen omtrent de benoembaarheidseisen te stellen aan de medewerkers.

Artikel 20 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het bestuur draagt de dagelijkse leiding van het dagverblijf op aan een hoofd.

  • 2 Aan het kinderdagverblijf zijn voor de dagelijkse begeleiding leiders verbonden in een verhouding van één leider op 5 gehandicapten, dan wel twee leiders per groep van 8 of meer gehandicapten. Aan het dagverblijf voor ouderen zijn leiders verbonden in een verhouding van één leider op 6 gehandicapten.

  • 3 Aan het dagverblijf zijn voorts verbonden:

    • a. een orthopedagoog en/of psycholoog volgens door Onze Minister te stellen regelen;

    • b. een arts.

  • 4 Het dagverblijf maakt gebruik van de diensten van een bewegingstherapeut en/of fysiotherapeut als consulent en, voor zover gehandicapten voor behandeling zijn geïndiceerd, ter behandeling van deze gehandicapten.

  • 5 Het kinderdagverblijf maakt gebruik van de diensten van een muziektherapeut.

  • 6 Het kinderdagverblijf maakt gebruik van de diensten van een logopedist als consulent en, voor zover gehandicapten voor behandeling zijn geïndiceerd, ter behandeling van deze gehandicapten.

  • 7 Het kinderdagverblijf maakt gebruik van de diensten van een spelbegeleider ten behoeve van spelbehandeling, tenzij het gaat om een kinderdagverblijf uitsluitend bestemd voor meervoudig gehandicapten.

  • 8 Indien in het dagverblijf lichamelijk gehandicapten aanwezig zijn, maakt het bovendien gebruik van de diensten van een revalidatie-arts als consulent.

  • 9 Het dagverblijf draagt zorg voor voldoende personeel om te voorzien in de administratieve, huishoudelijke en technische diensten.

  • 10 De in het eerste en derde lid genoemde medewerkers maken in ieder geval deel uit van het selectie- en begeleidingsteam van het dagverblijf; de overige medewerkers worden waar nodig door het team betrokken bij de teamwerkzaamheden bedoeld in de artikelen 11 en 12.

Artikel 21 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Onze Minister stelt regelen omtrent het aantal van de medewerkers bedoeld in artikel 20, tweede lid, dat dagelijks in het dagverblijf aanwezig moet zijn.

  • 2 Onze Minister stelt regelen omtrent de mate waarin de in artikel 20, derde lid, bedoelde medewerkers ten behoeve van het dagverblijf worden ingeschakeld.

Artikel 22 [Vervallen per 01-01-2006]

Het bestuur gaat met alle medewerkers van het dagverblijf een schriftelijke (arbeids-)overeenkomst aan.

Hoofdstuk V. Gebouw, situering en capaciteit [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 23 [Vervallen per 01-01-2006]

Het gebouw waarin het dagverblijf is gevestigd, heeft waar nodig zodanige voorzieningen dat het voor in hun bewegingen beperkte personen toegankelijk en bruikbaar is.

Artikel 24 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Een dagverblijf beschikt over voldoende ruimten voor:

    • a. groepsactiviteiten;

    • b. onderzoek en behandeling;

    • c. besprekingen van het hoofd van het dagverblijf en van het personeel;

    • d. ontvangst van bezoekers;

    • e. administratie;

    • f. een keuken en huishoudelijke activiteiten.

  • 2 Een dagverblijf beschikt bovendien over voldoende sanitaire voorzieningen, voldoende bergruimte en over een af te sluiten archief.

Artikel 25 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Een kinderdagverblijf beschikt bovendien over:

    • a. voldoende ruimte voor ontspanning en spel;

    • b. een zwembadje;

    • c. een zand- en waterruimte.

  • 2 Een dagverblijf voor ouderen beschikt bovendien over:

    • a. voldoende aparte ruimte voor sport en spel (motoriek);

    • b. voldoende ruimte voor gezamenlijk verblijf van de in het dagverblijf geplaatste gehandicapten;

    • c. voldoende ruimte voor specifieke activiteiten (handvaardigheden).

Artikel 26 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf ligt in een woonwijk of in de onmiddellijke nabijheid daarvan.

  • 2 Het dagverblijf is zodanig gelegen dat er gelegenheid bestaat voor activiteiten in de open lucht.

  • 3 Het dagverblijf dient in ruimtelijk opzicht gescheiden te zijn van andere voorzieningen voor gehandicapten.

Artikel 27 [Vervallen per 01-01-2006]

De minimale plaatsingscapaciteit van het dagverblijf bedraagt 32 gehandicapten en de maximale plaatsingscapaciteit 50.

Hoofdstuk VI. Veiligheid en hygiëne [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 28 [Vervallen per 01-01-2006]

  • 1 Het dagverblijf voldoet aan de algemeen geldende wettelijke regelingen en voorschriften, onder meer ten aanzien van het gebouw, de brandveiligheid en de arbeidsomstandigheden.

  • 2 Het dagverblijf draagt na overleg met de brandweerautoriteiten, zorg voor maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, voor maatregelen ten aanzien van de alarmering van de gebruikers van het dagverblijf en van de snelle ontruiming van het dagverblijf.

Artikel 29 [Vervallen per 01-01-2006]

In overleg met de aan het dagverblijf verbonden arts worden maatregelen getroffen met betrekking tot de hygiëne en de gezondheid, volgens een hiertoe door het Staatstoezicht op de Volksgezondheid vastgestelde instructie.

Hoofdstuk VII. Vrijheid van de gehandicapten [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 30 [Vervallen per 01-01-2006]

De persoonlijke vrijheid en de zelfstandigheid van de gehandicapten worden gewaarborgd behoudens de beperkingen die noodzakelijkerwijs voortvloeien uit het functioneren als dagverblijf.

Hoofdstuk VIII. Slotbepalingen [Vervallen per 01-01-2006]

Artikel 31 [Vervallen per 01-01-2006]

In bijzondere gevallen kan Onze Minister van het bepaalde in dit besluit ontheffing verlenen. Aan de ontheffing kunnen voorwaarden worden verbonden.

Artikel 32 [Vervallen per 01-01-2006]

Onze Minister kan, de Ziekenfondsraad gehoord, nadere regelen stellen ter uitvoering van dit besluit, welke regelen voor de onderscheiden categorieën dagverblijven verschillend kunnen zijn.

Artikel 33 [Vervallen per 01-01-2006]

Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit erkenningsnormen dagverblijven voor gehandicapten. Het treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van de dagtekening van het Staatsblad waarin het is geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

Tavarnelle, 30 juli 1982

Beatrix

De Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk,

H. A. de Boer

Uitgegeven de elfde januari 1983

De Minister van Justitie,

F. Korthals Altes