Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Algemeen militair ambtenarenreglement

Geldend op 09-02-2010


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 131a. Beoordeling

    • 1.Indien de commandant of de militair in werkelijke dienst dit wenselijk vindt, wordt een beoordeling opgemaakt. De militair dient daartoe een aanvraag in bij de commandant.

    • 2.Het hoofd defensieonderdeel en de commandant operationeel commando kunnen opdracht geven tot het opmaken van een beoordeling.

    • 3.De militair wordt beoordeeld omtrent de wijze waarop hij zijn functie heeft vervuld en omtrent zijn gedrag in relatie tot die functie, gedurende het beoordelingstijdvak. Indien een militair naast de uit zijn functie voortvloeiende werkzaamheden andere opgedragen werkzaamheden of diensten heeft verricht, wordt hij tevens omtrent de wijze waarop hij die werkzaamheden of diensten heeft verricht en omtrent zijn gedrag in relatie tot die werkzaamheden of diensten beoordeeld. De beoordeling is gebaseerd op concrete handelingen, resultaten en gedragingen van de te beoordelen militair.

    • 4.Bij het opmaken van een beoordeling kan een toekomstverwachting worden opgemaakt.

    • 5.Het beoordelingstijdvak omvat een periode van ten minste zes maanden en ten hoogste twee jaren. Per kalenderjaar kan maximaal één beoordeling worden opgemaakt.

    • 6.De beoordeling wordt opgemaakt door een eerste en in beginsel een tweede beoordelaar. Als eerste beoordelaar treedt op de functionele chef van de militair. De tweede beoordelaar is de commandant van de militair dan wel een door de commandant aangewezen functionaris. In het geval de commandant is opgetreden als eerste beoordelaar, treedt in beginsel als tweede beoordelaar op de functionele chef van de commandant.

    • 7.Gelet op de vereiste deskundigheid kan bij het uitbrengen van een beoordeling een personeelsbeoordelingsadviseur aan de beoordelaar worden toegevoegd.

    • 8.Na het opmaken van de beoordeling van de militair:

      • a. wordt met de militair zijn beoordeling besproken;

      • b. krijgt de militair een afschrift van zijn beoordeling uitgereikt;

      • c. krijgt hij de gelegenheid zijn bedenkingen tegen de omtrent hem opgemaakte beoordeling binnen 2 weken schriftelijk bij de tweede beoordelaar kenbaar te maken, tenzij er geen tweede beoordelaar is; indien er geen tweede beoordelaar is, worden de bedenkingen kenbaar gemaakt bij de eerste beoordelaar.

    • 9.Nadat de beoordeling door de tweede beoordelaar is vastgesteld, wordt aan de militair een afschrift verstrekt. Deze bepaling is van overeenkomstige toepassing indien er sprake is van één beoordelaar.

    • 10.Onze Minister stelt beleidsregels ten aanzien van het opmaken en vaststellen van beoordelingen alsmede het beoordelingsformulier volgens welke de militair wordt beoordeeld.